DIE POOLSE JONGEN
Feuilleton
Direkt toen hij wakker werd, was hij zich zijn bijzondere positie bewust. Hij keek eens in zijn broodtas. Hij koesterde een stille hoop, dat er nog iets eetbaars in zou zitten.
Met één sprong was hij uit de boom.
Hij holde even in het rond. Verkende de omgeving en voelde toen eens in zijn broekzak. Ja, het doosje lucifers zat er nog in. Zijn dolkmes hing nog aan de riem.
Er zat niets anders op, dan enkele aardappels uit de grond te rooien, ze te schillen en te koken en zo te trachten in het levensonderhoud te voorzien.
Mika wist, dat hij nog lang niet in Berlijn was. Was hij daar maar eenmaal, dan zou hij wel speuren naar een Amerikaanse vlag en contact vinden met zijn onbekende vrienden.
Hij nam afscheid van het plekje grond, dat nu overstraald werd door sprankelende zon. Van de oude eik, die zijn wijde armen als 't ware beschermend over hem had uitgebreid.
Er huppelde een haas over de weg. Onwillekeurig wenste Mika hem gebraden in zijn broodtas. 't Was een feit, dat hij rammelde van honger.
Nog geen vijf minuten had hij gelopen, of links van dé weg strekte zich een groot weiland uit. Even verder lag een oude boerderij.
Hij hoopte enerzijds op contact met mensen, anderzijds wilde hij liever alleen en ongestoord zijn weg vervolgen. Van het een kwam soms het ander. Hij was op vreemde bodem en een vreemdeling.
Misschien waren de mensen wel nors en achterdochtig, mogelijk waren ze wel vrienden van de Sovjets.
Mika durfde het niet aan en liep stevig door.
Een grote hond liep over het erf. Het beest had hem schijnbaar nog niet gezien.
Mika waagde 't niet om door te lopen en sloeg een dam in, die naar een akker bouwland leidde.
Achter de houtwal liep hij verder. Daar stuitte hij op een vuilnisbelt.
Vol aandacht bleef hij even staan. Van alles was er in de loop der jaren heen gebracht. Daar viel zijn oog op een oude braadpan. Hij vloog er op af, alsof deze zijn gewicht in goud waard was.
Hij pakte het ding, bekeek het van alle kanten, ging op z'n knieën erbij zitten en roste 't met een stukje gaas schoon. Het kon voor hem van grote waarde worden. Hij borg de braadpan in zijn broodtas en zocht naar andere dingen. Er was echter niets meer bij, wat hem belangrijk voorkwam.
No. 54.
(Wordt vervolgd)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 april 1956
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 april 1956
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's