De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Korte berichten

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Korte berichten

5 minuten leestijd

Vermeerdering van het aantal gemengde huwelijken.

In Rijnland, Noord-Westphalen, valt een voortdurende stijging van het aantal gemengde huwelijken waar te nemen. In 1945 bedroeg dit 24%  van het totaal aantal huwelijken, terwijl het in 1874 slechts 6% bedroeg. In laatstgenoemd jaar was 64, 8% der bevolking van dit gebied R. Katholiek, terwijl dit getal in 1954 52, 8 % bedroeg.

Sedert 1910 hebben de opvattingen ten aanzien van de godsdienstige opvoeding der kinderen uit gemengde huwelijken zich grondig gewijzigd. Thans speelt de godsdienst van de moeder een belangrijke rol. Terwijl in 1910 58% yan de kinderen uit een gemengd huwelijk, waarvan de moeder protestant was, volgens de Evangelische leer werd opgevoed, bedroeg dit percentage in 1954 70%

Bij de huwelijken, waarvan de vrouw R. Katholiek is, bedroegen deze percentages resp. 62 en 75%. De gewoonte om de jongens op te voeden volgens de godsdienst van de vader, en de meisjes volgens die der moeder, is steeds zeldzamer geworden.

Presbyteriaanse Kerk laat vrouwen toe tot het ambt.

De jaarlijkse samenkomst '56 der Engelse Presbyterianen nam een historisch besluit, door op 14 mei miss. A. I. Gordon als eerste vrouw toe te laten tot de Evangeliebediening in de Presbyterian Church of England. Dit besluit werd genomen met 253 stemmen vóór en 25 tegen.

Blijkens mededeling van de British Weekly van 17 mei 1956 is Miss Gordon tevens de eerste predikante in alle Engels sprekende landen. De Engels Presbyt. Kerk heeft de toelating van de vrouw tot het ambt reeds vele jaren geleden onder 't oog gezien, en hoewel men in principe hiertoe reeds had besloten, kwam 't in de praktijk nog niet tot uitvoering.

Dit is thans geschied.

Voorts werd besloten, de predikantstractementen met 100 Pond St. per jaar te verhogen, tot minima van 500, 525 en 550 Pond, vermeerderd met vergoeding voor woning en kindertoeslag. Hierdoor zijn deze salarissen ongeveer op gelijke hoogte gebracht als die der Anglicaanse Kerk.

Men hoopt, dat deze toeslag, ten dele althans, het verrichten van werkzaamheden buiten de kerk, waartoe vele voorgangers verplicht waren om de dure levensomstandigheden het hoofd te kunnen bieden, overbodig zou maken.

Ten slotte werd op bovengenoemde samenkomst medegedeeld dat de Presbyteriaanse Kerk voor de derde maal in 4 jaar, haar ledental zag vergroot. Vooral het jaar 1955 hebben velen zich als belijdende lidmaten bij deze kerk aangesloten.

(Persbureau N. H. Kerk).

De maatregelen in Spanje gaan verder.

De Evangelische Pressedienst in Bethel meldt dat de Spaanse autoriteiten na de inbeslagneming van de voor de Evangelische gemeenten bestemde gezangenboeken en bijbels, thans de predikant, die in opdracht van de evangelische kerk van Spanje de nieuwe uitgave van het gezangboek heeft voorbereid, alsook de drukker een proces heb­ben aangedaan. Ook de leider van het Bijbelgenootschap, een evangeliscbe Spanjaard, die de druk van 5000 Nieuwe Testamenten in een Spaanse vertaling, die niet door de censuur was goedgekeurd, heeft verzorgd, is aangeklaagd. In evangelische kringen verwacht men, dat hoge geldboeten zullen worden opgelegd.

(Persbureau N. H. Kerk).

Methodistenkerk Iaat de vrouw tot het ambt toe.

Uit Minneapolis komt het bericht, dat de Methodistenkerk sedert 5 mei 1956 het predikantenambt voor de vrouw heeft opengesteld. Dit besluit werd genomen na een hevig debat van vele uren, en na een zeer bewogen vergadering, waarin niet minder dan 2000 voorstellen, moties e.d., op deze aangelegenheid betrekking hebbend, moesten worden behandeld.

(Persbureau N. H. Kerk).

Salariëring van predikanten is onvoldoende.

Tijdens de zaterdag in Utrecht gehouden algemene vergadering van de Vereniging van Kerkvoogdijen in de Ned. Herv. Kerk heeft de voorzitter van deze vereniging, prof. dr ir H. G. van Beusekom, gesproken over onvoldoende salariëring van de predikanten en andere kerkeUjke bedienaren.

Hij wekte de kerkvoogdijen op hun predikanten een hoger salaris toe te kennen dan in de salaris-normen is aangegeven en hij noemde dit niet alleen van belang voor de predikant en zijn gezin, maar ook voor de gemeente. De kerkvoogdij van Utrecht is hierin reeds voorgegaan.

De kerkbouw blijft, aldus spreker, in tal van gemeenten de aandacht vragen. Overal waar nieuwe stadswijken verrijzen of nieuwe uitbreidingen tot stand ko­men ligt volgens prof. Beusekom een taak voor de kerk. Wanneer de overheid door het verlenen van financiële steun de kerkvoogdij over een moeilijkheid heenhelpt en de bouw bespoedigt, levert zij, aldus spreker, een bijdrage tot de taak van de kerk ten opzichte van de bevolking van de nieuwe wijk, die ook uit een algemeen cultureel oogpunt van grote betekenis kan zijn.

Prof. van Beusekom zei, dat ook de kerk zelf alles in het werk stelt om aan de gemeenten, die voor een taak op het gebied van de kerkbouw staan, welke zij met hun eigen middelen niet kunnen, volbrengen, hulp te verlenen.

Hiervoor dient, volgens hem, de gehele Ned. Hervormde Kerk te worden ingeschakeld. Hij zag o.m. de mogelijkheid van verlening van subsidies in de exploitatie uit de verhoogde opbrengst van de generale kas.

Als tweede mogelijkheid noemde spreker de onderlinge hulp der gemeenten om het nodige bouwkapitaal te verkrijgen.

Prof. van Beusekom herinnerde eraan, dat in 1954 de generale financiële raad besloot het grootboek der Ned. Herv. Kerk in te stellen, als intermediair tussen de kerkelijke instanties, die gelden te beleggen hebben en die, welke gelden willen lenen.

Gezien de tientallen millioenen, die de kerk daartoe alleen al in het grootboek der Nederlandse werkelijke schuld ter beschikking moet hebben, betreurde spreker het, dat tot nu toe slechts is ingeschreven voor een bedrag van ƒ 1.900.000, waarvan rond ƒ 600.000 door de kerkvoogdijen.

Prof. van Beusekom deelde ten slotte nog mede, dat van de 1398 kerkvoogdijen er 1220 lid zijn van de vereniging.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 juni 1956

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Korte berichten

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 juni 1956

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's