De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

WOORD EN SACRAMENT BIJ CALVIJN ALS PIJLERS DER LITURGIE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

WOORD EN SACRAMENT BIJ CALVIJN ALS PIJLERS DER LITURGIE

10 minuten leestijd

Wanneer wij ons trachten te bezinnen op de liturgische vormgeving aan de eredienst door Calvijn, zullen we toch eerst moeten weten, wat wij in dit verband met , .liturgie" bedoelen. Letterlijk vertaald betekent 't , , dienst", en functionneert het woord in de Schrift voor de priesterlijke dienst in de tempel (Hebr. 10 VS. 11), voor de kerkdienst onder de nieuwe bedeling (Hand. 13 vs. 2, als Barnabas en Saulus door Antiochie worden afgevaardigd ter zendingsreis), en voor de dienst des Heeren, die het gehele leven omvat (Fil. 2 vs. 17, waar Paulus zijn apostolaat, zijn levenswerk, aldus aanduidt, zo ook {Rom. 15 vs. 16).

Onze kerkgang is dus een bijzondere vorm van dienst aan God, en de door-deweekse arbeid in het ambt en beroep een verlengstukje van de kerkdienst. Hebr. 1 •: 7 noemt de engelen , .liturgen Gods", om de gewilligheid en getrouwheid van hun dienst aan God de Heere, waarom Christus in het volmaakte gebed deze dienaars dan ook ons ten voorbeeld stelt in de bede, dat Gods wil geschieden moge, gelijk in de hemel, zo ook op aarde. (Heid. Gat. Zondag 49) God de Heere wil altijd gediend, maar in het bijzonder door ons in gehoorzaamheid te voegen onder de dienst des Woords, tot onze versterking.

De reformatie heeft het Woord Gods willen bevrijden uit de omklemmende omarming der Roomse kerk, opdat het heerschappij zou hebben op alle levensterreinen!, in de diepte des harten van Gods kinderen en Sin de breedte der levensgebieden, waarin zij werken en strijden.

Daarom verlaat de gemeente, na het ontvangen van de zegen, die de beloften Gods verkondigt voor alle weken — en dus ook voor deze week haars levens — het kerkgebouw om haar dienst, zij het in andere gestalte, voort te zetten. Het bloed der reformatie stroomt door de woorden, met welke Luther het in 1517 opnam voor de ware dienst Gods :

„Toen onze Heer en Meester Jezus Christus zeide" doe boete !", wilde hij. dat het gehele leven der gelovigen een boete zou zijn". De dienst van de 51e Psalm, 'die God de offers brengt van een gans verbroken geest, door schuldbesef getroffen en verslagen, is nog steeds de door God geëiste. In het kader van dit dienen nu heeft de dienst des Woords zijn bijzondere plaats ontvangen, krachtens Gods opdracht, zoals de zon centraal gesteld, de uithoeken van ons stelsel van hemellichamen betovert tot nieuw leven. En met liturgie bedoelen we dus de gestalte, die dit bijzonder dienen aanneemt in de samenkomst der gemeente.

Wanneer wij nu de bedding willen bepalen, waarlangs het Woord tot ons komt. tot de verzamelde gemeente stromen wil, zullen we goed doen, nauwkeurig op de vaste punten te letten, opdat we ons niet in de richting vergissen mogen, en de door ons ontdekte bedding zou blijken te verzanden. Calvijn helpt ons, door de vaste punten aan te geven, waarlangs de stroom van Gods Woord zich naar ons beweegt, en waar drinken voor de dorstige gemeente mogelijk is : de punten van prediking en sacrament. Prediking, doop en avondmaal zijn de principieel-Goddelijke instellingen, waarom zich de liturgie als een gewaad voegt. Het zal goed zijn. om deze beide pilaren (het beeld is van Calvijn) van het gebouw van onze eredienst, op de rechte wijze en plaats op te trekken, opdat het geen scheefgezakte tempel worde, waar het Woord Gods niet in wonen wil. Met andere woorden, dat wij even iets zeggen over de verhouding van deze beide instellingen Gods bij Calvijn, omdat daardoor de gang van zaken in onze eredienst principieel mee wordt bepaald. We zullen de draagkracht dezer pilaren dan ook berekenen, alvorens ze te plaatsen. En naar Calvijn luisteren.

