VOOR DE THEOLOGEN EN DE GYMNASIASTEN
In , , Belijden en Beleven" d.d. 13 sept. j.l. vinden wij dit stuk, dat ook voor sommigen in onze kring van belang is:
Wat hier volgt, behoeft echt iedereen niet te lezen. Het gaat over de kennis van het Latijn en het Grieks van onze toekomstige predikanten. Dat is een zaak waar de hele kerk wel enig belang bij heeft, maar waar toch ieder kerklid zich niet voor kan interesseren. Maar voor onze lezers, die zonder veel moeite begrijpen, waar het over gaat, zal het een interessant stuk zijn. En als u een meisje of een jongen kent die in de hoogste klassen van een gymnasium of een lyceum zitten, moest u hun ook maar zeggen dat dit stukje hen misschien wel aangaat. Het is door prof. dr. P. J. Enk te Groningen geschreven en geknipt uit het Algemeen Handelsblad:
De 25ste juli verscheen in onze dagbladen een schijnbaar onschuldig, een o zo vriendelijk berichtje, dat menigeen met genoegen en voldoening zal hebben gelezen. Het luidde als volgt:
, , De studiemogelijkheden voor jongelui, die de bêta-afdelingen van de gymnasia met succes doorlopen hebben, wil minister mr. J. M. L. Th. Cals belangrijk verruimen. In een bij de Tweede Kamer ingediend wetsontwerp stelt hij voor hen toe te laten tot de examens in de theologische faculteit aan de universiteiten en tot een aantal examens in de litteraire faculteit. Een uitzondering vormt bij deze laatste faculteit de studie in de klassieke taal- en letterkunde".
Een verruiming van studiemogelijkheden aan een diploma toekennen is een sympathieke daad. Evenals het woord , , eng" een onaangename klank heeft, zo herinnert het woord , , ruim" aan breedheid van opvatting. Wie voor deze voorstellen is, blijkt een ruim-denkend mens te zijn ; wie er tegen is, heeft 'n enge, een benepen opvatting. Zo zullen de meeste mensen, die zich over alpha- en bêtadiploma's nooit druk gemaakt hebben, ongetwijfeld oordelen. De senaten onzer universiteiten zijn om advies gevraagd. Zij hebben blijkbaar in meerderheid de voorstellen van de minister goedgekeurd. Voor een , , insider" is dit niet verwonderlijk. Een deel onzer hoogleraren is het Latijn en het Grieks niet machtig; anderen interesseren zich voor deze kwestie, die alleen de theologische en litterarische faculteiten schijnt aan te gaan, maar matig.
Om over de merites van minister Cals wetsontwerp te kunnen oordelen, moeten twee vragen beantwoord worden: 1. Hoe staat het met de kennis van Latijn en Grieks bij hen, die het eindexamen-diploma gymnasium bèta behaalden en 2. is hun kennis van de oude talen en bovendien is hun klassieke vorming voldoende als voorbereiding voor de wetenschappelijke studie der theologie, van de Nederlandse letteren, degeschiedenis en de moderne taal- en letterkunde?
De eindexameneisen voor de klassieke talen ter verkrijging van het diploma bèta komen, zoals men weet, neer op het vertalen van een passage uit Homerus en een stuk Livius of Cicero. In de praktijk blijkt, dat de gemiddelde bèta-kandidaat in staat is een gemakkelijke plaats uit Livius redelijk goed te vertalen. De passage is immers door de examinatoren met zorg gekozen en dus vrij van moeilijkheden. Toch vallen er, ook als men matige eisen stelt, heel wat onvoldoende cijfers. Trouwens, naar mijn vaste overtuiging, gegrond op een 27jarige ervaring als gecommitteerde bij de eindexamens der gymnasia en lycea is zelfs thans de kennis van de bèta-kandidaten, nu zij nog niet van de verruiming der studiemogelijkheden profiteren, wat het Latijn betreft, te zwak en te éénzijdig. Bij de vertaling van Homerus zijn de resultaten in de regel beter. Hier kan iedere kandidaat, die onder leiding van een bekwame leraar ijverig en met belangstelling heeft gewerkt, gemakkelijk voldoende halen. Latijn is nu eenmaal, zoals de grote Leidse Graecus Cobet, het uitdrukte, een execrabel moeilijke taal en zelfs in een eenvoudige passage steken altijd nog onvoorziene moeilijkheden. De wet is echter uiterst clement, want men mag voor het diploma bèta één der twee oude talen onvoldoende maken, mits de overige groepen geheel of grotendels voldoende zijn.
Een bêta-kandidaat mag dus, als hij slaagt, bij aanneming van het wetsontwerp van mr. Cals, met onvoldoende voor Latijn b.v. in de moderne talen gaan studeren!
Een stuk Latijnse poëzie wordt de bêta-kandidaat niet voorgelegd en evenmin een passage uit een Griekse prozaschrijvet. Van Plato heeft hij in vele gevallen weinig, soms niets gelezen, van Vergilius ook al niet veel.
Ik begin met de theologen. Gelooft men nu werkelijk, dat de kennis van het Homerisch taaleigen en de Homerische woorden voldoende is om met enig gemak de oud-Christelijke Griekse geschriften te kminen lezen? Is het niet broodnodig, dat een aanstaand theoloog enige dialogen van Plato heeft gelezen, dat hij een denkbeeld heeft van hetgeen er in de Griekse en Romeinse wereld , vóór de komst van het Christendom en in de eerste eeuwen na onze jaartelling omging? Mijn leermeester, prof. Hartman, placht te zeggen, dat een theoloog nog beter Grieks moest kennen dan een filoloog, omdat het theologische Grieks zo moeilijk was. Deze uitspraak moge overdreven zijn, het staat als een paal boven water, dat een theoloog aan de kennis van Homerus en het Latijn van Livius op verre na niet genoeg heeft om de geschiedenis van het Christendom der eerste eeuwen, het Nieuwe Testament en de oud Christelijke Griekse en Latijnse letterkunde wetenschappelijk te kunnen bestuderen of zelfs maar begrijpen. Of vindt men het soms te veel gevergd, dat een theoloog in staat moet zijn Augustinus' Confessiones of Civitas Dei in het Latijn te lezen?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 september 1957
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 september 1957
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's