De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

MODERN LEVENSGEVOEL

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

MODERN LEVENSGEVOEL

9 minuten leestijd

I. Confrontatie gevaarlijk, maar noodzakelijk

, , Het aanzien van de lucht weet gij wel te onderscheiden, en kunt gij de tekenen der tijden niet onderscheiden? " Zo sprak de Heiland eenmaal tot de Farizeen en Sadduceën, die Hem om een teken uit de hemel vroegen. (Matth. 16). In zijn antwoord wijst Christus er op, dat de tijden zelf een teken geven, als wij maar opletten. Letterlijk staat er voor , .tekenen der tijden" : betekenisvolle verschijningen van de tijdsetappes, d.w.z. verschijningen, die karakteristiek zijn en op bepaalde ontwikkelingen van de dingen wijzen, zoals aan de hemel het avondrood op mooi weer wijst. Deze uitdrukking is algemeen — let op het meervoud , , tijden" — en daarom mogen , , de tekenen" niet slechts tot de wonderen van Christus beperkt worden, al maken ze van „de tekenen" ongetwijfeld deel uit. Neen, allerlei tekenen worden er onder verstaan, die in de loop der tijden wijzen op de komst van het Koninkrijk Gods.

Let op de tekenen der tijden ! Dit woord van Christus geldt ook voor de Christen, die leeft in het midden van de huidige eeuw. Hij heeft met open ogen midden in de wereld te staan, hij heeft de gang der geschiedenis nauwkeurig te volgen, heeft zich rekenschap te geven van de geestelijke stromingen, die in deze tijd opgeld doen, en aandacht te schenken aan de ontwikkeling der dingen.

Daarom willen wij in de komende ar­tikelen ons eens bezig houden met het z.g.n. moderne levensgevoel, dat klopt aan de poorten van de huidige West- Europese cultuur. Dat is een gevaarlijk, maar nochtans noodzakelijk ondernemen. Gevaarlijk, omdat het cultuurleven zulk een zuigkracht op de Christelijke religie kan uitoefenen, dat haar belijdenis wordt verduisterd.

In de geschiedenis zijn treffende voorbeelden van zulk een fatale beïnvloeding aan te wijzen.

Anderzijds moet opgemerkt worden, dat in het algemeen deelname van de Christen aan de cultuur, ook aan de moderne cultuur, niet af te keuren is. Christelijke religie is wat anders dan conservatisme. Immers de Christen is evenzeer bij de cultuurtaak betrokken als de niet-Christen en hij maakt met zijn tijdgenoten deel uit van de cultuurgemeenschap, waartoe hij behoort. Daaraan ontkomt niemand. Ook de meest geïsoleerde en in-zichzelf-teruggetrokken mens blijft toch onderworpen aan het cultuurpatroon van zijn tijd. Ook de meest ouderwetse en conservatieve mens wordt op de golven van een cultuurstroming meegedragen naar een bepaalde richting, ondanks zichzelf. Dit is niet bezwaarlijk of verwerpelijk te achten, omdat 's mensen cultuurtaak een goddelijke opdracht is. In Hebreeën 2 wordt de mens op schone wijze getekend in zijn bearbeiding van Gods schepping. En wat is cultuur an­ders dan beheersing en bearbeiding van de natuur ? Het Latijnse woord cultura is afgeleid van het werkwoord , , colo", dat oorspronkelijk betekent het ploegen van het land. Denk aan ons woord kouter, ploegmes, het mes , , dat snijdt door de klont van zijn erfelijke grond". Later kreeg het werkwoord , , colo" en dus ook het woord , , cultura" een meer overdrachtelijke zin van verzorgen, versieren, beoefenen. *)

Dat dus de mens open moet staan voor en bezig moet zijn met de cultuur, is op zichzelf niet laakbaar te achten, maar zelfs heilige plicht te noemen. Het gevaar ligt dan ook niet in de cultuurtaak en - arbeid als zodanig, maar in de typische gesteldheid en de strevingen van het moderne cultuurleven.

