KRONIEK
„Nacht over Nederland" — 17 augustus 1878 — „Mijns vaders God" — Confrontatie en wederkeer — Nieuw-Guinea und keln Ende — ds. j. B. inJlotterdams Kerkbode — Kirchentag in Frankfurt — „Noctes suas et non paucas".
, , Nacht over Nederland" schreef een predikant uit , , de Geref. Kerken onderhoudende art. 31 D. K." vlak na het bekend worden van de uitslag der Kamerverkiezingen. Men heeft het in de vorige Kroniek kunnen lezen. Hij zal wel het oog gehad hebben op wat de regeringsperiode volgende op, en een gevolg van die uitslag aan het licht zal brengen. Maar. dat die nacht vlak na de verkiezingsuitslag al zou invallen, gelijk nu reeds meer dan twee maanden het geval is, zal hij niet vermoed hebben. We doelen, dat voelt iedere lezer wel aan, op de tragedie der Kabinetsformatie. Natuurlijk komt er wel vóór de 3e dinsdag in september een Kabinet, zal deze en gene opmerken. Inderdaad. En ik hoop, dat, als deze regels onze lezers onder ogen komen, het ministerie er zal zijn. Maar doet in deze tragedie , , de nacht over Nederland" zich al niet gelden ?
De nacht kan symbool van veel en velerlei zijn, dat beklemt. Hij schept ook — men denke aan de duisternis in Egypte, de negende plaag — een situatie van verbroken contacten. Het wil mij voorkomen, dat , , verbroken contacten" met wat daarbij komt of er het gevolg van is, heersen in deze , , tragedie"-nacht. Over de schuldvraag spreek ik hier niet. , , Paepse" vinnigheden schijnen wel een rol te spelen, in latent conflict met , , doorbraak" krachten aan de top. En dat antagonisme tussen de beide sterkste partijen moet dan ten koste van 's lands welzijn zijn wil hebben. Doch de schuld rust op heel ons volk, het protestants christelijk volksdeel niet uitgesloten. Raakt het ons wel ?
Er zijn meerdere , , nachten over Nederland" gedaald. De 17e augustus is van ene dier „nachten" een herinneringsdatum. Immers de 17e augustus 1878 zette Koning Willem III , , zijn handtekening onder het edict van Kappeyne van de Coppello, dat bedoelde de levensader van de School met de Bijbel af te snijden", zo las ik in een artikel getiteld , , Mijns vaders God", — het is van de hand van T. M. Gilhuis — dat verscheen in , .Trouw" d.d. 17 aug. j.l. Het greep mij, èn om zijn treffend gekozen titel, èn om zijn inhoud.
Wie in zijn hart een bijzondere plek hééft voor de School met de Bijbel — misschien is een zuiverder benaming: de School naar de Bijbel — en als vanzelf ook voor de strijd om die school, die o.i. waarlijk geen aberratie is van de paden des Woords, doet het altijd weer deugd met de heldenstrijd, de geloofsstrijd der vaderen uit die tijd, de dagen, waarin het , , volkspetitionnement' werd voorbereid en als , , smeekschrift om een School met de Bijbel" de Koning werd aangeboden, geconfronteerd te worden. Wat is er veel sindsdien veranderd! Ten goede, niemand, die het durft te ontkennen. Het recht om onze kinderen te doen onderwijzen naar eis van de doopsbelofte, is erkend. Maar is nog onder ons de geloofsgenade, de geloofskracht, om de overwinning te bewaren, de zegen ervan uit te dragen in ons volk, en door te geven aan onze kinderen ? Is het ons een ere te zijn, nakroost , , van bespotte vromen ? " Als daaraan helaas veel ontbreekt — en dat is de keerzijde van het , , ten goede", waarvan ik sprak — is er grote reden om ook hier de eis der , , bekering" te onderstrepen. Bekering, niet tot de vaderen, maar tot , , de God mijns Vaders".
