De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

DIE POOLSE JONGEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

DIE POOLSE JONGEN

Feuilleton

4 minuten leestijd

DOOR JAC. OVEREEM

— En voor Pedra, het-meisje uit Romanes, een dorpje vlak bij mij in de buurt.

— Ik zal er mijn best voor doen, daar kunt u vast op rekenen.

— Reeds nu dank ik u heel hartelijk, mevrouw. Maar als het zover is, zal ik u erg missen.

— Jij zult mij nooit zó missen, als ik jou zou missen. Jij bent de enige, maar dan ook de énige, aan wie ik mijn diepste hartsgeheimen heb geopenbaard, zei de oude dame, en voor het eerst zag Clauda een traan glinsteren in haar oog.

Ze liepen het brede wandelpad van de tuin in, waarboven de avondster reeds stond te schitteren.

— Dit is onze diepe .vriendschap geweest, juffrouw Tomkiewls, dat we elkaar konden vertrouwen. Eerst dan kun je pas echt als vrienden leven, wanneer je op elkaar rekenen kunt. En ik zal mijn vriendschap bewijzen, door u te helpen van hier weg te komen, hoewel ik niets liever zou willen dan u hier houden. Wat zal het leeg zijn als u eenmaal weg bent !

— Maar ik zal u nooit vergeten, mevrouw Doewitza. In mijn gedachten zult u steeds bij mij zijn. Want wat ik aan goede dingen van u ondervonden heb, is zéér veel.

Ze liepen het tuinpad terug. In de verte klonk 't gehuil van een hond. Het vee in de stallen rammelde aan de kettingen. De oppasser van de koeien maakte een laatste rondgang door de gebouwen. Hij zwaaide de lantaarn door de lucht. Een vleermuis fladderde door 't duister van de avond.

Clauda ging regelrecht naar haar slaapvertrek. Pedra zat op de rand van het bed.

— Ik denk, dat jij goede maatjes bent met de inspectrice, zei ze.

— Het lijkt er wel op, lachte Clauda. Het oude mens heeft zo nu en dan een beetje afleiding nodig. Dat kun je ze ook niet kwalijk nemen.

Toen ze na het avondgebed zich ter ruste begaf, fluisterde ze Pedra in het oor :

— Later zal ik je alles vertellen. Misschien gaan we nog vrij spoedig naar ons vaderland terug. Maar zwijg.

Dat kon Pedra. En het geduld om 't andere te mogen horen, wist ze te oefenen.

Enkele dagen later ging de blijmare door de Kolchoz : De oorlog is ten einde ! Dat betekende voor de meesten maar heel weinig verandering.

Maar voor Clauda brak er een tijd aan van gespannen wachten. Totdat eindelijk op een morgen een kamermeisje van de inspectrice in de naaikamer verscheen.

— Clauda en Pedra worden verzocht bij de inspectrice te komen.

Clauda keek naar 't donkere meisje dat vlak tegenover haar zat. Even zaten ze. Toen stonden ze resoluut op, legden het naaiwerk neer en verlieten het vertrek.

Mevrouw Doewitza stond bij de ronde tafel en bestudeerde enkele papieren.

Ze was weer de voorname inspectrice.

— Zo dames, waren jullie daar !

Voor u beiden is de tijd aangebroken om naar uw vaderland terug te keren. Vanmorgen zijn de papieren binnengekomen. Straks zal één van het personeel jullie naar het station te Tobolks brengen. Maak je koffers gereed en Mika krijgt van mij een splinternieuw pak.

Clauda stond even te trillen op haar voeten. De grote verrassing overviel haar.

— Ga nu maar ! Straks praten we nog wel even, zei mevrouw Doewitza, die de emotie's van Clauda wel begreep.

Pedra stormde de gang door. Als een hert sprong ze. door de slaapkamer. En toen Clauda binnen kwam, zei ze :

— Meid, hoe blijf je zo kalm !

— Ik verwerk het van binnen. Jij bent een jong meisje en ik ben een Moeder van twee kinderen.

— Dat maakt geen verschil !, beweerde Pedra terstond.

— Toch wèl, Pedra. Jij bent vrij en kunt gerust rond springen. Ik daarentegen, al is er nog zoveel reden tot blijdschap, zit tevens weer in zorg over mijn kinderen. Hoe zal ik mijn huis weer vinden? Dat is een groot verschil. Ik ben zeker zo blij als jij, maar mijn uitbundigheid wordt getemperd door de verantwoordelijkheid, die ik heb voor huis, man en kinderen.

— Ik begrijp het zo best, ó zo best. Maar de ruimte is voor mij te klein om rond te springen. Ik zou je op willen beuren en je door de gang dragen. Ik moet een overschot aan bruisende kracht kwijt, declameerde Pedra.

— Pak je spullen maar zo doelmatig mogelijk in. Dat teveel aan kracht kon je wel eens verbruikt hebben eer je thuis bent, merkte Clauda verstan­dig op. No. 24

(Wordt vervolgd).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 juli 1955

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

DIE POOLSE JONGEN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 juli 1955

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's