Uit de Pers
In enkele vervolgartikelen in het dagblad „Trouw" schrijft drs. J. Poot over het onderwerp: Onze Bevolkingsgroei.
Terwijl algemeen de mening heerst, dat de Nederlandse bevolking tegenwoordig zo snel groeit, toont de schrijver aan, dat men hoogstens kan stellen, dat ons groeitempo niet zo traag is als van andere westeuropese volken, bijv. Zweden.
In dit verband wijst drs. Poot op de studie van prof. van Heek: „Het geboorteniveau der Nederlandse Rooms-Katholieken". In deze studie wordt onze bevolkingsgroei diepgaand geanalyseerd. Drs. Poot begrijpt niet, dat de resultaten van deze studie zo weinig de aandacht hebben getrokken in Protestants Nederland, omdat de feiten en conclusies, in deze studie vermeld, werkelijk onthullend zijn.
Vanwege dit onthullend karakter willen wij in dit blad aan hetgeen drs. Poot in „Trouw" over dit vraagstuk heeft geschreven, enige aandacht wijden.
Hij schrijft dan:
Wist u dat Nederland niet het hoogste geboortecijfer in West-Europa zou hebben, als het R.K. geboorteniveau niet zo hoog was? Dat vindt u misschien niet zo bijzonder verrassend. Maar het zegt toch wel iets dat Nederland zonder R.K. een minder sterke bevolkingsgroei zou hebben gehad dan het overwegend Protestantse Denemarken. Dat is toch wel een conclusie die te denken geeft.
Velen hebben misschien nog de indruk dat de geboortecijfers bij de Protestanten nog betrekkelijk hoog liggen. Maar dat is dan ten onrechte. Het R.K. geboortecijfer is n.l. 45 pct. hoger dan dat der Nederlands Hervormden. Het is zelfs bijna 2/3 hoger dan bij de onkerkelijken. Alleen met de Gereformeerden is het verschil niet zo groot n.l. ruim 13 pct. Maar het is duidelijk dat de Gereformeerden alleen, als betrekkelijk kleine groep (nog geen 10 pct. der bevolking), het lage geboortecijfer van de Protestanten niet zodanig kunnen optrekken, dat het gelijk wordt aan het R.K., geboorteniveau.
Berekeningen tonen aan dat, indien het R.K. geboorteniveau gelijk geweest zou zijn aan het Protestantse, in een halve eeuw één miljoen minder Nederlanders zouden zijn geboren dan nu. Anders gezegd: het percentage R.K. in Nederland zou thans niet 38.5 maar 32.5 procent bedragen.
Dit heeft in de toekomst natuurlijk zijn gevolgen voor ons burgerlijk, maatschappelijk en staatkundig bestel. De R.K. kerk krijgt op deze manier langzamerhand, maar zeker een geweldige invloed in het Nederlandse volksleven.
En gaarne maken wij het commentaar van drs. Poot op deze feiten tot het onze, als hij opmerkt:
Ons commentaar aan die Protestantse Nederlanders, die onder hun eigen geloofsgenoten geboortebeperking prediken, zouden wij willen geven in de vorm van een vraag: is dit nu met deze cijfers voor ogen eigenlijk nog wel nodig, om niet te zeggen is dit nu wel verantwoord?
Zo staat het in het heden. Hoe ziet nu de toekomstige ontwikkeling er uit? Wel, de sterkste stijging moet nog komen.
Volgens de R.K. demografen Zeegers en Godefroy, zal in 1960 het percentage R.K. zijn opgelopen tot 40 (het percentage R.K. schoolkinderen was reeds geruime tijd geleden 43), in 1970 tot 41, 5 en in 1980 tot 43, terwijl dan in het jaar 2028 de R.K. de meerderheid zullen behalen.
Wij zijn dus al een heel eind op weg om van een protestantse een roomskatholieke natie te worden. Rome streeft naar dit doel ook welbewust. Het emancipatiestreven van de Roomse Kerk, in de vorige eeuw ontstaan, toen het Rooms- Katholieke volksdeel nog weinig zelfbewust was, zal op deze wijze bekroond worden met de suprematie, de hegemonie van de Roomse Kerk in Nederland.
Heel triest is, dat die toekomstige R.K. meerderheid dus niet zozeer te danken is aan het hoge R.K. geboortecijfer als wel aan het lage protestantse geboortecijfer.
Drs. Poot stelt de vraag: hoe moeten wij als protestanten daarop reageren? Het antwoord kan niet gelegen zijn in een vorm van negatief anti-papisme, noch minder in een pleidooi voor geboortebeperking in eigen kring.
