Uit de Generale Synode
Van maandag 22 juni tot donderdag 25 juni '59 kwam de generale synode der Néd. Herv. Kerk in vergadering bijeen op Woudschoten.
De praeses, dr. A. A. Koolhaas, was door ziekte verhinderd de synodevergaderingen te praesideren.
Eveneens door ziekte verhinderd was de secretaris van algemene zaken, ds. Landsman.
De leiding van de synodebijeenkomst berustte nu bij de assessor, ds. Van der Hooff die zich , met de vervangende krachten voor het scribaat voor een niet gemakkelijke taak zag geplaatst.
Ik wil u graag uit het behandelde en beslotene ter vergadering wat meedelen.
Ik begin met het voorstel om wijzigingen aan te brengen in ordinantie 3 van de kerkorde, welke handelt over de verkiezing van ambtsdragers. Hierbij behoort vanzelf ook dè verkiezing en bevestiging van herders en leraars. Voorwaar geen eenvoudige zaak. Als er in een gemeente een vacature zal ontstaan doordat de predikant een beroep naar een andere gemeente aannam, komt er voor de kerkeraad een zeer belangrijk en verantwoordelijk werk aan de orde. Over 't algemeen wordt door de gemeenten veel te weinig beseft, hoe nodig de kerkeraad bij zijn arbeid de voorbede behoeft. Bij beroepingswerk is allerlei critiek natuurlijk gemakkelijk genoeg, maar het neerleggen van het beroepingswerk en van degenen die dit te behartigen hebben, voor de troon der genade, om de Koning der Kerk Zijn licht en wijsheid. Zijn kracht en leiding af te smeken, is beter en is geboden. Waar nu mensen tot kerkewerk geroepen worden, kunnen natuurlijk allerlei fouten worden gemaakt. Behoefte aan voorlichting kan, sterk worden gevoeld. Hulp en bijstand kunnen op zeer hoge prijs worden gesteld.
Er bestond reeds in onze kerk een commissie voor het beroepingswerk. Deze commissie bestaat uit ten hoogste zeven leden, benoemd door de generale synode uit de lidmaten der kerk. ledere kerkeraad nu kon deze commissie voorlichting en bijstand vragen inzake de keuze van een predikant. De commissie mocht deze voorlichting en bijstand ook eigener beweging geven. Vooral in de eerste tijd maakten niet zo veel kerkeraden van döze mogelijkheid gebruik. Maar de laatste tijd vooral — zo werd ons ter synode meegedeeld — groeide het aantal kerkeraden, dat zich tot de commissie wendde om advies bij een vacature.
We stellen dus even goed vast dat bij deze regeling iedere kerkeraad volkomen vrij was om advies te vragen of niet.
Tegen deze commissie zijn altijd reeds stemmen opgegaan. Dat geschiedde niet uit dezen hoofde, dat men tegen het vragen van advies is, maar wèl omdat men duchtte dat in de toekomst grotere , , macht" aan de ingestelde commissie en wat daarmee samenhangt, zou worden toegekend.
Dat deze gedachtengang niet onjuist geweest is, blijkt uit het voorstel dat in eerste lezing door de synode was aanvaard, door de classicale vergaderingen werd besproken en beoordeeld en daarna ter eindbeslissing aan de synode werd voorgelegd.
Het voorstel komt hierop neer, dat het vragen van advies aan de ingestelde commissie voor het beroepingswerk verplicht wordt gesteld. En vervolgens : — let wel op dit voorstel — dat een aangenomen beroep alleen goedgekeurd kan worden als bij de andere noodzakelijke stukken ook verklaard kan worden dat de door de commissie voor het beroepingswerk gegeven adviezen naar het oordeel van het breed moderamen der classicale vergadering, ernstig door de kerkeraad zijn behandeld".
