De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

„De Jonge Man”

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

„De Jonge Man”

10 minuten leestijd

In , , de Jongeman" d.d. 26 oktober '57, uitgaande van het C.J.M.V. schrijft ds. G. W. van Tricht, voorganger van de Evangelisatie te Nijkerk over , , de gereformeerde gezindte"

Hij doet dit klaarblijkelijk naar aanleiding van een , , leesdienst", die hij bijwoonde in een „bonds-gemeente", zoals hij schrijft, gedurende zijn vakantie. , , Natuurlijk wisten we wel, dat 't een „zware" gemeente was, een bondsgemeente, maar we gaan er van uit", zo vervolgt hij, , , zwaar of licht, hervormde lidmaten gaan naar de Herv. Kerk."

Als men niet wist, dat deze man voorganger is in de Evangelisatie te Nijkerk, zou men uit deze zinsnede de conclusie getrokken hebben, dat wie zo schrijft: , , zwaar of licht, hervormde lidmaten gaan naar de Hervormde Kerk" zelf te Nijkerk een voorbeeld zou zijn van Hervormde trouw en aan de mensen, die de officiële dienst naar hun oordeel te zwaar vinden, zou aanbevelen: , , Ga naar de Hervormde Kerk, zwaar of licht, hervormde lidmaten gaan naar de Hervormde Kerk".

Maar wat doet de man nu ? In plaats van alzo te spreken, trekt hij de hervormde lidmaten van de kerk af, sterkt ze in ieder geval in hun dwaling. De mensen van de Evangelisatie verlangen immers een andere prediking dan de kerkeraad te Nijkerk voorstaat.

Eigenlijk is dat héél vreemd, want, als men vraagt: waarom gaat u niet naar de officiële dienst des Woords ? Is de prediking in de kerk in strijd met de belijdenis der kerk ?

Dan is het antwoord: , , Neen, dat niet." Maar waarom gaat gij er dan niet heen ? Gij noemt u toch confessioneel ?

Daarop blijft men het antwoord schuldig.

En de man, die als stelregel verkondigt : , , zwaar of licht, naar de Hervormde Kerk", deelt mede, dat hij , , voorlopig nog maar emeritus" is, , , hoewel het beroep van de provinciale kerkvergadering van Gelderland wel spoedig komen zal", m.a.w. hij hoopt binnenkort voorganger van een afgezonderde formatie van dissenters te worden.

Hij zal dit toch bezwaarlijk kunnen rechtvaardigen door de gereformeerde gezindte , , in en buiten de Hervormde Kerk" voor de jonge mensen in kwaad daglicht te plaatsen, gelijk in het bovengenoemde stuk geschiedt.

Veel kwaads kan hij overigens van die , , leesdienst" niet vertellen: , , het was allemaal gemoedelijk, ernstig en vriendelijk". Dat de voorlezer geheel in het zwart was, schijnt voor ds. v. Tricht ook al moeilijk verteerbaar en dat een ouderling de preek las, stelt vanzelf bijzondere eisen aan de gemeente, maar dit kan in een gereformeerd-belijdende gemeente met stichting geschieden.

Het bezwaar van ds. van Tricht ging behalve, dat de preek wat lang was naar zijn smaak, tegen de inhoud. Het ging maar voortdurend over de mens, over de gestalten der ziel, de vervreemding, de bevinding en het gemis, zo vertelt hij.

Uit de aard der zaak kunnen wij niet oordelen over de juistheid van deze critiek, want wij zijn er niet geweest en kennen noch de preeklezer bij ons weten, noch de preek.

Maar in ieder geval is het ten eenenmale ongerijmd om op grond van deze ervaring, stel dat zijn oordeel juist is, de gereformeerde gezindte in en buiten de Hervormde Kerk en al of niet georganiseerd in de , , gereformeerde bond" in de schoenen te schuiven, dat door haar het verborgen werk des Geestes en de verborgen omgang Gods worden gezocht in allerlei vrome bevindingen, los van de verkondiging van het heilig Evangelie en het gebruik der sacramenten.

Wij willen niet ontkennen, dat er wel predikers zijn, die meer de Christen, of wat zij voor Christen houden, prediken, dan de Christus der Schriften. Die zijn er in soorten en daarom ook buiten de gereformeerde gezindte. Om echter tot een meer objectief en juist oordeel te kunnen komen, zou het nuttig zijn, als de ambtsdrager, die hier aan het woord is, kennis nam van de gereformeerde prediking en de eisen, welke zij zich ziet gesteld. Hij zou daarbij mogelijk aanleiding vinden om zijn oordeel te herzien en althans niet te generaliseren op een enkel geval — aangenomen, dat hij daarover recht oordeelt.

