De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

NOODLIJDENDE HONGAREN VRAGEN UW HULP!

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

NOODLIJDENDE HONGAREN VRAGEN UW HULP!

7 minuten leestijd

Velen zullen zich nog de duizenden Hongaarse kinderen herinneren, die na de eerste wereldoorlog in Nederlandse pleeggezinnen werden opgenomen, om zo de lichamelijke en geestelijke uitputting tengevolge van de oorlog te boven te komen. Tegelijkertijd werden in de 20'er jaren grote hoeveelheden voedsel en kleding naar Hongarije gezonden, waar Nederlandse keukens werden ingericht — onder leiding van de in dit jaar overleden Catharina Kuyper — om eerste hulp te bieden in de nood, die in die jaren Midden Europa had getroffen. Tot op heden staat nog te Boedapest aan de Koningin Wilhelminalaan de christelijke Julianaschool, opgericht met het batig saldo van deze hulpactie, als een blijvend gedenkteken van deze eerste hulpverlening vanuit Nederland aan Hongarije.

Na de tweede wereldoorlog werd dit hulpwerk van 25 jaar geleden hervat. De vrachtwagens van de N.V. van Gend & Loos werden in de Hongaarse hoofdstad het symbool van de Nederlandse hulp in een nieuwe nood. Dat deze hulp geboden werd door een volk, dat zelf ook veel van de oorlog te lijden had en daaruit met grote verliezen te voorschijn kwam, heeft in Hongarije grote indruk gemaakt.

Ook de kinderuitzending werd hervat en in de jaren 1948—'49 kwamen weer 500 Hongaarse kinderen naar Nederland. Dit was echter de laatste grote kinderactie uit Hongarije zelf. Daarna was deze vorm van hulpverlening niet meer mogelijk. In hetzelfde jaar 1949 werd de naam van de Koningin Wilhelminalaan veranderd in Gorkylaan en ging de Julianaschool over in handen van de staat.

Deze uiterlijke veranderingen waren de tekenen van een algemene omwenteling in Hongarije tengevolge waarvan de grootscheepse hulpactie naar dit land moest worden stopgezet. Dit laatste betekende echter niet, dat nu óok een eind moest komen aan de steeds talrijker wordende particuliere verzoeken om hulp. Ieder, die een dergelijk verzoek kreeg, of krijgt, begrijpt wel dat de christelijke barmhartigheid een bijzondere taak heeft om de vaak nijpende nood te lenigen met kostbare medicamenten of gebruikte kledingstukken.

Intussen was ook een andere vorm van hulpverlening nodig geworden.

De vluchtelingenkampen in Duitsland en Oostenrijk waren volgestroomd met uitgewekenen. Duizenden leefden daar in erbarmelijke omstandigheden en hadden dringend hulp nodig om in hun meest elementaire behoeften te kunnen voorzien. Ook hier werd door de Nederlandse kerken hulp geboden. Tal van bejaarde vluchtelingen werden in tehuizen in Nederland ondergebracht en verschillende transporten kinderen brachten enige tijd in Nederlandse gezinnen door. Op allerlei manieren werd getracht om de Hongaarse christenen in de vluchtelingenkampen te helpen.

Wij noemen hier nog slechts de inzameling van het dagblad , , Trouw", die in 1953 drie wagons kleding opleverde.

Zoals wij zien, heeft christelijk Nederland ook na de tweede wereldoorlog voor de noodlijdende Hongaren veel gedaan. Deze hulpverlening was echter nog niet voldoende georganiseerd om ten volle effectief te kunnen zijn. Het besef, dat het nodig was deze hulpverlening te coördineren om het steeds toenemende werk beter en vlugger te kunnen verrichten, heeft thans geleid tot de oprichting van een landelijke organisatie. In diaconale kringen van de Nederlands Hervormde Kerk, de Gereformeerde Kerken, de Gereformeerde Kerken (onderh. art. 31 K.O.) en de Christelijke Gereformeerde Kerken, werd besloten, de hulpverlening aan de noodlijdende Hongaren te bundelen in de stichting , , Admiraal de Ruyterfonds" en te trachten nieuwe bronnen voor de hulpverlening aan te boren.

Waarschijnlijk zal men vragen, waarom deze stichting deze uit onze vaderlandse geschiedenis bekende naam gekozen heeft. Deze naam wijst op de eeuwenoude banden tussen de Nederlandse en de Hongaarse Protestantse kerken. In Debreczen, in Hongarije, staat een gedenkzuil ter herinnering aan de hulp, die Admiraal de Ruyter aan de Gereformeerde Kerk van Hongarije bewees. In de moeilijke jaren van de Contra Reformatie werden Hongaarse predikanten door de Inquisitie naar de Spaanse galeien gezonden. In 1676 wist Admiraal de Ruyter de 26 overlevende predikanten te bevrijden. Sindsdien is zijn daad een symbool geworden van de Nederlands-Hongaarse betrekkingen in het algemeen en van de Christelijke hulpverlening aan in nood verkerende Hongaren in het bijzonder.

