KRONIEK
„Katholiek nieuws" — Catechisatie misère — „Stiefkind der kerk" — Kerkelijk analphabetendom — Split singsproces in de Geref. Gezindte — — Herdenkingen — „Principiële Vrijzinnigen" — In memoriam dr. O. Noordmans.
Onlangs werd door de microfoon in het , , Katholiek Nieuws" gemeld, dat door de daartoe bevoegde instantie — naar ik meen, de aartsbisschop — was bepaald dat de stof, welke door de catechisanten moet worden van buiten geleerd, was verminderd met 108 vragen. Dat betekent een aanmerkelijke reductie van de tot die tijd geldende eisen. De vraag mag gesteld, of deze maatregel bedoelt tegemoet te komen aan de wensen van ouders en/of leerlingen, om daardoor onwilligheid om de catechisatie te bezoeken, te breken. Zo zou het kunnen zijn. Indien ja, dan is er hier wel een toegeven aan bepaalde verlangens. doch lang niet in die mate, als in ons kerkelijk leven wel geschiedt in dit op zicht. Naar verluidt zijn er bij ons meerdere predikanten, die om toch maar de catechisanten te trekken of te houden, helemaal niets meer opgeven te leren of na te lezen. De catechisaties worden dan praat- of discussieavonden, waarin diverse , .problemen" behandeld worden.
Nu klinkt dit wel erg up-to-date en modern. Doch de vraag mag gesteld, waar de catechisanten dan de nodige kennis vandaan halen om de discussie te voeren of op de , , problemen" enigszins te kunnen ingaan. Nu zij direkt toegegeven, dat de catechisatie een precaire aangelegenheid is in het kerkelijk leven. „Stiefkind van de kerk" is ze wel genoemd. En een der , , oude schrijvers" moet de vraag gesteld hebben, of een dominé, die niet bloedige ernst met de catechisaties had gemaakt, wel gerust kan sterven.
Ongeveer terzelfder tijd, dat het , , Katholiek Nieuws bovenvermeld bericht doorgaf, stond in „Trouw" te lezen dat wijlen prof. Honig, toen hij predikant bij de Geref. kerk van Zeist was, zaterdags een lijst kreeg van het hoofd der school, met vermelding van de leerlingen, uit wie de dominé er één kon kiezen om in de middagpreek de te behandelen Catechismuszondag voor de gemeente op te zeggen. Dat was een herleving van wat oudtijds regel was, toen men de Heidelberger nog van buiten leerde en bij het onderzoek voor de belijdenis des geloofs in hoofdzaak zich diende eigen gemaakt te hebben.
Nu gaat het niet aan, de methode, door dr. Honig toegepast, te imiteren. Maar het euvel van een groeiend analphabetendom op kerkelijk terrein dient toch bestreden, want anders belandt de kerk in het „vlek onkunde" — men leze Bunyan's , , Eens christensreize naar de eeuwigheid" daarop maar eens na! —, indien we al niet een eind op weg zijn!
Zou er in dezen niet hulp te krijgen zijn van onze scholen met de bijbel, met name onze hervormde ? De school heeft tuchtmiddelen, die de kerk, of juister, de catechisatie, niet heeft. Indien de leerlingen onzer scholen de catechismus of het voornaamste er uit hadden van buiten geleerd, zou er voor de catecheet een goede basis zijn om op voort te bouwen. Er is wat dit betreft, o.i. periculum in mora, d.i, bij verzuim is er gevaar, groot gevaar!
Een andere zaak, niet losstaande van het hiervoor geschrevene, is het voortgaande splitsingsproces in de Gereformeerde gezindte hier te lande. In , , Trouw" van 8 febr. j.l. werd onder het opschrift: „Scheuring in Oud-Geref. gemeente te Kampen" gemeld, dat ds. G. J. Zwoferink, predikant bij de Oud-Gereformeerde gemeente te Kampen, het besluit heeft genomen voorlopig niet voor te gaan in de dienst des Woords. De oorzaak daarvoor ligt in „interne moeilijkheden, o.a. kritiek op de levenswijze van de predikant". Een groep van ongeveer 100 personen heeft zich bij ds. Zwoferink aangesloten en denkt een zaal te huren, teneinde daar weer diensten te houden. Het is een triest verhaal. Maar het is het enige niet. Meermalen is iets dergelijks te lezen onder „Kerknieuws". Misverstand en onenigheid troef. *"
Zelfs in de Geref. kerken onderhoudende art. 31 K.O. — in die kringen noemt men zich nogal eens de ware kerk — is het niet alles botertje tot de boom. In , , De Rotterdammer" van 2 maart j.l. stond boven een verslag van de synode te Enschede te lezen: , , Voorlezing van rapport-Kralingen vorderde zes uur". Dat heeft betrekking op een enkele jaren geleden ontstaan geschil in de kerk van Kralingen, welker kerkeraad heeft berust in de , , ambtsneerlegging" van een zekere heer Blok, die zich daarover niet in de kerkeraad wilde verantwoorden, maar de discussie schriftelijk voeren. De besprekingen in de vergadering waren vele en langdurig, zodat ze 6 maart zijn voortgezet. En als men het innerlijk in een gemeente oneens is, wordt er maar rondom een , , dominé", of een