De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

KRONIEK

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

KRONIEK

11 minuten leestijd

Uit de Synode — Dr. A. H. Koolhaas praeses — Benoeming Kerkelijk hoogleraar — Over religieuze spelen — De jongste Kanselboodschap — Van de briefwisseling dr. De Wilde - Buskes — Dr. B. geenszins tevreden — De vrijzinnigen en Art. X — Antwoord van dr. Roscam Abbing — Artikel van dr. Langman — „Scheurgemeenten" nemen toe — Modus-vivendi — „Kerken A en B - 1 februari 1958".

Begin dezer maand vergaderde onze Synode. In deze eerste zitting, welke duurde van de 3e tot de 5e februari, verkoos zij allereerst haar moderamen. Het verheugt ons, dat ook ditmaal tot praeses werd gekozen dr. A. A. Koolhaas uit Amersfoort. Hij heeft zich het vorige jaar uitnemend van zijn niet gemakkelijke taak gekweten. Wij hebben ook voor dit jaar goede verwachting en wensen hem en in hem de ganse Synode de wijsheid en de kracht toe uit Hem, , , Die is de wijsheid Gods en de kracht Gods", de Koning der Kerk, onze Heere Jezus Christus.

Een der eerste werkzaamheden na de verkiezing van het moderamen, was de benoeming van een kerkelijk hoogleraar, in de vacature Prof. Semmelink te Groningen.

Gekozen werd dr. P. J. Roscam Abbing, o.m. hoofdredacteur van „Woord en Dienst". Ik heb deze mededeling alleen nog maar in het dagblad „Trouw" gelezen. Bijzonderheden waren daarin niet. De staat van dienst van de benoemde is als volgt: geb. 1914, hulppr. te Uithuizen 1938, pred. te Bovensmilde 7 mei 1939, Utrecht, als geestelijk verzorger van het Diaconessenhuis en leider van de opleiding tot kerkelijk-sociaal werkster 25 juli 1943, pred. Alg. Dienst, hoofddocent, dir. , , De Rank", Utrecht, 13 juli 1947, Scheveningen 4 nov, 1951. Mede op de voordracht stonden : dr. J. M. van Veen, geb. 1905, secr. V.C.J.C. 1 april 1933, pred. te Franeker 17 okt. '37, Rijswijk 1941, Amsterdam 19 sept. 1948 (Stud, pred.), pred. Bgw. werkz.h. (Dir. „Kerk en Wereld") 30 mei 1954, standplaats bij de Kerk.

En : dr. M. H. Bolkestein, Woudenbergseweg 12, Zeist, geb. 1912, pred. te Drogeham 5 sept. 1937, Jutrijp 1940, Leeuwarden 30 juni 1946, tijd. pred. bij de Prot. Kerk in Ind., Docent Hogere Theol. School 1947, pred. Alg. Dienst 1 febr. 1948, Rector H. Th. S. te Djakarta, tevens docent a.d. universiteit v. Indonesië aug. 1948, pred. te Zeist 2 sept. 1951.

Wij weten nu uit welke voordracht een keuze werd gedaan en welke groeperingen of , , modaliteiten" de Commissie van voordracht de Synode bond. Een man uit het , , confessionele" kamp was er niet bij. Ook uit de , , Bondsgroep" niemand.

In een Synode-verslag las ik ook nog, dat , , van de rondvraag een druk gebruik werd gemaakt" (N.R. Crt. d.d. 7-2-'58), maar namen der vragenstellers, evenals wat ze te berde brachten, bleef in de geheimzinnigheid verscholen. We hopen in dezen nog eens op meer licht.

De agenda voor de eerste zitting der Generale Synode was ook ditmaal niet van geringe omvang.

Er werd gehandeld over: , , Zending en Overheid", , , Maatschappelijke vragen", , , De toestand der Kerk" en zo maar meer.

Over een enkel punt plaats ik een opmerking. De classis Harderwijk had een brief ingezonden, waarin, , bezwaar wordt gemaakt tegen het invoeren van religieuze spelen in kerkdiensten. Gedoeld werd op de opvoering van , , Prototype" in verschillende kerken", aldus lees ik in , , Trouw" d.d. 5-2-'58.

