De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

KERKNIEUWS

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

KERKNIEUWS

14 minuten leestijd

Beroepen te:

Ter Aa A. G. Haring te Loon op Zand — Blauwkapel-Groenekan en te Opheusden B. Haverkamp te Nieuw-Lekkerland — Colmschate W. C. C Polhuys te Zeerijp — door de Generale synode als predikant voor buitengewone werkzaamheden (legerpredikant) H. J. Eggink, laatstelijk Geref. predikant te Loenen a.d. Vecht — door de Generale synode als predikant voor buitengewone werkzaamheden (Secr. van de Vrijz. Chr. Jeugdcentrale) N. Immink te Oude- en Nijehorne — Oudkerk-Roodkerk D. H. Scholten te Heerewaarden — Oranjestad (Aruba) A. H. C. Jacobs te Puttershoek.

Aangenomen naar:

Opende (Gron.) B. C Juckema, luchtmachtpredikant te Volkel(N.Br.) — Zijderveld H. Jongerden, kand. te Baarn — Oudega-Eernewoude H. Alkema te Winschoten.

Bedankt voor :

Genderen G. Wursten, kand. te Zwartsluis — Oudkerk-Roodkerk D. H. Scholten te Heerewaarden — Oude- en Nijehorne (toez.) G. M. Spelberg te Warga.

Afscheid en intrede.

Ds. L. Kievit nam 1 september 's avonds half zeven afscheid van de hervormde gemeente te Woerden en hoopt 8 september 's middags half drie voor de tweede maal zijn intrede te Putten doen. Voordat ds. Kievit op 31 augustus 1952 zijn intrede te Woerden deed had hij precies zeven jaar (1945-1952) te Putten gestaan.

Ds. G. van Doorn nam 1 september afscheid van de hervormde gemeente van Ter Heyde aan Zee en hoopt 15 september intrede te doen te IJmuiden.

Bevestiging en intrede Kand. A. van Brummelen.

Schoonrewoerd, Kand. A. van Brummelen van Barneveld zal zondag 15 september a.s. 's middags om twee uur na 's morgens om half tien te zijn bevestigd door ds. T. Poot van Haaften, zijn intrede doen als .predikant van de hervormde gemeente van Schoonrewoerd in de classis Gorinchem, waar hij de opvolger wordt van ds. C. Balke, die zendingspredikant is geworden.

Kand. van Brummelen werd op 20 mei 1928 te Barneveld geboren, deed eerst staatsexamen en studeerde vervolgens aan de rijksuniversiteit te Utrecht, waar hij in september 1955 zijn kandidaatsexamen deed. Kand. van Brummelen was van October van het vorige jaar tot februari van dit jaar ongeveer vijf maanden te Haaften in de classis Bommel werkzaam als vicaris en werd op 1 juli van dit jaar na een collequium te Arnhem toegelaten tot de evangeliebediening in de Ned. Herv. Kerk.

Kand. P. J. Bos te Veenendaal is voornemens 6 October intrede te doen te Sprang, na bevestiging van ds. K. v. d. Pol van Veenendaal.

Ds. P. Bootsma te Heerde, predikant van de Ned. Herv. Kerk en oud-legerpredikant, werd 30 augustus j.l. vijf en zeventig jaar. Hij werd op 21 april 1907, nadat hij eerst enkele maanden hulpprediker te Enter was geweest, te Exmorra en Allingawier in het ambt bevestigd. Daarna stond hij nog ruim tien jaar te Balk, waar hem in verband met zijn benoeming tot legerpredikant op 1 januari 1920 eervol ontslag met de bevoegdheid van emeritus werd verleend. Ds. Bootsma was als legerpredikant achtereenvolgens werkzaam te Zwolle, Utrecht en te 's-Gravenhage. Na de bevrijding keerde.hij op 1 januari terug als legerpredikant in actieve dienst. Ruim anderhalf jaar later werd hij met ingang van 1 sept. 1947 op vijfenzestig-jarige leeftijd gepensioneerd.