Laten wij liever de hand in eigen boezem steken. Met prof. van Heek komt , , Het advies van professor Kruyt aan de Nederlandse Protestanten om de expansie van het Katholicisme te beantwoorden met grotere religieuze toewijding en offers in eigen kring", ons juister voor.
Zo moet onze reactie dus zijn. Laten diegenen in protestantse kring die geboortebeperking aanbevelen en daarnaast dikwijls zo benauwd zijn voor Roomse suprematie wel beseffen dat zij hun aanbevelingen aan het verkeerde adres richten. Om misverstand te voorkomen: zij kunnen hun aanbevelingen beter helemaal achterwege laten.
De toegestane ruimte in deze rubriek laat het niet toe de oorzaak van dit proces van de verroomsing van Nederland weer te geven. Duidelijk toont drs. Poot aan, dat op een bepaalde manier Rome de calvinistische levensstijl heeft geabsorbeerd. Hieraan — en dat mag niet achterwege blijven — moet worden toegevoegd, dat de invloeden van de moderne ethische principia in het reformatorisch volksdeel hieraan mede schuldig zijn. Wij zijn niet klaar met te zeggen: zo moet het beslist niet. Alleen dan, wanneer protestants Nederland zich in zijn huwelijksethiek gebonden weet aan het Woord Gods, hebben wij nog toekomst. Drs. Poot eindigt als volgt-
Conclusies: Geen emancipatie zonder het calvinisme. En: Geen hoge geboortecijfers zonder de emancipatiegedachte. Deze ontleent haar kracht aan drie deugden: ascese, strijdbaarheid en elan, van het calvinisme overgenomen, zoveel, dat ons bijna niets is overgebleven. De r.k. hebben hun emancipatiegedachte, de socialisten hun wenkend perspectief en wat is ons vooruitzicht?
Reformatorisch Nederland, let op uw saeck! ! !
't Lijkt ons dienstig om het hoofdartikel van „Trouw" van 9 oktober j.l. eveneens van een kort commentaar te voorzien. „Trouw" schrijft zeer waarderend over de Kerkbouwacties, zowel van de Geref. Kerken als van de Ned. Herv. Kerk. Het wijst er op, dat, uitzonderingen daargelaten, eigenlijk nog niet sprake is geweest van een werkelijk offer. Want:
Een werkelijk offer betekent dat men iets geeft en dat men om dat te kunnen doen zichzelf dingen ontzegt, die men heel graag wil.
Wij vragen ons af: Wie onzer heeft zo gegeven? We hebben er met verscheidene mensen over gesproken. En het bleek dat zij met wie wij spraken voldoende bijdroegen om de actie te doen slagen zonder dat zij daardoor zichzelf tastbare beperkingen behoefden op te leggen.
Het artikel eindigt met te zeggen:
Als we op een zo verrassende en gemakkelijke wijze het geld bijeen kunnen brengen dat er voor de meeste mensen nog geen werkelijk offer aan te pas komt, mogen we dan nog wel aan de Overheid subsidie voor Kerkbouw vragen? We begrijpen dat individuele kerken die er alleen voor stonden dat wel eens anders hebben gezien. Maar als we het samen doen, hoeft de overheid geen geld in de tempelschatkist te werpen. Moet dat voor het Kerkvolk niet een erezaak zijn?
De tendenz van deze conclusie is duidelijk. Geen overheidssubsidie voor de kerkbouw. En deze tendenz nu willen wij bestrijden. Bij de aankondiging van de Herv. Kerkbouwactie is duidelijk gesteld, dat bij de bouw van 160 kerken naast de opbrengst van plaatselijke initiatieven en de landelijke Kerkbouwactie ook gerekend wordt met subsidie van de overheid. Toen bekend werd, dat waarschijnhjk ook de overheid zijn deel zal bijdragen in de kosten van de kerkbouw, als althans het in voorbereiding zijnde wetsontwerp door de Staten-Generaal wordt aangenomen, is dit een grote stimulans geweest voor de Kerkbouwactie. Wij zouden daarom graag een andere conclusie willen trekken. Juist nu de kerkbouwactie onder ons volk blijkt te leven — een hoopvol verschijnsel in deze materialistische tijd — is het zaak voor de overheid hierin daadwerkelijk mee te helpen, al was het alleen maar uit een oogpunt van geestelijke volksgezondheid. Voor ons komt daar nog bij, dat art. 36 van de Ned. Geloofsbelijdenis — „over het ambt der Overheid" — nog altijd belijdenis der Kerk is.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 oktober 1959
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 oktober 1959
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's