DE CATECHISMUS VAN CALVIJN
II
PROF. DR. S. VAN DER LINDE
We schreven een enkele regel ter oriëntatie aangaande de Eerste Catechismus van 1538, waaraan zo'n kort leven was beschoren. De oorspronkelijke uitgave ervan is een grote zeldzaamheid geworden, daar er maar heel enkele exemplaren van over zijn. Als we van de Tweede Catechismus, dus de definitieve, moeten zeggen dat hij zeer weinig bekend is, althans in ons land, dan geldt dat veelvoudig van de voorloper. Alleen wie de grote uitgave van Calvijn opslaat, in de z.g. „Verzameling der Reformatoren" (Corpus Reformatorum), waarin de werken van Melanchton, Calvijn en Zwingli zijn opgenomen, heeft kans, met dit werkje kennis te maken. Intussen valt het ook niet zo mee, de nieuwe catechismus onder het oog te krijgen. Er bestaan vele franse uitgaven, omdat hij in de franse kerk zowat de plaats inneemt, die de Heidelberger bij ons verkreeg. Maar van die vele franse uitgaven zijn er, begrijpelijkerwijze, niet zo heel veel naar ons land gekomen. We verwijzen hen, die het frans machtig zijn, naar de zeer handzame uitgave van Le catéchisme de Geneve, in modern frans (eigenlijk jammer, want het oude frans heeft een apart aroma) uitgegeven in de Editions „Je sers" Paris 1934. Met leedwezen moeten we er intussen aan toevoegen, dat deze uitgave uitverkocht is, zodat men proberen moet een tweedehands exemplaar te bemachtigen, wat niet licht gebeurt, zonder dat men een eersterangs prijs moet betalen.
Nu is ieder geen frans machtig. Voor hen bestaan er dan gelukkig de vertalingen, die wel nooit in alle nuances de oorspronkelijke tekst weergeven, maar er tenminste een benadering van betekenen. Van de Tweede Catechismus verscheen indertijd een vertaling van de hand van ds. Buskes in de , , Libellenserie". Maar de oplaag ervan moet wel klein zijn geweest of elke koper houdt z'n exemplaar als een kleinood in ere(? ), want we kwamen het zelden of nooit tegen, als we op de boekenjacht waren. Het zou haast te overwegen zijn, of het niet zaak zou zijn, nu we deze Catechismus aan algehele vergetelheid pogen te ontrukken, er ook een herdruk van te bewerkstelligen. Het zal tenminste wel zaak zijn, wanneer we hem straks gaan verklaren, de inhoud liefst voluit, anders samengevat, daarbij af te drukken.
We willen de overgang naar de Tweede Catechismus maken en doen dat het best, door nog op de zwakkere kant van de eerste te wijzen.
Die eerste is een vrij massief geheel. Hoewel het griekse woord , , catechismus", dat betekent: mondeling onderricht, gemakkelijk heenwijst naar de , , socratische methode", bestaande in het, door goede vragen, belangstelling en inzicht wakker maken in de leerling, en we die vraag en antwoordvorm daarvan welhaast in alle catechismussen tegenkomen, heeft Calvijn dat in z'n eerste ontwerp niet gedaan. Hij deed het in z'n tweede geschrift wel en dat moet wel critiek op z'n eerste ontwerp inhouden. Het werk was aanvankelijk dus te weinig verkaveld, en dat moet, in een zo jonge en onkundige gemeente als Geneve was, wel aanleiding tot klachten hebben gegeven. Jammer, dat de tijd ons ontbreekt om veel breder op dit alles in te gaan. We zullen liever, straks in de verklaring, bij tijd en wijle naar de oude bewerking verwijzen en er zo nog wat meer mee kennis maken. Dat zal te meer moeten gebeuren, omdat deze twee niet alleen naar de vorm verschillen, maar ook, althans op het eerste gezicht, naar inhoud nogal uiteenlopen. De Eerste Catechismus komt van de wet tot geloof en evangelie; de Tweede volgt de omgekeerde weg. Ziedaar meteen een zeer actuele kwestie aangeroerd, die een vol gend maal nog wel stof tot enige bespreking zal opleveren.
Genoeg voor dit ogenblik over de onvolkomheden van de Eerste Catechismus. In 1538 zag hij het licht en maar enkele maanden is hij in gebruik geweest. Want in 1538 komt het tot een conflict, een breuk tussen Geneve en de predikanten Calvijn, Farel en Courault, wat uitloopt op hun verbanning. Courault sterft spoedig; Farel wordt beroepen in Neuchatel en Calvijn wordt predikant van een franse gemeente in de duitse stad Straatsburg, tevens hoogleraar aan de , , Illustere School" aldaar.
