De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Vervlakking der grenzen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vervlakking der grenzen

7 minuten leestijd

Op het terrein van het huwelijksleven dreigen grote gevaren. Bij één daarvan willen we thans uw aandacht vragen : Er wordt bij het aangaan van een huwelijk menigmaal in het geheel niet met God en met Zijn Woord gerekend. Vaak zien we het gebeuren, dat jongens en meisjes uit een gezin, waarin dat toch wèl het geval mag zijn, in het huwelijk treden met meisjes en jongens uit een familie, die geheel vervreemd is van het kerkelijk leven, ja, nog erger, waar met God en Zijn dienst wordt gespot.

Als een ongelovige deze uitspraak onder de ogen ziet, zal hij misschien denken, dat ik van mening ben dat de kerkelijke mensen de brave Hendrikken zijn en dat degenen, die niet naar de kerk gaan, de slechten zijn.

Ik zou wel mogen zeggen: Zo de waard is, vertrouwt hij zijn gasten.

Het is mij bij mijn huisbezoeken al vaak voor de voeten geworpen, dat de mensen die naar de kerk gaan, allemaal maar huichelaars zijn. Daaruit trok ik dan altoos de conclusie, dat men dan ook van mening kan zijn, dat degenen, die nooit een voet in de kerk zetten, tot de allerbesten moeten worden gerekend.

Lezers, noch het een, noch het ander is het geval. De Schrift leert ons, dat we allen gezondigd hebben en dat we allen de heerlijkheid Gods derven. Dat geldt van nature van alle mensen. Dus óok van degenen, die tweemaal per zondag naar de kerk gaan. Neen, het verschil ligt hierin, dat de een zich nog stelt in de weg der middelen, die tot bekering en' herschepping kunnen leiden, terwijl de anderen die middelen verachten en van de Dienst des Woords niet weten willen.

De gevolgen van zulk een tweeslachtig huwelijk blijven natuurlijk niet uit. De éen wil bidden, de ander blijft er mee spotten. De éen wil naar de kerk, de ander naar de bioscoop. De éen wil de kinderen naar de catechisatie sturen, , de ander neemt ze zondagmiddag mee naar het voetbalveld.

Zo kunnen we voortgaan.

Van een samen buigen voor God kan geen sprake wezen. Van het bijbellezen komt uit de aard der zaak niets terecht.

Nu zijn er weliswaar verschillende mogelijkheden. Ik ken gevallen, waarin vrouwen uit een kerks milieu zulk een invloed uitoefenden op hun mannen, dat deze tenslotte ook mee naar de kerk gingen en zich bij de wens van de vrouwen neerlegden, om te trachten de kinderen op te voeden naar de H. Schrift.

Maar daarnaast staan ook andere gevallen, waarin de wereld het van de kerk hoe langer hoe meer begon te winnen. De kerkgang begon te verslappen. Het gebed en het bijbellezen werd weldra geheel nagelaten. En de zoon of de dochter van christelijke huize ging geheel op in de dienst van de wereld. En aan de stem van het geweten werd hoe langer hoe meer het zwijgen opgelegd. Zo treft men mannen en vrouwen aan die met hun godsdienstige opvoeding van vroeger geheel hebben gebroken. Ik heb ze wel ontmoet, die een godvrezende vader of moeder hebben gehad en nu van God niet meer willen weten. En helaas, de laatste gevallen overtreffen verreweg de eerste.

De winst van de vermenging der geslachten is aan de kant van de wereld. Zowel in het Oude- als in het Nieuwe Testament wijst ons de Heere op de grote gevaren van zulk een vermenging. In de dagen van Jered is het al begonnen tussen het godvrezende geslacht van Seth en het goddeloze geslacht van Kaïn. We lezen toch, dat Gods zonen de dochteren der mensen aanzagen, dat ze schoon waren, en ze namen zich vrouwen uit allen, die ze verkoren hadden. De zonen Gods waren geen engelen, zoals sommige uitleggers meenden, die uitgingen van de veronderstelling, dat de Heilige Schrift ook mythologische gedeelten bevatte. Hoe Bilderdijk er toe gekomen is om zulk een verklaring op te nemen, is mij tot heden een raadsel gebleven. Neen, de zonen Gods, dat waren de jongens uit het godvrezende geslacht van Seth. Helaas, lieten ze zich bij de keuze van een echtvriendin niet leiden door de vraag, of ze samen de knieën zouden bmgen en God zouden dienen en vrezen. Neen, men vroeg enkel maar naar uiterlijke schoonheid. De gevolgen waren verschrikkelijk. Niet alleen dat er uit die zondige vermenging mensen werden geboren die in het opgroeien een reusachtige gestalte bereikten, maar ze waren ook reusachtig in goddeloosheid.

