De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

UIT DE PERS

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

UIT DE PERS

6 minuten leestijd

De kerkbouwactie heeft tot nog toe een bevredigend verloop gehad. De 16 miljoen is er nog wel niet, maar het bedrag, dat reeds binnen is — phn. 10 miljoen —, stemt tot tevredenheid. Een grote vraag is thans: wat zal nu de overheid doen? Op dit pmat is de hoofdredacteur van „Hervormd Nederland" niet gerust. In het nummer van 5 maart jl. wordt de vraag - naar de houding van de overheid in deze nijpend genoemd.

Om duidelijk te maken waarom deze vraag zo nijpend is, moeten we er aan herinneren waarom juist in 1959 de grote kerkbouwactie werd georganiseerd en waarom de leuze werd aangeheven: 160 kerken in de eerstvolgende tien jaar!

In de eerste plaats omdat een onderzoek had uitgemaakt dat die 160 (hervormde) kerken inderdaad gebouwd zullen moeten worden, willen de nieuwe woonwijken geen „steden zonder tempels" worden, zoals er bij de vleet in de communistische landen verrijzen!

Er is echter nog een andere reden, deze:

In de tweede plaats omdat op 29 april 1957 door een staatscommissie, waarvan mr. A. M. J. A. Sassen voorzitter was, een rapport betreffende de regeling van de rijksbijdragen voor de kerkbouw werd ingediend bij de minister van Binnenlandse Zaken, waarin zulk een regeling, als zeer urgent, van harte werd aanbevolen.

Dit rapport vond grote bijval zowel in de kring van de K.V.P., de P.v.d.A. als van de C.H.U., terwijl het zich liet voorzien, dat ook de A.R.P. wel mee zou gaan als het op stemmen aan zou komen, terwijl de V.V.D. zich nog het meest aarzelend tot afwijzend uitliet.

Het bleek, dat er staatsrechterhjk geen enkel steekhoudend bezwaar tegen overheidssubsidie voor kerkbouw kon worden ingebracht. Een rijksregeling verdient de voorkeur boven allerlei regionale beslissingen.

Ds. Landsman schrijft verder:

In de politieke constellatie, die zich vóór de jl. kabinetscrisis voordeed, was het dus te voorzien dat het spoedig tot een ontwerpwet voor de regeling van de subsidiëring van de kerkbouw zou komen, gegrond op de principiële richtlijnen, die door de commissie- Sassen werden getrokken en wellicht aangevuld en verbeterd aan de hand van de verschillende beschouwingen, die sindsdien werden geplubiceerd.

Toen kwam de kabinetscrisis en daarna het nieuwe kabinet. De P.v.d.A. ging in de oppositie. Toch leek dit in geen enkel opzicht een verslechtering van de kans op een spoedige regeling van de overheidssubsidie voor kerkbouw te zijn.

De K.V.P. en de C.H.U. hadden zich al duidelijk uitgesproken. De A.R.P. zou ook wel geen spaak tussen het wiel steken. En de V.V.D. zou, zo was de algemene opinie, in dit opzicht althans de regeringspolitiek wel niet bepalen, temeer waar het nieuwe kabinet, gezien het overwicht daarin, van de confessionele partijen, toch zeker niet minder welwillend zou blijken te staan tegenover de overheidssteun aan de kerkbouw dan zijn voorganger, al was dan de hoop van prof. Romme en dr. Bruins Slot op een gehéél „christelijk" kabinet niet in vervulling gegaan.

Intussen is er, wat de kwestie van de overheidssubsidie betreft, onrust ontstaan. De „informateur" prof. Beel heeft het niet voor elkaar kunnen 'krijgen, dat de subsidiëring van de kerkbouw in het regeringsprogramma werd opgenomen. Ook in de Troonrede werd er niet over gesproken. En ds. Landsman vraagt:

Wat zit daar achter? We weten het eerlijk gezegd niet. Er gaan wèl allerlei geruchten. De V.V.D., zo weten wijze Haagse heren te vertellen, is tegen de kerkbouwsubsidiëring en maakt daar een kabinetskwestie van.

Er zijn zelfs lieden, die beweren dat prof. Romme het episcopaat heeft ömgekregen, zodat dit er niet meer op zou staan, dat de K.V.P. de zaak van de kerkbouwsubsidie zou doorzetten en zo misschien het kabinet in gevaar brengen.