Vacante predikantsplaatsen Geref. Bond.

In de Ned. Herv. Kerk zijn op het ogenblik 62 predikantsplaatsen vacant, die behoren tot de modaliteit van de Gereformeerde Bond. 17 daarvan moeten niet vervulbaar worden geacht, zodat er reëel 45 vacatures zijn, welk aantal zich de laatste jaren slechts zeer langzaam beweegt in dalende lijn.

Krachttermen uit de nieuwe vertaling.

De leden van Ermelo's gemeenteraad hebben onlangs zich bezig gehouden met het voor en tegen van de bijbel in de nieuwe vertaling zulks naar aanleiding van een verzoek om medewerking door de Vereniging voor chr. onderwijs der Ned. Hervormde gemeente te Nunspeet. Deze wilde namelijk 70 bijbels in de nieuwe vertaling aanschalfen. De leden van de SGP verzetten zich hiertegen en een van hen gaf als argument dat in de nieuwe vertaling bepaalde krachttermen zijn weggelaten. Hoewel andere leden en ook de voorzitter meenden de nieuwe vertaling te moeten toejuichen stemde de SGP-fractie tegen het voorstel van B. en W., dat werd aangenomen, aldus „Nunspeet Vooruit".

Vijftigjarig bestaan der Geref. gemeenten.

Alle drie de particuliere synoden der Geref. Gemeenten in Nederland hebben de wens uitgesproken, dat het vijftigjarig bestaan van de vereniging der Kruisgemeenten en Ledeboeriaanse Gemeenten, welke nu dus een halve eeuw onder de naam van „De Gereformeerde Gemeenten in Nederland" voortleven, kerkelijk zal worden herdacht. Ook zal dan worden stilgestaan bij het ontstaan van de Geref. Gemeenten in Noord-Amerika en Canada. Besloten is op woensdag 9 October a.s. samen te komen in de kerk aan de Boezemsingel te Rotterdam en wel des morgens om 11 uur en des middags om 3 uur. Nog nader zal worden medegedeeld welke predikanten zullen spreken.

Gen. synode Geref. kerken.

De generale synode der gereformeerde kerken heeft in haar laatst te Assen gehouden zitting na enkele stemmingen gekozen tot voorzitter ds. P. N. Kruijswijk te Amsterdam, tot assessor ds. D. Scheele te Assen, tot eerste scriba ds. H. W. H. van Andel te Utrecht en tot tweede scriba dr. L. Praamsma te Groningen.

In de Zuiderkerk te Assen is dinsdag de generale synode van de Gereformeerde kerken in Nederland begonnen ; zij werd geopend namens de roepende kerk van Assen door haar oudste predikant, ds. D. Scheele. Aan de synode ging aan de vooravond een bidstond vooraf in de Noorderkerk, waarin voorging ds. C. van den Woude te Leeuwarden, praeses van de vorige synode. Het is ruim 31 jaar geleden , dat de generale synode te Assen bijeenkwam, toen zij. in 1926 langdurig en bij herhaling vergaderde over de destijds geruchtmakende zaak vail dr. J. G. Geelkerken. Deze synode telt nu 73 leden.

Ds. Scheele stelde in zijn openingstoespraak vast, dat het er voor hereniging van de kerken van gereformeerde confessie in Nederland maar somber uitziet. Daarnaast is er het beklemmende gevoel, dat men elkander ook in eigen kerkverband niet geheel meer verstaat. Het spreken met elkander noemde ds. Scheele ook voor de synodale praktijk van groot gewicht, in welk verband hij wees op het besluit van de vorige synode over die gemeenteleden, die zich bezwaard voelen over de zg. vervangingsformule.

