De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Kroniek

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Kroniek

10 minuten leestijd

Herfst 1957 - Geen schokkende overgang - Zondag 10 H. C. - Herfst begin der catechisaties - Sombere uitlatingen - „Stiefkind der Kerk" - Huisbezoek - Walgelijk symptoom - Chr. Dagblad - Oordeel van „de Wekker" - Genesis 18 : 17 en 18.

We schrijven : Herfst 1957. Sinds 21 september j.l. ? Ja, zo is het mij altijd geleerd. Doch in een weerbericht van de N.R.C., wat het nieuws betreft gemeenlijk betrouwbaar, las ik dat officieel de herfst maandag 23 september om 8.27 uur is aangevangen. Nu ja, dat zal dan wel zo zijn. We zijn dan thans, officieus en officieel, in de herfst. De overgang ging ongemerkt; zonder schokken. Hoe zou het ook anders ? Temeer was het zo, doordat we voor ons gevoel reeds meerdere weken in de herfst waren.

Ja, vanaf de 2e week in augustus hadden we gewoonlijk geen zomerweer. Met een wijziging van de bekende strofe uit De Genestet : , , Het haantje van de toren", zouden we kunhen mediteren:

Maar onze jongste zomer,

helaas, was arm aan zonneschijn.

Hij was zo guur, hij was zo koud,

hij kon oktober zijn.

Dat was voor velen een teleurstelling, en dan denk ik aan die vakantiegangers, die juist in die weken hun vrije weken en dagen hadden. Verdrietig, ja een beproeving was het wel voor de agrarische sector van ons economisch leven, om het ietwat modern te zeggen. En als we iets van de echte volksverbondenheid kennen — bij het ontbreken hiervan spreekt men niet van „verzuiling", een woord, dat in ander opzicht vaak tot vervelens toe, gebezigd wordt — hebben wij die beproeving meegevoeld en er iets van ervaren, hoeveel geloofsstrijd het kan kosten, juist dan met onze Heidelberger Catechismus te belijden: , , dat loof en gras, regen en droogte, vruchtbare en onvruchtbare jaren ... en alle dingen niet bij geval, maar van Zijn vaderlijke hand ons toekomen"; om dan daarna ons leerboek bij te vallen als het in antwoord op de 28e vraag zegt: , , dat wij in alle tegenspoed geduldig, in voorspoed dankbaar zijn, en in alles, wat ons nog kan toekomen een goed toevoorzicht hebben op onze getrouwe God en Vader." Van Hem zingt Ps. 74 en het geldt ook van 1957 met zijn vaak uitzonderlijke tegenstellingen:

, De dag is d'Uwe, ook vormdet Gij den nacht.

Gij schiept het licht, de zon met gloed en stralen.

Door U is d'aard gesteld in juiste palen.

Elk jaarseizoen hebt Gij tot stand gebracht." (VS. 16).

Als de herfst in het land is vangen aller wegen de catechisaties weder aan. In de steden beginnen ze gewoonlijk reeds in de tweede helft van september, op de dorpen gewoonlijk iets later. Vroeger was de week na de dankdag voor het gewas de termijn, waarna men startte. Wellicht zijn er nog wel streken, waar onderwijs der kerk aan het zaad der gemeente wilde ik het nu niet hebben. Een ander aspect staat me voor ogen.

In „Hervormd Zeist" officieel orgaan der Hervormde Gemeente van Zeist trof mij onlangs een artikeltje van C. H. over de catechisatie.

De schrijver was daarin niet optimistisch over de te verwachten opkomst. De jongelui hadden het veel te druk met school, avondcursus en wat dies meer zij, naar ze voorgaven — en de ouders onderstreepten dat! — dat C H. er niet veel moed op had, dat het dit jaar beter zou zijn dan andere jaren. Hij wist oók te vertellen, dat het in de steden niet anders was. Geen erg blijmoedige klanken voor de predikanten en wie voorts het catechetisch onderwijs hebben te geven.

In tegenstelling met dit pessimistische geluid las ik kort daarvoor een bericht uit een Geref. Kerk hier te lande. De predikant verhaalde, dat de catechisanten trouw opkwamen, heel weinig verzuimden en allen de opgegeven stof kenden. Dat was een bericht waar ik van opkeek. Zeker er zijn gelukkig ook nog in onze gemeenten, zelfs grotere plaatsen en steden, drukbezochte catechisaties. Of de catechisanten het opgegevene leren, weet ik niet. Wel is mij bekend, dat meerdere predikanten niets opgeven, opdat de jongelui maar blijven komen. Weer andere collega's laten de jongens naar hartelust roken, waardoor de catechisaties een grotere attractie krijgen en een , .gezellige sfeer" het geheel veraangenaamt.

