Boekbespreking
J. Soetendorp, Symboliek der Joodse Religie, 213a blz., geb. ƒ 15, 90. Uitgevers Mij. W. de Haan N.Y., Zeist, 1958.
Toen ik dit boek onving, dacht ik aan de dagen van de bezetting en aan „de oorlog, die Hitler heeft gewonnen". Een vriend in Rotterdam kwam bij mij met een klein kokertje, dat hij gevonden had in een leeggehaalde woning van een weggevoerde Joodse familie. Het bleek een mezoeza te zijn, een kokertje, waarin een perkamenten rol met daarop geschreven enige gedeelten uit het boek Deuteronoinium, o.a.: „Hoor, Israël, de Heere onze God is een enig Heere." Wat er de zin van is? Zie, daarvan lezen wij in dit boek van de Rabbijn der liberaal-joodse gemeente van Amsterdam. De Mezoeza bedoelt de heiliging van het huis. „Uw Woord is mij een lamp voor mijn voet." Het werd bevestigd aan de post van de buitendeur. Naar echt Joodse beschouwing is dit kokertje met het Bijbels opschrift geen talisman, al zijn er ongetwijfeld Joden geweest, die de mezoeza zagen, zoals anderen een hoefijzer, een soort amulet om allerlei onheilen te weren.
Zo heeft het Jodendom vele symbolen en riten, waarvan schrijver van dit uitvoerige werk een verklaring en beschrijving geeft. Veel herinnert ons aan het Oude en ook aan het Nieuwe Testatnent. Denk aan de tsisti, door de Statenvertaling weergegeven met snoertjes, de Nieuwe vertaling heeft gedenkkwasten in Nuimeri 15 : 37 en aan Mattheüs 23 : 5.
In den brede vertelt schrijver ons van de Sabbat en van de grote plaats, die de viering van deze in het Joodse gezin inneemt. De grote Joodse denker Franz Rosenzweig schreef in een brief: , , 'Men laat het gezin die dag „onder elkaar". Nood breekt de sabbat; maar zij breekt hem ook in stukken en de scherven zijn niet de moeite om naar te kijken." Onwillekeurig passen wij dat toe op onze zondag, die ons volk hard bezig is te verliezen, althans wat betreft de geestelijke zin van deze dag. In de dagen van de ballingschap, als het heidendom meer dan ooit het Jodendom bedreigt, dan zegt de profeet Ezechiël: „Daartoe gaf ik hun mijn sabbatten om een teken te zijn tussen Mij en hen, opdat zij zouden weten, dat Ik de Heere ben, die hen heilig". De sabbat een teken; zo ziet Israël dat, ondanks alles.
Zo zouden wij voort kunnen gaan: wij lezen van de Barmitswa en wij denken aan de gang van de twaalf-jarige Jezus naar de Tempel. Van verloving en huwelijk; van ziekbed en rouwgebruiken; van synagoge en de feestdagen.
Een vlot geschreven, goed uitgevoerd en mooi geïllustreerd boek. Ik zou zeggen: aan alle voorwaarden is voldaan om het een werk te maken, dat veel gelezen wordt.
Dr. W. J. Kooiman, Luther en de Bijbel. ; 204 blz., geb. ƒ5, 40. Uitgave Bosch & Keunng, Baarn.
Schrijver, die reeds vele malen geschriften over Luther en het Lutheranisme publiceerde, geeft in dit werk, dat uitkwam in de serie „Bibliotheek van boeken bij de Bijbel" een uitnemende studie over Luther en de Bijbel. Van de 19 hoofdstukken noemen wij enige: de eerste kennismaking met de Bijbel; de colleges over Romeinen, Galaten, over de Psalmen; over de vertaling van het Nieuwe Testament en de uitgave daarvan; vertaling van het Oude Tes'tament; de autoriteit van het Woord Gods en de inspiratie.
Op boeiende wijze tekent prof. Kooiman ons Luther in diens worsteling om de Schrift te verstaan en haar door te geven. Welk een diepe eerbied heeft de reformator gehad voor de Heilige Schrift! „Niemand spreekt er op een juiste wijze van of verstaat een Schriftwoord werkelijk, als zijn ziel niet gelijkvormig is aan de inneriijke beweging van hetgeen hij leest, zodat hij diep van binnen gevoelt, wat hij met zijn ogen leest en uitroept: werkelijk, zo is het".
Luther verwerpt een allegorische wijize van Schriftinterpretatie; voor de allegoristen is in de grond der 'zaak de letterlijke zin der woorden van geen belang. „Toen ik een monnik was, was ik een ware kunstenaar in het allegoriseren", schrijft hij' later.
Uit de aard der izaak gaat schrijver in den brede in op de vertalingen van het Oude en het Nieuwe Testament. Eigenlijk is hij zijn gehele leven bezig 'geweest om deze vertaling te polijsten en bij te slijpen. Men heeft wel eens gezegd: Luthers vertaling van het Nieuwe Testament is meer dan een weergave van het oorspronkelijke in het Duits; het is een schepping. Als Luther bezig is met de vertaling van Job schrijft hij aan een vriend: „Het schijnt wel of hij '(n.l. Job) ons vertalen nog slechter verdraagt dan de vertroosting van Zijn vrienden. Het is wel gebeurd, dat men in vier dagen met nauwelijks drie regels uit het boek Job klaar kwam.
Van grote betekenis zijn de voorreden op de verschillende boeken. Die op het Nieuwe Testament en de belangrijkste passage van de voorrede op het Oude Testament zijn door schrijver in dit werk opgenomen. Terecht wijst schrijver er op, dat de uitdrukking „strooien brief" over Jacobus zeer bekend is geworden, maar dat het woord gewoonlijk uit zijn verband wordt gehaald. Schrijver meent, dat het dwaas is om te beweren, dat Luther in de plaats van de paus van Rome een papieren paus zou hebben gesteld.
Voor mijn bewustzijn komen de moeilijkste vragen in de laatste hoofdstukken, waar schrijver wijst op de accentverschuiving in Luthers leer van de Schrift. Tegenover de Schwarmgeister ging Luther meer dan vroeger de nadruk leggen op' de eenheid van Schrift en Woord., Het is voor mij de vraag, of achter Luthers Bijbelbeschouwing zijn leer van de menswording staat.
Een vlot geschreven, verantwoord boek.
Bt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 juli 1959
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 juli 1959
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's