Spreker stond voorts stil bij het agendum voor deze synode, waarbij hij met name wees op de nieuwe kerkorde. De zelfstandigheid van de plaatselijke kerk is eèn belangrijk goed, maar anderzijds dwingt de tijd soms tot het nemen van beslissingen, waarbij men niet altijd wachten kan tot een volgende synode. Ook het rapport over de industrialisatie en de film is van betekenis. Voorts de urgente zaak van de psalmen in de eredienst. Dan zaken betreffende de zending, geestelijke verzorging van geëmigreerden, en tal van andere zaken. Het zal nu moeten blijken of het vergaderen van de synode om de twee jaar bekorting betekenen zal. Teneinde de lange zittingsduur te beperken besloot de generale synode van augustus 1955, dat de synode voortaan niet meer om de drie maar om de twee jaar zal vergaderen. Daarbij bracht zij tevens een beperking in de agenda aan door te bepalen, dat verschillende deputaatschappen niet allen meer terzelfder synode zullen rapporteren, maar op de ene synode de ene helft en op de andere de andere helft, waardoor deze rapporten dus niet meer handelen over het beleid van deputaten over een periode van drie, maar over een van vier jaar.

Tenslotte stond spreker stil bij de gemiddelde leeftijd van de predikanten-synodeleden, die 54 jaar is, waarbij hij er op wees, dat de wijsheid evenmin alleen bij de jongeren als bij de ouderen ligt. Voor de verlaging van de gemiddelde leeftijd van de synodeleden kan mogelijk uitbreiding van het aantal particuliere synoden van nut zijn, maar wellicht uitbreiding van de afvaardigingsrechten voor de grote particuliere synode nog beter effect sorteren. Tot zover de openingsrede van ds. Scheele.

Hoewel het de bedoeling is, dat door het om de twee jaar gaan vergaderen zittingsperiode van 12 a 13 weken, zoals bij vorige synoden, worden voorkomen, laat het zich aanzien dat de synode van Assen toch wel enkele weken zal bijeenkomen, mede gelet op de omvangrijke agenda.

(N, R.Crt.)

Dr. A. A. Koolhaas sprak op het C.S.B.-congres over „Reformatie der Kerk mag nooit worden afgesloten".

Dat de problematiek rondom de saecularisatie veel stof tot praten geeft en onophoudelijk allerlei interessante en actuele problemen oproept bleek wel uit het referaat, dat dr. A. A. Koolhaas dezer dagen op het C.S.B.congres hield en misschien nog meer uit de hoogst interessante discussie, die daarop volgde, met name over de taak van de overheid t.a.v. het openbaar onderwijs.

Dr. Koolhaas bekeek de verhouding Reformatie en saecularisatie uit historisch oogpunt. Saecularisatie wilde hij zien als het onttrekken van het gehele leven aan de heerschappij van het Woord van God. De tegenpool daarvan is de theocratie, het erkennen van Gods heerschappij over deze wereld. Dr. Koolhaas waarschuwde voor het denkbeeld, dat de Middeleeuwen enkel tijd van duisternis zijn geweest. Ook toen heeft de Geest gewerkt en de strijd met het deformerende „vlees" gevoerd. Ook achtte hij het onjuist niet sterk de nadruk te leggen op het doorgaande karakter der reformatie, die wel in 1517 begon, maar niet een aantal jaren later als geëindigd mocht worden beschouwd. Nee, de Reformatie van de kerk zal zich nog steeds dienen te voltrekken. Sporen van typische saecularisatie meende dr. Koolhaas voor het eerst in de kerkgeschiedenis ten tijde van de Kruistochten te kunnen ontwaren. Tijdens Renaissance en humanisme versterkten deze tendenzen zich echter. Dr. Koolhaas wilde het voorkomen van de saecularisatie niet graag los zien van een ander aspect van het christelijk leven, nl. van de verwettelijking.

Als de prediking van Gods vrije genade niet meer goed functionneert, als men ontaardt in een soort moralisme, dat slechts naar ethische leefregels vraagt, daar in ieder geval zeer sterk de nadruk oplegt, verschraalt het geloofsleven wel zeer. Dan komt er ook ruimte voor de saecularisatie, de verwereldlijking.

Tussen de verwettelijking en de verwereldlijking zag spreker in de kerkgeschiedenis nauw verband. Het laatste volgt zeer dikwijls op het eerste. Zo valt de zeventiende eeuw als een eeuw van verwettelijking, de achttiende als één van verwereldlijking te kenschetsen.