Wat al lapmiddelen om er wat van te maken. Het is niet om het ontzag voor de kerk te bevorderen als zo met kunsten vliegwerk moet gearbeid worden om het kerkelijk onderwijs nog wat op de been te houden. Men zegt, dat ook vroeger de catechisatie het , , stiefkind der kerk" was. Gehoord, wat men er zo af en toe van verneemt, is het thans niet veel beter.

Het gaat in de catechisatie om een voornaam stuk van het jeugdwerk. Ik meen, dat de kerkelijke instanties dat terdege beseffen. Men organiseert jeugdappèls, catechisatie-zondagen en wat er meer op dit terrein aan de orde is. Het is alles wèl !

Vergeet men niet te veel het ouderwetse huisbezoek? Daar was een tijd, dat de predikanten, gesecundeerd door een ouderling, zo begin september de rondgang door de gemeente aanvingen en daarbij, wat meer aan de orde moest gesteld worden, ook terdege de jongere generatie — ze moest bij het huisbezoek aanwezig zijn! •— onder beslag van het gezag des Woords trachtten te krijgen. Gewoonlijk niet zonder vrucht.

En nu? Ja, er wordt huisbezoek gedaan. In kleinere gemeenten doet de predikant het mede. Daar ligt op zichzelf genomen reeds een zegen in, ook voor de herder en leraar. Maar in hoevele gemeenten geschiedt dit nog? Heel vaak hebben de predikanten er in onze grotere gemeenten geen tijd voor. Het is waar. Dan komt het huisbezoek voor rekening der ouderlingen en wijkbezoekers. Dat duidt er reeds op, dat er te weinig ouderlingen zijn. Waarom de kerkeraden niet uitgebreid? Want ik meen nog altijd, dat ook voor beter catechisatiebezoek, het ambtelijke huisbezoek de beste remedie is.

Ik had het over het ambtelijk huisbezoek, maar het is met de ambtswaardering in onze kerk niet best gesteld. Er is niet alleen in de staat, ook in kerk en gezin een zekere gezagsondermijning, om nu het woord , .gezagscrisis" maar niet te bezigen. Men kan daaraan niet alle euvelen in huisgezin, maatschappij en kerk wijten, dat ben ik me klaar bewust. Doch de verwildering en losheid van zeden, het verlies van schier alle normen en de verdwazing tengevolge daarvan, houden er wel verband mede.Hoe ver dat proces kan doorwerken, illustrere het volgende:

, , Wekelijks (wordt ons verteld) worden er in New York 80.000 hoofdkussens verkocht, waarop het portret van Dean is gestikt of geborduurd is. Daarop kunnen de meisjes, die in de jonggestorvene hun idool gevonden hebben, 's avonds inslapen, in het besef dicht bij hun held te zijn. Pelgrimstochten worden naar het kleine kerkhof ondernomen, waar Dean in de herfst van 1955 werd bijgezet, en tegelijk zorgt een handig geleide campagne ervoor, dat talloze vereerders zijn dood nog steeds niet accepteren. Iemand die twee jaar in het graf ligt en nog steeds liefdesbrieven ontvangt ! , .Jimmy, wij zijn nog altijd bij je, kom toch eens even van het doek af, ons leven is zo leeg en eenzaam zonder jou", schijnt een van zijn aanbidsters bij de première van Giant, zijn laatste film, hardop in de zaal geroepen te hebben. Gehoorzaam kopen de kinderen, jongens zowel als meisjes, alle fotoboeken, die over hun held in omloop zijn {en er zijn er niet minder dan acht, in oplagen van 500.000 exemplaren), gaan zij naar de auto kijken, waarmee hij verongelukt is, zetten zij zich achter het stuur en koesteren zij het reepje stof, gesneden uit een van zijn pakken. Tegen betaling natuurlijk allemaal. Er zouden reeds vele miljoenen dollars zijn verdiend.

Vroeger pelgrimeerden de mensen naar plaatsen, waar de gebeenten van heiligen rustten. Thans trekken zij naar het graf van een door de samenleving bedorven kind. Dat is het resultaat van enige eeuwen verlichting".