In het algemeen aanvaardt men, dat de moderne cultuur, waarin wij leven, gevoed wordt door twee bronnen : de klassieke oudheid en de Bijbel. Sinds de reformatie heeft zich naast de Christelijke levens- en wereldbeschouwing, die leven en werkelijkheid wilde zien in het licht der openbaring Gods, een humanistische denkrichting doen onderscheiden, dié zich niet wilde stellen onder het gezag der goddelijke openbaring, maar vanuit de mens zelf de wereld wilde benaderen. In deze beschouwing is de mens centrum en uitgangspunt van het heelal. Dit humanistisch levensideaal kwam op met de renaissance en liet zich leiden door het rationalisme van de moderne philosophie.

De rede werd als de enige gezaghebbende bron en maatstaf der kennis beschouwd en met een goddelijk aureool omgeven. En zo heeft zich vanuit een humanistisch grondbeginsel een moderne cultuur ontwikkeld, die haar normen in zichzelf meent te kunnen vinden en geen verantwoording erkennen wil dan aan de autonome mens. De reformatorische gehoorzaamheid aan de openbaring Gods werd op deze wijze uit het moderne cultuurleven weggedrongen. Het gevaar voor de christen in zijn confrontatie met de huidige cultuur ligt dus niet in de cultuurtaak zelve — zij blijft opdracht Gods — maar in de dreiging van de humanistische aanspraken op het moderne leven. Deze cultuurgeest is er op uit souvereiniteit en normering, die alleen Gode toekomt, zichzelf toe te eigenen. Hier ligt de verleiding voor de christen. Én deze verleiding dient hij steeds in het oog te houden.

Naast de gevaarlijke kant van de confrontatie met de moderne cultuur blijft de noodzaak tot zulk een bemoeienis bestaan. Wij wezen reeds op de opdracht Gods en onze cultuurtaak in de wereld, waarin God ons geplaatst heeft. Wij wezen ook op de uitspraak van Christus , , Let op de tekenen der tijden". Dat heeft machtige zin voor ons zeli, voor onze kinderen en voor de naaste. Over alle drie een enkel woord.

Voor ons zelf, omdat de confrontatie met de moderne cultuur ons geloofsleven kan verdiepen en de zin van het Evangelie kan verhelderen. U vindt dat misschien raadselachtig, maar wij zullen dit nader verduidelijken. In het algemeen denkt men, dat verdieping van het geloofsleven slechts plaats vindt in de gesprekken van de eigen kring. Ongetwijfeld verdiepen de gesprekken met de door God geleerde vromen ons geloofsleven. Dit contact in de gemeenschap der heiligen is zelfs zeer noodzakelijk. Maar toch mogen wij niet eenzijdig binnen de grenzen van de eigen kring blijven, want eenmaal eindigt daar het gesprek en met eindeloze repetities is niemand gediend. De christen en de Kerk dienen open te staan naar een niet-gelovige wereld. Paulus ging naar de Areopagus te Athene — te vergelijken met de collegezaal van een openbare universiteit — en discussieerde met de Epicureïsche en Stoïsche filosofen. De profeten spraken in een volksoploop op straat. Christus sprak op een berg (bergrede) of op de straten van Jeruzalem en de landwegen van Judea en onderhield zich met een ieder, die Hem vragen stelde. Hij ging de farizeeën en Sadduceeën niet uit de weg, maar debatteerde met hen. De verkondiging van het Woord is oorspronkelijk nooit een prediking in een sacrale ruimte voor ingewijden geweest, maar , , straatprediking". Daarom staan de deuren van onze kerken tijdens de dienst open : een teken van het feit, dat ook de hedendaagse prediking in wezen publieke straatprediking is. Daarom dient ook de prediking naar de straat gericht te zijn. Wij zijn zo geneigd onszelf terug te trekken in onze eigen geestelijke bastions, die wij — evenals de schuilkelders van de verslagen veldheren in de laatste oorlog — zeer geriefelijk hebben ingericht. Dit zelfgenoegzaam isolement is vanuit de bijbel gezien onverantwoord. Confrontatie met het huidige concrete leven brengt ons tot afweer en noopt ons eigen standpunten en beschouwingen te herzien en te hunkeren naar nieuw licht uit de Schrift. Schijngeloof wordt aan de kaak gesteld, wat zeer heilzaam voor de mens is. Geloof valt terug op de laatste en eeuwige grondslagen.