Dit zijn geruchten! Zit er een grond van waarheid ia? Een onopgeloste vraag. Maar inmiddels is dan toch deze zo belangrijke zaak in de ijskast gezet, ondanks de aanvankelijk z; o hoog gespannen verwachtingen.

Welke conclusies volgen uit het bovenstaande?

Dit betekent dat vooral de protestantse kerken nog meer achterop dreigen te raken in de uitvoering van haar bouwprogramma's, omdat ze voor het merendeel moeten worden gebouwd in gemeenten met een geestelijk niet homogene bevolking, waar de gemeenteraden maar al te vaak aarzelend of afwijzend staan wat betreft de subsidiëring van de kerkbouw.

De kerkbouwactie zou wel een geheel onbedoelde uitwerking hebben en, wat de houding van de regering betreft, een averechts resultaat, als de overheid zich nu achter de conclusie zou gaan verschuilen, dat de kerken het blijkbaar zélf wel afkunnen!

Honderdzestig kerken kosten ongeveer 80 miljoen gulden. Bij een uiteindelijke totale opbrengst van 16 miljoen gulden voor de centrale actie betekent dit, dat dan 20% subsidie zou gegeven kunnen worden. Als de overheid ook 20% subsidie zou geven, moeten de gemeenten altijd nog 60% van de bouwkosten zelf dragen!

Door al deze redenen is de kerk niet gerust over het beleid van de regering en ziet ze met verlangen uit naar een geruststellende verklaring van regeringswege.

Intussen is gebleken, dat het roomse episcopaat niet is omgegaan, zoals het gerucht wilde. „Hervormd Nederland" van 12 maart jl. berichtte:

Nauwelijks was het hoofdartikel in ons vorig nummer over de Overheidssubsidie aan de kerkbouw gezet en gedrukt, of de r.k. dagbladen — De Tijd-Maasbode van 3 maart het uitvoerigst — gaven verslag van de bisschoppelijke persconferentie ter inleiding van de kerkbouwzondag.

Daaruit bleek, dat het gerucht, als zou het episcopaat der r.k. kerk bezweken zijn onder de politieke druk door niet meer te pleiten voor overheidssubsidie aan kerkbouw, onjuist is. Integendeel. Overduidelijk zeggen de r.k. bisschoppen: zonder rijkssubsidie kunnen wij niet voldoende kerken bouwen.

Met blijdschap constateren wij dit. Uit de reactie van hen, die de eerste verantwoordelijkheid voor het bouwen van kerken hebben, kan de regering geen enkel argument ontlenen om subsidie aan nieuw te bouwen kerken te onthouden.

Wat wij nog eens uitdrukkelijk vaststellen. wilden

Maar nu de houding van de A.R.P.! Ds. Landsman schrijft: „terwijl het zich liet voorzien, dat ook de A.R.P. wel mee zou gaan, als het op stemmen aan zou komen", en: „de A.R.P. zou ook wel geen spaak tussen het wiel steken". Wij hopen dit met ds. Landsman mee, maar dan moet de A.R.P. ook alle ongerustheid over deze zaak wegnemen, en positief voor overheidssubsidiëring van de kerkbouw gaan pleiten. Want nog altijd zijn wij onrustig over het hoofdartikel over de kerkbouwacties in „Trouw" van 9 okt. jl. Daarin stond o.a.: „Als we op een zo verrassende en gemakkelijke wijze het geld bijeen kunnen brengen, dat er voor de meeste mensen nog geen werkelijk offer aan te pas komt, mogen we dan nog wel aan de overheid subsidie voor kerkbouw vragen? We begrijpen, dat individuele kerken, die er alleen voor stonden, dat wel eens anders hebben gezien. Maar als we het samen doen, hoeft de overheid geen geld in tempelschatkist te werpen". Aldus „Trouw" van 9 okt. j.l.

Al met al, de kwestie van overheidssubsidie voor de kerkbouw is nog niet in orde. Waakzaamheid bhjft geboden, en de leidinggevende kerkelijke instanties zullen wel al hun invloed, die zij hebben, aanwenden om deze zaak wettelijk geregeld te krijgen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 maart 1960

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

UIT DE PERS

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 maart 1960

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's