Welnu, deze hulpverlening is nu noodzakelijker dan ooit. Beseffen wij wel hoe oneindig veel rijker en beter wij het hebben dan onze Hongaarse broeders en zusters, die achter het ijzeren gordijn in moeite en druk leven, of dan de Hongaarse vluchtelingen, die met achterlating van alles de wijk moesten nemen naar het buitenland. Zeker vergeten wij niet om God te danken voor Zijn grote zegeningen, die nu meer dan 10 jaar na het einde van de oorlog voor ons al haast weer gewoon zijn geworden. Zeker bidden wij mee als de predikant 's zondags op de kansel de verdrukten en verjaagden in zijn voorbede gedenkt. Maar daarmee zijn wij er nog niet. Bij het bidden moet het werken komen.

, , Voor zover gij dit aan de minste van Mijn broederen hebt gedaan, hebt gij. het Mij gedaan".

Op velerlei wijze moet hier hulp worden verleend. Uit Hongarije stromen de verzoeken binnen vooral om kleding en medicijnen. Een stroom van pakketten zal als antwoord naar Hongarije moeten gaan. Maar.... alleen al aan verzendkosten etc. komt ieder pakket op ƒ 7.30. Zo'n pakket moet ook verschillende dingen bevatten, die in Hongarije bitter nodig zijn en hier misschien ongebruikt in de kast hangen. Hoe hoog de kosten van geneesmiddelen als peniciline enz., zijn, behoeven we toch niet te vertel­len. Dringend zijn de noodkreten, die ons bereiken. Wij zijn ervan overtuigd, dat onze Nederlandse kerken hiervoor niet doof zullen blijven.

In 't Admiraal de Ruyterfonds hebben de diaconieën van vier kerken de handen ineengeslagen. In verschillende plaatsen — A'dam, Den Haag, Utrecht, Arnhem, Zwolle — zijn reeds plaatselijke comité's hard aan het werk. De hulpverlening aan de Hongaarse christenen vóór en achter het ijzeren gordijn is begonnen, maar het is pas een schuchter begin. Dit werk moet nu uitgroeien, opdat onze Hongaarse broeders en zusters moed putten uit de duidelijke blijken, dat de gemeenschap der heiligen levend en krachtig is.

U kunt daarbij helpen, op een voor u gemakkelijke manier, n.l. door het fonds financieel in staat te stellen het werk op grote schaal in stand te houden. Er wordt ongetwijfeld van vele zijden een beroep op u gedaan, maar U kunt nog als u ziek wordt, de medicijnen krijgen, die u nodig hebt, en met uw kinderen naar de winkel gaan om: een nieuw pak of een nieuwe mantel te kopen, ook al zucht u misschien wel eens, dat het geld u door de handen vliegt.

Hoe u kunt helpen ?

Allereerst door een bijdrage te storten op ons giro no. 316430 ten name van het Admiraal de Rayterfonds te Utrecht en verder door aan de plaatselijke comité's, die zijn of nog worden opgericht, kleding en schoeisel ter beschikking te stellen. Vooral echter de financiële hulp is thans dringend nodig, ook voor het werk ten behoeve van de vluchtelingen. In de kampen staat weer een transport kinderen gereed om voor een verblijf van drie maanden naar Nederland te komen. Maar.... ze kunnen nog niet komen, want het geld ontbreekt.

Hoe gaarne zouden wij laten weten : komen jullie maar, het geld is er!!

Dat kan! Daarvoor kunt U zorgen! Moge de liefde van Christus u dringen !!

Namens het bestuur van het Admiraal de Ruyterfonds : Mr. E. Gerritsen, voorzitter, H. de Jong, voor de Alg. Diac. Raad der Ned. Hervormde Kerk. A. Hofman, secretaris, H. N. Boersma Nederbracht, voor de Diaconieën van de Gereformeerde kerken. C. A. Walhof, penningmeester, C. Drieënhuizen, voor de Diaconieën van de Christ. Gereformeerde kerken. P. Locht, alg. adjunct, voor de Diaconieën van de Geref. kerken (onderh. art. 31 K.O.).

De ondergetekenden bevelen deze oproep van het Admiraal de Ruyterfonds dringend in uw daadwerkelijke belangstelling aan.

Dr. H. Berkhof, Driebergen. Prof. dr. G. Brillenburg Wurth, Kampen.

Ds. W. A. Dekker, Twello. Dr. E. Emmen, 's Gravenhage. Prof. dr. F. W. Grosheide, A'dam. Prof. dr. Th. L. Haitjema, Groningen. Prof. W. Kremer, Apeldoorn. Ds.. H. A. Munnik, Zwolle. Prof. dr. J. Severijn, De Bilt. Prof. C. Veenhof, Kampen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 juni 1956

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

NOODLIJDENDE HONGAREN VRAGEN UW HULP!

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 juni 1956

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's