De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

GELOOF

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

GELOOF

7 minuten leestijd

Geloof heeft in vele plaatsen in de Handelingen en in de brieven een zeer bepaalde betekenis als geloof in de vergeving der zonden om Christus verdiensten: b.v. Hand. 14 : 22: Dat zij zouden blijven in het geloof. Hand. 14 : 27: Dat Hij de heidenen de deur des geloofs geopend had. Hand. 15 : 9: Gereinigd hebbende hunne harten door het geloof. Hand. 16:5: de gemeenten dan werden bevestigd in het geloof. Hand. 20:21: de bekering tot God en het geloof in onze Heere Jezus Christus. Paulus spreekt zelfs van de wet des geloofs (Rom. 3 : 20); in Galaten 2 : 3 en 5 gewaagt hij van de prediking des geloofs; in Galaten 3 : 23: eer het geloof kwam, waren wij onder de wet.

Men ziet, dat wij in al deze plaatsen voor geloof Evangelie kunnen lezen, en dan het Evangelie niet als een dode letter, maar, zoals het in de gemeente leeft door het geloof, het Evangelie, zoals het in de gemeente door het geloof gekend wordt als een kracht Gods tot zaligheid.

Bij dit Evangelie betrokken zijn, deel hebben aan de belofte des Evangelies door de uitnemende kennis van Christus. Dat is het geloof. Zo leeft het in de gemeente. Zo wordt het in de gemeente bewaard en gepredikt.

Immers het geloof is werking van de gemeenschap met het Evangelie door de Geest van Christus, toeëigening van de beloften Gods, die in Christus ja en amen zijn, toeëigening van de vergeving der zonde, toeëigening van de rechtvaardigheid des geloofs, wandelen in de voetstappen des geloofs door de werkingen van de Geest des geloofs (2 Cor. 4 : 13).

Die Geest des geloofs is dezelfde, die ook de Geest van Christus genaamd wordt, dezelfde, die ons ook als de Heilige Geest wordt voorgesteld. Hij is de Geest, die Christus, de Zoon, het Woord in alle werken Gods vergezelt en zo nauw met Christus verbonden is (Hij wordt Hem geschonken niet met mate), dat Hij ook de Geest van Christus wordt genoemd.

Als de Schrift nu in deze zin over het geloof spreekt, dan bedoelt zij de levende betrekking tot al de heerlijkheid en de rijkdom van de volheid der genadegaven Gods door de Heere Jezus Christus in het werk der verzoening en der verlossing verworven em voor de Zijnen bereid.

Het geloof is derhalve een levende betrekking tot die weldaden en goederen, die in Christus zijn. In Hem is al die volheid. Hij is de genade gifte Gods. Alzo is het geloof een levende betrekking tot de Heere Jezus Christus, een persoonlijke betrekking tot Hem, die ons in de Evangeliën wordt voorgesteld als het Woord, door hetwelk alle dingen gemaakt zijn, het Woord, dat is vleesgeworden en onder ons heeft gewoond, als het Lam Gods, dat de zonde der wereld wegdraagt, en als de Levensvorst, die de dood heeft overwonnen.

Wij noemen het geloof een persoonlijke betrekking tot de Heere Jezus Christus, en dat zal niemand tegenspreken, die daarvan kennis draagt. Dit kan echter niet tot de slotsom voeren, dat ieder een geloof naar eigen smaak zou hebben. Want, hoewel het geloof inderdaad persoonlijk is, leidt het ons binnen in de gemeenschap van allen, die van Christus zijn. Daarom heeft het geloof een gemeenschappelijk karakter, ondanks de persoonlijkheid. Het is één en hetzelfde geloof, dat allen aan dezelfde Christus bindt, omdat het één God is, die allen in de waarheid leidt, gelijk geschreven is, één Heere, één geloof, één doop i(Efeze 4:5).

En gelijk de Heilige Geest zich gebonden heeft aan het Woord, omdat het Gode behaagd heeft door de Heilige Schrift Zijn waarheid in eeuwige gedachtenis te houden, zoals Calvijn opmerkt, zo is ook het geloof der gemeente gebonden aan dat Woord. Want het geloof is uit het gehoor en het gehoor door het Woord Gods (Rom. 10 : 17).

