De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Vanwaar dat verschil? 1

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vanwaar dat verschil? 1

4 minuten leestijd

Zo zou de vraag kunnen worden samengevat, die mij enige tijd geleden schriftelijk werd gesteld, met het verzoek er in de plaatselijke kerkbode eens over te schrijven.

In zijn oorspronkelijke vorm Iuidde hij aldus:

In de geïnstitueerde kerken als de Hervormde Kerk, de Gereformeerde Kerken en de Gereformeerde Gemeente is vaak weinig te bespeuren van een opgewekt christelijk geloofsleven en van een blijdschap om ontvangen genade.

Anderzijds wordt dit geloofsleven en wordt deze geloofsblijheid veel meer gevonden in bepaalde richtingen en kringen, die niet als kerken geïnstitueerd zijn, als het Leger des Heils, de Zoeklicht-vrienden (Joh. de Heer), en mogelijk Baptisten en Pinkstergemeentekringen. Deze kringen en groeperingen buigen zich, naar de briefschrijver meent, wel voor de Heilige Schrift, doch niet (althans niet in elk opzicht) voor de Drie Formulieren van Enigheid. Is dit een toevalligheid, of bestaat er samenhang? Kan het zijn, dat de dogmatiek het leven der kerken in een bepaalde richting ongunstig beïnvloedt, en zou men (met alle achting overigens voor de opstellers en hun geestelijke staat) deze belijdenisgeschriften overboord kunnen zetten en alleen en uitsluitend de H. Schrift als richtsnoer voor leven en wandel kunnen houden?

Tot zover de vraag.

Het leek ons dienstig, aan deze vraag ook in „De Waarheidsvriend" aandacht te schenken, omdat hij een toch niet onbelangrijke zaak aan de orde stelt. Want als het inderdaad zou zijn als daarin gesuggereerd wordt, zouden wij zo spoedig mogelijk de Drie Formulieren van Enigheid opzij moeten zetten om ruimte te scheppen voor een rijkere ontplooiing van het leven des geloofs: zij zouden anders alleen maar in de weg staan en een belemmerende invloed hebben.

De Drie Formulieren.

Nu zijn wij aan deze Drie Formulieren gekomen, omdat de Nederlandse Kerk ertoe gedrongen werd, haar geloof uit te spreken, haar eigen leden en haar eigen jeugd te onderwijzen, en zich af te grenzen tegen de dwaling. Onze belijdenisgeschriften zijn dus niet opgelegd van buitenaf, maar gegroeid uit het leven der kerk zélf, en zij zijn geschriften en getuigenissen van mensen. Vandaar dat altijd de mogelijkheid heeft opengestaan en nog openstaat, op grond van de Schrift zelf, bezwaren tegen deze belijdenisgeschriften in te brengen. Vandaar ook, dat het niet juist is, te zeggen, dat enige kerk zich voor deze geschriften buigt. Zij vormen immers de uitdrukking van het geloof der gemeente Gods: zó heeft Zijn Kerk geloofd en zó gelooft zij nog. Ja, ook dat laatste. Waar het leven des geloofs opbloeit, gevoed uit de Schriften en zich richtend naar de Schriften, vindt geen conflict plaats met wat in de genoemde belijdenisgeschriften wordt beleden; het is hetzelfde geloof in de Christus der Schriften. Het kwaad zit dus niet in de belijdenisgeschriften.

Evenmin zit het in de dogmatiek. De dogmatiek is immers de bezinning van de kerk op wat God in Zijn Woord openbaart, en deze dogmatiek is nodig. Want wij geloven in en wij belijden God, de Vader, die hemel en aarde geschapen heeft. En in Christus, de Heere. In welke Christus? Die op aarde gekomen is om het recht Gods en de ere Gods uit te roepen; Die daarin zondaren zaligheid verworven heeft. Wanneer wij daarover gaan nadenken, bevinden wij ons al midden in de dogmatische bezinning. Hoe zouden wij de dogmatiek kunnen missen? Trouwens, wat zijn de Gezangen, zoals ze ook in de Hervormde Kerk gezongen worden, anders dan het dogma in dichtvorm? Neen, ook in de dogmatiek schuilt het kwaad niet.

De grote inzinking.

Het kwaad schuilt hierin, dat wij ontzonken zijn en dreigen steeds méér te ontzinken aan de belijdenis van onze kerk. Dat wij, kinderen van deze eeuw, vervreemd zijn van het leven des geloofs en der bekering, zoals het in de Schrift zijn voedingsbodem vindt en zijn maatstaf. Dat wij meer weten van de bouw van ons radiotoestel en van onze auto dan van de verborgenheden des geloofs. En dan begint onze dogmatiek hol te klinken, en worden de woorden van onze belijdenisgeschriften bekende klanken, waaraan wij vasthouden en waarbij wij zweren, zonder ze in hun diepte en rijkdom te verstaan. Omdat de ondergrond ontbreekt. De diepte en het leven. Dan worden de Formulieren formules. We zouden bijna zeggen: slagzinnen. Kreten in het wilde weg.

Daarom is ons meteen hier de enige weg gewezen. Niet afschaffing van de formulieren van Enigheid, want daardoor zou de weg geopend worden tot de grootst mogelijke verwarring, maar terugkeer tot het leven der bekering en des geloofs, waaruit die Formulieren, die Belijdenisgeschriften, zijn gegroeid. Terugkeer tot de levende God; tot de waarachtige God, die wij ons maar al te veel van het lijf houden, omdat wij terugschrikken voor de weg, die Hij wijst, en voor het Woord, dat Hij spreekt: het Woord van genade voor verlorenen.

(Wordt vervolgd.)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 december 1959

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Vanwaar dat verschil? 1

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 december 1959

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's