Opdat ik Hem kenne
„Opdat ik Hem kenne en de kracht Zijner Opstanding". Filip. 3 : 10a.
In de gemeente van Filippi waren dwaalleraren binnengedrongen. Zij leerden heel wat anders dan Paulus had gedaan. Paulus had hen geleerd, dat een mens alleen door Jezus Christus kon gered en gezaligd worden. Deze nieuwe leraren zeiden, dat de mensen allerlei dingen moesten onderhouden en doen om zalig te worden. Door deze dwaalleraren ontstonden er heel wat moeilijkheden in de gemeente. '
Paulus zit in de gevangenis te Rome en hoort van deze moeilijkheden. Van uit de gevangenis schrijft hij een brief aan de gemeente van Filippi. En in deze brief waarschuwt hij de Filippensen om geen gehoor te geven aan de verkeerde leer, die thans in Filippi wordt gebracht. Paulus vertelt hoe het hem zelf gegaan is. Als er één was, die meende, door allerlei dingen te onderhouden, zalig te kunnen worden, dan was hij het zelf wel. Wat heeft Paulus niet gedaan ? Hij beriep zich op zijn afkomst; op zijn kennis; wat heeft hij hard gewerkt. Maar nadat hij Jezus heeft ontmoet op de weg naar Damaskus weet hij, dat al die eigen werken, het onderhouden van allerlei dingen, hem niet zalig kunnen maken. Daarom heeft hij ze laten varen. Sinds hij Jezus heeft ontmoet leeft er maar één sterke begeerte in z'n hart om Jezus meer en beter te leren kennen en de ikracht van Zijn onstanding te mogen ervaren.
Paulus zal omstreeks 60 jaren oud zijn als hij deze brief schrijft. Het zal ongeveer 30 jaren geleden zijn, dat hij Jezus ontmoette op de weg naar Damascus. 30 jaren lang heeft Paulus sinds die de naam van deze Jezus Christus verkondigd als de Enige Zaligmaker. 30 jaren lang heeft hij de genade en de leiding van de'Heere Jezus ontvangen. En nóg verlangt Paulus de Heere Jezus te mogen kennen. Nog is hij niet uitgeleerd. Nog begeert hij om in die kennis van Jezus Christus te mogen toenemen.
, , Opdat ik Hem kenne" d.w.z. hij wil Christus naar zijn Persoon, naar Zijn werk en naar Zijn genade meer en meer leren kennen. In het vorige vers sprak Paulus reeds van de weldaden van Christus, die door hem gezocht werden. Hier gaat hij echter nog wat verder. Hij zoekt de gemeenschap met de Persoon van Christus. Het is zeker rijk en groot te mogen delen in de weldaden, die Christus verworven heeft. Maar het is de innigste wens van Paulus om aan de Persoon van Christus verbonden te mogen worden. Een bruid verheugt zich wel in de geschenken van de bruldegom, maar uiteindelijk is het toch niet om de geschenken te doen, doch om de bruidegom zelf. Zo wil Paulus ook geheel en al Christus toebehoren, geheel beheerst worden door, en vervuld worden van Christus. Geheel opgaan in Zijn gemeenschap. Door Christus gevormd te worden, is Paulus' diepste verlangen.
Deze begeerte is de bezielende kracht van Paulus' leven, van zijn denken en handelen. Het is de begeerte naar Christus, die Paulus doet gaan van land tot land om van Hem te getuigen. Hij wil, dat anderen Hem ook zullen leren kennen.
Vroeger was er een andere drijfveer in Paulus' leven. Toen beriep hij zich op zijn eigen kennen en kunnen. Maar sinds hij Christus heeft leren kennen nu wordt hij gedreven door de ene begeerte: Hem meer, beter, rijker en voller te leren kennen.
Zij, die Jezus niet hébben ontmoet, begrijpen van deze begeerte van Paulus niets. Dit machtig verlangen van Paulus is hen vreemd. Zulke mensen vinden Paulus eigenlijk wat overdreven. , , Je kunt alles overdrijven" zeggen ze dan. , , Je kunt van het goede ook teveel krijgen" zegt en ander. Indien ge echter Jezus hebt ontmoet in uw leven dan gaat ge iets van Paulus begrijpen. Zij weten immers: , , Dit is het eeuwige leven, dat zij u kennen en Jezus Christus, Die Gij; gezonden hebt".
