De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Kennis der zaligheid

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Kennis der zaligheid

6 minuten leestijd

, om Zijn volk kennis der zaligheid te geven, in vergeving hunner zonden". (Lucas 1 vers 77).

Zacharias zingt. Hij kan weer zingen. Enkele maanden geleden heeft hij dat niet gekund. Toen was hij stom. Dat was zijn schande en Gods teken. Telkens, wanneer hij iets zeggen wilde, moest hij zich schamen over zijn ongeloof en wist hij meteen dat het werkelijk zou gebeuren, dat hem een zoon zou geboren worden.

Nu zingt hij. De ban van het oordeel is gebroken en het teken is niet meer nodig. De zoon is geboren. Zijn tong is ontboeid en bekwaamd tot de lof des Heeren. Hij profeteert van de grote daden Gods: zijn zoon zal een profeet van de Allerhoogste zijn en voor het aangezicht des Heeren heengaan om Diens wegen te bereiden. Zacharias is er thans met heel zijn hart bij. Geen moment aarzelt zijn stem.

Maar, klinken de tonen van zijn lied toch niet wat vals ? Gaat het bij hem werkelijk om de lof des Heeren? Gaat het bij hem alleen om de lof des Heeren ? Het lied zet er wel mee in: Geloofd zij de Heere, de God Israels. Maar even later heeft Zacharias het opeens over zijn zoon: En gij, kindeke, zult een profeet des Allerhoogsten genaamd worden ; want gij zult voor het aangezicht des Heeren heengaan om Zijn wegen te bereiden, om Zijn volk kennis der zaligheid te geven, in vergeving hunner zonden.

Looft hij nu eigenlijk niet meer zijn kind dan de Heere ? Ach, wees er maar niet bang voor. Zacharias is vervuld met de Heilige Geest. Hij is vol van God, meer dan van zijn zoon. Daarom kan er geen valse toon in zijn lied zijn. Daarom is er in zijn woorden geen woord hoogmoed. Hij spreekt over zijn kind in het geheel niet als over zijn eigen kind. Hij heeft het over , , het kindeke". Nu het gaat om de grote daden Gods, raakt hij als vader op de achtergrond. Uit Gods handen ontving hij zijn zoon, hij geeft hem ook weer in Gods handen over. Hij wijdt hem tot profeet des Allerhoogsten en doet hem voor het aangezicht des Heeren heengaan om Diens weg te bereiden.

Hier zien we Zacharias' geloof aan het werk. De engel Gabriel had hem immers destijds verkondigd, dat de zoon die hem zou geboren worden, voor de Heere zou heengaan in de geest en de kracht van Elia. Hier zien we hem dus ook zijn zoon op de juiste plaats zetten. Hij dringt hem terug achter Christus, door hem voor Diens aangezicht te laten heengaan. Johannes is er slechts om Jezus, Hij is Diens dienaar.

Wie vervuld is met de Heilige Geest, dringt alles terug, en zichzelf en het zijne. Slechts de daad Gods, slechts Christus blijft over. Die komt naar voren, in het volle licht. Hij is het enige, Hij is alles. De Geest wil Hem verheerlijken. Christus komt op Zijn plaats en wij komen ook op onze plaats. Achter Hem, als een verloren zondaar. En die plaats is ons nog goed óok ; als Christus maar grootgemaakt mag worden.

Christus grootmaken. Dat wenst Zacharias, Daarom overschrijdt hij de grenzen niet. Zijn zoon mag wegen bereiden door kennis der zaligheid te geven, in vergeving der zonden. De zaligheid, de verlossing zelf geven vermag Johannes niet. Dat is voor de mens onmogelijk werk. Die kon zich de zaligheid wel laten ontgaan. Zich de zaligheid geven ligt boven zijn macht. Al wat hij doen kan, is zich vaster in het ongeluk werken.