De goddeloosheid nam daarna hand over hand toe. Men wilde van God niet meer weten. Men at en men dronk en men nam ten huwelijk en men leefde alleen maar voor de pret en met God werd niet meer gerekend. En de Heere zag, dat de boosheid des mensen menigvuldig was op aarde en dat al het gedichtsel der gedachten zijns harten te allen dage alleenlijk boos was.

Ziehier getekend de droeve gevolgen van de rampzalige vermenging der geslachten !

En in het Nieuwe Testament waarschuwt ook de apostel Paulus de christelijke mannen om geen heidense vrouwen te nemen, in de hoop, die vrouwen te kunnen winnen voor het Koninkrijk Gods. Wat weet gij, man, of gij de vrouw zult winnen ?

Met andere woorden : het huwelijk is geen evangelisatiewerk. De gevaren, die dreigden in de dagen van Noach en in de dagen van de apostel Paulus. dreigen nog. Bij het aangaan van een huwelijk wordt er door honderden met God niet meer gerekend. Van kerkelijke huwelijksinzegeningen is bij velen geen sprake meer. Er wordt alleen met de tijdelijke dingen gerekend.

Geen wonder, dat de huwelijksbanden hoe langer hoe losser worden. Het aantal echtscheidingen neemt elk jaar toe. Ook met het Woord Gods : „Wat God heeft samengevoegd, schelde de mens niet", neemt men het niet nauw meer.-

Voorts denk ik aan het huwelijk van een protestant met een rooms katholiek.

Funest zijn meestal de gevolgen. Het is mij al vaak gebeurd, dat mij bij het huisbezoek de toegang verboden werd, omdat beide partijen besloten hadden om noch predikant, noch pastoor toe te laten.

Minder erg schijnt ogenschijnlijk het huwelijk van Hervormden met mensen uit de gescheiden kerken. Gaarne erken ik, dat in vele van die gevallen een hartelijke overeenstemming in belijdenis kan wezen, maar als het dan toekomt aan de vraag, naar welke van de beide kerken men in de toekomst zal gaan, hebben we het al vaak gezien dat er grote familietwisten ontbrandden omdat éen van beiden zijn kerk niet wilde verlaten.

Helaas, moeten we weer zeggen, dat zich bij onze Hervormde mensen minder liefde tot hun kerk openbaart dan bij de gescheidenen. Hoewel we dat streng doorgevoerde kerkisme veroordelen, moeten we toch erkennen, dat het velen in de gescheiden kerken tot eer strekt, dat de kerk toch nog een factor is die meespreekt bij de grote levenskeus van het huwelijk. Meer dan bij ons !

De dagen van Noach en de dagen van nu gelijken op elkander. De kerk komt op de achtergrond te staan. Naar God wordt door de grote massa niet gevraagd.

Ouders, wat rust er een dure plicht op onze schouders, om onze huwbare kinderen te wijzen op de gevaren die hen bedreigen. Laten we hen steeds voor ogen houden om bij een van de meest gewichtige stappen in hun leven toch met de Heere te rekenen en te vragen of het ook de begeerte des harten zal zijn van beide partijen om met elkander het éne nodige te zoeken. Het gezin is de cel, waaruit de maatschappij is opgebouwd. Hoe sterker het gezinsleven, hoe machtiger ook het volk en de Staat. In deze tijd van schrikkelijke afval is dan ook het christelijk gezin één van de machtigste wapenen tegen ongeloof en revolutie.

Niet straffeloos zal de wereld God kunnen verlaten. Het oordeel komt gewis. De gedaante dezer wereld zal voorbijgaan. De aarde zal niet meer door water vergaan, maar door vuur.

De geruchten van oorlogen, de hongersnoden, de pestilenties en de aardbevingen zullen er aan voorafgaan. Dit alles is nog maar een begin der smarten.

Noach heeft honderd en twintig jaar gepredikt tijdens de bouw van de ark, dat de mensen zich nog zouden bekeren. Ik lees in de bijbel niet, dat er zich één tot God heeft bekeerd.

De Heere laat het nu nóg prediken: De goddeloze verlate zijn weg en de ongerechtige man zijn gedachten, en hij bekere zich tot de Heere, zo zal Hij Zich zijner ontfermen !

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 oktober 1956

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Vervlakking der grenzen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 oktober 1956

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's