VRIJE CHRISTELIJKE SCHOOL OF KERKELIJKE CHRISTELIJKE SCHOOL
Dit opschrift is niet origineel. Het is ontleend aan een drietal artikelen van ds. Groenewoud (Herv.), Ds. Visee (Ger. Art. 31) en Van Beusekom (dir. ener Chr. .kweekschool) in het Novembernummer van Ad Pontes, het nu zo langzamerhand wel bekende culturele maandblad voor het Chr. Onderwijs (uitgeverij N.V. Born, Assen).
Het probleem der vrijheid raakt hier niet de verhouding tot de Staat — daarin zijn alle typen der bijzondere scholen gelijk —, maar het gaat hierbij, om de relatie met de kerk..
Kerkelijke scholen zijn oorspronkelijk scholen die rechtstreeks opgericht en onderhouden worden door de kerk. Een eeuw geleden, bij de toenemende afval en ontkerstening, hebben kerkeraden, zowel van Hervormde als van Afgescheiden kerken christelijke scholen opgericht. Ze zijn van uitnemend belang geweest en hebben prachtig werk verricht.
't Kon zijn, dat ze rechtstreeks van de kerkeraad uitgingen of namens de kerkeraad door een college van regenten werden beheerd, of ook wel, dat de diaconie deze zaak had aangevat. Dat waren dan kerkeraads- of diaconiescholen, die regelrecht uitgingen van de kerk. Het waren met recht kerkelijke scholen in de volle zin van het woord.
't Kan nog wel voorkomen, dat b.v. in . een bepaalde streek de ouders wel de roeping tot christelijk onderwijs voor hun kinderen gevoelen, maar door hun klein getal of hun geringe invloed niet tot daden kunnen komen, de kerkeraad ter plaatse de zaak ter hand neemt en tot schoolstichting overgaat. Een school waar de boodschap des Evangelies vrij kan uitgaan en die daardoor ook voor kinderen buiten de eigen kerkelijke kring tot zegen kan zijn.
Met de drie scribenten in Ad Pontes ben ik het eens, dat het niet in de eerste plaats de taak der kerk is, om scholen op te richten en te exploiteren. Ook spreekt de gedeeldheid van het kerkelijk leven in Nederland hier ook een belangrijk woordje mee. En niet minder de verdeeldheid in de Hervormde kerk zelf. De naam Hervormde School, uitgaande van de kerkeraad, zegt me nog weinig, als ik niet weet, in welke gemeente ik ben en welke kerkeraad daar is. Hier komt zelfs bij het schoolvraagstuk de richtingsstrijd toch weer naar voren. Een Hervormde School in A kan een heel andere zijn dan in B of C. En nu kan men wel zeggen, dat dit voor de kinderen toch niet zoveel verschil maakt. Want dat maakt het wel, misschien voor de allerkleinsten wat minder, maar toch ook voor hen en zeker voor de grotere leerlingen. We hebben ze immers tot 15 jaar op school!
't Trof me eens, dat op een commissievergadering een rechtzinnig lid verklaarde, dat het voor hem niet zoveel verschil maakte of een vrijzinnige of rechtzinnige juffrouw aan de kleintjes de Bijbelse Geschiedenissen verhaalde. Zij merkten het verschil toch niet. Het maakt echter voor mij een groot onderscheid, hoe van de prille jeugd af aan, de heilsfeiten worden voorgesteld. Denk eens aan de schepping, aan de wonderen en tekenen. En dan de beslissende vraag: Wat dunkt u van de Christus ? 't Is wel terdege van het allergrootste belang, hoe de eerste indrukken zijn.
Bovendien kan men bij deze kerkeraadsscholen nog voor andere toestanden komen te staan. Ik denk aan het hoofd ener Openbare School, die als ouderling mede het bestuur uitmaakte van de Christelijke kerkeraadsschool. Hij wist er zelf geen raad mee. Wat te begrijpen is.
De school dient van de ouders uit te gaan, die in de allereerste plaats voor hun kinderen verantwoordelijk zijn. Daarom kiezen we — ook de drie referenten — voor de Schoolvereniging, zijnde de vereniging van ouders, die op gemeenschappelijke grondslag en gemeenschappelijk accoord een school voor hun kinderen stichten en onderhouden.
En niet alleen voor hün kinderen, maar voor allen, die er gebruik van willen maken. Ik zeg dit laatste met nadruk, omdat onze scholen voor allen openstaan. Er zijn wel eens scholen geweest, met name diaconiescholen in de vorige eeuw, die alleen toegankelijk waren voor bedeelden van de bepaalde kerkelijke gemeente. Echter was deze bepaling niet gemaakt door de diaconie of de kerkeraad, maar door de overheid. Dit is bovendien slechts tijdelijk geweest.
Wij trekken ons heus met onze scholen niet binnen onze eigen vesting terug, maar stellen ze open voor alle kinderen van ons volk.
Als ze maar komen willen.
Zijn deze scholen dan ten opzichte van de kerk absoluut vrij ?
Ik weet natuurlijk dat, wat het religieus of kerkelijk principe aangaat, ten opzichte van de Staat, er vrijheid is. Als er maar geen sprake is van strijd met de goede zeden of van ongehoorzaamheid aan de wetten des lands.
Maar ten opzichte van de kerk ? Of moet ik zeggen ten opzichte van de kerken? En dat zijn er heel wat in ons goede vaderland. Nu zijn er grensgevallen. Ik ken een school, waar het schoolbestuur gevormd wordt door 2 kerkvoogden, 2 kerkeraadsleden, 2 ouders en de Hervormde dominé ambtshalve als voorzitter. Deze 2 ouders kunnen ook lid zijn van een andere kerkformatie. Maar er is toch wel sterke gebondenheid aan de Herv. gemeente. Maar nu de andere scholen ?
Daarover een volgend maal.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 februari 1956
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 februari 1956
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's