Daar heeft de schrijver van de Eerste Catechismus een drietal jaren van ballingschap doorgebracht. Hoewel de nasmaak van de fraaie dank van Genève wel bitter moet geweest zijn, toch heeft het verblijf in Straatsburg Calvijn buitengewoon veel goed gedaan. De harp heeft er niet aan de wilgen gehangen, de pen lag er niet te vaak stil naast de inktkoker. Het getuigt van Calvijn's bescheidenheid, dat hij, ondanks de eenparige lof, die men alom zijn Institutie had toegezwaaid, zelf diep voelde, hoeveel eraan ontbrak.
Hij begint die Institutie niet voor niets met dit imposante stuk, dat het kennen van God en het kennen van ons zelf altijd samengaat. Eer hij dat neerschreef, had hij het zelf in practijk gebracht, door niet als gevierd schrijver op z'n lauweren te gaan rusten, maar door z'n boek te verbeteren zoveel het kon, ten bate van Gods Kerk.
In z'n Straatburgse tijd verschijnt zo een veel vermeerderde uitgave van de Institutie. In die vermeerdering en verbetering komt tot uiting, dat Calvijn zich niet in zichzelf opsloot, maar poogde te leren, van wie hij ontmoette. Daar valt Paulus heel apart onder (de Romeinenbrief) maar ook de Kerkvaders en de Duitse Hervormers, onder wie Butzer een aparte plaats inneemt. En het betreft niet alleen theologische zaken, maar ook de practische kant, b.v. de liturgie. Dat laten we nu ter zijde, om vooral op de catechisatie te letten.
Met heel de Hervorming deelt Calvijn de sterke nadruk op de betekenis en de zegen van de catechisatie. Het houdt een felle aanklacht tegen de middeleeuwse roomse kerk in, dat die, mèt de prediking en de zielszorg, ook de catechese zo heeft verwaarloosd. Juist daarom heeft Calvijn zich in 1538 met zoveel ijver daarop geworpen: er was zó veel in te halen!
Als hij nu in Straatsburg vertoeft, is hij omringd door mensen, die mèt hem aan de catechetische problemen werkten. Butzer schreef een bekende catechismus; ds. Zeil, een andere collega, evenzo; de catechismussen van Luther zijn hier dichterbij dan ze in Geneve waren. En wat een andere sfeer vond hij in zijn gemeente! In Geneve vond hij, naar eigen zeggen, een verzameling wilde en bloeddorstige beesten, die moesten getemd worden, doch die dit volstrekt niet begeerden. Het was er altijd spanning, botsing, vermaning en dat maakte het werken vermoeiend, krampachtig en mistroostig. Maar in Straatsburg komt hij in een gemeente, waarvan een goed deel bestaat uit vluchtelingen om des geloofs wille, die daarvoor alles hadden prijs gegeven. Het laat zich denken (of moeten we liever zeggen: bet laat zich nauwelijks denken? ) hoe de pastor Calvijn daar heeft kunnen op- en openbloeien na de tijd van verkleumen in Geneve.
Predikanten vormen (misvormen!) gemeenten, maar ook gemeenten vormen (misvormen) predikanten. Die wisselwerking luistert nauw. De theoloog Calvijn is van heler harte predikant geweest, zoals dat trouwens ook moeilijk anders kan. We kunnen uit de brieven, die we uit die tijd over hebben, merken, hoe goed Calvijn er zich thuis is gaan voelen en hoe graag hij er licht levenslang gebleven was. Als hij in 1541 naar Geneve terug moet en daardoor tot tranen bewogen wordt (is dat de z.g. harde Calvijn? ), dan kunnen we dit toch wel heel goed verstaan. De lichamelijk zwakke jongeman, van nature verlegen en geen kemphaan, door veel te hard studeren in z'n jeugd vrij nerveus en prikkelbaar en vaak doodmoe, hij móet wel tegen Geneve opzien als tegen een berg. Nochthans heeft hij die berg moeten beklimmen. Hij deed, wat z'n levensspreuk zegt: , , Ik breng mijn hart, bloedend, aan God ten offer". Het ambt van martelaar brengt immers mee, niet alleen voor Paulus, dat men met wilde dieren in beangstigend nauw contact wordt gebracht. Daarom móet het terug naar Geneve. Maar middellijk kan dat, omdat Straatsburg zo'n gezegend sanatorium was geweest- Zo gaat hij naar Geneve terug met een schone, rijke herinnering: Straatsburg! En met het verschiet, in Geneve 1000 doden te gaan sterven.
We veroorloofden ons een kleine uitwijding. We bedoelden alleen te doen gevoelen, hoeveel ontspanning Straatsburg voor Calvijn heeft betekend. Ontspanning óók in zijn catechetische me^thode, die de weg opent tot het ontstaan van de nieuwe, de Tweede Catechismus.