Zie, dat vond ik nu het treffende in het artikel van Gilhuis, dat hij niet aanprees zich op te heffen aan de vaderen en wat zij deden, niet maar , , te verwijlen bij hen" — dat zou zijn , , verzwakken van onze geestelijke weerbaarheid", , , gaan van een pad, dat tenslotte doodloopt" — maar , , te gaan de weg, die uitnemender is, die de Bijbel ons wijst in het volk Israël bij de Rode Zee, dat niet zong zonder meer van de vaderen, maar dat juicht: , , Hij is mijns vaders God, dies zal ik Hem verheffen" (Ex. 15 .2b). Het is de kracht der , , vaderen" van de schoolstrijd geweest, dat ze, toen God een , , harde zaak deed horen" in de koninklijke bezegeling van Kappeyne's edict", geen hoge en harde woorden, tegen hun souverein spraken, maar zich sterkten in hims vaders God, ook hun God en Vader. Treffend zegt Gilliuis in het slot, dat als we weer ontdekken , , heden ten dage te doen te hebben met dezelfde God, ja Dezelfde, en Hem ontdekken achter het doen en laten van , , mijn vader" het verleden zijn statisch karakter verliest en weer met alle 'dynamiek op ons afkomt". , , Dan", zo vervolgt hij, , , zie ik de geschiedenis van het christelijk onderwijs niet als een panorama van machtige activiteiten, bedreven door Groen, Lohman en Kuyper, maar kom ik te staan voor het diorama der daden Gods, maar krijg ik ook weer band aan de vaderen, omdat ik hun God gezien heb". Die God heeft de nacht over Nederland, die in 1878 en latere jaren heerste, doen zijn de baarmoeder van een lichtende dageraad. Die God kan ook , , de nacht over Nederland" thans omzetten in een lichtende dag. Hebben wij de confrontatie met , , mijns vaders God" niet allen nodig? Ouderen, die menen, dat de positie van de School met de Bijbel verzwakt is, mede doordat de Generale Synode onzer Kerk „, weigert duidelijk positie te kiezen voor de christelijke school". Jongeren niet minder, waar zij maar , , moeilijk de aansluiting aan het verleden schijnen te kunnen vinden". Om maar niet te spreken van wie direct in en bij dat onderwijs zijn betrokken.
Ik noemde daar onze Synode. Zij heeft nog niet veel satisfactie beleefd van haar jongste , , Oproep". Neen, ik ga niet spreken over alle mogelijke reacties, door de , , Oproep" opgeroepen, meer contra's dan pro's. ^) Men heeft er veel over gelezen. , , Het verhaal wordt eentonig, mijnheer de voorzitter", om in de trant van de Max Havelaar te spreken. Ik wil het ook niet hebben over, wat ik zou noemen het verweer van de Synode, of juister : , , de nadere toelichting". De classes zullen dat straks met het, , appèl" wel behandelen. Enigszins naief doet aan het , , advies" tijdig kennis te geven, dat men wel ter classis de voorlichting door , , adviseurs" vanwege , , de raad voor de Zending" voor nadere instruëring zou willen hebben. Dan is er kans, dat de , , grondvergadering der kerk" een verlengstuk van de Synode wordt, en de topleiding ook op de basisvergadering zich doet gelden. Laten de classes maar in volle vrijheid zonder
Maar dit alles laat ik voorts voor wat het is. De classes zullen goed doen te informeren of haar afgevaardigde(n) ter Synodevergadering, waar de beslissing over de , , Oproep" viel, aanwezig waren. De reden voor dit , , ongevraagd advies" kan men lezen in wat , , Kerk en Theologie" (afl. juli 1956) publiceerde.. Het luidt als volgt :
, , Naar ik vernam is de Oproep met 33- 10 stemmen aanvaard. Elf classes waren dus afwezig. Het schijnt, dat bepaalde classes in het geheel niet vertegenwoordigd zijn geweest op de synode, o.a. een die ach vlak in de buurt van .Woudschoten bevindt. Van andere classes vertrokken de afgevaardigden na enkele dagen zonder dat een secundus of tertius zich kwam melden. Hier ligt een schuldige traagheid van de kerk. Hoe het mogelijk is, dat bij de bespreking en de eindstemming over een ingrijpend stuk als dat over Nieuw-Guinea niet de ganse kerk aanwezig is, is mij een raadsel. Er manifesteert zich hier een bedaardheid en een gedesinteresseerheid die in de hoogste mate verontrustend is. Ik ben nieuwsgierig, hoe de elf niet-vertegenwoordigde classes straks het verslag van hun afgevaardigde over de vergadering van de generale synode zullen ontvangen !"
