De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

HET ZOMERCONGRES DER CALVINISTISCHE STUDENTENBEWEGING 1959

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

HET ZOMERCONGRES DER CALVINISTISCHE STUDENTENBEWEGING 1959

5 minuten leestijd

Van 24 tot 29 augustus 1959 vond in Lunteren het C.S.B.-congres plaats — een bekend hoogtepunt in het gereformeerde studentenleven —, dat als ontmoetingsplaats van de verschillende modaliteiten der Gereformeerde Gezindte in het verleden ook al vaker van zeer veel nut is gebleken. Niets kan die betekenis beter illustreren dan het vermelden van enkelen die als spreker of bezoeker aanwezig waren: mr. W. Aantjes, dr. W. P. Berghuis, prof. dr. G. C Berkouwer, ds. G. Boer, Lt. Gen. M. R. H. Calmeyer, dr. J. D. Dengerink, prof. mr. P. S. Genbrandy, prof. dr. H. Jonker, ds. J. Overduin, prof. dr. K. J. Popma, ds. S. J. Popma, prof. dr. ir. H. van Riessen, prof. dr. A. A. van Ruler, mr. Verplanke en prof. mr. Versteeg. Dr. J. D. Dengerink gaf als eerste referent een overwicht van de ontwikkeling van het Calvinisme buiten Nederland.

Dinsdagmiddag sprak prof. dr. A. A. van Ruler over: , , Wat moet de Christenheid willen met de staat? " In een boeiend en sprankelend betoog pleitte prof. Van Ruler voor de theocratie, waarin de kerk profetisch spreekt tot de staat. In de discussie kwam heel wat verweer tegen zijn visie, die in dit kort bestek onmogelijk uitvoerig kan worden weergegeven. Voor prof. Van Ruler betekent het ideaal van de staat met de Bijbel: de staatsrechtelijke erkenning van de Bijbel als Gods Woord. Aan dr. Berghuis was het niet duidelijk geworden wat het betekent dat de staat met de Bijbel moet werken. Gevraagd werd naar concretisering van dit ideaal en naar het verschil met de door de christelijke politieke partijen voorgestane , , politiek met de Bijbel". Het gebruik maken van de partij en oprichten van aparte christelijke organisaties is, volgens prof. Van Ruler, een vraag van taktiek en niet van beginsel. Daar werd tegenover gesteld dat deze stelling weinig relevant is in de huidige, zowel als in de 19e-eeuwse situatie. De christelijke partijen, hoewel de geest der Franse revolutie verwerpend, hebben de ontstane situatie aanvaard als uitgangspunt voor het politieke handelen en gebruik gemaakt van de middelen (partijformatie) die deze tijd biedt. Prof. Van Ruler ziet de laatste 150 jaar gaarne als een experimenteel stadium en schort voor zichzelf de beslissing inzake b.v. de politieke partijen nog wat op. Kerk en staat ziet hij als de belangrijkste grootheden, omdat daar  de ultimale beslissingen ten aanzien van gezin, school, bedrijf etc. vallen. Prof. Van Riessen vreesde hier dualisme te bespeuren en achtte dit een overschatting van de betekenis van de staat, die volgens hem een sfeer is naast gezin, school, 'bedrijf etc, en een onderschatting van de soevereiniteit in eigen kring. Geeft de Bijbel ons wel aanleiding om in deze bedeling, waarin de satan nog niet ten volle uitgerangeerd is en de zonde nog in ons hart leeft, zo zeer te anticiperen op het Koninkrijk Gods dat niet van deze wereld is, zo vroeg hij. Met klem poneerde prof. Van Ruler dat het Evangelie geïnteresseerd is bij de politiek. „Een christelijke draad (= een christelijke politieke partij) in het neutrale politieke tapijt is ver beneden de maat van de Bijbelse eis".

's Avonds werd, in een ontmoeting met de redaktie van het letterkundig blad , , Ontmoeting" 'door de heer C. Ouboter gesproken over: religieuze motieven in de moderne Nederlandse litteratuur.

De volgende dag sprak prof. dr.. ir. H. van Riessen over: , , Cultuurcrisis en Christendom". In deze , , tijdrede" in de beste zin van het woord zette hij de betekenis van de Reformatie als cultuurvormende kracht uiteen. De Kerk vóór de Reformatie had het Evangelie in zijn totale en radicale zin voor het gehele leven ondermijnd. De Reformatie doorbrak het natuur—genade schema en betrok alzo de verlossing op de gehele natuur: géén gebied heeft zich autonoom kunnen handhaven door de zondeval. De Christen is geroepen tot een taak. De mens is mondig, in vrijheid verantwoordelijk. De westerse cultuur is een christelijke cultuur, maar steeds meer treden seculariserende tendenzen naar voren. Op de huidige crisis is reeds de aandacht gevestigd door Nietzsche en Spengler. Toynbee, Tillich, Jaspers en Mannheim stelden niet alleen een diagnose, maar wezen ook op de therapie. Voorop stelde prof. Van Riessen dat de zónde de oorzaak is van de cultuurcrisis en dat alleen Gods opdracht en Gods belofte ons overeind kunnen houden. Wij moeten geen volstrekte verwachting van deze cultuur hebben.

Donderdag sprak Lt. Gen. M. R. H. Calmeyer over: , , Zwaardmacht in het atoomtijdperk (een probleem voor verstand en geweten)". Hij wees er met nadruk op dat de bewapening, zo ook de atoombewapening een zaak is van de Overheid. Tegenover de doorgaande expansie van Sowjet-Rusland sloot in 1948 het westen zich in de NAVO aaneen. De opzet daarvan is „het schild en het zwaard". Het schild is louter defenlsief bedoeld en omvat de conventionele wapenen alsmede taktische kernwapenen. Strategische kernwapenen vallen alleen onder het zwaard. Als calvinistische christenen moeten wij eisen dat de overheid haar taak voortzet. De consequenties daarvan zijn: 1. afstand doen van iedere kruistochtsgedachte; 2. de noodzakelijkheid van het op de achtergrond blijven van het gebruik van de strategische kernwapenen, die niet offensief gebruikt mogen worden; 3. het blijven streven naar rechte wereldorde. De overheid moet zich bewust zijn Gods dienaresse te zijn.

's Avonds hield ds. J. Overduin een indrukwekkende toespraak over: , , Vroomheid in het moderne leven".

Als laatste refereerde ds. S. J. Popma over: , , 'Het mensbeeld in de moderne litteratuur".

Wij mogen terugzien op een goed congres, dat de deelnemers stimuleert tot verdere studie en .bezinning. Dat slechts weinigen uit onze kring eraan deelnamen valt te betreuren. Gaan de aan de orde gestelde zaken ons niet aan?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 september 1959

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

HET ZOMERCONGRES DER CALVINISTISCHE STUDENTENBEWEGING 1959

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 september 1959

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's