De stof daartoe, licht óok wel het eerste bestek en nog meer er van, moeten in Straatsburg zijn teboek gesteld. Dat juist stelt hem in staat, de zaak zo vlot af te werken, als hij dat in 1541 gedaan heeft. Tussen haken: Calvijn behoort tot de nerveuze mensen, die meer intuïtief dan pluizend studeren en schrijven. Hij behoort tot de schrijvers die, wanneer ze van een idee doordrongen zijn, in luttele uren en dagen dit te boek weten te stellen, op een wijze, die naar 'inhoud en vorm imponeert. Die mensen verteren zichzelf, maar ze dienen God en naaste!
De terugkeer naar Geneve is èen van de aangrijpendste stukken van Calvijn's leven. Hij komt terug als een zeer begeerd, een onmisbare man. Geneve heeft bewogen, wat er maar te bewegen was, om toch als 't u blieft ds- Calvijn terug te krijgen, die het 3 jaar geleden op zo'n grove manier verschopt heeft. Calvijn zou zich met gemak een overwinnaarsallure kunnen veroorloven en ook wel wat persoonlijke eisen kunnen stellen. Straks, in de intreepreek, als de Pieterskerk propvol zit, houden velen hoofd en rug wat gebogen, want ze verwachten, dat de geesel zal gezwaaid worden en dat verzwegen dingen nu eens bij hun echte naam zullen worden genoemd.
Maar de dienaar laat de afrekening liever aan zijn Meester over. Plechtig, indrukwekkend is zijn intreepreek. Geen , , mooie" toespraken met strijkage en wraakneming, maar hij zegt alleen: , , Gemeente, we waren de laatste keer (in de vervolgstof van 3 jaar geleden!) zover gekomen. We zullen dat vervolgen". Wat een nobel geheugen, dat zo goed onthouden en nog beter vergeten kon! De heren van de Raad, die de schuld aan dit alles goeddeels dragen, hebben licht al herademd: het valt alles heel erg mee! Maar even later, als Calvijn de stadsregering ontmoet, blijkt één ding toch niet mee te vallen. Wat de inzet van de strijd was in de eerste periode: belijdenis, kerkorde, catechismus, opdat het Woord van God heerschappij hebbe, dat zal dat ook in de tweede periode blijven en pas recht worden.
Calvijn eist niet meer persoonlijke invloed en een beter huis met meer salaris, maar wel: Gods gemeente moet Gods gemeente blijken., Dus: kerkorde, belijdenis, catechese. De Raad heeft dat in beginsel goed gevonden, maar zal veel tijd nodig hebben om het ook in de uitwerking goed te vinden.
In dit kader komt nu de nieuwe catechismus van Calvijn te staan, die in het volgende jaar, 1542, van de pers komt. De geest ervan, dat volgt wel uit het zoeven gezegde, is onveranderd. Maar de methode is wel sterk gewijzigd. De ouder geworden Calvijn heeft meer geleerd, met de kinderen kind te zijn-
Dat houdt ook in een zekere onderscheiding tussen theologie en geloof of wilt u: tussen theologie en religie. De Eerste Catechismus was uiteraard ook een religieus, een stichtelijk boek, maar daarbij, althans voor een kind, veel te theologisch. De Tweede Catechismus is in veel sterker mate religieus, stichtelijk en in mindere mate dogmatisch-theologisch. Voorbeeld: in de eerste opzet was de uitverkiezing op een theologisch dogmatische wijze gesteld. Maar Calvijn heeft toenemend verstaan, dat deze zaak , , existentieel" (bevindelijk) in de practijk des geloofs pas werkelijk tot haar recht komt.
In de laatste uitgave van zijn Institutie vinden we de verkiezing behandeld op een plaats, waar menigeen haar niet zoekt, haar ook helaas niet vindt; n.l. bij het werk van de Heilige Geest, in de strijd des geloofs. De Tweede Catechismus betekent een schrede op die weg, want hij laat het dogmatisch-theologische van de verkiezing weg, maar doet gevoelen, op de wijze van onze Heidelberger, dat nochthans de belijdenis van de verkiezende God het hart der Kerk is. Maar die belijdenis aangaande het heil, dat van buiten tot ons komt, komt dan van binnen uit.
Dat is één proefje, waarmee we nu volstaan- Deze nieuwe catechismus is veel kindelijker dan de eerste. Nu komen we ook de wel zeer verantwoorde vraag- en antwoordvorm tegen. Zo komt deze nieuwe catechismus veel dichter te staan bij Luther's Kleine Catechismus, die zo'n model mag heten. Het verbaast ons niet, dat deze catechismus na 1542 niet meer veranderd is. Zo voldeed ze en begon ze haar levensloop.
Die loop koerst natuurlijk via Geneve, een deel van Zwitserland en straks naar Frankrijk. We spreken er een volgende maal over, dat die koers nu juist niet is gericht naar dat Calvinistische land bij uitnemendheid, dat Nederland was. Calvijn en Nederland hebben elkaar op vele punten gevonden. Maar, merkwaardig, juist niet op het punt van de Geneefse Catechismus.
V. d. L.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 maart 1958
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 maart 1958
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's