GELOOFSENTHOUSIASME IN NEDERLAND EN TORADJALAND 1
Dit onderwerp heeft veel aantrekkelijks.
Wij leven hier in Nederland, wat het kerkelijk en geestelijk leven betreft, niet in een tijd van geestelijke bloei. Men hoort veel van lauwheid en laksheid, maar wéinig van echte geestelijke blijdschap. De kerken in Nederland zijn oud en vertonen de verschijnselen van ouderdom, zegt men soms. Het is net als bij oude mensen, zo meent men. Oude mensen kennen ook weinig enthousiasme en hebben niet meer de spirit van de jeugd. Daartegenover meent men dan, dat de zogenaamde jonge kerken op het zendingsveld meer zijn als de jeugd: vol leven, vol hoop en enthousiasme. In die jonge kerken is meer géloofsblijdschap.
Toch is het onderwerp niet zo eenvouldig als het zich eerst laat aanzien. Want het is niet zo gemakkelijk om die twee te gaan vergelijken. De kerk in Nederland heeft een lange geschiedenis achter zich, terwijl de kerk op het zendingsveld nog zo jong is. Hoe meer men er over nadenkt, hoe moeilijker het wordt om West met Oost te vergelijken.
Wanneer wij spreken over geloofsenthousiasme dan bedoelen we daar toch niet mee een geestdrijverij, een gedreven worden door een geest, die een mens opzweept, zó, dat hij door zijn gevoel gedreven wordt. Geestdrijverij vinden we in het oude Toradjaland ook wel. Een Toradja kon ook wel eens met een zeker enthousiasme spreken over zijn oude geloof in de geesten. En een Moammedaan kon ook wel eens door zijn gevoel gedreven worden, zodat hij met een zeker enthouslasme zijn geloof ging verdedigen. Maar geestdrijverij bedoelen we dus niet.
Onder geloofsenthousiasme zou ik willen verstaan: met blijdschap leven en getuigen van het vaste vertrouwen dat niet alleen aan anderen, maar ook aan mij geschonken is het heil in Christus Jezus, nl. de vergeving der zonden om der verdienste van Christus wil.
Wanneer we zo het geloofsenthousiasme willen zien, dan raken we met ons onderwerp het kerkelijk en geestelijk leven in Nederland en in 't Toradjaland. Maar dan voelen we ook meteen de moeilijkheden, die hieraan vastzitten, omdat het een zeer subtiel werk is, het geestelijk leVen te toetsen en te vergelijken.
Kerkgebouwen kunnen we zien en een kerkelijke organisatie kunnen we in regelen vastleggen, maar het geestelijk leven en de geestelijke drijfveren, diie er achter zitten te toetsen en te beoordelen is niet zo eenvoudig.
Daar komt nog bij, dat wij hier moeten nagaan het geloofsenthousiasme van twee heel verschillende volken of landen: Nederland en Toradjaland. Deze twee liggen wat geschiedenis, ontwikkeling en geaardheid betreft zover uiteen, dat we ze met het voegwoordje , , en" maar moeilijk naast elkaar kunnen zetten.
En waar zullen we het geloofsleven aan gaan toetsen? Welke maatstaven moeten daarbij worden aangelegd?
Moet het in de kerkgebouwen tot uiting komen? Wiji kunnen wel eens zeggen, die mensen hebben heel wat voor hun geloof over als ze zulke mooie kerken kunnen bouwen. Als het echter in de kerkgebouwen tot uiting zou moeten komen dan zou er weinig geloofsenthousiasme bij de Toradja's te bespeuren zijn, want over het algemeen zijn de kerkgebouwen in het Toradjaland zeer sobertjes. Hebben we hier in Nederland niet erg veel grote en mooie kerkgebouwen, terwijl er van geloofsenthousiasme soms niets te bespeuren valt? Zo preekte ik pas nog eens in een plaats in een grote kerk, waar een 700 tot 800 mensen waren. De kerkeraad vertelde echter dat er zondagsavonds gewoonlijk niet meer dan 30 of 40 mensen kwamen. En men kan toch maar moeilijk van geloofsenthousiasme spreken als er zo weinig behoefte is aan de prediking van het Woord.
Ook de organisatie van het kekelijk leven is geen maatstaf, want men kan een goede organisatie hebben, terwijl toch alles binnen die organisatie droog formalisme is. Zeker, een goede organisatie van het kerkelijk leven is belangrijk. Toch is zij niet de maatstaf voor het peilen, van het geestelijk leven.
Het geloofsleven van een ander mens en meer nog van een ander volk is wel heel moeilijk te toetsen.
Daar komt nog bij dat het niet zo eenvoudig is om het geloofsleven saam te vatten van een volk. Wat een verschillen zijn niet tussen het noorden en het zuiden van ons land. Wat is het moeilijk om te zeggen, zó is het geloofsleven in Nederland. En wat zullen we zeggen van het Toradjaland, waar de stammen soms zo ver van elkaar verwijderd wonen en verschillen in geaardheid bezitten?
Denk maar eens aan de brieven, die Johannes op Patmos schrijiven moest aan de zeven gemeenten in Klein Azië. Wat een onderscheid in die zeven gemeenten. Wat een verschil tussen Smyrna en Laodicea. Wat is het moeilijk om te zeggen, zó was het geloofsleven in Klein Azië.
Wanneer we de gemeenten in het Toradjaland gadeslaan dan zien we daar ook een heel groot onderscheid. En bij de beoordeling van het geloofsleven zullen we op onze hoede moeten zijn voor overschatting en voor onderschatting.
Toch willen we een poging wagen om iets van dat geloofsleven te weten te komen.
(Wordt vervolgd)
Nieuwerkerk a.d. IJssel.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 april 1959
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 april 1959
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's