ouderling, die dan tot , , dominé" gepromoveerd wordt — de predikantstitel is nu eenmaal een onbeschermde ! — een nieuwe kerk „geïnstitueerd". De weg der scheiding begint veel gelijkenis te vertonen met een repeterende breuk. In dit alles wreekt zich o.i. ook het feit, dat de gemeente niet meer gefundeerd is in de Waarheid der Schriften. Dan blijft men hangen aan traditionele „termen" en uitdrukkingen zonder ze vaak zelfs maar enigszins te verstaan. Het kweekt allerlei ziekelijke narigheid en om redenen, welke waarlijk niet met de „reine leer" te maken hebben, gaat men het pad van voortgaande scheiding op. Hier past de klacht van de profeet: , , de Heere heeft een twist met de inwoners des lands, omdat er geen trouw, noch weldadigheid, noch kennis Gods (curs. van ons) in het land is". (Hosea 4:1. Men vergelijke hiermede ook Spreuken 29 VS. 18). De hier genoemde verschijnselen bevelen de weg der scheiding als de oplossing van de kerkelijke moeilijkheden niet aan. Er valt wellicht in de contactpogingen tussen onze generale synode en die der Geref. kerken — pogingen, welke, gezien het laatste schrijven der generale synode aan de , , synode van Leeuwarden", voorlopig niet beloftenrijk schijnen —, toch wel een symptoom op te merken, dat men ook in het kamp der van ons nog gescheiden broederen, niet ten volle verzekerd is van de juistheid van die weg.
Herdenkingen van grote mannen zijn er in deze tijd vele. De N.R. Crt., dd. 3 maart j.l., gaf een fijn artikel over wijlen gouverneur-generaal Idenburg. „Zwingli" liet in een jubileumherdenking van haar 10-jarig bestaan als vereniging van , , principieel-vrijzinnigen" een aantal portretten van representanten derzulken van voorheen en de voorbijgegane 10 jaren afdrukken. Er ligt voor ons besef in de vele herdenkingen iets van een zich optrekken aan diverse „heldengestalten" in het besef, dat de huidige generatie arm is aan , , grote mannen" en nu compensatie zoekt in het voorgeslacht.
Vele dag- en weekbladen, kerkelijke en andere, hebben een , , in memoriam" dr. Oepke Noordmans, die zondag 5 febr. j.l. overleed, geschreven. Prof. Berkouwer gaf er een van grote stijl in , , Trouw". Prof. Haitjema een dito in , , Hervormd Weekblad". In „Woord en Dienst" van 25 febr. j.l. troffen wij er een aan van ds. Buskes, dat ons iets van de mens Noordmans tekende, met bijzonder sprekende trekken, o.a. dat hij toen hij gepasseerd was bij een benoeming voor een professorale leerstoel, zeide: , , Dat van die katheder is zo erg niet; ik kan ook wel van de grond af praten". In , , In de Waagschaal" schreef prof. Miskotte een magistraal stuk, doorweven van citaten uit Noordmans' werken, die hem ons tekenen in zijn geheel enige verschijning. Noordmans is genoemd een , .kerkvader". Dat doet mij hem zien in een zekere parallelie met Augustinus, over wie hij een zeer origineel boek schreef. Augustinus gaf leiding aan de kerk vanuit een onaanzienlijke plaats Hippo Regius in Noord- Afrika, waar hij bisschop was en het pastoraat trouw verzorgde. Noordmans heeft in meer dan één opzicht leiding mogen geven in het kerkelijk leven buiten en binnen de kerk die hij diende, en zulks vanuit kleine plaatsen, in het bijzonder uit het kleine Laren. En als Augustinus heeft hij geleefd uit en in de mysteriën Gods, en is gesterkt —, om het met een bekende uitdrukking van Augustinus te zeggen —, door het , , frui Deo", het genieten Gods.
Zijn invloed is groot geweest, zal dat blijven, want zijn werken, — niemand die theologisch meeleeft zal ze ongelezen laten — zullen niet nalaten de rijkdom der gedachten te verspreiden.
Noordmans, gesproten uit een geslacht, dat gevoed is uit de bronnen, die het , , Friese reveil" zo levenskrachtig deed zijn, als kind reeds in contact met het gezond-reformatorisch leven, gelijk dat rondom Sneek zich deed gelden in menige gemunte, laat zich niet indelen bij een bepaalde groepering. Hij is van een eigen stijl, maar gevormd door het machtige Woord Gods, waarvan hij „de psalmen het grootste wereldwonder" noemde, maar niet minder , , in de genade des Geestes, uit de kerkvaders, uit Calvijn, en zovele anderen. Hij mag geplaatst worden in de rij der , , grote mannen". Daarom moet ook van hem gelden : „Gedenken zult gij uw grote mannen en God danken voor wat hij u in hen geschonken heeft". Met die woorden ving dr A. Kuyper zijn Bilderdijkrede aan in 1906, ter gelegenheid van het 150e geboortejaar van de man, die de bijnaam kreeg van , , ijsbreker van het Reveil".
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 maart 1956
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 maart 1956
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's