De discussie richtte zich aanvankelijk op een geheel ander vlak. Vanuit de vraag of de schrapping van een gedeelte van art. 36 van de N.G.B, door de Gereformeerde Synode in 1905 juist was, ontwikkelde zich een discussie over de taak, die de overheid heeft bij het openbaar onderwijs. Dr. Koolhaas stelde, dat de bijzondere schoolregel, de openbare school aanvulling moet zijn. Maar anderzijds zal een christelijke overheid, b.v. in een gemeente, ernaar moeten streven, dat op de openbare school christelijke onderwijzers benoemd worden en geen atheïsten. Men mag niet de openbare school met buitenkerkelijke onderwijzers vullen, omdat men bang is, dat de bijzondere (chr.) school anders schade zou lijden.

Een redenering, die een zeer interessant gesprek opleverde, waaraan o.m. de hoogleraren Dooyeweerd en Van Riessen deelnamen en waar de juistheid van het standpunt van dr. Koolhaas voor velen wel duidelijk werd, al waren er m.n. van de kant van prof. Dooyeweerd enkele bezwaren. Hij vreesde, dat op deze wijze het rechtsstaatskarakter van onze natie in gevaar zou komen.

„Een uniek feit binnen onze gereformeerde gezindte. "Waar kan op een dergelijke openhartige en op niveau staande wijze tegenwoordig nog binnen onze kring gesproken worden? " Zo typeerde dr. Koolhaas na zijn lezing het congres van de Calvinistische Studenten Beweging dat afgelopen week in Driebergen plaats had. Inderdaad heeft men geprobeerd elkaar te verstaan en de problematiek rondom het thema Reformatie en saecularisatie door te denken. Tot bepaald optimistische conclusie over de stand van zaken in het gereformeerde leven kwam men daarbij niet. Vele waren van studentenzijde de klachten over verstarring en verschraling. Niet omdat men nu zo graag critisch wilde zijn, maar omdat men de overtuiging had dat veel van ons Calvinistisch leven gesaeculariseerd is en dat in de christelijke organisaties het functioneren van de organisatie als het belangrijkste wordt gezien. Achter die organisatie vindt men dikwijls niet meer het Evangelie, Gods verlossende boodschap voor het leven. Men worstelt met de christelijke organisatie niet meer om de ziel van het heel het volk.

Bijzonder verheugend bij deze bezinning was dat hier merkbaar werd dat de gereformeerde richting in de N.H. Kerk nu (eindelijk) ook in het gereformeerde studentenleven een belangrijke rol gaat spelen. Het gesprek wordt daardoor in aanzienlijke mate bevorderd. Na de lezing van de heer Ph. van der Kooy over de vernieuwing van ons denken ontstond o.m. een uitvoerige discussie over de verhouding theologie en wijsbegeerte en over de christelijke wijsbegeerte tussen aanhangers der Wijsbegeerte der Wetsidee en hervormden die daar wat huiverig tegenover stonden. En zo heeft prof. Dooyeweerd na afloop der discussie van 's nachts twaalf tot half twee over die W.d.W. gesproken . . .

(De Rotterdammer)

De Hervormde gemeente van Stellendam heeft weer een eigen predikant.

't Was 55 jaar geleden, dat weer een predikant werd bevestigd. Stellendam, 't landbouw en vissersdorp op Flakkee, heeft weer een eigen predikant. Zondag deed ds. H. J. Smit, van Genderen (N. Br.) onder grote belangstelling zijn intrede in de Hervormde Gemeente. 35 Jaar is deze gemeente vacant geweest. Eigenlijk is dit woord niet geheel juist, want gedurende deze tijd heeft de eerw. heer W Bouman de gemeente getrouw gediend. Het pastorale werk is dus al die tijd doorgegaan. Nu de heer Bouman met emeritaat gaat, we kunnen ook zeggen met pensioen is gegaan, heeft de kerkeraad een beroep uitgebracht op enkele predikanten, waarvan ds. Smit het heeft aanvaard. De laatste predikant van Stellendam was ds. Hoogendijk, vertrokken in 1922 naar Eist (Utr.) en sinds enkele jaren te Rhenen overleden.