Bij de toelichting en motivering van dit voorstel werd o.m. opgemerkt, dat er gelukkig veel kerkeraden zijn, die „een goed beroep" uitbrengen, maar dat het toch maar al te vaak voorkomt, dat er gehandeld wordt naar bepaalde indrukken en vooronderstellingen, die niet ter zake zijn. Door het onderhavige voorstel zou nu de mogelijkheid gegeven zijn overleg te plegen in een sfeer van vertrouwen, zodat verantwoord gehandeld wordt ten opzichte van zaken, welke zowel voor de plaatselijke gemeenten als voor de gehele kerk van zeer grote betekenis zijn.
Ik meen, dat er een dagblad geweest is, dat met vette kop bekend maakte, dat de kerkeraden in hun beroepingswerk in den vervolge gebonden zouden zijn. Dit is toch niet juist. Al zou het hele voorstel, zoals het er lag, zijn aanvaard, dan nog bleef iedere kerkeraad uiteindelijk vrij om te doen wat hijzelf wilde. Het gevraagde advies moest dan wel ernstig worden behandeld, maar behoefde niet te worden opgevolgd.
Dit moeten we dus ook goed zien. Zoals vanzelf spreekt waren de beoordelingen in de classis en in de generale synode lang niet onverdeeld gunstig.
Het verplicht vragen van advies werd verdedigd met de argumenten, dat dit het juiste beroepingswerk zou bevorderen en dat de gemeente toch niet aan het advies gebonden was.
Het werd bestreden met het argument dat de kerk hier aan de kerkeraden niets dwingends moet opleggen, ook ai is men dan aan het advies niet gebonden. Als een kerkeraad dit wenst, kan ook nu reeds advies gevraagd worden. Bovendien kan de commissie eigener beweging advies geven. Waarom een verplichting? Dit wijst toch in de verkeerde richting van het ingrijpen in de autonomie van de plaatselijke kerkeraad. Bovendien kwam de vraag op, een m. i. gerechtvaardigde vraag, wat, bij het licht van deze voorstellen, mogelijk de volgende stap zal zijn? Mogelijk verplicht advies-vragen en verplicht opvolgen van het advies? Wordt zó de stoel niet gereedgezet voor „de bisschop"? 't Is maar een vraag.
Een ander argument werd ontleend aan de sfeer van vertrouwen waarin het overleg kan worden gepleegd. Ik dacht dat juist de sfeer van vertrouwen werd geschaad en wel in ernstige mate, wanneer het advies-vragen verplichtend wordt gesteld. Hoewel getracht werd dit argument te ontzenuwen, blijf ik toch beslist bij de juistheid van dit argument. Bij verplicht-advies vragen wordt het vertrouwden geschaad.
Ondanks bestrijding werd het verplicht advies vragen, aanvaard, terwijl dan de kerkeraad vrij blijft om dit advies op te volgen.
Anders ging het met dit voorstel, dat het breed moderamen der classicale vergadering, bij goedkeuring van het aangenomen beroep, moet kunnen vaststellen dat naar zijn oordeel de gegeven adviezen ernstig zijn behandeld.
Ge gevoelt wel dat door dit voorstel de , , aanslag" op de vrijheid van de kerkeraad dreigender wofdt. Het is een soort , , stok achter de deur", denk er om dat het verplicht advies grondig en degelijk wordt behandeld.
Hier zou het begin van een zekere , , binding" om het hoekje van de deur van de kerkeraadskamer kunnen komen gluren.
Vele waren de bezwaren tegen dit voorstel.
Ook al, omdat het woord , , ernstig" in de lucht hangt. Hoe moet het breed moderamen van de classis dit beoordelen? Welke maatstaven moeten daarbij worden aangelegd? De grootste moeilijkheden en grote verscheidenheid van beoordeling door de classicale brede moderamina zouden hier kunnen optreden.
Gelukkig werd dit voorstel dan ook met overgrote meerderheid van stemmen verworpen, als ik me goed herinner met bijna algemene stemmen.
Zo blijft dus het verplicht adviesvragen, terwijl de kerkeraad vrij is dit advies al of niet op te volgen.
Wij blijven het betreuren dat dit verplicht advies-vragen in de kerkorde is opgenomen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 juli 1959
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 juli 1959
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's