De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

OVERPEINZINGEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

OVERPEINZINGEN

bij het licht van een kunstmaan

5 minuten leestijd

Het kan niet worden ontkend, dat in de vorige eeuw bij zeer velen sterk het besef leefde, aan 't begin van 'n nieuwe tijd te staan. Het was de overgang naar de moderne tijd, waarin de wetenschap een uiterst belangrijk stempel op het gehele menselijke leven heeft gedrukt. In de vorige eeuw stond men aan het begin van deze weg. De eerste vruchten van het wetenschappelijk onderzoek schenen veelbelovend. Talrijk waren de ontdekkingen, die op alle terreinen van onderzoek werden gedaan. De arbeid der techniek schonk de mensheid de eerste machines, die de handarbeid op de duur zou vervangen.

Deze ontwikkeling ging gepaard met een overheersende mensbeschouwing, die de mens als een van nature goed en deugdzaam wezen zag, die tot nog toe maar al te veel geremd was door allerlei bijgeloof, niet in het minst door zijn religieuze , , vooroordelen". Het rationalisme, met name in en door de Verlichting —de Aufklärung — was voor velen hét nieuwe evangelie, dat de mensheid zou leiden naar een betere toekomst.

Er heerste in die tijd een bijna grenzeloos optimisme ten aanzien van het menselijk kunnen. Men droomde van een paradijs op aarde, dat binnen afzienbare tijd werkelijkheid zou kunnen worden, dankzij de technische prestaties van de mens. De strijd om het bestaan zou dan definitief overwonnen zijn en de machine zou de arbeid leveren en voor de producten zorgen, die tot nog toe in een leven van zware arbeid door de mens zelf moesten worden tot stand gebracht. De indienststelling van de techniek aan de vooruitgang van de mensheid, ziedaar de sleutel, die toegang zou geven tot betere wereld.

Wanneer men toen had kunnen zien tot welk een perfectie en hoogte de techniek in onze tijd is uitgegroeid, dan zou men ons ongetwijfeld hebben benijd om in zo'n tijd te mogen leven. Men zou het feit, dat boven ons een tweetal , , kunstmanen" met een ontzagwekkende snelheid om de aarde cirkelen, hebben toegejuicht als een symbool van wat het menselijk vernuft vermag.

Maar hoe zien wij zelf, hoe ziet de mens van de 20e eeuw deze nieuwste ontwikkeling der wetenschap? Wordt er door hem ook gejuicht, als betrof het hier en in vele andere zaken een werkelijke vooruitgang op de weg naar een toekomst van louter welvaart? Het is wel duidelijk, dat de stukken wel heel anders staan dan men enige geslachten vóór ons heeft verwacht. Van een optimistisch geloof in de goedheid van de mens is niet zo heel veel meer overgebleven. Veler eerste gedachte bij het vernemen van deze nieuwe menselijke prestatie was: wat zal deze kunstmaan in de oorlogvoering voor ons te betekenen hebben ?

Vooral de twee wereldoorlogen hebben aan het vooruitgangsgeloof een gevoelige slag toegebracht. In plaats van een optimistische overheerst tegenwoordig veel meer een pessimistische levensinstelling. Het is maar al te duidelijk gebleken, dat de producten van het menselijk brein niet alleen tot heil maar ook tot groot onheil kunnen worden aangewend. Daarom is er, gezien de huidige gespannen wereldsituatie, veeleer een neiging de laatste wetenschappelijke ontwikkeling met zorg dan met vreugde gade te slaan.

Dit wil niet zeggen, dat we toe zouden moeten geven dat de techniek hier wegen gegaan is, die ze niet zou mógen gaan. Wanneer er voor een dergelijke kritiek plaats is, dan zou deze toch wel in de eerste plaats de moderne atoomwetenschap moeten treffen, die geleid heeft tot de ontwikkeling en toepassing van de atoombom, waarvan de eerste in 1945 op Hirosjima viel. Neen, de fout schuilt niet in de techniek zelve, evenmin als degenen van een vorig geslacht gelijk hadden, die de eerste trein en het eerste vliegtuig veroordeelden. Het afschieten van een voorwerp met een snelheid, dat de middelpuntvliegende kracht de zwaartekracht van de aarde evenaart of zelfs overtreft is op zich genomen niet zondig te noemen. Het gaat echter altijd om de vraag: wat denkt de mens met een dergelijke ontwikkeling en vrijmaking van de krachten der schepping te doen? Achter het hele technische bedrijf staat voortdurend de vraag naar de gerichtheid en de doelstelling van de mens, die dit alles gebruiken kan tot het goede of tot het kwade, beter gezegd : tot Gods eer of tot eigen eer en macht. De beheersende factor in de omslag van het optimisme der 19e eeuw in de huidige, meer pessimistische levensstelling is niet in de techniek gelegen, maar in de mens, die deze technische mogelijkheden vaker misbruikt dan gebruikt tot het door God ingestelde doel. De mens is niet dat edele wezen, dat alleen het nut van zijn naaste op het oog heeft. Dat is in de laatste halve eeuw wel gebleken!

Voor hem, die uit de Schrift weet heeft van de mens, wie hij is in zijn streven naar macht en in zijn zelfhandhaving en zelfoverschatting, behoeft dit alles niet vreemd te zijn. Daarom heeft de Kerk zich ten allen tijde zorgvuldig vrij te houden van de gedachte, dat de mens hier deze aarde tot een ongekende staat van geluk en welvaart kan ontwikkelen. Maar ook het pessimisme kan de waarlijk christelijke levenshouding niet zijn. Ziende op de mens en op zijn natuurlijke gerichtheid niet op God toe, maar van God af, zou voor dit laatste zeker ruimte zijn. Maar ziende op God, die in Christus deze woelige en weerspannige wereld regeert, is er voor elke vorm van pessimisme als grondtoon van ons leven geen plaats. De Kerk mag vertrouwen dat Jezus Christus, aan Wie alle macht in hemel en op aarde gegeven is (Matth. 28 : 18), ook hier en nu het wereldgebeuren beheerst. En eens zal Hij komen om te scheppen een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, waarin gerechtigheid.wonen zal. (2 Petr. 3 : 13).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 december 1957

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

OVERPEINZINGEN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 december 1957

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's