De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De jeugd van Zwingli

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De jeugd van Zwingli

7 minuten leestijd

Van de drie hervormers Luther, Calvijn en Zwingli is de laatste wel diegene, van wien men hier te lande het minste weet. Toch dunkt me ten onrechte, want hij is een onafhankelijke figuur, tijdgenoot van Luther en voorganger van Calvijn.

Door omstandigheden gedrongen nam ik kennis van zijn geschiedenis en ik werd verrast door de eigen positie, die Zwingli in het werk der hervorming inneemt. Opvallend is ook de grote invloed op politiek en sociaal gebied, die hij uitoefent. Hij ziet niet alleen op het terrein van de kerk ernstige fouten en gebreken, die hij bestrijdt, maar evenzeer in het politieke en sociale leven. Zo plaatst hij in de praktijk de H. Schrift tot richtsnoer niet alleen van het kerkelijke leven, maar evenzeer van het politieke en sociale leven. In dit opzicht is hij wel een waardig voorganger van Calvijn; als Zwingli sneuvelt is Calvijn 22 jaar en staat deze aan het begin van zijn taak. 

In het oosten van Zwitserland bevindt zich het dorp Wildhaus. Daar werd op 1 januari 1484 Huldrich (ook wel Ulrich) Zwingli geboren als derde zoon van de evenzo hetende burgemeester en zijn vrouw Margaretha Meili. Zijn ouders waren niet onbemiddeld, hun vermogen bestond hoofdzakelijk uit weiden en vee. Het gezin telde na verloop van jaren tien kinderen. Ulrich viel op door zijn schranderheid; hij groeide op temidden van de natuur. Na overleg met de oom van moeders zijde Abt Meili werd besloten hem toe te vertrouwen aan de oom van vaders zijde Bartholomeüs te Wesen, opdat deze hem het eerste onderwijs zou geven ter opleiding tot een ambt in de kerk.

Toen Ulrich tien jaren was, besloot deze oom hem naar Bazel te zenden, waar zijn vriend Binzli onderwijs gaf aan de St. Theodoorschool. Het schoolonderwijs stond toen op een zeer lage trap. Het bepaalde zich tot het gebrekkig leren der latijnse grammatica, der dialectiek, der muziek en der zangkunst, waarbij alles uitsluitend afhing van de bekwaamheid en de persoonlijke invloed van de leraar. Ulrich overtrof spoedig al zijn medeleerlingen, en droeg in de dispuutoefeningen, die van oudsher in de scholen in gebruik waren, altijd de zege weg. Hij vatte voor Binzli de grootste achting op, en in latere tijd werd hij zijn vriend. Binzli drong er bij zijn ouders op aan Ulrich naar Bern te zenden en dit geschiedde in 1497. Daar kreeg hij onderwijs van Hendrik Wölflein, die zeer onderlegd was in de latijnse klassieke schrijvers, zelf een dichter. Hier opende zich voor Ulrich de wereld van Rome. Met welk een genoegen beoefende hij de geschiedenissen van een volk, dat in vrijheidszucht en grote daden zoveel gelijkheid had met zijn eigen volk! Hier werd de grondslag gelegd voor zijn grote liefde voor de klassieke oudheid, waardoor hij zich van de andere hervormers onderscheidt. Door zijn goede aanleg voor de muziek trok Ulrich in Bern de aandacht der Dominicanen, welke hem in hun orde wilden inlijven. Toen zijn vader dit vernam ging deze met Oom Meili naar Bern en zij namen Ulrich mede naar huis. Hij werd daarop, het was 1499, naar de hogeschool in Wenen gezonden. Hier doceerden een paar bekende humanisten Celtes en Cuspiaan. Hier maakte Ulrich een grondige studie van de wijsbegeerte en kreeg hij twee vrienden Glareanus en Vadeanus. De laatste bleef dit zijn gehele leven, de eerste kon later Zwingli niet vergeven, dat hij brak met de roomse kerk.