Het merkwaardige van deze tijd is, dat de wereld uitziet naar existentieel geloof. Bij al de bezwaren die wij tegen deze tijd kunnen hebben, is er toch ook dit verblijdend verschijnsel op te merken, dat de moderne mens niet meer vraagt naar lege woorden en theorieën, maar hunkert naar diep-beleefde waarheid met innerlijke overtuiging. De leugenpropaganda uit de oorlogstijd heeft het woord gedevalueerd en het wantrouwen opgewekt ten aanzien van alle schoonklinkende theorieën. Men zoekt heden ten dage de mens, die meent wat hij zegt en die zijn hand voor zijn overtuiging in het vuur wil steken. Dit is o.m. ook de kracht van de prediking van een evangelist als Billy Graham. Journalisten, die sceptisch tegenover zijn boodschap stonden, werden door zijn eerlijke persoonlijkheid aangetrokken, toen zij bij een ontmoeting zagen, dat zijn evangelieprediking geen pose maar de diepste overtuiging van zijn innerlijk zijn was. Zo dringt de confrontatie met de moderne mens de christen tot zelfonderzoek van de verhouding tussen zijn woord en zijn irmerlijk zijn, tot onderzoek ook van zijn geloof.

Daarbij komt, dat God Zijn kind in de strijd naar buiten niet alleen laat. Meer dan onder gelijkgezinden kan de zegen van de zekerheid des geloofs door 'de gelovige worden ontvangen. die in eenzaamheid strijdt tegen de dreigende machten van scepticisme en nihilisme.

Naast heilzame verdieping van het geloofsleven bewerkt openheid naar buiten ook verheldering van de zin van het Evangelie. Het Nieuwe Testament is tegenover de achtergrond van de toenmalige cultuursituatie geschreven. De studie van de cultuursituatie van het Nieuwe Testament devalueert en relativeert het Woord Gods niet, maar doet het juist in zijn diepe zin uitkomen, mits— en ik voeg er dit nadrukkelijk bij — deze studie met een congeniaal geloof der Schrift wordt ondernomen. Is dit congeniaal - geloof niet aanwezig, dan ziet men de wezenlijke momenten van het christelijk geloof over het hoofd en vervalt men tot relativering en devaluering van de fundamentele grondslagen der christelijke religie. Maar wordt op goede wijze de „tijd" van het Nieuwe Testament onderkend, dan komt de bijzondere en goddelijke kracht van het geopenbaarde Woord Gods op meer verhelderende wijze tot uitdrukking. Het Woord Gods blijft tot in eeuwigheid, het blijft actueel en daadkrachtig voor alle tijden. Dat betekent, dat ook dit Woord in zijn diepte en inhoud scherp uitkomt bij zijn confrontatie met de huidige tijd.

Immers in al zi]n zoeken en vragen, zijn dwaling en verzet, zijn arbeid en afbraak blijft de mens wezenlijk dezelfde. Oude ketterijen verschijnen in een nieuw gewaad. En tegenover deze uitdaging dient het Evangelische woord niet in zelfgenoegzaamheid, maar in ootmoed gesproken te worden. Immers bestrijding noopt ons tot onderzoek van momenten van het Evangelie, die anders voor ons verborgen gebleven zouden blijven. Ze plaatst ons voor een problematiek, waaraan wij lichtvaardig voorbij zouden kunnen lopen. Ze wijst ons scherper onze feilen aan, dan wij dit zelf ooit zouden kunnen. En al zijn wij overtuigd, dat de bestrijding nooit de goede weg kan wijzen, toch is het ons geraden en nuttig naar tegenstanders te luisteren.

Zo kan confrontatie met het moderne cultuurleven heilzaam voor ons zelf zijn. Maar zij is het ook voor onze kinderen en onze naaste. Daarover een volgende maal.

••••) Wezenlijik is er dus geen verschil tussen de bebouwing, oultura, van de boer op het land en het wetenschappelijk onderzoek van de natuurvorser op het laboratorium. Hét is beide cultuur, bearbeiding van de natuur.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 mei 1955

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

MODERN LEVENSGEVOEL

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 mei 1955

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's