VOOR EN TEGEN VAN HET „EVANGELISEREN” ¹
Wij zetten dat woordje „Evangeliseren" tussen aanhalingstekens, omdat het hier een bijzondere en eigenaardige betekenis heeft.
Evangeliseren immers betekent het Evangelie verkondigen, er op uit trekken met het Evangelie. Dat kan kerkelijk georganiseerd geschieden b.v. op de wijze van inwendige en uitwendige zending. Dat kan ook spontaan gebeuren door de individuele christen of groepsgewijze, maar steeds om te winnen voor het geloof, die daarvan nooit gehoord hebben, of daarvan vervreemd zijn.
Zo begon men bij dit laatste aan te knopen in streken, waar het kerkelijk leven ganselijk was vervallen en vergeten, veelal overwoekerd door het socialisme en communismie , , evangelisten" te zenden met het doel de kennis van het Evangelie daar opnieuw ingang te doen vinden en het verstorven kerkelijk leven wederom op te richten.
Uit dit werk ontstonden hier en daar , , evangelisatieposten", kleine steunpunten in de wildernis van ontkerstening en ongeloof, als een kleiner of groter getal werd vergaderd en regelmatig onder de prediking kwam. In zulke plaatsen was de kerk veelal gedurende jaren vacant of in de macht van vrijzinnigen, die zelf van het Evangelie vervreemd waren en in ieder geval niet ter beschikking van zulk een groep om de Evangelist. Zulk een groep vormde een evangelisatie-vereniging, met een bestuur, dat allengs de allures van een kerkeraad ging aannemen en met zijn Evangelist als een soort imitatie dominee optrok, dikwijls niet zonder grote zegen.
Zo ontstonden dus de z.g. Evangelisaties. De officiële kerk heeft zich met deze groepen feitelijk nooit ingelaten en niets gedaan om zelfs grote en levensvatbare Evangelisaties in het kerkelijk leven op te nemen, de daarvoor in aanmerking komende Evangelisten predikanten te maken e.d.g. Reeds daardoor wordt het werk der Evangelisaties of godsdienstonderwijzers en de sfeer van zulke Evangelisaties bedreigd door de gevaren van de broodstrijd. Het bestaan van de Evangelist werd tezeer aan de blijvende vorm van de Evangelisatie verbonden. Er was geen uitzicht voor die mensen.
Ook onder de nieuwe kerkorde is dit niet beter geworden. Hoe anders zou dat zijn geweest, als men voor de Evangelisaties, die daarvoor in aanmerking kunnen komen de weg gebaand had naar de kerk. Zelfs de nood van de bezettingstijd, die er toe dwong het kerkelijk schutdak over haar uit te strekken, heeft geen aanleiding gegeven tot maatregelen van dien aard. Wat heeft het geen moeite gekost, vele reizen en vele saamsprekingen om de Evangelisatie te Oudshoorn kerkelijk te maken.
Dit voorbeeld brengt ons tegelijk in de buurt van nog een soort Evangelisaties en die vormen nu eigenlijk het bedoelde onderwerp, waarmede wij ons willen bezighouden. In verschillende gemeenten worden mensen gevonden, die zich moeilijk schikken kunnen onder de prediking van de kerkeraad.
Dat kan zeer verschillend zijn. De officiële kerk ter plaats onderhoudt de legitieme prediking d.w.z. de prediking naar de belijdenis, of zij dwaalt, omdat zij een niet legitieme prediking op de kansel brengt.
Zo komt het voor, dat er mensen zijn, die zich onder de prediking der officiële kerk niet voegen, omdat zij de legitieme prediking niet willen horen, maar er zijn ook mensen, die zich onder de prediking ter plaatse niet voegen, omdat zij de legitieme daar niet kunnen horen wijl deze daar geen plaats vindt.
De kerk is des niettemin krachtens haar aard confessioneel en geroepen haar confessie te handhaven.
Uit dien hoofde heeft de kerk ook te prediken overeenkomstig haar belijdenis. Deze is norm voor de prediking. Niet een belijden, dat een iegelijk zover ernstig neemt, als het hem goeddunkt, maar de confessie der Kerk stempelt een prediking tot de legitieme, waaraan de officiële dienst des Woords moet beantwoorden.
Wij, die voorstanders zijn van de legitieme prediking, moeten er goed aan denken en anderen er aan herinneren, dat een prediking niet alleen links, maar ook rechts van de belijdenis kan afwijken. Men kan gereformeerder dan de belijdenis willen zijn — maar dat is niet meer gereformeerd. Dat is vrijzinnig aan de tegengestelde kant.
Een gezond kerkelijk leven onderscheidt zich derhalve o.a. hierdoor, dat men geen valse leer op haar kansels toelaat. Integendeel, men zorgt, dat over een bediening des Woords overeenkomstig de belijdenis wordt gewaakt. Dat behoort o.a. tot het functionneren van de belijdenis.
Het is de ellende van onze Kerk, dat dit niet alleen niet geschiedt, maar, dat de leidende stroming het ook niet wil, omdat zij zelf afkerig is van de legitieme prediking. En vergissen wij ons niet, dan zien wij ook in kerkelijke groepen van de gereformeerde gezindheid buiten de Hervormde Kerk symptomen ven vervreemding van de legitieme belijdenis
Het is dus begrijpelijk, dat zich allerlei tegenstellingen in een gemeente kunnen voordoen. Waar de legitieme prediking door de kerkeraad wordt onderhouden, worden dissenters gevonden, die deze niet begeren en voorzover zij nog enige prediking wensen, wat anders verkiezen.
