DE WAARDE VAN HET SPEL
Ds. H. Goedhart
I.
Er bestaat in de Gereformeerde kringen in ons vaderland een slechts kleine waardering voor het onderwerp , , spel".
In de veranderingen, welke zich de laatste tientallen jaren voltrokken hebben op het terrein van het zedelijke leven, kan zich echter ook het spel in een stijgende belangstelling verheugen. Hoewel men de vraag zou kunnen stellen, of deze interesse niet wat laat onder ons opkomt, mogen we toch dankbaar zijn dat er ook op dit punt bezinning gekomen is. Niemand achte kinderspel te gering van betekenis om er aandacht aan te schenken. Immers de profeet Zacharia (8 : 5) spreekt er over in zijn heilsbelofte voor Jeruzalem : „En de straten dier stad zullen vervuld worden met knaapjes en meisjes, spelende op haar straten". Als de Here het niet te gering acht het kinderspel in Zijn voorzeggingen te betrekken, zullen de ouders er zeker goed aan doen hun aandacht aan het spel hunner kinderen te wijden.
In de tijd, waarin de kinderen nog niet de leeftijd hebben bereikt om ter school te gaan, vormt het spel de hoofdinhoud van hun leventje. Er is geen leeftijd, waarin het kind zoveel leert, als in de kinderjaren door middel van het spel. Een deel van de wereld gaat voor de kleuter open door zijn spelen. Maar ook tijdens de schoolleeftijdmoet het spel een plaats blijven innemen in het leven van onze kinderen. Dit vindt hierin zijn reden, dat in het spel de innerlijke kracht van de mens veel vrijer tot ontwikkeling komt, dan in het planmatige schoolonderricht. Dit is trouwens een algemene regel, dat de mens zich aan het vrijwillige werk veel gemakkelijker en intensiever geeft dan aan de opgelegde taak.
Wanneer ik over het spel spreek, denk ik dus voornamelijk aan het spel der kinderen. Het Griekse woord voor spelen hangt dan ook samen met het woord kind. Spelen is kind-zijn. Nu wij toch over woord-afleiding spreken, kan ik tegelijk opmericen, dat het woord spelen in het Hebreeuws, dus in de tekst uit de profetie van Zacharia, die zóëven werd genoemd, een versterking is van het woord lachen. Dezelfde gedachte leeft in ons woord , , speels". 'Het vrolijke leuke, overheerst.
Kleine kinderen hebiben een voorwerp nodig om mee te spelen. Zij zijn er nog niet aan toe om zich spelend bezig te houden, zonder , , speel-goed". Dat is wel te begrijpen : hun fantasie reikt niet ver genoeg. Het voorstellingsvermogen is nog niet voldoende ontwikkeld. Bij oudere kinderen merken we een overgang op : zij laten hoe langer hoe meer het speelgoed los en kunnen tezamen spelen zonder bepaalde voorwerpen. U denkt dan aan verstoppertje spelen, aan het lopen over een smalle plank, soldaatje spelen, enz. De fantasie is meer ontwikkeld geworden en daartoe heeft het vroeger door het kind gebruikte speelgoed aan meegewerkt.
Over de kinderlijke fantasie in verband met te gebruiken speelgoed moet ik nog nadere opmerkingen maken. Het kleine kind begint met eenvoudige voorwerpen te spelen. Langzamerhand gaan zich met deze voorwerpen bekende voorstellingen verbinden. Een blokje hout wordt een man, een voetenbakje een paard, enz. Hier ziet u al iets van de waarde, die het spel voor de kleine heeft. Maar u is tegelijk in staat om de opmerking te begrijpen, dat eenvoudig speelgoed het beste is voor uw kind. Immers dan heeft de fantasie vrij spel. Bij het geperfectioneerde speelgoed is weinig meer overgelaten aan de vrije voorstelling van de kleuter. Alles is precies afgewerkt en het speelgoed is dus juist wat het moet zijn. 't Eenvoudige laat , , speelruimte" voor het vormen van gedachten aangaande de werkelijkheid. Het kind grijpt dan ook te eerder naar het eenvoudige. Mooi speelgoed moet netjes worden behandeld, maar de lelijke pop verdraagt iedere behandeling, 't kind kan er zich mee uitleven en heeft er de pop des te liever om, liever dan die erg mooie, waarvan gezegd wordt: , , Zal je er zuinig op zijn!"
Het is daarom jammer, dat geschenken, die men aan kinderen geeft, ook beschouwd worden als een beleefdheid aan het adres van de ouders. Bovendien wordt die beleefdheid vaak getaxeerd naar de mate, dat zij geld heeft gekost. Zo komt men er toe, duur en ingewikkeld speelgoed te schenken, met zeer weinig speelwaarde. Gaat het over oudere kinderen, dan geldt deze regel in het algemeen ook, hoewel men natuurlijk aan ouderen niet te primitief speelgoed moet geven. Het speelgoed moet dan meer afgestemd zijn op de aanleg van het kind. Denk b.v, aan dezen bouwmateriaal voor opgroeiende jongens.