Er zijn bij Calvijn enkele uitlatingen, die ons doen zien, dat hij aan het sacrament een meerwaarde heeft toegekend boven de prediking. Dit is niet in de Roomse zin bedoeld, die water, brood en wijn verklaart tot de voertuigen vol genade, die haar last brengen bij ieder, die maar het sacrament nuttigt, en de prediking doet bevriezen tot een soort catechisatie over wat in de mis geschiedt, en wat wij, als antwoord daarop, nu doen moeten, en de gemeente verlamt tot de houding van toeschouwers van het wonder. Zo automatisch bedoelt Calvijn dit niet. Het sacrament heeft niet dit voor boven de prediking, dat het zou werken als een soort mechaniek. Toch zegt Calvijn in een brief aan zijn vriend Bullinger, die over dit onder­ werp een studie wilde publiceren, en deze, aan Calvijn ter lezing overlegde, dat het te weinig is om te zeggen, dat het sacrament slechts een symbool zou zijn van het Woord, van de beloften Gods, in de prediking verkondigd, zoals dus de duif symbool is van de vrede, maar de vrede even rustig door gaat zonder duif (of niet-) en de duif zonder vrede. De band is inniger. , , De sacramenten geven de genade niet, maar dragen haar wel", zij het dan ook voor zover zij in geloof worden aanvaard uit Gods handen. Calvijn had het sacrament hoog. Wijlen prof. van der Leeuw haalt legio bewijsplaatsen aan uit de werken van Calvijn. waaruit blijkt, dat Calvijn een wekelijkse avondmaalsviering (in de avonddienst, in Straatsburg om de 14 dagen) voorstond. Deze meerwaarde van het sacrament ligt echter niet in het sacrament als zodanig, maar in het bijzonder genadewerk Gods, die deze weg gebruiken om Christus gestalte te doen aanilemen in onze harten, door een mysterie, waarbij alle spreken in stameling verstilt, en , .dat men beter kan gadeslaan dan uitleggen". Zo staat Calvijn sterk tegenover alle devaluatie van het sacrament tot een louter teken en wordt het calvinisme in ons land gestaald voor de strijd tegen de Dopersen.

Toch zouden wij ons vergissen, als we zouden denken, dat Calvijn het sacrament boven de prediking des Woords stelt. Want als we vragen, wat die meerwaarde van het sacrament dan wel mag zijn, ontdekken we, dat het dit is, dat de beloften van het evangelie verzegeld worden. Het sacrament is dus stempel op wat het woord zegt. Hier krijgen we de indruk van gelijkwaardigheid van Woord en Sacrament. In het sacrament geeft Christus Zich aan de zielen Zijner kiaderen, maar wie die Christus is verkondigde ons het Woord, en Hij komt in het sacrament alléén tot ons, omdat Hij dat in Zijn Woord eens beloofde. Hier staan Woord en Sacrament dus naast elkaar.

Neen: eigenlijk al niet meer. Het sacrament is zonder het Woord niets, een voos, vaag symbool, een trouwring op de straatstenen, verloren, ontglansd. Doch zonder het sacrament is het Woord nog altijd Woord van God. Als we het sacrament niet gebruiken, zullen we kwijnen maar als we het Woord niet horen : sterven. Daarom staat in de orde van de dienst des Woords het woord centraal, door de dienaar verkondigd, want de prediking is geen tot mislukking gedoemde poging na te stamelen wat het Woord oreert, doch menselijk verlengen van recht en genade Gods tot in ons leven. Het sacrament wordt niet gevierd, dan nadat in de verkondiging op volmacht Gods de sleutelen van het Hemelrijk getoond zijn, tot binding of ontbinding, tot verd, erf of heil des mensen. Vandaar ons bevestigingsformulier, stammend van Calvijn, dat zegt, dat , , de dienaren is opgedragen de , verkondiging des Goddelijken Woords met de aanklevende (dat schept verbinding, doch ook een afstand met wat volgt: ) bediening der H. Sacramenten. Aan de flanken van deze opvatting liggen de klippen van het gevaar. De Scilla van het doperse gevaar, en de Charybdis van de gedachte, dat toch het sacrament iets bijzonders zou hebben buiten de gepredikte Christus, als bij Rome, of als bij prof. Van der Leeuw, die het offer van. Christus in brood en wijn aanwezig acht, opdat wij in. dat offer zouden kunnen treden. Dan doen we méé op het Golgotha van de zondagsdienst. Als Paulus zegt in Col. 1 : 24, dat , , zij in zijn vlees vervult de overblijfselen der verdrukkingen van Christus voor Zijn lichaam, de gemeente", lees ik niets van een offer, dat zou moeten worden volgemaakt, maar wel, dat de dienaar niet meerder is dan zijn gepijnigde Heere. Trekken wij ons dan de woorden van Calvijn aan, die, geruggesteund door Augustinus, over het sacrament spreekt als een , , aanhangsel der belofte" (IV— 14) en de waarschuwing van het Avondmaalsformulier: , , Zo laat ons dan niet aan de uiterlijke tekenen van brood en wijn blijven hangen, maar onze harten opwaarts heffen, waar Christus is". Pas bij de wederkomst verschijnt Hij in de gestalte, waarin Hij Hét offer bracht, en tot die tijd wordt Hij gepredikt, en aanvaard, en genoten, door de H. G.., in het geloof. Wij zitten 's zondags niet in de tempel, schouwend naar' het offer, óok niet in de synagoge (als eens de Joden, maar dan om een uitleg aan te horen van wat het sacrament betekent) gemeenschappelijk geboeid door een prediking, die naar haar wezen een catechisatie is, maar in de kerk, waar de levende God Zich naar ons toebuigt in Woord en Sacrament. Laat ons, mét Calvijn, dankbaar zijn om Romeinen 4 VS. 11.

