HET PAROCHIESTELSEL
De naam doet Rooms aan, maar het stelsel, voor zover hier en daar toegepast, is o.i. niet minder Rooms en daardoor oorzaak van mislukking op Protestantse bodem.
Het Protestantisme en zeker het gereformeerd Protestantisme, vraagt wat anders dan een geografische indeling van parochie's.
Doch een feit is, dat de grote Protestantse gemeenten grote behoefte hebben aan een organisatie, die zowel aan het ambt als aan de gemeente ten goede komen moet.
Aanleiding om ons op dit punt in discussie te mengen, werd ons geboden door de omstandigheid, dat het jongste nummer van Woord en Dienst (15 Jan. j.l.) een hoofdartikel wijdt aan althans hiermede verband houdende materie (van de hand van dr. P. J. Roscam Abging), terwijl prof. dr. F. W. Grosheide in „Belijden en Beleven", d.d. 14 Jan. j.l., een hoofdartikel schrijft over , , het Parochiestelsel".
Wie zich enigermate rekenschap heeft gegeven van 't principiële onderscheid tussen de Roomse en de Protestantse godsdienst, kan begrijpen, waarom voor de Roomse kerk een geographische indeling van parochies niet op bezwaren stuit, zoals dat bij ons Protestanten het geval is.
Dat is niet alleen een kwestie van een ander kerkbegrip alleen, maar ook van het op de voorgrond tredend persoonlijk karakter van het reformatorisch geloof.
Indien men de Protestantse gemeente botweg in stukken snijdt — zeg van ongeveer evenveel zielen — en deze stukken voorts alleen geographisch bepaalt, zodat door mijn woonplaats wordt uitgemaakt, of ik bij wijk A of wijk] B behoor en mij ds. X of ds. Y als Herder en Leraar zie toegewezen, kan men met zekerheid zeggen dat zulk een stelsel op mislukking moet uitlopen, omdat het volmaakt in strijd is met het Protestants karakter.
Prof. Grosheide vestigt de aandacht op de mislukking van overigens goed bedoelde pogingen en schrijft als volgt:
Daar is, menen we, meer dan een reden voor op te noemen. De eerste is dat men zich van parochievorming een verkeerde voorstelling maakt.
Men kijkt voor parochievorming naar de Roomse kerk en naar het buitenland. Nu laten we Rome hier verder buiten bespreking, omdat we ons bij vergelijking met Rome dadelijk plaatsen voor grootheden, die niet te vergelijken zijn. Maar de Protestantse kerken in het buitenland ? Bepaald die in de Angelsaksische landen ? Hier is vergelijken mogelijk, bepaald met wat er in de Presbyteriaans ingerichte kerken in het buitenland bestaat, dus de kerken, die geen bisschopen, maar predikanten, ouderlingen en soms ook diakenen hebben ? We blijven maar dicht bij huis en denken aan de Christelijke Gereformeerde kerken in Amerika, die de Nederlandse Gereformeerde kerken tot moeder hebben. Deze kerken hebben ook parochies. Maar hoe ? Heel anders dan bij ons.
Bij ons immers gaat het ruw gesproken aldus. Men neemt een kaart van de kerk voor zich en trekt met een liniaal strepen, of men neemt bepaalde straten of grachten als grens aan. Men verdeelt de oppervlakte van de kerk in stukken, die alle een ongeveer even groot aantal leden en kerkgebouwen hebben. Of men trekt kringen om de kerkgebouwen, kringen, die zo groot zijn, dat al die kringen ongeveer even veel leden hebben. De predikanten worden over de deelstukken verdeeld. Nu spreken we niet over bijkomende moeilijkheden, die inderdaad grote en vele zijn, het gaat ons nu alleen om het beginsel.
Onze zusterkerken in Amerika volgen een heel ander principe. Daar is een kerk en daar is een dominee. Bij die kerk en die dominee behoort een gemeente. Maar die gemeente, de parochie, bestaat niet uit de mensen, die om de kerk wonen. Het is een gemeente, een parochie, die gevormd wordt uit leden, die door de hele stad of het hele dorp verspreid wonen. Elk lid voegt zich bij de parochie, die hem om de een of andere reden aanstaat, ook al is het kerkgebouw vrij ver van zijn woning gelegen. Men kan in de parochie, waar men toe behoort, attestatie aanvragen naar een andere parochie en ontvangt die.
Waarom lukt dat parochiestelsel wel en slagen pogingen bij ons niet ? Omdat men in de Christelijke Gereformeerde kerken in Amerika anders dan bij ons handelt met de leden. Bij ons verdeelt men de leden van de éne grote kerk over de parochies of wijken. En de leden hebben daarbij niets in te brengen. Dat ze ergens wonen, beslist zonder meer. In Amerika laat men de leden kiezen.
Liever spreken wij. van gemeenten, dan van parochies. Het woord wijkgemeente is uit de aard der zaak besmet door het begrip wijk.
Maar waarom geen gemeenten ?
Als het goed is, moeten de hier voorgestelde gemeenten of kerken volledige zelfstandigheid als gemeente — let wél, als gemeente hebben met een eigen kerkeraad, op dezelfde wijze als iedere plaatselijke gemeente.
Persoonlijk zouden wij zelfs 't meest voor gemeenten met één predikant gevoelen. En wanneer zulk een één-dominees-gemeente te groot zou worden voor één man, wat bezwaar zou er tegen zijn door afsplitsing een nieuwe gemeente te vormen ?
Men zou de gemeenten kunnen onderscheiden door ze te benoemen naar haar kerkgebouw, om maar wat te noemen.
In grote steden kunnen deze gemeenten tezamen een classis vormen. Om practische redenen zal het in de Hervormde kerk wel nodig zijn de financiële administratie voor het geheel der oorspronkelijke gemeente te regelen.
Keer op keer is er ook dezerzijds een poging gewaagd om de geographische bepaling der wijkgemeenten los te laten. Velen vragen zich af, wat de Synode toch mag weerhouden om iemand de vrijheid toe te staan zich te voegen bij een wijkgemeente, welke hij verkiest.
De geographische wijkgemeente is in vele gevallen een bron van ergerlijke onhillijkheid en onverkwikkelijke strijd. Wie kan dat in een kerkelijke situatie als de onze, met de uiteenlopende richtingen, anders verwachten ?
Zij, die gemeend hebben dat de geographische wijkgemeente de richtingen bij elkander zou brengen en daarin een middel zagen van een zekere gelijkschakeling, moeten de tegenstellingen in sterke mate onderschat hebben. Mogen zij tot het inzicht komen, dat de tegenstellingen op deze wijze woorden verscherpt. Want men brengt de vertegenwoordigers der richtingen wel bij elkander, maar in zulk een situatie, dat zij elkander noodzakelijk moeten •bestrijden.
Daarin is een onbillijkheid, welke in het bijzonder de mensen treft, die voor de rechten der confessie opkomen.
Woord en Dienst bepleit : meer predikanten en kleinere wijken. Dat is wel idealistisch, maar financieel onuitvoerbaar.
Daarentegen zal de opheffing van de geographische bepaling der wijkgemeente bevorderlijk zijn aan de vorming van levenskrachtige gemeenten, die over voldoende hulpkrachten kunnen beschikken voor de behartiging van de pastorale belangen op verschillend terrein.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 januari 1955
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 januari 1955
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's