Ik trof dit verhaal aan in de N.R. Crt. d.'d. 22 augustus j.l., doch al eerder stond het in , , Woord en Dienst". , , Amerikaans", zo zal men zeggen. Het is waar, maar wie zal zeggen, dat bij de heersende imitatie-zucht van al wat in het buitenland opgeld doet, wij iets dergelijks hier ook niet vroeger of later aantreffen? De verdwazing is groot. Serieuze dagbladen tekenen nog protest aan. Doch hoe lang ? De verdwazing is groot. Wat weerstanden heeft een jong hart, waarin naar het woord van Salomo, , , de dwaasheid is gebonden ? " Daarom met alle middelen, (en ook het huisbezoek is er een van) gevochten, geworsteld voor het gezag des Woords. *

Moet bij het huisbezoek ook over de lectuur gesproken worden? Het dient wel, want de lectuur kan zeer infecterend en vergiftigend werken. En moet dan ook aangewerkt worden op een chr. dagblad ? Gewis en zeker. Ik ben het in dezen met wie het wenselijke, sterker, de noodzaak ervan bepleiten, volmondig eens.

eens. de aanvang zo laat pleegt te geschieden. Maar over vroeger of later begin van het

Maar evenzeer met wat dienaangaande J. H. V. in „De Wekker" van 13 september j.l. opmerkte in zijn artikel: , , Voor de Lens", waaruit ik het volgende overneem:

, , We willen dus van harte de actie onder de leus : , , In ieder christelijk gezin een christelijke krant" ondersteunen. Maar.... daar moet nog iets bij. Als de christelijke dagbladpers deze actie voert en dit argumenteert met deze pretentie : , , Juist in deze verwrongen wereld van A- en H-bommen, oorlogen, terreur en rampen in deze wereld, waarin Christus verder weg lijkt dan ooit tevoren, is het zo ontzaglijk belangrijk dat de Christelijke gezinnen dagelijks wordt voorgehouden, dat Christus, ondanks alles, door alle tijden heen, heeft overwonnen en zal overwinnen", dan legt dit zware verplichtingen op de christelijke dagbladpers. Verplichtingen, dit tot dusver niet voldoende gehonoreerd zijn.

We onderschatten de moeilijkheden niet, maar juist als met grote nadruk door deze pers zelf onderstreept wordt het woord dagelijks, dan hebben we ook recht om van de christelijke krant te vragen : maak dat dan ook waar. Er zijn in juli en augustus heel wat nummers van mijn christelijke krant geweest, waarin ik niets heb kunnen lezen van het geloof in Christus' behaalde en toekomstige triumf. Men is niet klaar met een hoofdartikel, dat trouwens niet eens dagelijks wordt gegeven en dat vaak een meer zakelijk dan christelijk karakter draagt, of met een groot artikel in de zaterdag-editie van een gereformeerde professor (natuurlijk niet van een christelijk gereformeerde of gereformeerd-hervormde professor —behalve één keer per jaar) en een potpourri van kerkelijke pikantigheden in hetzelfde nummer. Het gaat inderdaad om de dagelijkse voorlichting.

Daarom hopen we heel hartelijk dat, waar de christelijke dagbladpers haar eigen opdracht formuleert, zij al het mogelijke zal doen om haar pretentie waar te maken. Dan zullen we met nog sterker klem de christelijke krant aanbevelen en zal men het recht van een eigen christelijke krant duidelijk bewijzen".

Dat laat aan duidelijkheid niets te wensen over. Ook Okke Jager heeft betreffende het christelijk gehalte onzer bladen in zijn : , , Interview met de tijdgeest" een dergelijk geluid laten horen. Het zij de redacties en directies der betrokken pers ter overweging ten zeerste aanbevolen. Beide, want ook in de advertenties kan iets onchristelijks schuilen. Voorts (en dat geldt niet alleen de bladen doch al ..onze mensen", ) waarom moet een feestelijke jaarvergadering van onze verenigingen zo menigmaal met toneel en film opgeluisterd worden? Wil men anders niet meer komen ? Dan zijn wij ver weg. In Gen. 18 : 17 en 18 lezen wij : , .En de Heere zeide: zal Ik voor Abraham verbergen wat Ik doe; dewijl Abraham gewis tot een groot en machtig volk worden zal en alle volken der aarde in hem zullen gezegend worden? Want Ik heb hem gekend, opdat hij zijn kinderen en zijnen huize na hem zou bevelen en zij de weg des Heeren houden om te doen gerechtigheid en gericht, opdat de Heere over Abraham brenge, hetgeen Hij over hem gesproken heeft." (cursivering van mij). Dat is gezegd met als achtergrond het aanduisterende gericht over de steden Sodom en Gomorra, wier , , zonde zeer zwaar was !"

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 oktober 1957

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Kroniek

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 oktober 1957

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's