Hij vond, dat die preek, zo onmetelijk ver van de Catechismus stond : b.v. van wat deze zegt in vraag en antwoord 65 : Aangezien dan alleen het geloof ons Christus en al Zijn weldaden deelachtig maakt, vanwaar komt zulk een geloof ?

Van de Heilige Geest, die het geloof in onze harten werkt door de verkondiging van het heilig evangelie en het sterkt door het gebruik der Sacramenten.

Het is altijd veilig dit leerboek der reformatie tot een gids te maken, als het over gereformeerde theologie gaat.

Wij zouden wensen met deze criticus van gedachten te wisselen over die bewuste preek, maar dat gaat nu eenmaal niet, om de eenvoudige reden, dat wij die preek niet kennen.

Toch zouden wij een vraag willen stellen: Heeft de preek van die ouderling deze waarheden van de Catechismus dan geloochend? Of heeft hij het misschien over het werk van de Heilige Geest gehad, , , die het geloof in onze harten werkt? "

Ds. Van Tricht denkt mogelijk meer aan de weg des Geestes, dan aan het werk van de Heilige Geest, hoewel de weg des Geestes met recht een verborgenheid is. Hij geeft aanleiding tot deze opmerking, omdat hij zegt: , , Hier" (dat is in de vraag en antw. 65 van de Catechismus) , , wordt immers de weg der middelen gewezen, als de weg des Geestes ! Hier blijven wij niet hangen in wensen en verzuchtingen, dat toch de Geest sommigen tot bekering mocht brengen, maar hier functioneert  „de Kerk, het ambt, de prediking en het „sacrament als de bediening der verzoening. (2 Cor. 5 : 18)".

Wat de bekering betreft, vragen wij aan de schrijver, of hij dan niet van mening is, dat wij mensen bekering nodig hebben ?

Horen bekering en geloof niet bij elkander ?

De Heilige Geest, die het geloof werkt, werkt die óok niet de bekering ?

Men zal dit moeilijk kunnen ontkennen, want de Schrift zegt: Zo is dan het geloof uit het gehoor, en het gehoor door het Woord Gods. (Rom. 10 : 17).

Doch welke voorstelling heeft ds. Van Tricht van dit werk des Heiligen Geestes, als hij beweert dat hier functioneert de Kerk, het ambt, de prediking en het sacrament als de bediening der verzoening ?

Gaat dat zo maar mechanisch ? Is het volgens zijn gedachtengang voldoende, als men maar in de kerk onder de leiding van het ambt, onder de prediking verkeert en het sacrament gebruikt, kortom, als men de middelen maar niet versmaadt ?

Bovendien, de Heere God gebruikt deze middelen. Hij wil daarvan gediend zijn, doch de Heilige Geest is tenslotte aan die middelen niet gebonden, maar aan het Woord. Hij is het, die in de Waarheid leidt. (Joh. 16 vs 13). Hij spreekt niet uit zich zelven, maar zal het uit het Mijne nemen, zegt de Heere. (Joh. 16 : 14).

Tenslotte is het toch zó, dat de Christus met de Heilige Geest gezalfd is, niet met mate, maar met de volheid des Geestes, waarom Hij ook de Gezalfde wordt genoemd. Woord en Geest zijn verbonden in vervulling van Gods Raad. Al het werk Gods is trinitarisch, werk van de Drieënige God en reeds daarom voltrekt zich dat niet op een mechanische wijze. Deze dingen kan men ook uit de belijdenis leren.

Verder spreekt de schrijver van „de orthodoxie der hervormde, gereformeerde belijdenis" en doet het voorkomen, alsof de , , gereformeerde gezindte' een andere orthodoxie zoekt dan die van onze gereformeerde belijdenis. Hij schijnt van mening, dat de „gereformeerde gezindte", en neemt die nogal ruim, althans in woorden, want hij spreekt van deze z.g.n. „gereformeerde gezindte in of buiten de Hervormde Kerk en al of niet georganiseerd in de „gereformeerde bond", het verborgen werk des Geestes en de verborgen omgang Gods verkeerd verstaat en verwijt haar dat.

