De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

KERKNIEUWS

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

KERKNIEUWS

7 minuten leestijd

Beroepen te :

Rinsumageest G. D. J. Dingemans, cand. te Delft — Leusden S. Julius te Streefkerk — Gieterveen (toez.) J. Plasman, vicaris te Groningen.

Aangenomen naar:

Brugge (België) (toez.) T. H. L. Beernink te Oudenhoorn — Stellendam H. J. Smit t© Genderen — Lisse (toez.) G. Pettinga te Huizuim — Egmond aan Zee (toez.) F. E. van der Zee te Elim.

Bedankt voor :

De Bilt-Oost W. de Bruyn te Ermelo — Putten (toez.) G. H. van Kooten te Genemiuiden — Kinderdijk J. Wieman te Oudewater — Nieuw-Weerdinge A. de Bruyn te Werkendam.

Ds. G. S. Schinkel overleden.

Op de morgen van de tweede Paasdag is in een ziekenhuis te Leiden overleden ds. G. S. Schinkel, Herv. pred. te Woubrugge. Ds. Schinkel, die de leeftij'd van 49 jaar bereikte, stond sinds december 1955 in zijn huidige gemeente, welke ook zijn eerste gemeente was. Tevoren diende hij het christelijk onderwijs.

Bevestiging en intrede ds. J. R. Cuperus.

Pasen 1957 zal voor de Herv. gemeente te Waddinxveen onvergetelijk blijven. Na drie en een half jaar werd de toestaande va­ cature weer vervuld, in de overkomst van ds. J. R. Cuperus van Doornspij'k. Op zondagavond 21 april had de bevestiging plaats in een tot de hoeken gevuld kerkgebouw. Voorganger in deze dienst •was de oudste zoon van de te bevestigen predikant, ds. R. C. Cuperus uit Wouterswoude (Friesl.). Tekst voor de prediking was Joh. 21 : 15—17. Toegezongen werd Ps. 134 : 3.

Ook 2e Paasdag, toen in de morgendienst ds. Cuperus Sr. zich aan zijn nieuiwe gemeente verbond, was een grote schare, niet alleen uit de gemeente en naaste omgevinig, maar uit alle delen van ons vaderland bijeen gekomen. Een speciale deputatie van Doornspijik's Hervormde kerkeraad en tal van gemeenteleden verleenden aan deze dienst een bijzondere kleur.

Na de gemeente te hebben laten zingen uit Psalm 123 : 1, 2 en — voor de prediking — uit Psalm 81 : 12 en 7, las de spreker de tekst voor zijn intreepreek, uit Ezechiël 34 : 11 : „Ik zal naar Mijn schapen vragen". Op eenvoudige, en uiterst boeiende, vaak ontroerende wijize schetste de begaafde spreker zijn tekst, waarin hij zijn opdracht tot het dienstwerk te Waddinxveen zag. Het was weliswaar een ontdekkend, maar ook voor Gods volk een zeer vertroostend woord. Na het zingen van Ps. 130 : 4 sprak ds. Cuperus onderscheidene personen en colleges toe. Deze toespraken werden beantwoord door burgemeester A. Warnaar namens de burgerlijke gemeente; door de heer Mulckhuize uit Waarder, namens het Breed Moderamen van de classis Gouda ; door ds. T. J. Doornenbal uit Oene als vriend, namens de Veluwse vrienden en Doornspijk's gemeente, en ten slotte door de voorzitter van de kerkeraad, ds. J. van der Haar. Allen spraken hun blijdschap uit over de komst van ds. Cuperus en wensten hem met zijn gezin een gezegende tijd toe in zijn nieuwe gemeente. Op verzoek van de laatste spreker, zong de gemeente haar tweede herder en leraar en de zijnen staande toe de zegenbede uit Ps. 122 : 3.

Afscheid ds. J. R. Cuperus van Doornspijk.

Zondagmiddag 14 april het afscheid van ds. Cuiperus VEin' Doornispijk. Wat bijna onmogelijk leek is toch werkelijkheid geworden. Na bijna twintig jaar gaat hij heen. Het was toch zoals de burgemeester opmerkte in zijn toespraak: „Wie Doornspijk zei, zei ds. Cuperus en wie ds. Cuperus zei, zei Doornspijk". Maar aan alles komt een einde, en zoals het komt is het goed. De Koning ZeM zegt tot éen van Zijn dienslknechten : Ga, en hij gaat, en tot de ander : Kom, en hij komt, en Hij vergist Zich daartoij niet.

De Veluwe lag open die zondagmiddag in haar oude, wilde schoonheid, verjongd door het nieuwe voorjaar. Vanaf de Woldberg waren in het klare m: iddaglicht de resten zichtbaar van de oude zee en ook reeds het nieuwe drooggevallen land. De zon goot haar stralen uit over de heuvels, bossen, heide, over de hoge bomen van Schouwenburg en Zwaluwenburg, over de molen en de hofsteden van Oostendorp, Oldebroek in de verte, Elburg nabij. De meentweiden lagen in lentegroen onder de hoge "blauwe luchten. De aarde is zo schoon voor wie beseft, dat hij haar vaarwel moet zeggen.

