DE LAGERE SCHOOL IN DE CONCURRENTIESTRIJD
Een prachtige , , slee" stopte voor de school. Een heer stapte uit, belde aan en vroeg het Hoofd der School te spreken. Dat kon, en weldra zat hij in de spreekkamer tegenover het Hoofd.
Mijnheer wenste z'n zoontje op school te doen en vroeg of er plaats voor hem was.
Jawel, dat zou wel gaan.
Wie is mijnheer.?
't Bleek te zijn één der directeuren van een groot scheepsbouwbedrijf in de omgeving.
U weet, dat het hier een Christelijke School is, een Hervormde Christelijke School?
Ja, daar was hij van op de hoogte en dat was ook z'n bedoeling.
En in de tweede plaats moet u wel weten, dat ik hier een gewone Lagere School heb en dat ik nog niet aan velerlei nieuwigheden ben toegekomen. Hoe denkt u daarover ?
U ziet, dat het Hoofd de zaken heel eerlijk stelde.
Het antwoord was trouwens ook duidelijk. Dat is nu net, wat ik hebben moet. Leer m'n jongen maar goed lezen, schrijven, rekenen en taal. Dan zal ik u al zeer dankbaar zijn. De rest komt later wel in orde, maar als u er maar voor zorgt dat hij, wat de hoofdvakken aangaat, 'n behoorlijk fonds van elementaire kennis en vaardigheid opdoet, waar hij zo nodig later op voort kan bouwen.
Hieraan dacht ik, toen ik in een dagblad (De Rotterdammer van 20 Dec.) , , Het bericht en zijn achtergrond" las.
In hoofdzaak volg ik nu dit bericht.
Kortgeleden heeft de Westduitse Kamer van Koophandel een aantal leerkrachten van lagere- en ulo-scholen rondgeleid in een grote chemische fabriek. Ze konden het hele bedrijf in werking zien en aldus enig idee krijgen hoe 't in een groot industrie-bedrijf toegaat. Na de rondleiding kwamen de fabrieksleiders met de onderwijzers bijeen voor een gedachtenwisseling. De technische directeur van deze grote chemische industrie opende de bespreking met de volgende uiteenzetting:
Het bedrijf, dat u zoeven gezien hebt, is zonder mensen een hoop schroot. Wanneer wij de mensen er uit nemen, blijft er niets anders over dan een hoop rommel, want het belangrijkste, wat wij hebben, zijn flinke mensen. Het is onze taak, om hun de kansen te geven en het is uw taak om flinke mensen af te leveren.
Wij hebben nodig : goede leerlingen van de lagere school. Niet het land, dat het beste voortgezet onderwijs heeft, zal de internationale concurrentiestrijd winnen, maar het land met de beste lagere scholen. Uit die scholen recruteren wij ons personeel. Nu zullen de eisen van het bedrijfsleven aan de jeugd in de komende jaren zeker nog toenemen, en daarom zullen ook straks hogere eisen gesteld worden aan de kwaliteit van het schoolleven. De moderne lagere school van heden is met vroeger vergeleken, achterop geraakt.
Toen ik op de lagere school ging, leerde ik er goed rekenen en schrijven, hoé ik m'n taal moest spellen en hoe ik me gedragen moest.
't Is onze gewoonte, onze aspiranten te testen. Welnu, 15% van hen gaven op de vraag, hoeveel een derde maal een derde is, ten antwoord: twee zesde !
En op de vraag, wat het kookpunt van water is, kreeg ik de zotste antwoorden.
Er komen ook veel te veel jongmaatjes met een slecht cijfer voor gedrag. Zij gedragen zich slecht en hebben geen manieren ; het algemene niveau der hedendaagse scholieren laat veel te wensen over, Wat dunkt u van een jongen, die als jongmaatje in het bedrijf komt en als eerste vraag stelt: Heb ik in dit bedrijf recht op pensioen?
Het ontbreekt de tegenwoordige jongelui aan elementaire kennis en aan karaktervorming. Ik verwijt dit niet helemaal aan de onderwijzers —, ook de ouders hebben hieraan voor een deel schuld.
De aanwezige leerkrachten antwoordden hierop, dat men moeilijk aan de school als eis kan stellen, dat ze in de eerste plaats opleidt voor de industrie, dat de bedrijven dikwijls zelf middelbare schoolopleiding vragen of minstens ulodiploma en dat naar hun mening de hedendaagse scholen best de vergelijking met vroeger kunnen doorstaan.
In zijn repliek gaf de directeur toe, dat er zelfs een stormloop is op het voortgezet onderwijs, maar naar zijn mening kan daarvoor het bedrijfsleven niet verantwoordelijk gesteld worden. Een belangrijke oorzaak ligt in de vrijstelling van schoolgeld. , , Overigens", zo sprak hij, , , leggen de knapen, die wél het einddiploma hebben gehaald, vaak een , , vlegelachtige arrogantie" aan de dag, die ik in mijn bedrijf niet kan en wil dulden".
We willen jongelui van u krijgen, die goed kunnen rekenen, hun taal goed kimnen schrijven en die een behoorlijk gevormd karakter hebben.
Ziedaar het voornaamste uit het bericht en z'n achtergrond.
Zijn dit Duitse toestanden ?
Misschien, al zijn we 't niet met alles eens en al zijn de Nederlandse toestanden misschien wat anders, kunnen we er toch wel wat uit leren. De school is een levend bedrijf en evengoed als in de technische bedrijven, is 't wel goed als ook daar nieuwe methoden op verantwoorde wijze worden toegepast. Alleen maar, vergeet niet, dat uw leerlingen, dat uw kinderen toch met een behoorlijk fonds van kennis de school verlaten, waarbij vooral de hoofdvakken, die voor het leven en voor elk bedrijf van belang zijn, niet in de verdrukking mogen komen.
En wat het karakter betreft?
Leer de jongen de eerste beginselen naar de eis zijns wegs, als hij ook oud zal geworden zijn, zal hij daarvan niet afwijken.
Daarmee is niet alles gezegd. En daarmede is zeker de tucht niet uitgeschakeld.
Maar het is toch een allerbelangrijkste zaak, dat de grondslag van opvoeding en onderwijs op onze scholen ten slotte is : het Woord van God, een lamp voor de voet en een licht op het pad.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 januari 1956
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 januari 1956
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's