VRIJZINNIGE GROEPEN
over veertig jaar verdwenen?
De jaarlijkse achteruitgang bij bijv. de Remonstranten en de Doopsgezinden zal — tenzij herstel optreedt — over ongeveer 40 jaar deze beide broederschappen zo niet geheel van de kerkelijke kaart hebben doen verdwijnen, dan toch hebben teruggebracht tot een fractie van wat zij nu zijn. De cijfers van de vrijzinnighervormden geven, sociologisch gezien, geen aardeiding tot een andere toekomstverwachting dan bij deze zusterkerken. Aldus dr. A. Weiland in , , Kerk en Wereld", weekblad voor vrijzinnig-protestanten.
Schrijver vindt de visie van zijn collega, dr. P. Smits, die verwacht dat de onkerkelijkheid binnen enkele jaren gestegen zal zijn van 17 tot 22 of 23 procent, nog tamelijk optimistisch. , , De mening, in onze kringen dikwijls verdedigd, dat juist de vrijziimige prediking een grotere werfkracht zou hebben, is in het aangezicht van de harde cijfers een illusie", zo zegt dr. Weiland. Het christendom acht hij, althans in de gestalte van de zichtbare kerk, een aflopende zaak.
De schrijver geeft ook door de opmerking van een van zijn vooraanstaande collega's, die het verloop van de kerkelijke belangstelling zo groot achtte, dat hij niemand meer durfde aanraden theologie te gaan studeren. Er zou in de toekomst toch geen gemeente meer te vinden zijn, die het tractement wilde en kon betalen.
Dr. Weiland vindt dit iets te somber gezien. Maar toch zegt hij zich geen zorgen te maken over het schaarse aantal roepingen tot het predikantsambt. De ene na de andere gemeente wordt immers in alle stilte bijgezet in het graf der onkerkelijkheid, gewoonlijk gecamoufleerd door de aanstelling van een hulpkracht, door een pastoraal verband en ten slotte leidend tot combinatie.
Alleen de uiterste rechtervleugel van de hervormde kerk kent het verschijnsel van teruglopende belangstelling nog niet of in geringe mate, terwijl wij' juist in die sector zo- graag wat meer humanisme en wat minder , , christendom" zouden willen zien.
Van de krampachtige pogingen om succes te hebben zullen de predikanten verlost moeten worden. Laten wij ons er bij neerleggen dat wij geen resultaten zullen boeken. We kunnen even goed werken als we weten niet te zullen slagen, zo schrijft dr Weiland. Gods werk gaat toch door, met of zonder kerk en dominees.
Bovenstaand bericht ontlenen wij aan het Utrechts Nieuwsblad d.d. 14 oktober
De vrijzinnige groepen aan het verdwijnen, niet, omdat zij overgaan naar de orthodoxie, maar naar „het graf der onkerkelijkheid", zoals dr. Weiland het uitdrukt.
Het bevreemdt ons niet, want eerlijk gezegd is vrijzinnigheid binnen de kerk iets ongerijmds en tegenstrijdigs. Alleen, — maar dat moet dr. Weiland verantwoorden, — is het niet zeer duidelijk, hoe hij onkerkelijkheid een graf der vrijzinnigheid kan noemen, want buiten de kerk moet de vrijzinnigheid juist bloeien en in de kerk hoort zij niet thuis.
Typerend is zijn wens aangaande de uiterste rechtervleugel, waarover dr. Weiland ook een opmerking maakt, en bij welke hij , , zo graag wat meer humanisme en wat minder , , „christendom" " zou willen zien".
Ziet, daarin komt de tegenstelling nu duidelijk uit, want het , , humanisme", dat hij op het oog heeft, heeft nu eenmaal niets te doen met het christendom en laat zich daarmede ook niet vermengen.
De geschiedenis van de Hervormde Kerk kan dat aantonen, want als een in elkander opgaan van die twee mogelijk ware, zouden de omstandigheden in de Hervormde Kerk daarvoor — en met name gedurende de laatste jaren — buitengewoon gunstig moeten genoemd •worden. Dat wordt echter door bovenstaand bericht geenszins bevestigd.
De vraag moet mij daarom van het hart, vanwaar de vrijzinnigheid, die volgens haar eigen getuigenis der verdwijning nabij is, de vrijmoedigheid opbrengt, om in de Hervormde Kerk zoveel verwarring te weeg te brengen, door een drijven voor de toelating van de vrouw tot het ambt?
Zonder de midden-orthodoxie zou het wel niet gegaan zijn, maar ook deze staat geen betere toekomst te wachten, als zij het spoor der vrijzinnigheid blijft volgen. Voor zover zij nog orthodox is moge zij. dit inzien en naar de oude paden terugkeren.
Misschien zou het een tikje humanisme van bovengenoemde scribent kunnen vertegenwoordigen, als de rechtervleugel het door vrijzinnigen en midden-orthodoxen opgedrongen besluit kon aanvaarden, doch zolang er in die vleugel nog een buigen voor de Heilige Schrift aLsi Gods Woord wordt gevonden en waarachttige vreze Gods, zal hij zulk een vrijzinnigheid bestrijden en tegenstaan.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 oktober 1958
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 oktober 1958
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's