Hierin ligt o.i. wel reden om ons advies te plaatsen. ..
De Kroniek van Kerk en Theologie geeft ook een wel eigenaardige blik in de , , dynamiek" der Synode. Zij begint aldus:
, , De hele kerk is op het ogenblik nogal een rustig geval: Men kan niet zeggen, dat de gemoederen vaak heftig bewogen worden of dat de stukken er telkens afvliegen. Op Woudschoten kabbelen de besprekingen rustig voort.... De synode vormt op het ogenblik een gezelschap van bedaarde mensen, die de zaken ernstig behandelen, die van elkaar weten, dat ze niet over alles gelijk denken, en die met elkaar heel plezierig omgaan."
, , Men zou bijna denken, dat het hier gaat over een kerk en een synode uit een voorbijgegane eeuw, vóór alles bedacht op rust en vrede, In werkelijkheid is het citaat ontleend aan een artikel in het vrijzinnige blad , , Kerk en Wereld" van 29 juni 1.1., waar een lid van de synode zijn indrukken gaf over de vergadering van 11 tot 16 juni, de vergadering dus die de bekende oproep over Nieuw-Guinea deed uitgaan. De reacties op deze oproep hadden aanvankelijk een heftig karakter. Of de karakteristiek van collega Noorman, dat de huidige synode , , een gezelschap van bedaarde mensen" is, overeenstemt met de werkelijkheid, kan ik niet beoordelen ; zoveel is wel zeker, dat deze bedaarde broeders met hun oproep een beroering hebben doen ontstaan, waarbij eengroot stuk onbehagen tegen de gang van zaken in de kerk zich dreigt te kristalliseren rondom het punt Nieuw-Guinea".
Wanneer men een en ander, hiervóór vermeld, op zich laat inwerken, wordt begrijpelijk wat de R'damse predikant M. J. t. B. in zijn opmerkelijk en waardig artikel in de.R'damse Kerkbode d.d. 4 aug. j.l. zegt onder het hoofd , , Vertegenwoordiging der Kerk", waarin ook deze uitspraak voorkomt: , , Persoonlijk kan ik me niet ontworstelen aan de indruk, dat er vooral de laatste tijd enkele leidinggevende figuren zijn, die hun mening willen doorzetten en bepaalde beslissingen willen forceren. Dat verontrust me". En daarna vraagt hij, of , , het juist is, dat de Synode pretendeert de stem van de Herv. Kerk te zijn". Hij motiveert de vraag met 't feit, dat de classes wel vertegenwoordigd zijn, doch de afgevaardigden geen bindend mandaat hebben. Dientengevolge kon plaats hebben, waarvan ds B. zegt overtuigd te zijn, n.l. , , dat vele classes het thans niet eens zijn met deze oproep van de Synode"
Die overtuiging deel ik ten volle. Maar dit is waarlijk niet voor het eerst te constateren ! Hier wreekt zich, dat de classes niet hebben, wat oudtijds een feit was, dat er eenheid van belijdenis was, niet door te doen alsof, maar in werkelijkheid, en juist dat ontbreekt ons, en daar wringt het bij, wat door de , oproep" is opgeroepen, en blijkt te zijn discrepantie tussen vele leden in de kerk en de Synode.
De „Kirchentag" is nu al enkele jaren een indrukwekkende manifestatie van de Christenheid in Duitsland. W. en O. trachtten daarin een zekere eenheid aan het licht te doen treden, die staatkundige gescheidenheid en barrière van „ijzeren gordijn" en verschil van staatsinrichting en politieke beginselen zou weten te doorbreken. Zo was het ook dit jaar te Frankfurt bedoeld, begin augustus op de Kirchentag, welke door 22.000 Oost-Duitsers werd bezocht. Maar de politieke geschillen doorbraken de confessionele verbondenheid. Over dat conflict spreken we hier niet. Daarvan heeft men wellicht het een en ander gelezen. We constateren alleen het feit, dat , , wereldse" machten en invloeden hier sterker waren dan de saamhorigheid, die er zou moeten zijn op basis van verbondenheid aan de Christus Gods.