Hoewel dat nu alles zo zijn mag, wordt aan een iegelijk het geloof niet in dezelfde mate medegedeeld. Er is verscheidenheid van gaven ook in het geloof, maar er is ook verscheidenheid van maat. Vgl. Rom. 12 : 3: , , gelijk als God een iegelijk de mate des geloofs gedeeld heeft." Zo is het profeteren, d.i. getuigen uit het geloof, afhankelijk van de ons toebedeelde maat des geloofs. (Rom. 12 : 7). De Heere geeft aan de één meer licht in het Woord dan aan de ander, doch daarom kunnen zij beiden in het geloof Christus en Zijn weldaden omhelzen in zoverre het geloof een levende hetrekking tot Christus is en aan de beloften Gods mag vasthouden.

Er is verscheidenheid van maat en vordering in het geloof, want het geloof is als een plant en er is ook verscheidenheid van gaven, , , naar de genade die ons gegeven is" (Rom. 12 : 6; 1 Cor. 12 : 4).

Maar — en dat is niet hetzelfde — er is ook verscheidenheid in het geloof. De theologen hebben daarop reeds gewezen, als zij spreken van zaligmakend geloof, tijdgeloof, historisch geloof en wij zouden nog meer kunnen noemen. Het is er ons niet om begonnen deze onderscheidingen nader te bekijken en uit een te zetten. Wel willen wij er de aandacht op vestigen, dat het geloof naar zijn inhoud en omvang zeer verschillend kan zijn, zodat het ook met een zeer verschillende kennis van God en ons zelf wordt toegerust.

Zo spreekt Calvijn van tweeërlei Godskennis, die beide vrucht zijn van de werking van Woord en Geest en toch niet tot dezelfde Godskennis voeren, hoewel zij op dezelfde God gericht zijn: t.w. kennis van God de Schepper en kennis van God de Verlosser. (Calvijns Institutie I. 6. 1.) , , Ik spreek nog niet", zo schrijft Calvijn, , , over de bijzondere leer des geloofs, door welke zij verlicht zijn geweest tot de hoop des eeuwigen levens. Want om over te gaan van de dood tot het leven, was het noodzakelijk God niet alleen te kennen als Schepper, maar ook als Verlosser; gelijk ze zeker dat beide verkregen hebben uit het Woord" (cursivering van mij, S.).

Men kan dus eigenlijk niet spreken van tweeërlei geloof, doch wel van tweeërlei Godskennis. De bijzondere leer strekt verder. Deze bijzondere leer vindt oorzaak in een bijzondere verlichting, welke tot de uitnemende kennis van Christus en van de kracht Zijner opstanding voortleidt.

Hier strekt de inhoud en omvang van het geloof zich veel verder uit dan bij de meer algemene kennis van God als Schepper en Onderhouder der wereld.

Als wij dan het geloof een levende betrekking tot God helbben genoemd, is er derhalve gerede aanleiding voor de vraag, of wij mensen hier op aarde de betrekking tot God ooit anders zullen kunnen kennen en Ieren kennen dan door het geloof. Het is trouwens openbaar, dat wij met ons verstand niet vermogen en het wordt door de apostel duidelijk betuigd, dat de natuurlijke mens niet begrijpt de dingen, die des Geestes Gods zijn (1 Cor. 2 : 14).

En voor zover er geloof is, d.w.z. voor zover er enige kennis van God is, ligt daaraan een openbarende daad Gods ten grondslag. Zelfs de z.g. natuurlijke Godskennis, liever het algemeen besef, dat God is, schrijft Calvijn toe aan een gestadige vernieuwing van de herinnering van Gods wege (Institutie I. 3. 1.). Doch om tot God de Schepper te komen is de leiding en onderwijzing der Schrift nodig, zo luidt de titel van het zesde hoofdstuk, waarin hij' dit nader aantoont.

Ook in deze onderwijzing is een openbarende daad Gods overeenkomstig de toezegging des Heeren, dat de Heilige Geest de Zijnen zal leiden in de Waarheid.

Daarom konden wij zeggen, dat het geloof een levende betrekking is, hetgeen ook bedoeld wordt, als de belijdenisgeschriftien spreken van een waar geloof. Wanneer die geestelijke werking ontbreekt, is het geen levende betrekking, maar een aannemen van horen zeggen, en een mening, die morgen weer anders kan zijn. '

S.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 september 1959

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

GELOOF

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 september 1959

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's