De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De kracht van hun kracht

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De kracht van hun kracht

HERDENKING DER HERVORMING

7 minuten leestijd

Ik sterk u, ook help Ik u, ook ondersteun Ik u met de rechterhand Mijner gerechtigheid. Jesaja 41 : 10 b.

Vanaf onze jeugdjaren hebben wij het ons voorgesteld, dat Luther en Calvijn krachtfiguren zijn geweest.

Zij' waren mannen, die moedig getuigden tegen de dwalingen van hun tijdgenoten. Zij hebben het aangedurfd om in te gaan tegen de heersende meningen van de leidslieden in het kerkelijke leven. Daarom noemen wij hen de „helden" der hervorming.

Toch hebben deze beide hervormers zich nooit beroemd op hun heldendaden. Integendeel, uit hun eigen geschriften blijkt, dat zij zichzelf beschouwden als zwakke mensen. Toen Luther op de vooravond van de dag van allerheiligen in het jaar 1517 zijn bekend geworden vijf en negentig stellingen publiceerde heeft hij zeker niet gedacht, dat dit een heldendaad kon zijn. Het was ook niet in zijn gedachten opgekomen om , , de reformatie-ter-hand-te-nemen" zoals in latere tijden de uitdrukking ging luiden, wanneer men een nieuwe kerkformatie wilde stichten. Luther hoopte door het bekend maken van zijn bezwaren een meningsverschil te kunnen bewerken, waardoor de bestaande kerk van dwalingen zou worden gezuiverd. Pas wanneer hij. officieel wordt uitgebannen en de leer der waarheid wordt verboden komt het ogenblik waarop hij breekt met het kerkelijk gezag.

Maar dan komt het ook openbaar dat Luther niet door eigen kracht heeft gehandeld. Want in Gods kracht heeft hij de strijd gevoerd tegen alle vijanden die hem het zwijgen wilden opleggen.

Door Gods gunst wordt ook Calvijn in die strijd naast Luther geplaatst. Hij was pas acht jaar oud toen het protest in Wittenberg werd aangetekend. Maar reeds op zevenentwintig jarige leeftijd geeft Calvijn zijn boek: de Institutie van de christelijke Godsdienst, de meest waardevolle dogmatiek, die ooit geschreven is. Door heel zijn optreden toont deze hervormer, dat hij deze leer ook in de practijk van het leven wil handhaven.

Door de zwakheid van zijn lichaam werd hij voortdurend gekweld. Maar in Gods kracht blijft hij tot zijn dood toe getuigen van de waarheid Gods.

Zo zien wij in deze beide mannen verwerkelijkt de belofte van God, die de kracht van hun kracht wilde zijn: , , Ik sterk u". Met deze woorden: , , Ik sterk u" geeft de Here een bemoediging door middel van de profeet, die het lijden en het strijden van Gods Kerk voorzegt. De mens, die in eigen kracht staat, meent dat hij die versterking niet nodig heeft. Hij sterkt zichzelf om zijn voornemen uit te voeren. Maar ook de sterkste mens is enkel ijdelheid. Slechts door één wenk van Gods hand wordt onze kracht totaal gebroken. Het is zeker niet zonder reden dat de Here ons dit telkens duidelijk laat voelen.

Maar dan toont de Here óók, dat Hij het zwakke wil verkiezen om het sterke te beschamen. Zwakke mensen worden instrumenten in de hand des Heren.

Zo mochten de profeten en de apostelen door de kracht van de Heilige Geest versterkt worden voor hun arbeid. Door diezelfde Geest zijn ook de hervormers bezield geweest, zodat Gods kracht in hun zwakheid werd volbracht.

Die kracht hebben ook wij nodig! We leven in een tijd van veel verwarring en wij zijn zelf te zwak om staande te blijven temidden van alle stromingen welke binnen en buiten de kerk hun invloed laten gelden. Maar door de kracht van Gods Geest kunnen wij weerstand bieden tegen de leringen van het ongeloof en de dwalingen van het bijgeloof. Zoek daarvoor niet om hulp bij de mensen, maar bid om de kracht Gods. Weizalig hij, die al zijn kracht en hulp alléén van God verwacht.

Dan schenkt de Here sterkte en verleent Zijn hulp. , , Ook help Ik u". Deze belofte is bestemd voor hulpbehoevenden, mensen die op de hulp van anderen zijn aangewezen.

Zolang het mogelijk is wijzen wij de hulp die men ons aanbiedt af en wij zijn er trots op als wij geen hulp nodig hébben. Maar dat kan niemand volhouden. Zo wil de Here het ons leren om Zijn hulp te zoeken. Hij brengt ons daartoe in een situatie, waarin wij hulpeloos, moedeloos, ja hopeloos neerzitten. Wat heeft het volk van Israël vaak in zulke omstandigheden verkeerd. Hoe bevonden ook de hervormers zich dikwijls in een hachelijke positie. Doch de Here hielp.