Het verslag vervolgt dan: , , De raad voor de eredienst heeft op verzoek van 't moderamen hierover gerapporteerd. Hij kwam tot de conclusie dat het niet vaststaat wat met een eredienst bedoeld wordt. Het spel werd niet in een officiële dienst gebracht. De raad wees er bovendien op, dat de kerk in deze tijd de in beeld gebrachte verkondiging als mogelijkheid zal moeten aangrijpen. De raad wilde gaarne nadere bezinning bevorderen".

De heer R. J. van Ganswijk ontwikkelde in verband met dit rapport zijn principiële bezwaren tegen , , het opvoeren van bijbelse spelen" zich tenslotte refererend aan antw. 98 van de H. C.

Voorts wees ds. J. H. van Beusekom, Breskens, er op, , , dat communicatie van het Evangelie wel geschiedt door het woord, maar dit is meer dan alleen preken. Besloten werd de zaak terug te verwijzen naar de raad voor de eredienst om recht te doen aan de ingewikkeldheid van het probleem en antwoord te geven op de vragen, die hier liggen".

Om de gecompliceerdheid van het probleem zal dus nadere bezinning moeten komen. Dat zijn erg geleerd klinkende woorden, welke het nogal eens doen. De vraag is alleen maar, of men de zaak niet te ingewikkeld wil maken. Als men de catechismus laat spreken, lijkt mij de gecompliceerdheid van het probleem niet bijzonder groot. Doch dat is wellicht bij de problematiek van vandaag ietwat te rechtlijnig. Ik ben het getroost en blijf ook hier gaarne in , , de gemeenschap met dê belijdenis der vaderen". Intussen wachten wij wel op meerdere helderheid.

Gelijk men weet heeft de Synode 25 januari jl. een kanselboodschap , , over de spanning met Indonesië" uitgegeven. Ter Synode wierd ook daarover gediscussieerd. Ik lees dienaangaande in het verslag, dat de N.R.Crt. dd. 7-2-'58 gaf, dat dr. E. Emmen over het tot stand komen van die boodschap zei , , dat 't niet gelukt was na lange overleggingen een boodschap van de gemeenschappelijke Nederlandse kerken te doen uitgaan". Daarop volgt dan , , Dr; J. H. Stelma betreurde het namens de raad voor de zending, dat de boodschap niet anders geformuleerd was en dat men de tekst van het voorlopige compromis heeft behouden; anderen achtten deze boodschap niet krachtig genoeg. Dr. Emmen zeide te moeten toegeven, dat de gang van zaken bij het ontwerpen van deze bood­schap voor alle niet-rooms-katholieke kerken hem heeft teleurgesteld. De boodschap is uitgereikt aan de lutherse kerkeraden ook 't oud-katholieke episcopaat en de vrij-evangelischen hebben het stuk aanvaard".

Nu gaat het mij er niet om, dat onze lezers weten, dat naar veler mening de laatste kanselboodschap niet bijzonder gelukkig uitviel. De beste scribent overkomt zulks. En dr. Emmen heeft in meerdere dergelijke , , boodschappen" wel blijk gegeven, dat hij tot dit niet eenvoudig „ambacht" capaciteiten heeft.

De vraag kwam bij mij op of het wel veel uithaalt de kerk in dergelijke situaties immer weer een kanselboodschap te laten horen. In , , Weekbulletin" 14e jrg. no. 4 van Persbureau der Ned. Herv. Kerk" d.d. 25-l-'58 trof mij in een verslag van een Oecumenische samenkomst te Bussum, waar prof. Van Ruler en prof. De Graaf, beide hoogleraalr aan de R.U. te Utrecht het woord voerden, de volgende uitlating van de laatste spreker :

, , Ik ben, zei prof. de Graaf, geen voorstander van dat voortdurende , , spreken" van de kerken. Al die uitspraken zijn bepaald géén factor in het politieke Ieven. Als resultaat van allerlei compromis kwetsen zij niemand en zeggen dus niets. Waarom toch al die uitspraken ? Omdat de kerk haar vanzelfsprekende invloed op de mensen verloren heeft. Misschien is het er precies zo mee als met de vrouwenemancipatie, die door de vrouwen werd begeerd toen deze hun reële persoonlijke invloed op de mannen hadden verloren. Misschien schreeuwt de kerk hu ook zo hard, omdat zij haar wérkelijke invloed verloren heeft, haar invloed op elk gemeentelid, waar die zich ook bevindt en in welke positie".