Lag het aan de leiding, die bij ds. Niemöller was ? Men heeft gezegd, dat Bisschop Dibelius meer de juiste en gewenste leider zou zijn. Wellicht zal dat een volgend jaar blijken, en dan ook in een toename van het getal bezoekers, dat dit jaar wel kleiner was dan het vorige jaar. Er waren ook meerdere bezoekers uit verschillende andere landen. Ondanks het incident inzake de Duitse hereniging, was er bij vele buitenlanders een duidelijke voldoening over wat de Kirchentag hun had gegeven, zozeer, dat, naar verluidt, men o.a. wil pogen ook in het eigen land eveneens zulk een massale samenkomst te organiseren. Zal het vermindering van spanningen en conflicten geven ?
***
Conflicten en spanningen waren er vele, in alle tijden. Ze zijn er ook nu.in Londen was een grootscheepse conferentie over Egypte's inbreuk in het bestand van het Suezkanaal. Engeland, dat de plannen van de Lesseps met geen enkele geldelijke bijdrage steunde, had over de nationalisatie het grootste woord. Er werd in verbondenheid met Frankrijk zelfs gedreigd met wapengeweld. Amerika kwam er tussen en sloeg een minder forse toon aan. Het lijkt, dat het zwaard in de schede zal blijven rusten. Rusland en de Arabische macht zijn tegenspelers.
Indonesië haalde een streep door haar financiële verplichtingen aan Nederland. Soekarno snorkte, tot aan de oordeelsdag voor het recht op Irian te zullen roepen. Zijn minister van buitenlandse zaken ontkwam ter nauwemood aan inhechtenisneming wegens opstrijken van steekpenningen, en kon ter Londense conferentie gaan en daar een groot woord voeren.
Het Amerikaanse volk is in actie voor de presidents-verkiezing. Stevenson won het van Harriman en werd candidaat der democraten. Van beiden zag ik een foto in de N.R. Crtr Stevenson met een ezel onder zijn arm, het embleem van de democratische partij. Dat deed ons denken aan het gezegde, dat de democratie een goedmoedig balkende ezel is, die mensen draagt naar een gestoelte der ere, waar ze anders om hun mérites niet zouden komen. Zo zal 't met Stevenson wel niet zijn. Maar zijn foto, met die van Harriman, uitgedost met een Indianenmuts, deden me vragen: in wat voor een wereld leven wij, dat, , steunpilaren" der samenleving zich zo toegetakeld laten fotograferen? Amerikaans, zal men zeggen. Nu, dat zal wel, maar wijst het niet op verdwazing en zotheid ?
En dan is er de ontzettende ramp van Marcinelle, waar weer de menselijke onmacht bleek, de onmacht van de mens, die waant dat aan zijn kennen en kunnen geen grenzen zijn.
Maar als God spreekt, dan gaan de grenzen van de mens zich aftekenen.
Bernard van Clairvaux schreef eens : Habet mundus iste noctes suas et non paucas : deze wereld heeft haar nachten en ze zijn niet weinigen.
Maken we een dier , , niet weinige nachten" door in het heden? Een is er, die de nacht doet zijn als de dag, en de nacht kan doen zijn een baarmoeder van de dageraad : onze Heere Jezus, de , Grote Christus eeuwig licht". Wie Hem kennen, zullen in alle nachten en nachtschaduwen genieten, dat Hij is , , de Opgang uit de hoogte om te verschijnen degenen, die gezeten zijn in duisternis en schaduw des doods, om onze voeten te richten op de weg des vredes" {Lukas 1:79).
Zijn er ook „pro's" in de Geref Kerken 7 In het "GW '(uitgave Kok) d.d. 20 juli j.l., trof ik in Van week tot week een uitlating aan, , die geeft te denken.
Dr. Hommes vermeldt een uitlating van. prof. De Gaay Fortman, door deze op de conferentie te Baarn 18 juni „zo terloops" gedaan, waarin hij er voor pleitte — al achtte hij het toen nog prematuur — dat de Geref. Kerken met de Herv. Kerk een gezamenlijk geluid zouden laten horen over Nw.-Guinea.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 augustus 1956
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 augustus 1956
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's