De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

JODEN EN NEGERS EN GROTE VERWARRING

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

JODEN EN NEGERS EN GROTE VERWARRING

5 minuten leestijd

Met grote schrik hebben we kennis genomen van de golf van Jodenhaat, die plotseling over de wereld sloeg. Met even grote ontsteltenis hebben wij gehoord van problemen betreffende de negers in Amerika en Zuid-Afrika, waar reeds zovele slachtoffers te betreuren zijn. Inmiddels moeten we de grote schrik en ontsteltenis, die ons bevangen hebben, met een korreltje zout nemen. Bij het vernemen van de nieuwsberichten zijn wij even onder de indruk, maar slechts korte tijd later leven we ons eigen vrolijke leventje weer. Wij troosten ons over onze ongevoeligheid met de gedachte, dat één mens niet de hele wereld dragen kan. En toch... wij maken er ons wel wat erg gemakkelijk van af.

Daar zijn allereerst de Joden. Er is heel wat gebeurd in de laatste oorlog met de zonen van Abraham. Bij miljoenen, ja, sta er eens even bij stil, bij miljoenen zijn ze vermoord in het Westen van Europa. Er rust op het Germaanse ras, waartoe wij ook behoren, een onnoemelijk zware schuld tegenover het volk van Sem. Zwervers zijn de Joden geworden na de val van Jeruzalem, nu bijna 1900 jaren geleden. Er zijn heden mensen, die er niet van willen horen, dat de verstrooiing en ellende der Joden een straf is over het verwerpen van de Messias. Of deze zachtmoedigheid voortkomt uit het gevoel van gemeenschappehjke schuld, die wij tegenover de Joden hebben, dan wel uit een misplaatst idee van de liefde van God, wij moeten hieraan toch niet toegeven. Naar het woord van Paulus heeft God de Joden, die natuurlijke takken van de boom des verbonds waren, afgehakt. Zij, die om der vadede Zaligmaker hebben verworpen. Dit oordeel Gods neemt echter geenszins onze schuld weg. De Joden zijn een levende aanklacht tegen een ras, dat zich eeuwenlang ia het licht van het Evangelie heeft mogen verheugen en dat nu tegen het Evangelie in tot de meest barbaarse gruwelen kwam.

Inmiddels voltrekt zich in onze tijd het wonder van de wederoprichting van het Israëlietische volksbestaan. De Jood leest in het heilige land zijn Bijbel, heeft zelfs een vage waardering voor Jezus, die wij als Zaligmaker vereren.

Maar daarmede is de Jood geen christen. Hij is er ver vanaf dat te zijn. Met enige waardering voor Christus komt een mens er niet, ook de Jood niet. Jezus wil geloofd worden. Hij is de van God beloofde, die als de Man van Smarten de weg voor mensen tot God heeft gebaand. Er is geen andere weg tot God dan die, welke voert dwars door de ergernis, die het kruis in ons oproept. Deze ergernis van het kruis gevoelt niet alleen de Jood, Ook de Griekse beschaving kon niet buigen voor Christus, omdat zij het kruis als een dwaasheid beschouwde. Maar ergernis bij de impulsieve mens lijkt heel sterk op dwaasheid bij de intellectuele mens. Het is in de grond van de zaak altijd hetzelfde: de mens wil het kruis niet. Als Chroetsjev bezwaar maakte tijdens zijn Franse reis tegen de uitspraak: als iemand u op de rechterwang slaat, keert hem ook de linker toe — dan blijkt het kruis een ergernis en dwaasheid, wanneer hij er voor in de plaats stelt: als iemand mij op de ene wang slaat, zal ik zo terugslaan, dat zijn hoofd er af is. Hier komt de Jood en de niet-Jood op één vlak: ons is Christus een ergernis. Wij zullen het uur zegenen, als de Joden tot inkeer komen en hxm Heiland leren kennen en aanbidden, die stierf voor de zonden. Dat zal niet anders kimnen dan door de schuldbelijdenis, dat zij Hem verworpen hebben in wie het eeuwige leven is.

Met het zwarte ras ligt het geheel anders. Wanneer wij strijd zien ontstaan tussen negers en blanke volken, kunnen wij wel tot de conclusie komen, dat het rassenverschil hier een (welkome) aanleiding is voor de mens om zijn haatgevoelens, die steeds sluimeren in z'n hart, uit te leven. Maar wij mogen ook niet vergeten, dat er moeilijkheden zijn bij de ontmoeting der rassen. Het is ten enenmale onjuist, wanneer de Kerk zou proberen door romantische z.g. evangelische woorden de moeihjkheden te verdoezelen. De moeilijkheden in Amerika b.v. zijn een gevolg van de schuld van vroeger eeuwen, toen men de zwarte bevolking van Afrika als handelswaar op mensonterende wijze verkocht tot slaven. Toen heeft men de negers binnengesleept op een manier, die om wraak van de hemel riep. Nu zitten wij met de brokken. Onze schuld tegenover de negers breekt ons vreselijk op.

Wie bij de Bijbel leeft kan niet over algemene menselijkheid praten, zonder eerst de schuld te zien. Ook aan de negers behoort het Evangelie gebracht te worden. Wij moeten hen niet zien als onschuldige natuurvolken, maar als gevallen schepselen Gods, evenals wij in zonde verloren. En daarom geldt ook voor hen het woord van de Zoon des Mensen, dat Hij gekomen is om te zoeken en zalig te maken, wat verloren is. De schuld van vroeger en nu tegenover de zwarte mensenkinderen kan echter weer niet worden opgevat als een vrijbrief voor de negers om de blanken te terroriseren. Ik zeg niet, dat de blanken zulks niet dubbel en dwars verdiend hebben maar ik constateer slechts, dat Afrika evenmin kwaad met kwaad mag vergelden, als wij.

De Kerk heeft de taak niet, om allerlei practische regels te geven voor een bevolking in een ander werelddeel. De Kerk heeft niet de taak om in de binnenlandse politiek van andere naties haar zwakke woorden te spreken. De Kerk heeft tot taak het Evangelie bekend te maken aan alle volken en alle rassen. En dan moet de Kerk zoveel vertrouwen hebben in het Evangelie, dat zij verkondigt, dat ze vertrouwt, dat God bruin en zwart en blank de manier zal leren om elkander als schepselen Gods te ontmoeten.

(Overgenomen uit het wijkblad Delfshaven-Centrum.)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 mei 1960

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

JODEN EN NEGERS EN GROTE VERWARRING

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 mei 1960

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's