De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

MEDITATIE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

MEDITATIE

5 minuten leestijd

HET PARADIJS GODS. OPENBARING 2 VERS 7b.

Deze woorden zijn gesproken tot Johannes, de Ziener op Pathmos, en wel door de verheerlijkte Christus, Die hem in een visioen verschenen is als Diegene, die de zeven sterren in Zijn rechterhand houdt en Die tussen de zeven gouden kandelaren wandelt. De zeven sterren, die Christus in Zijn rechterhand houdt, zijn de engelen der zeven gemeenten. De wachters over de gemeente. Christus heeft ze in Zijn hand, d.w.z. Hij heeft daarover alle macht. Daarmede wandelt Hij tussen de zeven gouden kandelaren, dat is de symbolische aanduiding van de Kerk. In Zijn wandelen tussen de zeven gouden kandelaren, wil Hij zeggen, dat Hij met Zijn gemeente zal zijn tot het einde der dagen. In naam van Hem moet Johannes schrijven aan de gemeente van Efeze. Een prachtige gemeente anders. Ja, waar Christus kan zeggen: Ik ken uw lijdzaamheid. Ik weet, dat gij de leugenaars aan de kaak gesteld heht. Gij hebt om Mijns Naams wil gearbeid en zijt niet moede geworden. Helaas volgt er een maar. Maar ge hebt uw eerste liefde verlaten. Daardoor valt er een donkere schaduw op de gemeente. Hoevele van die gemeenten zijn er niet. Bloeiende gemeenten, naar het lijkt. Volle kerken, maar waar is het echte leven des geloofs ? De eerste liefde ontbreekt.

Maar toch behoeft Johannes niet in sombere toon te eindigen. Neen, , , die overwint. Ik zal hem geven te eten van de boom des levens, die in het midden van het Paradijs Gods is".

Het Paradijs. Welk een wereld van gedachten wekt dit woord op. Storeloze vrede en de zoetste harmonie. Heel de schepping met zijn gaven lag aan de mens onderworpen. Geen zonde, volmaakte heiligheid, geen leugen, maar zaligheid. Wat een diepe inhoud hebben deze woorden voor de ziel, die zucht onder de last der zonde, die aan de eisende Wet Gods niet kan voldoen.

Paradijs. Daar geen strijd, daar eeuwige gemeenschap met God. Daar geen oordeel, geen toom. Wat voelt de ziel zich dan ongelukkig, als het in de ellendestaat dit woord horen mag. Vreselijke toestand van de mens, uitgedreven uit de hof. De mens, bestemd om in.het Paradijs zonder zonde steeds hoger te stijgen, wacht na de val de diepte van de eeuwige dood. Ja, waar de Heilige Geest de mens ontdekt aan zijn zonde, daar leert hij de val van Adam de zijne noemen.

En nu spreekt de verheerlijkte Christus van het Paradijs Gods. Ja, heft uw hoofden op, o wenend Sion, uw verheerlijkte Borg en Middelaar spreekt van een Paradijs. Dus toch nog gemeenschap met God, dus de toom geblust, dus toch eeuwig zalig leven, dus toch heiligheid ? Ja, Hij, Die wandelt tussen de zeven gouden kandelaren, zegt: „Die overwint. Ik zal hem geven te eten van de boom des levens, die in het midden van het Paradijs Gods is".

Heerlijke belofte. Maar is daar wel troost in ? Immers er staat: „Wie overwint". De Christus ziet Zijn Kerk dus in de strijdpositle en daarna overwinnend. Wie durft zich daartoe te rekenen? Och, er zijn er velen, die menen daaronder te vallen, maar die geen strijd kennen. Ieder onderzoeke daarom zichzelf, hoe het daarmede met hem staat, want Hij zal hier gezocht en gekend moeten worden. Er zullen er roepen : , , Heere, Heere, doe ons open" en hebben we niet in Uw Naam duivelen uitgeworpen ? En wat is het goddelijk antwoord : , , Ga in, gij gezegende Mijns Vaders"? Neen, ga weg van. Mij, Ik heb u nooit gekend.

Overwinnen. Stond er nu maar , ..werken, goed oppassen, vroom doen". Maar overwinnen. En de begerige ziel ziet in zichzelf steeds nederlaag op nederlaag. De vijand van buiten en van binnen kan zo machtig zijn. Gaat satan niet rond als een briesende leeuw en komt hij niet menigmaal voor als een engel des lichts? Ook eigen vlees houdt niet op ons te bestrijden en wat liggen we vaak onder in die strijd? De vijand zit van binnen en hij is zo sterk. Herkent ge die vijand ? Nu dan, hoe staat het met de overwinning?

Is dat het ergste niet, dat we met die vijand een verbond gemaakt hebben? Waar blijft vaak de heilige oorlog? Neen, ziende op onszelf kan er geen hoop zijn. Laten we er daarom eens op letten. Wie het hier zegt. Is dat niet de Christus? Heeft Hij niet alle macht in hemel en op aarde? Is Hij niet ingegaan in het huis van de sterke en heeft Hij niet voor de Zijnen de satan overwonnen ? De Heiland biedt Zichzelf aan als de Overwinnaar voor Zijn volk. Wat een troost, als de ziel in haar strijd Hem mag ontdekken in Zijn Borgtochtelijk werk. Wat een bemoediging. als hij zijn strijd mag zien onder dat zaligmakende werk van Hem. Hoe Hij de strijd heeft volstreden en Hij voor hen, daar zij anders de eeuwige dood moesten sterven, het leven heeft verworven. Heerlijke troost. Maar één vraag: Zijn we door het geloof dien Christus ingeplant? Heeft de Heilige Geest ons gezicht geschonken op Hem? Dan alleen ligt er troost in Zijn overwinning. Dan ziet ge Hem de kruisheuvel opgaan, strijdend voor Zijn volk, maar ook moogt ge Hem triomferend zien als de sleutels van dood en graf aan Zijn gordel hangen, ja, meer nog, dat Hij nu als volkomen Overwinnaar zit aan de rechterhand des Vaders. In Hem is Zijn volk reeds overwinnaar. In Hem, niet in uzelf. Neen, daar is ondergaan, nederlaag, maar in Hem alleen.

Worstelende Kerk, moogt ge dan afsterven aan uzelf en het geloofsoog gericht houden op die Christus. Grijpt Hem aan als Jacob : „Ik laat U niet los, tenzij Gij mij zegent!"

Wie overwint het Paradijs God.

Wat voor eeuwig uitgesloten scheen, zal eeuwig waar zijn. Gods kinderen eten van de boom des levens in het Paradijs Gods.

Zijn Kerk zal dan zeggen : , , Maar wanneer hebben wij dan overwonnen? In ons was slechts ondergang".

Dan zal Hij zeggen: Zoveel ge in Mijn Naam gestreden hebt, hebt ge overwonnen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 mei 1957

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

MEDITATIE

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 mei 1957

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's