Deze kennis is niet maar enkel een verstandelijke kennis. Het is niet hetzelfde als veel over de Heere Jezus weten of veel van Hem te kunnen vertellen. Mogelijk kunt ge veel van Jezus leven op aarde en van Zijn werken vertellen, zonder dat ge Jezus nog kent. Misschien kunnen we nog wel boeken over Jezus geschreven hebben zonder Hem te kennen. Kennen is hier dan ook niet lessen uit een boek van Hem geleerd hebben. Kennis is hier geloofskennis, hartekennis, kennis door de Heilige Geest geleerd. Die immers is het, Die al de waarheid leidt. Natuurlijk sluit dit de verstandelijke kennis niet uit, maar in. Want door de Heilige Geest wordt ook het verstand verlicht. Maar deze kennis gaat niet in verstandelijke kennis op. Deze kennis wordt verkregen door de levensgemeenschap met Hem. En daar komt men nooit mee klaar 'hier op aarde. Ware deze kennis vol er zou geen twijfel en geen strijd meer zijn.
Paulus wil in deze kennis toenemen. Hij wil er geheel van doordrongen worden. Hoe langer hoe meer het eigendom worden van Jezus Christus. Christus moet alles worden in zijn leven. David zingt er ook van :
't Heilgeheim wordt aan Zijn vrinden,
Naar zijn vreeverbond, getoond.
Wat is er tegenwoordig veel kennis. De mensen staan tegenwoordig haast nergens meer voor. We zijn tegenwoordig allemaal druk in de weer om dit te kennen en dat te kennen. Maar vrees bekruipt mij wel eens, omdat deze kennis waar Paulus van- spreekt zo schaars begint te worden. Toch is er niets heerlijkers dan deze kermis, want deze kennis is tot zaligheid.
Paulus voegt er nog wat aan toe: „en de kracht Zijner opstanding". Met deze kracht bedoelt Paulus, de kracht, die zich openbaarde in de opstanding van Jezus Christus uit de doden. Het is de kracht, die de dood overwon, het graf opende.
De dood scheen eerst allen in zijn macht te hebben. Alles schijnt aan de macht van de dood onderworpen te zijn. Niemand kan tegen de dood op. En het scheen alsof Jezus er ook niet tegen op kon. Want de dood kwam en riam Hem ook mee. Nooit zegt de dood het is genoeg.
Maar zie, op de derde dag stond Jezus op uit het graf. Door Zijn kracht triomfeerde Hij over dood en graf. De macht des doods werd door Jezus venietigd. De machtige dood werd door Jezus' opstandingskracht geknecht.
Er zijn veel krachten in deze wereld, die van wind en vuur en aardbeving enz. enz. Daar zijn krachten van zonde en dood en wereld en satan. Maar de kracht van Christus' opstanding is geweldiger dan al die andere krachten te saam.
Deze kracht van Christus vernieuwt zondaarsharten, doet een zondaar uit het zondegraf opstaan. Deze kracht van Christus' opstanding roept mensen uit de wereld en zet ze over in Zijn Koninkrijk. Deze kracht van Christus houdt Zijn werk in stand en zal haar ook eenmaal doen triomferen.
Door die kracht van Christus wil Paulus geheel en al beheerst worden. Die kracht moet hem staande houden, sterken, aanvuren en vervullen.
Wanneer Paulus deze kracht begeert dan wil dat dus zeggen, dat hij die niet in zichzelf bezit. Paulus kennis noch ook zijn kracht kunnen hem helpen in de strijd. Zonder die kennis en die kracht van Christus zou Paulus omkomen. En dat is zo met allen, die eigen zwakheid, , domheid en zondigheid hebben leren kennen. Zij belijden:
„Heer', ik voel mijn krachten wijken en bezwijken;
Haast U tot mijn hulp, en red."
Die kennis en die kracht van Christus' opstanding hebben we nodig in ons leven. Hebben we nodig in ons kerkelijk leven. Zonder die kracht komen we om. Maar door de kracht van Christus' opstanding zullen ook eenmaal allen, die de Heere Jezus hebben leren kennen, overwinnen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 april 1958
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 april 1958
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's