De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

DE LOF DES HEEREN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

DE LOF DES HEEREN

De Heere regeert ...

6 minuten leestijd

De Heere regeert ... Psalm 99 : 1a.

Onze tekst is ontleend aan de 99ste Psalm. De HEERE regeert. Anders vertaald de HEERE is koning (geworden). Volgens sommigen: heeft de troon beklommen.

Vandaar de naam troonbestijgingspsalmen.: 47; 93; 96 t.e.m. 99.

De laatste jaren is er weer veel gestudeerd op de psalmen. Van ouds zijn zij in hoog aanzien. Luther: we zien er Gods heiligen in het hart. Maar legde men vroeger meer de nadruk op de afzonderlijke vrome zanger, tegenwoordig valt het accent meer op de z.g. cultische functie van de psalmen. M.a.w., ze worden meer gezien als liederen, die in de openbare eredienst in gebruik waren.

De zo even genoemde psalmen, waaronder ook de 99s'te, zouden gebezigd zijn ter gelegenheid van een jaarlijks terugkerend feest in Israël van de troonsbestijging van J.H.V.H., Israels God, wij zeggen: de HEERE. Te vergelijken met soortgelijke feesten van troonsbestijgingen van goden in Babel. De moeilijkheid is, dat voor de historiciteit van deze feesten onder Israël bitter weinig steun gevonden wordt in de bijbelse overlevering. Sommige geleerden komen op deze hypothese al weer terug. Ik voor mij sta er behoorlijk critisch tegenover. Wel is het m.i. duidelijk, dat we hier van doen hebben met een gemeente-lied. Als u de psalm naleest vindt u er driemaal een verklaring in van de heiligheid Gods. Het is de aardse resonantie van het , , trishagion", het driewerf heilig is de HEERE, van de zalige troongeesten (Jesaja 6).

Hier spreekt Israël, niet kunstzinnig of academisch, maar in een belijdenis des geloofs. Dat is het aparte van Israël. Wat van een relatie met de omringende volken in cultureel en godsdienstig opzicht kan zij, hier is tegelijk de scheiding des geestes. Niet de machten en de krachten der natuur worden verheerlijkt, maar God wordt groot gemaakt, 't Is Israëls God, die krachten geeft. De God van de geschiedenis met Zijn volk. De God van de uittocht, van de Sinai, van het Verbond. De mythologische schellen zijn hier van de ogen gevallen. Er heeft plaats een ontmythologisering. Niet deze of gene macht in deze wereld geeft de pas aan. Maar alles en allen zijn in de handen van Hem, die als aller oppervoogd, deez' vernedert, dien verhoogt.

Het aparte van Israël. Mits u het niet verstaat in de zin van een bijzondere prestatie van het oude Godsvolk. Veeleer de particuliere gratie. Israëls verkiezing. Zo wou Hij met geen volken handelen. En is dat niet eigenlijk nog zo. Geen mens heeft dit van zichzelf. Deze belijdenis van Israël is het antwoord op het machtige, heilige en genadige spreken Gods. Als we er niet mee wor­den bekend gemaakt, weten we er immers niet van. Het gaat altijd weer,  en onder de oude bedeling en onder de nieuwe, om het heilige, genadige han­delen Gods tot verlossing en zaliging van zondaren. En vandaaruit, daarin onderwezen, getrokken en omgekeerd, verzoend, ja in de aanvang verlost, is het, temidden van allerlei aanvechtin­gingen, van binnen en van buiten: de HEERE regeert.

Dat is Israël op zijn best. Toegegeven daar leefden ze niet allen, lang niet, en altijd bij. Ook daar veel vorm en buitenkantswerk. Dat zullen we wel altijd houden. Maar dit is inderdaad het hart van de bijbelse religie: de belijdenis van de souvereiniteit Gods. Dat is: Hij doet het en Hij alleen. Hij is het één en al. Uit Hem en door Hem en tot Hem zijn alle dingen. Oud en Nieuw Verbond ontmoeten elkaar op deze deze plaats. In de diepste zin zijn zij niet twee, maar één. Het gaat om die God, die doet wat Hem behaagt. Maar die 's mensen ondergang niet zoekt, veeleer zijn zaliging, in de weg van bekering en geloof.

Het is natuurlijk niet alleen maar een mondbelijdenis. Maar hieruit en hierbij en hiernaar zou de kerk leven. Soli Deo Gloria. Maar niet maar een leus. Ik denk aan de jonge Calvijn, die allerminst begeerde doiminee in Geneve te worden. Maar toen Farel hem, niet bepaald zachtzinnig, verweet, niet Gods, maar eigen eer te zoeken, onderwierp hij zich.

Hoe is het, waarde lezer? Daar zijn we over heel de linie, een heel eind vandaan. In de kerk, de staat en de maatschappij. Persoonlijk en gemeenschappelijk. Wie onderkent het niet, bij anderen en bij zichzelf?

En nu komt het Woord nog weer telkens tot ons. De Heilige Geest worstelt daarin met des mensen geest opdat hij zou wederkeren en het eens. mocht gaan geloven, dat het de waarheid is. We kunnen van alles hebben en dat niet, wat hebben we dan eigenlijk? Een waan. De mens is zelf op de troon geklommen. Hij kan dit en zal dat. Maar zeg er maar gerust bij: zo de HEERE wil en wij leven. Ik weet het, voor het lichamelijk oog en natuurlijk verstand is het moeilijk te verstaan. Wat wij zien is een vaak verbijsterend spel van machten en krachten, economisch en politiek. Maar: hoe duurzaam zij ook schijnen, eens zal al hun glans verdwijnen.

We zouden wederkeren. Maar kan het nog? Is Mij, niet, voor wie de heilige engelen het aangezicht bedekken? Dat is waar. Het is, geen vanzelfsprekendheid. En we zouden er geen spelletje van maken. Maar wat dacht u. Wanneer een mens of een volk in waarheid zou vragen: is er nog doen aan, zouden ze Hem tevergeefs aanroepen? Nooit.

En we zullen er geen spijt van hebben, Want denk er om, dat Hij het stuur stevig in handen heeft. Alle draden van het wereldgebeuren komen daar samen. Het gaat boven onze bevatting. Maar wat er gebeurt: de HEERE regeert. Ik weet wel, het kan er soms diep door moeten. Er is iemand, die zegt: ik moet naar het ziekenhuis voor een ernstige operatie. Wat zegt het Woord van Hem, , die niet liegen kan: de HEERE regeert, En wederom, er zijn zorgen in het hart over de kinderen. Hoe moet dat? Zelfde antwoord. Verder: er is een, die bekommert is om staat en toestand der kerk. Maar als het hier eens gezocht werd. En zo is er nog veel meer. Het staat er niet zo mooi voor in de wereld: Wat zullen wij, en onze kinderen nog mee moeten maken? Bange vragen soms. Maar het is alles in Zijn hand. Die niet varen laat, het werk dat Hij, waar dan ook, begon.

Als het zo ligt, dan kan het lijden:

„Elk hef' met mij de lof dës HEEREN aan".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 september 1959

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

DE LOF DES HEEREN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 september 1959

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's