De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

UIT DE PERS

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

UIT DE PERS

7 minuten leestijd

De positie van de Hervormd-Gereformeerden in de Ned. Herv. Kerk is lang niet altijd voor iedereen een even duidelijke zaak. Altijd wordt hun „blijven" in de Herv. Kerk op de een of andere manier aangevochten, vooral van de kant van hen, die als gereformeerden de beslissing hebben genomen een eigen reformatorische kerk te vormen, waarin men volop kan leven en werken naar de confessie van de kerk.

Opnieuw is deze zaak aan de orde gesteld in het blad „Waarheid en Eenheid" van 1 april j.l. Onder de titel „Wat zegt u daarvan? " stelt ds. J. Schelhaas te Exmorra ons enkele indringende vragen, die blijvend onn een antwoord roepen. Zoals men weten kan, neemt het blad „Waarheid en Eenheid" een bepaalde plaats in het front tussen synodaalgereformeerden en vrijgemaakt-gereformeerden. Maar deze plaats doet ds. Schelhaas niet vergeten, dat er ook nog een ander front is, dat tussen de Herv. Kerk en de Geref. Kerken. Hij schrijft:

't Was een prachtige vergadering in Zwolle van vrijgemaakte en gewone gereformeerden, maar er zijn streken in ons land, waar we meer met de Hervormden te maken hebben en daarom interesseert me minstens evenzeer wat er aan dat front gebeurt. Nou. . . front, dat klinkt zo oorlogszuchtig. Maar om bij die uitspraak te blijven: De fronten zijn wel verstard. We mogen dan niet meer als kemphanen tegenover elkaar staan — en dat is fijn — toch zie ik in de verste verte nog geen eenheid. Als je b.v. tijdens een kerkeraadsgesprek met de Hervormden vraagt: „Hoe ziet u nu vandaag een eventuele hereniging? " Dan is er eerst even stilte en dan komt de aap uit de mouw: Ja, jullie zijn indertijd weggelopen, maar gezien het steeds orthodoxer worden van onze kerk, heeft God de Hervormde Kerk toch blijkbaar gezegend, dus ook het achterblijven van o.a. Hoedemaker gezegend. En dan komt het: Jullie Gereformeerden moeten met pak en zak terugkomen om het orthodoxe deel in de Hervormde Kerk te versterken. Maar, vragen we dan van Gereformeerde zijde: Wat doen jullie dan om ons dat mogelijk te maken? Worden wij er dan niet opnieuw uitgezet zoals Dr. Kuyper, als wij geen vrijzinnige jongelui belijdenis laten doen? Antwoord bleef uit!

En dan komen de critische vragen:

Maar een ernstiger kwestie bij een eventueel Hervormd worden is voor mij, dat ik dan verantwoordelijk word voor de vrijzinnige en half-rechtzinnige prediking in vele gemeenten. Dat is voor mij als Gereformeerde nog steeds een stap achteruit. Nee, zegt u nu niet direct: Jij, Gereformeerde denkt zeker, dat je een betere Christen bent. Dan begrijpt u het niet. Eerlijk, Hervormde broeder, wat doet u in 1960 om mij van die verantwoordelijkheid te ontlasten, die ik tegenover de Koning der kerk niet kan verantwoorden? Of vindt u dat niet zo erg, dat iemand op een kansel Jezus Christus mishandelt en de mensen in de kou laat staan? Goed, u protesteert ertegen, maar dat doet u al zo lang en u blijft intussen maar verantwoordelijk. Ik had zo gehoopt, dat de Hervormde Kerk iets zou doen na de oorlog aan de eer van Christus, dat de preekstoel gesloten zou worden voor „niet de Christus der Schriften brengende" predikers, dat de doopboeken gezuiverd zouden worden van de papieren leden. Ik heb gebeden en doe dat nog alle dagen om het feest van de hereniging met mijn broeders en zusters uit de Hervormde Kerk. Maar waarom vraagt u dan van mij, dat ik een verantwoordelijkheid op mij neem, die maakt, dat ik een bewuste zondaar word?

Inderdaad vinden wij het erg, dat de facto op vele kansels geen prediking naar de Schriften wordt gebracht. Vandaar, dat er in de Herv. Kerk de Geref. Bond is, die zich ten doel stelt: de verdediging en de verbreiding van de waarheid van het Woord Gods in de Ned. Herv. Kerk.

Ds. Schelhaas vervolgt:

Ik heb wel eens gedacht steun te zullen vinden bij de Gereformeerde Bonders. Maar die verantwoordelijkheid kunnen of willen ze niet voelen. Laatst is er een Hervormde dominé Gereformeerd geworden, omdat hij niet de verantwoordelijkheid voor de toelating van de vrouw tot het ambt kon dragen. Je kunt je afvragen of hij dan nooit last gehad heeft van die andere, veel zwaardere verantwoordelijkheid, maar goed, laten we veronderstellen, dat dit van die vrouwen in het ambt de druppel was die de emmer deed overlopen. Ik ben blij, dat hij deze stap heeft kunnen doen. Het is lang niet makkelijk je geboorteland te verlaten.