Naar ik meen ligt in deze uitspraak wel het een en ander, der overweging waard.

De polemiek tussen dr. Buskes en dr. de Wilde, — briefwisseling kan men ze ook noemen — is al een tijd geleden beëindigd. Reacties daarop kan men af en toe nog wel lezen. Dr. Roscam Abbing gaf er in zijn kwaliteit van hoofdredacteur van , , Woord en Dienst" dd. 25- 12-'58 een nabeschouwing op, waarin hij o.m. ook schreef, het te betreuren, dat , , De Waarheidsvriend" niet de volledige correspondentie, het zij in extenso of geven was, had vervolgd. Ik laat deze opmerking uit de aard der zaak voor rekening van de schrijver. In , , Woord en Dienst" dd. 8-2-'58 kan men een , , Laatste Nabeschouwing op het vrijzinnig-rechtzinnig gesprek" lezen, van de hand van dr. Buskes met een antwoord van dr. Roscam Abbing. Dr. Buskes is niet erg te spreken over de waardering, welke dr. R. A. gaf van de beide partners, die , , tegenover elkaar uitgebalanceerd werden", met de conclusie dat , , de stand tenslotte is O—O".

Ook dr. Langman wijdde aan het gesprek een artikel in „Trouw" dd. l-2-'58 onder het opschrift: , , Een gewichtige polemiek". Hierin wordt al direct de discussie hoger getaxeerd dan , , een moment opname". Hij (dr. L.) komt tenslotte tot drie opmerkingen, waarvan wij er twee overnemen :

„Mijn tweede opmerking is: wat is er een verschil tussen de verhouding tot de vrijzinnigheid van tien jaren terug en die van nu ! De afstand tussen de rechtzinnigheid, zoals die door dr. Buskes naar voren is gebracht en de vrijzinnigheid van mannen als De Wilde en Smits, beiden leidende figuren, is toch wel groot.

Mijn derde opmerking is een vraag : Wat moet de Hervormde Kerk nu doen ? Ik bedoel niet dat ze naar aanleiding van deze briefwisseling zou moeten ingrijpen. Dat is niet fair. Maar wat moet ze doen met een prediking die zo zeer in strijd is met wat zij uitspreekt in artikel 10 van de Kerkorde ? De kerk kan hier op den duur niet in zwijgen blijven volharden".

Nut zal zeer zeker deze discussie hebben.Er zijn dingen in de correspondentie van deze beide theologen — ze zijn volgens dr. Langman beide voortgekomen uit de Geref. Kerken —, aan het licht gekomen, welke openbaren, dat er niet zonder meer gesproken kan worden van een toenadering van de vrijzinnigheid tot de rechtzinnigheid. En de vraag rijst: zijn De Wilde c.s. nog binnen de grenzen  van Artikel X der Kerkorde ? Moet het antwoord op deze vraag wachten tot 1961 ? En zal het dan waarlijk gegeven worden ?

Het aantal , , scheurgemeenten" gelijk indertijd' een anonyme schrijver in de N.R.Crt. de , , minderheidsgroeperingen", welke krachtens overgangsbepaling 238 der Kerkorde tot zelfstandige gemeenten gepromoveerd werden, noemde, vermeerdert geleidelijk aan. In Huizen schijnt er straks ook een te zullen komen.. Het gesprek tussen de plaatselijke kerkeraad en de , , minderheidsgroepering" is blijkens een publicatie over de gang der zaken met invoeging van de gevoerde briefwisseling in het Kerkblad van Huizen zo goed als vastgelopen.

