BOEKBESPREKING
G. van Veldhuizen, De Kerk aan de zelfkant, 175 pag., prijs geb. ƒ6, 90. Uitg. J. N. Voorhoeve, Den Haag.
Sinds jaren werkt ds. Van Veldhuizen in Crooswijk één van de volkswijken van Rotterdam en in dit boek wil schrijver nadrukkelijk vastleggen, wat er omgaat in die wijken waar vele jongeren op straathoeken bijeen plegen te staan, wat er in die jongeren zelf en in de gezinnen, waaruit ze voortkomen leeft, welke uitdaging dit stelt aan de kerk en welk antwoord „wij-van-d e-kerk" daarop hebben te geven. Schrijver tekent hier een wereld in nood, een zendingsveld in eigen land. De auteur is het eens met prof. Hoekendijk in diens beschouwingen van de modeme mens, al spreekt hij liever van na-christendommelijk, dan van na-christelijk. Het is wél een zwaar probleem, waarvoor de kerk in deze tijd geplaatst wordt, niet het minst ten aanzien van de duizenden, die „hun eenzaam avontuur beleven tijdens de grauwe dagen met hun sombere avonden. Geen God, geen hoop, geen geloof, geen liefde. Leeg is de aarde en de hemel is leeg. Maar aan de kerk blijft de opdracht gegeven ook deze mens Christus te brengen. Maar hoe? "
Zeer stelselmatig benadert schrijver de problemen en zoekt hij de antwoorden: op de uitdaging ten aanzien van de gemeenschap, waar hij het pleidooi voert voor een comprehensive approach, op de uitdaging ten aanzien van het gerucht, waar schrijver meer heil ziet in de omgang, dan in het voorganger zijn, meer verwacht van het gesprek, dan van de preek, van begeleiding dan van leiding; en het antwoord op de uitdaiging ten aanzien van het zichtbare: wie niet horen kan, moet zien. Het trof mij hoe schrijver van de dominee-arbeider zegt met verwijzing naar Christus, die van vissers en tollenaren vissers van mensen maakte: „Is de tegenpool, dat wij' nu opeens persé weer arbeider moeten worden otn het evangelie te kunnen verkondigen, dan niet ergens wat ondoordacht? "
Wij vragen al erg gauw, zowel op het gebied van de uitwendige, als van de inwendige zending, wat is er bereikt? Crooswijk kost nu al jaren achtereen negentigduizend gulden per jaar! Maar een van de gevolgen van de nieuwe aanpak is: je hebt geen duidelijk eigen resultaat. Het is werken op lange termijn.
Schrijver zelf weet zeer wel, dat het laatste verlossende woord hier niet gesproken is; ik zie het werk in menig opzicht als researchwerk; men kan zeggen: zo moet het niet, maar wie iets weet van de ontzaglijke moeite en moeilijkheden, waarmee men in de stad te kampen heeft, zal bescheiden, zijn in zijn critiek. Recht op onze belangstelling hebben allen, die aan de zelfkant van de Kerk werken en worstelen om het heil van ouderen en jongeren.
L. Aletrino, Zes Wereldgodsdiensten, 216 pag., prijs geb. ƒ 8, 50. Uitg. Scheltema & Holkema N.V., Amsterdam.
Reeds Cicero heeft er op gewezen, dat er geen enkel volk hoe wild ook, gevonden wordt bij wie men geen religie vindt. Op deze religieuze aanleg van de mens doelde Calvijn, als hij sprak van het semen religionis, de klem van godsdienst, die in ieder mens wordt gevonden.
Maar wat weet men in het algemeen weinig van de niet-christelijke religies af! En hoe dikwijls wordt vergeten, welk een machtige invloed van de buiten-bijbelse godsdienisten is uitgegaan en nog uitgaat. Realiseren wij ons wel, dat de Islam meer dan 300 miljoen belijders telt en dat er meer dan 200 miljoen Boeddhisten zijn?
De auteur van dit werk schrijft over zes wereldgodsdiensten: Islam, Brahmanisme, Hindoeisme, Boeddhisme, Sjintoisme en Jodendom. Hiji doet dit populair, vlot, met een grote liefde van zijn onderwerp. Hij laat zien hoe de godsdiensten zijn ontstaan, vertelt een en ander over de geschiedenis en handelt over de leer en de levensbeschouwing. In alle godsdiensten der aarde en in de vorm, die ze in de loop der tijden verkregen, zegt schrijver, vindt men een weerspiegeling van de idealen der mensen, een vertolking van hun gemoedsverlangens. Het is de moeite waard kennis te nemen van hat intens godsdienstige leven, dat het verre Oosten in voortdurende beweging houdt; fascinerend is de onderlinge verbondenheid der Oosterse godsidiensten.
Schrijvers persoonlijke standpunt is niet ongelijk aan dat van Lessing, zoals deze dit in de Ringparabel in Nathan der Weise heeft geformuleerd. Interessant boek, dat, keurig uitgevoerd is en met zestien pagina's foto's is versierd.
Bt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 februari 1959
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 februari 1959
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's