CHRISTUS BESPOT
Mattheüs 26 : 67, 68
Ziehier de „hoogste" wereldpret; haar hellediep verlangen:
Een Jezus, met de ogen blind, met schaterlach ontvangen.
Een Man van Smarten, stil en zacht, Wien men wel durft te vragen:
„O Christus, profeteer ons toch: Wie heeft U daar geslagen? "
Men heeft Zijn ogen toegedekt; nu mag Hij het vrij raden.
Hij is Profeet; zo Hij het weet, dan nemen zij de schade.
Hier drijven zij hun helse Spot met Zijn alziende ogen.
Zij dagen zelfs de hemel uit; de Vader in den hoge.
O, wondre liefde van dat Lam, met 't aangezicht omwonden.
Dat het daarvoor op aarde kwam, geslagen en geschonden!
Stond het daar niet in mijne plaats? Zó stil en 'zó geduldig.
Voor alle duivelen ten spot? Want ik was hier toch schuldig?
Dat Hij den vijand laat vrij spel, het is om mijne zonden.
En wie Hem slaat. Hij weet het wel; Hij kent ze, die Hem wonden.
Eenmaal zal aller oog Hem zien; ook die Hem eens doorstaken
En veinzend zullen hulde bien, die hier Hem 't harte braken.
Maar ach! O Heere, zeg het mij: Heb ik U ook geslagen?
Al hebt Gij duizendmalen wel in liefde dat verdragen?
Gij zijt en blijft toch mijn Profeet, vol rijke Godsgedachten,
Die Gods verlossingsplan ontplooit voor die 't van U verwachten.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 februari 1959
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 februari 1959
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's