Ook Waddinxveen zal wel een dergelijke , , scheurgemeente" krijgen. Volgens bericht, dat , , Trouw dd. 6-2-'58 gaf, is nu, behoudens goedkeuring van het breed Moderamen der Generale Synode, ook de zaak der Vrijzinnig-Hervormde minderheidsgroep van Bolnes-Slikkerver in kannen en kruiken.

De Prov. Kerkvergadering van Zuid- Holland heeft in haar vergadering van  5 februari  jl. besloten het verzoek van bovengenoemde groepering in te willigen en voor haar de , , noodvoorziening" welke overgangsbepaling 238 aan de hand doet, in werking te stellen. Ingevolge dat besluit is ds. Th. Ouwendijk, thans voorganger bij bovengenoemde afdeling van Vrijz.-Hervormden, beroepen tot predikant der te stichten gemeente, natuurlijk eveneens behoudens goedkeuring van het breed Moderamen der Synode. Dit is de eerste voor Arrijzinnigen getroffen , , Noodvoorziening". De N.R. Crt. d.d. 14-2-'58 sprak dan ook van , , een novum".

De primeur in dezen heeft dan de Prov. Kerkvergadering van Zuid-Holland, en of zij er mede geluk te wensen is ?

Indertijd heeft ds. A. Groot van Scheveningen gezegd, dat de Synode de kerk heenleidt naar een „modus-vivindi". Ik meen dat hij daarin recht had. Ik kan mij indenken, dat men alzo deze , , voorziening" niet wil noemen. Het woord modus Vivendi is belast. Bij alles, wat in de loop der jaren in de vergetelheid wegzonk, is dat woord nog vagelijk in meerdere geheugens blijven hangen. Er zijn in de loop van bijkans anderhalve eeuw kerkelijke ellenden, meerdere voorstellen van een modus-vivendi gedaan. Aan alle kleefden fouten. Maar deze, die nu in de practijk in wording is, is wel heel slecht. Vooral, omdat men ondanks een schijn van vrijheid over en weer, elkander toch maar blijft hinderen, o. m. door inschrijving in de lidmatenregisters der officiële gemeente van hen, die in de „scheurgemeente" gedoopt worden, belijdenis afleggen en een kerkelijke huwelijksbevestiging ontvangen. Ook is 'n te voeren gesprek kerkordelijk voorgeschreven. Neen de figuren van de modus-vivendi, opkomend uit de practijk van overgangsbepaling 238, is niet fraai.

Aan wie de schuld ? Ik blijf het antwoord schuldig. Hier wreekt zich, dat men het kerkelijk vraagstuk niet ten volle gepeild heeft, aan leuzen is blijven hangen en een oplossing gaf, welke geen oplossing is voor allen !

Niettemin, de zaken gaan door en zo krijgen we in meerdere gemeenten, fomeel althans, een situatie gelijk er was in de geref. kerken begin dezer eeuw, toen men in één en dezelfde plaats had gemeente A en B. Ik zeide met nadruk formeel. Want er was daar wel, wat de belijdenis betreft eenheid. Die ontbreekt bij ons. Helaas !

De 1e februari 1958 was een gedenkdatum. Toen was het vijf jaar geleden dat de stormramp een deel van ons volk in rouw en droefheid bracht. Sober is deze ramp herdacht. Minister Algera sprak in 's-Gravendeel; elders kwam men eveneens samen in kerkgebouw of rondom een monument.

Wij leven wel snel, doch gelukkig niet te snel, om zulk een ramp, zulk een ingrijpen Gods niet te herdenken. Deze ramp was plotseling. Greep ze ons daarom zo aan?

De tijden zijn nog zorgenvol. Verstaan wij ze? En is er een luisteren naar wat God, blijkens Zijn Woord ons daarmede te zeggen heeft? De Almachtige gaat met ons volk diepe wegen. Wel mogen we onderstrepen: , , 0 land, land, land, hoor des Heeren Woord". (Jer. 22 : 29).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 februari 1958

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

KRONIEK

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 februari 1958

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's