Johannes kan niet meer doen dan kennis bijbrengen, kennis der zaligheid, gelegen in de vergeving der zonden. Dat Zacharias zijn zoon dat wil laten doen, klinkt vreemd, klinkt zelfs eigenwijs. Die kennis bezat Israël toch wel. Daar zong het zelfs van : Bij U is vergeving, opdat Gij gevreesd wordt. Daartoe diende ook de wet, die de zondaar moest heen wij zen en heenleiden naar Christus. Daar sprak heel de tempeldienst vanj als beeld van het werk van Christus. Het heeft er alle schijn van, dat Zacharias zijn zoon overbodig werk wil laten doen.

Toch is dit niet meer dan schijn. Men kan zingen, terwijl men niet eens weet, wat men zingt, En de wet, die middel is, kan men beschouwen als doel, zodat men de zaligheid zoekt in zijn eigen werk. Terwijl men de tempeldienst gebruikt tot het tegendeel van vergeving, namelijk eigengerechtigheid.

Het is hard nodig, dat 't Israël wordt bijgebracht dat de zaligheid ligt in de vergeving der zonden. Dat moet een mens steeds weer worden bijgebracht, omdat hij steeds weer geneigd is zijn zaligheid te bouwen op z'n eigen prestaties. Die neiging stamt uit het paradijs, waar hij begonnen is zichzelf naar voren te werken en God naar achteren te schuiven. En zo gauw een mens het zelf denkt klaar- te spelen, komt het werk van Christus in het gedrang.

Neen, de zaligheid ligt in de vergeving der zonden. Voor die zonden moet Johannes de ogen van Tsraël openen en het leren, dat het geen menselijk werk is de zonden weg te werken. Zonden worden niet weggewerkt door bepaalde prestaties van de mens. Zonden Vi^orden alleen maar vergeven op grond van het werk van Christus,

Hier raakt Zacharias in zijn lofzang de kern van het gehele Evangelie: de zaligheid is gelegen in de vergeving der zonden, In niets anders ligt die, We kunnen ze wel in iets anders zoeken. In de verlossing van de nood van liet heden en de dreiging van morgen. Waar zoekt de mens van nature het al niet in. Als dit eens anders was en dat eens beter. Ja, wat dan ? Dan was zijn verlossing echt surrogaat. De nood is alleen gepeild als we doorgestoten zijn tot de zonde. Die is de wortel van de plant. Vergeving, wegdoen der zonden, doet licht opgaan in de duisternis en geeft vreugdeolie voor treurigheid. Dat bevrijdt van het oordeel en houdt in vrede met God,

Die vergeving kan Johannes niet tot stand brengen. Hij kan ze slechts verkondigen, en daarbij naar Jezus wijzen. Hij is ook Diens dienaar, zoals Zacharias profeteert. Jezus brengt ze tot stand door Zichzelf te geven tot een slachtoffer voor de zonden. Die ruimt de zonden op en daardoor k.om.t.©ir; ryiir!.tr- voor de vergeving der zonden. Van Hem zingt de Kerk: in Wien wij hebben de verlossing door Zijn bloed, namelijk de vergeving der misdaden.

Zacharias ziet het: Johannes is nodig voor Jezus. Dat moeten wij eveneens zien. Er is geen weg voor Jezus zonder Johannes. Ach neen, wat een weerstanden, wat een eigengerechtigheden. Johannes moet aan het werk. Hij moet tot kennis van zonden leiden en vervolgens tot Jezus leiden. U kunt ook zeggen: de Heilige Geest moet aan het werk. Anders is er geen baan voor de Koning. Maar door Hem komt er een baan.

Hebt u er weet van ? Door Hem komt er een rechte baan. Want Hij ruimt alles op en er blijft niets over. Wij houden niets over, We houden alleen onze zonden over. Dan kan de Koning tot ons doordringen. Dan wordt het Kerstfeest.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 december 1955

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Kennis der zaligheid

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 december 1955

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's