In 1502 ging Zwingli opnieuw naar Bazel, thans naar de hogeschool. Hij verkreeg bovendien een functie als leraar aan de St. Martinschool, waardoor zijn vader in de kosten van zijn onderhoud verlicht werd. Zwingli studeerde in Bazel godgeleerdheid, maar deze studie was geheel in de doolhof der scholastiek verzeild. De Heilige Schrift werd geheel verwaarloosd; vele geestelijken hadden haar nooit gelezen. Men verdiepte zich in nutteloze vragen, b.v. in welke gestalte de engel Gabriel tot Maria gekomen was; of Maria niet zowel in wetenschap als in deugden andere vrouwen overtroffen had. Deze studie verdroot Zwingli zeer. Hij zag in, dat de tijd hieraan besteed schier verloren was. Hieruit is ook de afkeer te verklaren, die hij later toonde te bezitten van de geschriften der Scholastiek.

Aldus gingen er drie jaren voorbij, maar toen er aan de Bazelse Hogeschool een man geroepen, die aan grondige geleerdheid een helder oordeel paarde, en van wien men niet wist of men meer zijn veelomvattende kennis dan de adel zijner ziel bewonderen moest. Deze man was Thomas Wyttenbach, - van Biel.

Hij was een der eersten, die de godgeleerdheid op het gebied van grondige bijbelstudie zocht terug te voeren. Zonder enige voorgang en niet dan met de gebrekkigste hulpmiddelen toegerust, had hij door eigen nadenken en onderzoek der H. S. zich in de wetenschap tot een hoogte weten te verheffen, waarop te zijner tijd niemand zijns gelijken vond. Op 26 november 1505 aanvaardde hij het hoogleraarsambt.

Van stonde aan werden zijn lessen met grote toejuiching gehoord. Onder z'n ijverigste discipelen behoorde Zwingli en zijn vriend Leo Judae, voor wie thans een nieuw licht opging, waardoor eerst recht hun ijver en geestdrift voor de edelste aller wetenschappen ontgloeide. Van hem leerden zij, wat echte en grondige geleerdheid is, niet gelegen in het behandelen Van ijdele twistpunten, maar in het ernstig en onpartijdig onderzoek der waarheid, welke God in Zijn Woord de mensen had bekend gemaakt. Hij spoorde hen aan, om vlijtig de H. S. te lezen en naar haar zin te vorsen. Hij beval hun daartoe de beoefening der griekse taal aan, zonder welke, zeide hij, geen godgeleerde tot recht verstand van het N.T. kan doordringen.

Van die tijd af dagtekent de liefde van Zwingli voor de H.S. en zijn aanhoudend streven, om al zijn denkbeelden uit haar onvervalste bron te putten. Deze liefde sloot zich aan de hem eigene zucht voor waarheid aan, en heeft hem eigenlijk tot hervormer gemaakt.

De verdienste van Wyttenbach bestond hierin, dat hij vele zaken aanduidde, die naderhand door anderen in het volle daglicht gesteld zouden worden. In vertrouwelijke gesprekken met zijn beste leerlingen openbaarde hij gaarne zijn vrije inzichten omtrent vele leerbegrippen, die toen nog algemeen als ontwijfelbare waarheden werden vastgehouden. Zo sprak hij hun b.v. van de pauselijke aflaat en andere dingen, met welke, zeide hij de roomse Paus de dwaze wereld vele eeuwen lang misleid heeft. Later aarzelde hij niet voor zijn gevoelen meer openlijk uit te komen. Bij gelegenheid van een openbaar dispuut, bestreed hij de aflaat, en stelde daartegenover de leer van 's mensen verlossing door Christus Jezus als volkomen voldoende ter zaligheid. Zwingli wa hierbij niet tegenwoordig, maar het daarvan, door anderen opgetekende las hij met zulk een vlijt, dat hij zich de geest van het gesprokene geheel eigen maakte.

Zwingli legde het examen voor Magister in de, wijsbegeerte af en verliet Bazel. Met een gelukkige aanleg geboren, onder gewenste omstandigheden opgevoed, en door humanistische studie gevormd, kende hij de innerlijke strijd niet, welke Luther als jongeling te voeren had. Hij ontwikkelde zich gelijkmatiger, rustiger, zekerder dan de Saksische hervormer. Zijn richting was van den beginne af meer de verstandelijke. Maar tot op dit tijdstip was het zijn enig streven waarheid te vinden, en, al mogehij het reeds gevoeld hebben, dat bij Christus de waarheid gevonden wordt, Christus zelf als de waarheid Gods kende hij echter nog niet. .

Zwingli wordt dan pastoor te Claris, doch dit bezien wij een volgende maal.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 januari 1958

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

De jeugd van Zwingli

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 januari 1958

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's