Waar deze gezindte „de gang van zaken bepaalt", dreigt dat verborgen werk te worden gezocht „in allerlei vrome bevindingen los van de verkondiging van het heilig Evangelie en het gebruik  der sacramenten".

, , En dreigt", zo vervolgt hij, „daarmede alle aandacht te worden gericht , , op de mens in zijn verschillende zielegestalten inplaats van op het werk van , God in Christus, door de Heilige Geest,die de weg der middelen gaat".

Ds. Van T. drukt zich enerzijds nogal voorzichtig uit, als hij van , , dreigen" gewaagt. Anderzijds stelt hij het geval op zo overmoedige wijze algemeen, dat hij zijn betoog bij ieder, die het leest, ten zeerste verzwakt.

Onwillekeurig wordt men bepaald bij de zegswijze van de klok en de klepel. Hij heeft wel eens iets gehoord en de preek van de leesdienst heeft daarop terecht of ten onrechte gegrepen en sterkt hem in zijn mening. Het is wellicht verklaarbaar, maar daarom nog niet recht en billijk.

Zeker, er zijn gelukkig mensen, die inzien dat alleen verstandelijke, of zoals men ook wel zegt, historische kennis niet zalig maakt. Dat is trouwens juist. Geen verachting van het verborgen werk des Heiligen Geestes, maar de wetenschap, dat de Schrift spreekt van het werk des Heiligen Geestes, van geestelijke dingen, die geestelijk onderscheiden worden, brengt dezulken soms in een moeilijke situatie ten aanzien van zichzelf en van de prediking. Het gebeurt ook wel, dat zij de blik op de gebondenheid van Woord en Geest uit het oog verliezen en a.h.w. op het licht des Geestes zitten te wachten. Die gevallen komen wel voor.

Doch het is ten enenmale onbetamelijk om dit als het kenmerk van de gereformeerde gezindte te generaliseren en deze onder zulk een mistekening aan de kaak te stellen. Wij zijn geen kenners der harten, maar dat heeft de Hei­lige Geest aan deze dominee niet geleerd.

En wat de weg der middelen aangaat, waarover hij spreekt, als een mens in de weg der genoemde middelen tot zelfkennis en tot kennis van God komt, heeft dat waarlijk gevolgen voor zijn gevoelen, denken en willen. Het verborgen werk van de Heilige Geest openbaart zich in de inwendige mens. Dat werk maakt scheiding tussen een mens, die volhardde in onbekeerlijke wandel, en een mens, die daarbij wordt stilgezet en niet meer kan voortgaan en vrede hebben.

Mogelijk stelt ds. Van T. zich bij het werk des Heiligen Geestes, , , die de weg der middelen gaat", waarop hij zoveel nadruk legt, een werk voor, dat voor ons verborgen zou blijven en waarvan wij dus persoonlijk geen weet zouden hebben. Zulk een leer wordt ons echter noch door de Heilige Schrift, noch door de belijdenis geboden en kan zich niet dekken met het etiket , , orthodoxie van de hervormde, gereformeerde belijdenis", tenzij deze orthodoxie een eigenwillige hervormde interpretatie van de gereformeerde belijdenis wil geven, waarbij het woord gereformeerd zijn traditionele betekenis heeft ingeboet.

Wat het weglaten van het dankgebed uit het doopformulier door een predikant aangaat, dat is zeker geen algemeen kenmerk der gereformeerde gezindte. Wat hij verder over het bidden met de gereformeerde vaderen zegt, raakt aan een aantal theologische vragen, die waarlijk verdienden meer de aandacht van de Kerk als geheel te concentreren, als zovele andere zaken, waarmede de kerkelijke instanties zich bezig houden.

Ds. Van T. schijnt intussen niet afkerig te zijn van, althans te spreken , , van bekering, wedergeboorte, bediening, verborgen omgang Gods". Hij merkt zelfs op, dat God in al deze dingen de eerste is. Dat klinkt waarlijk orthodox.

Als hij echter daarover gaat theologiseren, maakt het toch weer een verwarrende indruk en ondanks het feit, dat hij zelf ook van bevinding gaat spreken, schijnen toch de middelen volgens hem i(ook de Kerk en de prediking) sterk sacramenteel geladen. Dat is toch niet de leer van de confessie.

S.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 november 1957

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

„De Jonge Man”

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 november 1957

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's