Leidt dit nu niet tot minachting van het sacrament ? Deze vraag is meer dan te begrijpen. Neen, want dat zelfde Woord heeft het sacrament bevolen. , , Hiermede immers bevestigt God Zijn belofte-jegens-öns". Het is geboden, opdat wij leven zouden, en niet ongetroost blijven, niet omdat het Woord reclame nodig heeft (want Christus is Zijn eigen Verheerlijker), maar omdat wij zo zwak zijn. Daarom wil Calvijn (IV—17—43) eigenlijk geen dienst zonder prediking en sacrament, omdat het Woord er zelf om heeft geroepen. En waarom leert hij het ons ? „Opdat ik, inzonderheid op de rustdag, tot de gemeente Gods naarstiglijk kome, om Gods Woord te horen en de Sacramenten te gebruiken". (H. Cat. Z. 38). Daarom zij de liturgie van iedere , , gewone dienst" zó, dat de, openheid om de dienst voort te zetten in het sacrament, blijft bestaan.

Onder hen, die met deze opvattingen overigens volkomen instemmen, wordt wel eens een milde kritiek geleverd op Calvijn om een zekere eenzijdigheid, die bij Calvijn zou zijn waar te nemen. Hij zou n.l. te weinig aandacht hebben besteed aan de gedachte, dat de tekenen van water, brood en wijn, hier door Christus geheiligd worden in Zijn dienst, waardoor het sacrament monument wordt van de overwinning van Christus in het stoffelijk leven en lichaam der zijnen. Waarschijnlijk hangt dit samen met de oer-roomse tegenstelling tussen de natuur (als het minderwaardige) en het Goddelijke (de genade), die de Roomse kerk altijd heeft beheerst. Dit gebrek aan aandacht bij Rome voor Gods genade in het stoffelijke leven, heeft Calvijn er waarschijnlijk vanaf gehouden, indringend te spreken over de triomf van Christus in deze gestalte van Zijn koningschap. Andere zaken waren actueel. Zo vinden we bij Calvijn evenmin het eschatologisch element sterk benadrukt, dat het H. A. maakt tot een profetie van de wederkomst van Christus voor deze wereld. Mogelijk, dat ook hier een leemte zit. (Hij schreef immers ook geen commentaar op het boek der Openbaringen) doordat Calvijn het H. Avondmaal meer in betrekking heeft gebracht met wat is geschied, Golgotha, dan met wat geschieden zal, de wederkomst, en dat hij daarom de verzeqeling meer heeft benadrukt dan de profetie. De theologische discussie schrijdt ook in deze voort. Tenslotte is Calvijn gevormd door de strijd met Rome. Doch ook de gedachte van de , , verkondiging van de dood des Heeren, totdat Hij komt", ontbreekt niet, daar Christus immers (uitleg Joh. 6 : 27) de zielen voedt in de hoop der onsterfelijkheid.

In een volgend artikeltje zullen wij pogen te laten zien, hoe de dienst des Woords bij Calvijn zich in de verschillende perioden van zijn werkzaamheid heeft ontwikkeld.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 maart 1956

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

WOORD EN SACRAMENT BIJ CALVIJN ALS PIJLERS DER LITURGIE

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 maart 1956

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's