Op deze wel bijzondere dag voor de gemeente werd ds. Smit in de morgendienst tot zijn dienstwerk ingeleid door zijn zwager, ds. L. Roetman van Wierden (Ov.)

Bij de intreedienst waren aanwezig de burgemeester, de edelachtb. heer J. Baron van Knobelsdorf met de wethouders van Stellendam ; van de ringcollega's zagen wij ds. J. van Drenth (Ooltgensplaat), J. C. Wolthers (Oude Tonge), P. van Wakeren (Stad aan 't Haringvliet) en J. den Besten (Dirksland), allen met hun kerkeraden. Naast de bevestiger ds. Roetman, was ook de heer Bouman (thans wonende te Oud Beijerland) en de heer C. J. Kesting van Dirksland onder de hoorders. De kerkeraden van Den Bommel, Nieuwe Tonge, Middelharnis, Sommelsdijk, Herkingen, Melissant en Goedereede, zonden ook afgevaardigden. Van de prov. kerkvergadering was één en van het breed moderamen van de classis Brielle twee vertegenwoordigers.

De kerkeraad van de Gereformeerde kerk toonde ook belangstelling door zijn aanwezigheid.

In een goed bezette morgendienst sprak de bevestiger ds. Roetman naar aanleiding van 1 Koningen 22 vs. 14 : „Doch Micha zeide : Zo waarachtig als de Heere leeft, hetgeen de Heere tot mij zeggen zal, dat zal ik spreken". Als thema stond boven deze preek : Het kenmerk van de ware profeet; Ondergebracht in twee punten : 1. Wat een profeet niet moet zijn 2. Wat hij wèl moet zijn.

Nadat ds. Smit de vragen van het bevestigingsformulier had beantwoord, richtte ds. Roetman zich in een persoonlijk woord tot zijn zwager en mede-ambtsdrager.

Toen 's middags om 2 uur de kerk vol was en vele stoelen waren bijgezet, zodat niemand behoefde te staan, zong de gemeente als aanvangslied Psalm 116 vs. 10 en 11.  Gelezen werd 2 Corinthe 4 vs. 1—15, waaruit ds. Smit ook zijn tekst koos, n.l. vers 5 : „Want wij prediken niet onszelf, maar Christus Jezus, de Heere, en onszelf, dat wij uw dienaren zijn om Jezus' wil".

Na de predikatie richtte ds. Smit zich tot de ringcollega's, tot ds. Roetman, de heer Bouman, de vertegenwoordigers van de Gereformeerde kerk, burgemeesters en wethouders, personeel der Hervormde school, kerkeraad en colleges, de verenigingen, koster en organist en tot de gemeente.

Toespraken volgden van ds. J. van Drenth namens de classis Brielle; ds. J. C. Wolthers namens de ring Sommelsdijk, de heer Bouman, ds. J. den Besten als consulent, de burgemeester, de heer Brinkman namens de Gereformeerde kerk en ouderling Verbiest namens kerkeraad en gemeente.

Op verzoek van laatstgenoemde zong de gemeente ds. Smit toe Psalm 67 vs 1 (gewijzigd).

De nieuwe predikant dankte hartelijk voor de goede woorden en de zegenbede.

Het is 55 jaar geleden dat er te Stellendam een intrede plaats vond. Het was in januari 1902, dat ds. Hoogendijk zich aan de gemeente verbond. In 1922 werd de heer Bouman tot zijn dienstwerk ingeleid. Een officiële bevestiging is dit niet, en daarom was zondag 1 september j.l. wel een grote dag voor de Stellendamse gemeente, waarmede geheel Flakkee meeleefde, gezien de vele afgevaardigden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 september 1957

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

KERKNIEUWS

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 september 1957

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's