Industrie, modern verkeer en andere omstandigheden zijn dikwijls zeer bevorderlijk aan een bevolkingsaanwas van buiten, die zich niet aanpast bij de heersende stijl of bij de onkerkelijke menigte. En zo ziet men benevens de Hervormde Kerk ter plaatse groeperingen ontstaan, die samenkomsten buiten de kerkeraad om, beleggen en in een prediking trachten te voorzien naar eigen smaak.
In de grond van de zaak zijn deze saamkomsten coriventikels, en de getekende situatie geeft er aanleiding toe, dat deze er zijn in alle schakeringen, van rechts naar links.
Dergelijke samenkomsten noemt men dan , , Evangelisaties" in die eigenaardige zin, waarover boven werd gesproken.
In orthodoxe gemeenten verheffen zich z.g. midden-orthodoxe en vrijzinnigen en omgekeerd kan men in vrijzinnige gemeenten z.g. midden-orthodoxe en gereformeerde aantreffen. Het kon vroeger zelfs zo zijn, toen de confessionelen, althans velen, hun naam nog met ere droegen, dat confessionelen en gereformeerden in dezelfde plaats een evangelisatie hadden.
Ik herinner mij, dat het meer dan eens gebeurd is, dat ik des zaterdagsavonds in de boot naar B. stapte om aldaar de volgende dag voor te gaan in de Herv. Gereformeerde , , evangelisatie" en in de kajuit collega H. ontmoette, ook op weg naar B., om zondags in de confessionele evangelisatie te preken.
Ziet, dat zijn ongewenste toestanden. Nog meer ongewenst is, dat de generale svnode maatregelen trof om midden-orthodoxe evangelisaties tot nevengemeenten te maken, die de legitieme prediking ter plaatse niet begeren en verachten.
Een en ander begint reeds een beeld te geven van de grote verwarring welke aan het woord , , Evangelisatie" kleeft en dat deze wijze van , , evangeliseren" openbaring geeft aan de wantoestanden binnen de Hervormde Kerk, die op hun beurt weer oorzaak worden van ongerechtigheden, waarmede ook dat z.g.n. , , Evangeliseren" wordt besmet.
In die wantoestanden ligt het vóór en tegen voor het grijpen. Zo is er volstrekt geen evenwicht tussen deze soort voorziening in de geestelijke begeerte van een groep en het streven naar sanering van het kerkelijk leven.
Wat zal men doen, als men met zijn gezin, als belijdend lidmaat van de Hervormde Kerk in legitieme, zeg gereformeerde zin, woont in een gemeente, die wordt geregeerd naar de wijze van de nieuwe koers en deze ook in de prediking aanhoudt ?
Waar moet zulk een gezin kerken, catechisatie-onderricht ontvangen en pastorale verzorging vinden? Bij een predikant, die de midden-orthodoxe dwalingen leert en de jeugd opvoedt in de nieuwe stijl van oppervlakkigheid en goedkope genade ?
Begrijpelijk, als deze mensen, wat de prediking aangaat, een toevlucht zoeken bij de gescheiden kerken. De praktijk wijst aan, dat zij de Gereformeerde Kerken voorbij lopen, dikwijls gemakkelijker naar de Christelijk Gereformeerde Kerk gaan (en daar inburgeren), of een toevlucht zoeken bij de Gereformeerde Gemeenten.
Toch is bij vele Hervormd-Gerefoxmeerden het kerkelijk besef en de aanhankelijkheid aan de Hervormde Kerk (de grote Kerk, zei men vroeger) nog groot genoeg om zich niet zo op zijn gemak te gevoelen in een ander kerkverband.
Wat dan?
Niet naar eigen kerk vanwege de dwaalleer, niet naar een gescheiden kerk vanwege het kerkelijk besef, dan blijft er niets over dan huiselijke godsdienstoefening : een preek lezen en de toepasselijke psalmen zingen.
Dat kan. Hoe moet het eenzaam wonend gezin in sommige streken (ik denk ook aan emigranten en ver afwonende boeren in Zuid-Afrika) het anders doen? Nog eens, dat kan, maar dat stuit toch wel op veel moeilijkheden en vergt een krachtig geloof en zekere bijzondere gaven van vader en moeder. Ook is het mogelijk, dat enige gezinnen saamkomen en echt conventikelen, maar dan moet toch de voorkeur gegeven aan een geleid conventikel, een conventikel onder leiding van een daartoe bekwaam man.
Zo gezien, is het weer een gelukkig voorrecht, als in een naburige gemeente de gewenste prediking wordt gevonden, zodat men in de eigen kerk blijft. Doch zo ook dit niet het geval is, kan men zich voorstellen dat bedoelde huisvader uitziet naar medegenoten, die met dezelfde bezwaren te worstelen hebben, om met elkander te overwegen een , , Evangelisatie" te vormen.
Men zou zo zeggen, dat alle omstandigheden daar vóór spreken. En het gebeurt niet zelden, dat men in een geestdriftig moment besluit om zulks te beginnen, alvorens de daarmede gepaard gaande moeilijkheden en bezwaren te overwegen.
Deed men dat rustig, dan zou het nogal eens voorkomen dat men minder haastig gebakerd te werk ging en voor teleurstellingen werd bewaard.
(Slot volgt)
1) Referaat, gehouden voor de vergadering van Herv. Gereformeerde minderheden, op zaterdag 9 juni j.l. in de Marnix-zaal te Utrecht.
In de goed bezochte vergadering sprak ook ds. A. Vroegindewey over: „Moeilijkheden en mogelijkheden van de Herv. (Geref.) minderheden".
Na een levendige discussie, waaraan vele aanwezigen deelnamen, ging de vergadering
plm. 6 uur uiteen.
S.
ot volgt).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 juni 1956
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 juni 1956
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's