Zo mogen ook wij in deze tijd uitzien naar Zijn hulp, wetend, dat de Here machtig is om uitkomst te geven boven ons bidden en denken. Hij helpt als niemand helpen kan. Hij wordt ook niet moede om te helpen.

Mensen beloven vaak hulp te zullen bieden, maar als de nood dringt, blijven zij in gebreke. Gods beloften liggen echter vast. Hij is getrouw. Die het ook doen zal.

De Here gaat nog verder. , , Ook ondersteun ik u". De woorden stapelen zich op om ons te sterker te overtuigen. Wij zien hierbij ook, dat de Here steeds dieper afdaalt. Immers zwakken worden gesterkt, hulpelozen worden geholpen. Maar bij het woord ondersteunen denken wij aan hen die héél gebrekkig zijn, ja, die totaal afhankelijk zijn. Zij moeten aan weerskanten gesteund worden om zich te kunnen verplaatsen. Ik denk ook aan ernstige zieken, die alleen kunnen opstaan, als zij door krachtige handen worden gesteund. Wij kunnen ook van ondersteuning spreken als iemand diep in de schuld zit en niets heeft om te betalen. Dan is het nodig ondersteund te woorden.

Maar mensen steken vaak geen hand uit om ons te ondersteunen. Het volk van Israël werd in de ellende van de ballingschap bespot en geen enkele andere mogendheid bood steun. Zo moesten ook de hervormers de steun missen van hen die aanvankelijk aan hun zijde stonden, maar hen later alleen lieten staan. Daarom is het zo noodzakelijk, dat wij God zoeken om door Zijn sterke arm ondersteund te worden. Hij belooft het ook nu, dat Hij ons met de rechterhand Zijner gerechtigheid wil steunen. Als niemand ons terzijde staat, strekt de Here Zijn rechterhand uit om ons te redden uit de nood, te verlossen uit de ellende.

Gods rechterhand is hoog verheven!

Des Heren sterke rechterhand

Doet door haar daan de wereld beven;

Houdt door haar kracht Gods volk in stand.

Daarin handelt de Here naar Zijn goddelijke gerechtigheid. Dat betekent, dat de Here Zijn hand uitstrekt tegen de goddelozen tot bestraffing en verwerping.

Door Zijn hand werpt Hij neer al wat zich tegen Hem verheft en ieder die zich tegen Hem blijft verzetten.

Daarom moeten ook wij ons bukken onder de slaande hand Gods. De Here wil dat wij ons vernederen als Zijn krachtige hand tegen ons uitgaat. Niemand mag Zijn hand afslaan zeggend: , , Wat doet gij? " Want de Here doet geen onrecht als Hij ons in Zijn gerechtigheid bezoekt met Zijn strenge tucht.

Doch dan zien wij ook hoe Gods hand zich heeft gericht tegen Zijn eigen Zoon. Hij heeft Hem overgegeven in de handen der onrechtvaardigen. God spaarde Zijn Zoon niet, maar heeft Hem gezonden naar de wereld om te lijden en te sterven, opdat door de dood van Christus aan Gods gerechtigheid werd voldaan.

Daarom kunnen wij niet zelf met onze gerechtigheid aankomen, maar wij mo­gen zoeken de gerechtigheid die uit het geloof is, welke Christus heeft aangebracht. Door de levende Christus wordt de gerechtigheid welke Hij door Zijn dood hééft verworven geschonken. Om Christus wil opent de Here de hand Zijner gerechtigheid om Zijn geestelijke gaven uit te delen aan de kinderen der mensen, ja ook aan de wederhorigen, die ongehoorzamen, om bij Hem te wonen.

Zo wil de Here ook nu Zijn rechterhand uitstrekken om ons te leiden, vast te houden, te beschermen. Daartoe wil Hij ons grijpen bij de rechterhand, om ons naar Zijn raad te voeren op de weg der zaligheid. Wanneer de Here ons niet door Zijn machtige hand behoedde, zouden wij allen vergaan. Als Hij ons niet ondersteunde, zouden wij allen bezwijken. Maar door Zijn kracht sterkt en helpt en steunt Hij ons, opdat wij roemen in Hem.

Zo hebben ook de hervormers tot eer van God getuigd van Zijn krachtige steun in hun leven en werken.

En wij, die op 31 oktober dankbaar de Hervorming gedenken, zien nu in onze gedachten de mannen die God heeft willen gebruiken om de leer der vrije genade te prediken; en wij vereren daarbij geen mensen, maar zingen tot eer des Heren:

„Gij toch, Gij zijt hun roem, de kracht van hunne kracht.

Uw vrije gunst alleen wordt d' ere toegebracht."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 oktober 1958

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

De kracht van hun kracht

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 oktober 1958

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's