De kerkbrink van Doornspijk was, als bij iedere dienst, vol wachtend kerkvolk, de kerk zeU overvol. Ik kan het niet helpen en ik kan mijn ogen ook niet thuis laten, maar moet ze laten dwalen. telkens weer, over heel dit wonderlijke schouwspel. Ds. Cuperus waarschuwde wei tegen het sentiment en de romantiek op een middag als deze, en tegen het gevaar dit alles te zien' als een schoon stuk porcelein en als oud borduurwerk. Maar hij is zelf een mens vol schoonheidszin en met een oog voor kleur en vorm als geen ander. En in deze Eifscheidsdienst bijzonder spreidde het oude Doornspijk nog eermnaal al haar karakteristieke Schoonheid ten toon. Het zonlicht viel door de hoge kerkramen over heel de saam: gepakte menigte, over de vele witte mutsen der vrouwen in het middenivak en zette de zilveren oorijizers, de gitten en bloedkoralen halskettingen en de gouden sloten in dieper kleur en gloed, die hele zondagmiddag, tot het stilaan verdween tegen het einde van de dienst. Hoog boven de gemeente, op de steile preekstoel met het rankste en slankste klankbord, dat ik ooit gezien heb, stond eenmaal ds. Cuperus voor het laatst als Doornspijks herder en leraar. Datir hoort hij toch thuis, daar is hij in zijn volle kracht als dienaar van het Woord, imet al de schone gaven hem geschonken, zij'n machtige stem, feilloze woordkeus en rijke intuïtie.

iWintig jaar heeft hij daar gestaan, zeker onder ondragelijke noden, maar altijd weer gesterkt om voort te gaan, in de bediening hem toebetrouwd. Nog eenmaal mocht hij het Woord verkondigen in alle klaarheid, rijkdom en volheid en zijn wens en zegen uit­ spreken over zijn meest gelieMe gemeente overeenkomstig zijn afscheidstekst: „De genade van onze Heere Jezus Christus zij met u allen." Afscheid nemen van zijn kerkeraad, van colleges en vrienden, van heel de gemeente, ernstig, waardig en vol liefde. Nog één keer de handen zegenend over de gemeente uitbreidend. En de gemeente mocht afscheid nemen van hem in woord en Ued. Er waren toespraken van kerkeraad, colleges, collega's, citaten in Frans, Duits, Erugels klonken in de verbaasde oren der Doornspijkers, laten we hopen voor één keer en nooit weer (ik heto me er zelf ook aan schuldig gemaald; !). De tale Kanaans dïeunde uit de mond van dominees en consorten. Maar br. van Engelen vertolkte in on^ vervalst Doornspijks de gedachten en wensen van zijn hart en van die van de kerkeraad en gemeente, en dat was goed en echt. En hij liet de scheidende leraar toezingen : „Gedenk de smaad die elk van Uwe knechten lijdt..." en dat was ook goed en echt.

En zó hebben we afscheid genomen van ds. Cuperus en zijn weergekeerd naar huis in de late namiddag. Overal, langs alle wegen nog de aanblik van verdwijnend kerkvolk, de val der witte mutsen afstekend tegen de zwarte vrouwenkleren. Afscheidnemen daarin is iets van sterven en van stervens weemoed. Twintig jaren die voorbij zijn met veel vreugde en veel bitter leed ! Het is goed ! Goed zoals het is. Wij Magen niet en treuren ndet al te zeer bij dit afscheid nemen. Wel lijkt de Veiüwe leeg te worden nu ds. Cuperus heengaat. En een stuk leve» is afgesloten, onherroepelijk en voor altijd. Maar onze gedachten en gevoelens zijn begrepen in het stervenslied van Teiwiyson: and one claer call for m«. And may there be no morning of the bar When I put out to sea."

En de ene, klare roep die wij ds. Cuperus en de zijnen nazenden bij zijn vertrek is zijn eigen aJscheidstekst: „De genade van onze Heere Jeizus Christus zij med* u allen. Alnen."

Bevoegdheid voor het uitnodigen van voorgangers in kerkdiensten der Ned Hervormde Kerk.

In hoger beroep is door de Generale Commissie voor de behandeling van bezwaren en geschillen der Ned. Herv. Kerk beslist, dat de bevoegdheid voor het iiitnodigen van een predikant of voorganger van een gewone, buitengewone of bijzondere kerkdienst niet berust bij de kerkeraad, noch bij de plaatseUjke predikant(en) alleen, doch bij hen gemeenschappéUjIk; zonder dat daarbij de een aan de ander zijn wil kan opleggen.

De Prov. Comtaüssie voor de behaindeling van bezwaren en geschillen in Zuid-Holland had als haar gevoelen uitgesproken, m eerste instantie, dat de bevoegdheid voor het vragen van een predikant voor een bijzondere kerkdienst uitsluitend berustte bü de kerkeraad.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 mei 1957

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

KERKNIEUWS

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 mei 1957

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's