Maar nu het commentaar van de Gereformeerde Bonders. In de eerste plaats voorspellen ze hem, de overgegane predikant, dat over enkele tientallen jaren de Gereformeerde Kerken ook de vrouw tot het ambt zullen toelaten.

Wel, ik kan niet zo goed voorspellen. Het kan zijn, dat de Gereformeerde Kerken Gods Woord zullen verlaten en dan zou inderdaad een vrouw op een Gereformeerde kansel kunnen verschijnen, maar die kansel zou dan nog slechts Gereformeerd heten en als die ex-Hervormde dominé en ondergetekende het beleven, wat God verhoede, dan denken we iets anders te doen dan alleen protesteren en lijdelijk verzet plegen, zoals de Gereformeerde Bonders. Wat God verhoede, dat is, dat de Gereformeerde Kerken ooit zo Gods Woord zullen verlaten.

Maar nu komt het! Wij, Gereformeerde Bonders, zetten er een vraagteken achter of die overgegane dominé nu wel van de verantwoordelijkheid af is. Ook als Gereformeerde dominé draagt hij de verantwoordelijkheid, waarvan hij zich wilde bevrijden, met zich mee! Ja, zo'n redenering wordt je stil van. Inderdaad blijven we in zoverre voor elkaar verantwoordelijk, dat we voor elkaar moeten bidden en elkaar moeten zoeken, maar ik weiger te geloven, dat, als ik me onttrek aan de Hervormde Kerk, juist vanwege die niet te dragen last, ik dan toch verantwoordelijk blijf. Die redenering gaat mij te hoog. Gaarne wat meer bewijs!

Er vraagt iemand; „Is hij niet te vlug uitgetreden? " Had hij niet eerst moeten protesteren? Als de Synode zich niet stoort aan de hele Gereformeerde Bond, ja die zelfs vermaant, zoals laatst gebeurd is, wat wilde je dan als dominé alleen? Deze zaak is tot in hoogste instantie beslist. De vrouwen staan op de kansel en zitten in de ouderlingenbank. Wat blijft er dan anders over dan de daad van het heengaan als een laatste protest van: Zo moeilijk maakt een moeder het haar kinderen? ! Broeders van de Gereformeerde Bond: U protesteert tevergeefs. Door uw blijven heeft uw protest geen kracht. Verantwoordelijkheid. Wat ontzettend zwaar!

Ds. Schelhaas zit dus met de verantwoordelijkheid van hen, die in de Herv. Kerk de gereformeerde belijdenis liefhebben. Welnu, deze verantwoordelijkheid is groot, nog veel groter vaak, dan zij, die buiten staan, kunnen gevoelen. Deze verantwoordelijkheid is allereerst de verantwoordelijkheid voor de schuld, die op de Herv. Kerk rust, een verantwoordelijkheid, waarvan wij zeggen, dat zij mede rust op de schouders van hen, die in de loop der jaren van ons zijn heengegaan. Deze schuld is verweven in en met de lijn der geslachten, en het gaat niet aan te zeggen: met ons af te scheiden zijn wij van deze verantwoordelijkheid en schuld af. Dit is veel te individualistisch en te weinig historisch gedacht. Daarom lokt ons de afscheiding niet, want wij blijven met die verantwoordelijkheid en schuld zitten. Die zullen altijd in onze consciëntie blijven knagen als wij de Herv. Kerk loslaten. En daarom zijn wij gebleven tot op de dag van vandaag, met al de pijn en de nood, die dit blijven met zich meebrengt, maar dan ook met al de hartstodht voor de roeping, die ons van Godswege in de Herv. Kerk opgedragen is. Zolang de Herv. Kerk nog een reformatorische kerk is, met een belijdenis, die geldt, is het ons verboden, om Gods wille en om des Verbonds wille, die Kerk los te laten. Wat de afgescheidenen als hun roeping hebben gezien, is voor de Hervormd Gereformeerden een ontlopen van de meest eigenhjke taak: te blijven op de plaats, waar God ons gezet heeft.

Wie hier meer van wil weten, leze het artikel van prof. dr. S. v. d. Linde in het boek „Roeping en Belofte" over „Onze plaats en taak in de Hervormde Kerk". In dit artikel wordt een eerlijke en duidelijke verantwoording afgelegd van ons zijn en werken in de Hervormde Kerk. Misschien wil ds. Schelhaas bij gelegenheid eens de moeite nemen, dit artikel te lezen. Veel van wat hem nu onklaar is, zal hem dan duidelijk worden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 april 1960

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

UIT DE PERS

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 april 1960

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's