Maar laat ik terugkeren van het speelgoed en mij weer wenden tot het spel zelf. En dan bedenken we, dat we over het kinderspel spreken. Het kind als die nog niet volgroeide mens. De volwassene stelt zich bij zijn arbeid een doel voor ogen. Maar het kind kan zulk een doel nog niet verwezenlijken. Om nu toch zich te kunnen bezighouden en ontplooien, neemt 't kind de toevlucht tot het terrein van het „alsof" Het meisje geeft de pop te eten alsof deze honger had. Zo blijkt uit velerlei gedragingen tijdens het spel, dat 't kind nog niet dezelfde krachten en gevoeligheden bezit als de volwassene. Men denke de voor volwassenen dikiwijls pijnlijke hardnekkigheid, waarmede kinderen bij het spel lawaai kunnen maken, zonder onlust te gevoelen : wij hebben hier te maken met de mindere gevoeligheid van het kind voor sterk zintuigelijke prikkels. Zij oefenen hun zintuigen, terwijl ze die van hun ouders dreigen te vernielen. *)
Trouwens in het algemeen treft ons de langdurigheid, waarmede kinderen .soms hetzelfde spel kunnen blijven verrichten. Hoe lang kunnen ze eentonig blijven fluiten, hoelang kunnen ze blijven klimmen en glijden, klimmen en glijden, al maar door. Hier hebben we , weer te maken met armoede aan voorstellingen in het kinderbrein. Het is van belang, dat de opvoeder dit feit doorziet, zoals het in het algemeen van belang is, dat de drijfveer en betekenis van de kinderlijke 'bezigheid hem voor ogen staat. Al zal hij dan niet alles kunnen toelaten, het zal hem gemakkelijiker vallen op een verantwoorde wijze een einde te maken aan een bezigheid, die het kind schijnbaar nog in lange niet wenst te staken. Hij zal dan begrijpen, dat in bet steeds maar niet-muzikale trommelen voor het kind een beleving van vreugde is gelegen door het rythme dat het in die bezigheid op- : merkt. In het algemeen is het van belang, dat we de betekenis van het kinderspel een weinig verstaan. Is dit spel er in het kinderleven zo maar, zonder reden, zonder doel ?
Het kan nuttig zijn ter beantwoording van deze vraag eens een kijkje te nemen in de dierenwereld. Jonge dieren spelen, althans de jongen van de hoger ontwikkelde diersoorten. Men lette eens op 't spelen van een poesje : het springt b.v. aan achter snel bewegende voorwerpen. Neemt men nu een spelend jong geitje, dan bemerkt men, dat dit diertje geheel onverschillig is voor dergelijke bewegingen. Jonge geitjes, die met elkaar spelen, stoten elkaar voor de kop, maar bij jonge poesjes ziet men dit niet. Hieruit kan men de gevolgtrekking maken, dat het spel der dieren een voorbereiding is voor hun latere leven. De poes zal achter de muizen aanspringen, de geit zal de kracht ontwikkelen door te stoten. Bij de hogere dieren zien we, dat ze een langere ontwikkelingsperiode door maken dan de lagere diersoorten, voordat ze volslagen dier zijn.
De mens staat boven alle dieren, als verstandelijk en zedelijk wezen, en bij hem is er ook een lange ontwikkelingstijd van kind tot mens. Evenals bij de dieren, treedt bij het mensenkind het spel op. Wij zien daarin een onopzettelijke zelfvorming en ontwikkeling van de aanleg, die het kind, als mensenkind is ingeschapen..
Laat ik dit met enige voorbeelden mogen verduidelijken. Ik doe dat aan de hand van één der indelingen, die men op het spel toepast. In de zintuigelijke spelen worden de zintuigen geoefend. Wij zagen daarvan al voorbeelden, soms minder aangenaam voor de gehoororganen der ouders. In de bewegingsspelen (ballen en in de handen klappen, springen, enz.) worden de samengestelde bewegingen geoefend, 't geen voor later zeer belangrijk is. De scherpzinigheid wordt door de verstandelijke spelen versterkt, b.v. lotto, damen schaakspel, het uit elkaar halen van een oude klok of wekker. (In elkaar zetten meestal ontbreekt). De wilsspelen, het lachen inhouden, met de ogen knippen enz., verklaren bij enig nadenken hun betekenis vanzelf. Denk verder aan de gevoelsspelen, muziek, tekenen, en vooral aan de spelen, die functies oefenen, oorlogjes spelen, moedertje spelen, enz.
Naar ik hoop, ben ik er door deze opsomming in geslaagd u te laten zien .de schoonheid van Gods schepping ook in het eenvoudige kinderspel.
De bedoeling is, dat u door hetgeen werd opgemerkt overtuigd wordt van twee zeer belangrijke feiten uit het leven der kinderen :
Ie. De grootheid Gods in de ontwikkeling van het menselijk leven. De Heere let op de mens, op het kind en laat 't kind vrijwillig en spelenderwijs die bezigheden verrichten, die voor het latere leven van het grootste belang zijn. Daardoor kan 't spelen der knaapjes en meisjes in Jeruzalem's straten een plaats hebben in de profetie van de komende heilstijd. Mede daardoor kan de Heere 'Christus in zijn onderwijs een beeld ontlenen aan de kinderen, die op de markt zitten te spelen. Alle laatdunkendheid over het spel der kinderen verdwijnt, als wij oog hebben voor Gods leiding in hun bezig'heid.
2e. Onze verantwoordelijkheid. De ouders zullen zich dus miet aan het spel hunner kinderen kunnen onttrekken. Zij zullen dat niet - mogen doen, omdat God, onze Schepper, zich hiermede bemoeit. De ouders zullen leiding hebben te geven aan hun kinderen, ook bij het spelen. Immers ook hier geldt, dat de paradijstoestand niet bestaat, ook niet voor kinderen, maar dat onze aard verdorven is door de zonde. Zo is het te begrijpen, dat de ouders door de Geest Gods geleid moeten worden en zo leiding behoren te geven in christelijke zin bij het spel hunner kinderen. De Geest Gods, die in de gelovigen woont, doorzoekt de diepten Gods, ook in de ontwikkelingsgang, die God de mens laat doormaken.
*) P. Dijkstra in „Kijkjes in de kinderziel", waaraan nog enkele gedachten zijn ontleend. Eveneens is gebruikt het nog steeds belangwekkende , , Psychologie des Kindes" van R. Gaupp.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 april 1955
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 april 1955
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's