De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

BOEKBESPREKING

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

BOEKBESPREKING

4 minuten leestijd

„Jaarboek voor de Eredienst", vam de Nederlandse Hervormde (Kerk 1959. Uitgegeven voor de Raad voor de Eredienst van de Nederlandse Hervormde Kerk. Boekencentrum N.V-, 's-Gravenhage.

Dit jaarboek heeft de plaats ingenomen van het intussen opgeheven tijdsdhrift: .Kerk en Eredienst". De voortzetting van dit tijdschrift was niet langer mogelijk. Het jaarboek wil een sitimulans zijn voor een verdergaande bestudering van de liturgie. Prof. Lekkerkerker behandelt: de liturgische beweging bij Rome en Reformatie, en: De mijding van het Heilig Avondmaal. Vooral deze laatste bijdrage trekt de aandacht. Het komt prof. Lekkerkerker voor, dat in het oud-gereformeerde awondmaalsformulier al tezeer nadruk Is gelegd op de persoonlijke verhouding van de mens tot Chirstus en te weinig het gemeenschapskarakter van het Avondmaal tot uitdrukking komt. Even verder schrijft hij.: En nadat eeuwen lang zoveel nadruk is gelegd op de subjectieve gestaltenis der ziel om het Avondmaal te ontvangen, is het goed nu eens objectief te beginnen bij het Avondmaal als de maaltijd waarin wij de dood des Heeren verkondigen, de gemeenschap met Christus en Zijn Kerk ons betekend wordt en wij de voorsmaak ontvangen, van de builoft des Lams, om daarna dan te spreken over onze gesteldheid en de beloften Gods in Jezus Chrisitus ais de vrijmoedigheid om toe te gaan.

Dat roept wel veel vragen op. Is het vol te houden, dat het oude avondmaalsformulier te weinig het gemeenschapskarakter aan de orde stelt? Denk aan het één brood enz. Is het met de Schrift in de hand te verdedigen dat de zelfbeproeving „voor alle dingen''' verlegd wordt naar „na alle dingen." Er staat toch niet: Maar de mens ete van. het brood en beproeve zich daarna? Er staat toch: Maar de mens beproeve zichzelf en ete alzo van het brood? (1 Cor.11 : 28). Willen wij dan dwalingen rondom de zelfbeproeving bestrijden — uitstekend — maar dan moeten wij deze Bijbelse orde onaangetast laten.

Verder schrijft o.a. dr. Schroten over: Het oude lied in de nieuwe berijming; ds. C. B. Burger over: Hoe staan de vrijzinnigen tegenover het Avonmaal? Ook zijn er artikelen over kerkbouw, Schriftgezang, de rythmische structuur van de tekst van het Geneefse Psalter, Luthers-Hervormd gesprek over de Doop enz. Het is voor predikanten, ouderlingen en belangstellende gemeenteleden zeer aan te bevelen kennis te nemen van het gebodene.

B.

J. Meulenbelt, De Duitse tijd, 320 blz., prijs ƒ 2, 95, Uitg. A.W. Bruna & Zoon, Utrecht.

Het is nog maar kort geleden, dat overal in ons land de bevrijidimg werd herdacht; voor de jongeren is de duitse tijd historie zonder meer; voor ons ouderen is het gelukkig ook historie, maar die herinnert aan een angstwekkende werkelijkheid die aan den lijve is ondervonden en die veel langer dan vijf jaren scheen te duren. Nauwelijks kunnen we ons voorstellen, dat sinds zovele jaren enerzijds van voorspoed en welvaart, maar ook van onrust en toenemende verwarring zijn voorbij gegaan. Destijds zei iedereen: dat vergeten we nooit. En toch, ook hier geldt: de tijd slijt. Het is aangrijpend de gebeurtendssen van '40-'45, zoveel het ons land betreft, ons weer te herinneren.

Schrijver tekent zonder overdrijving, zonder haat, onopgesmukt hoe ons volk door het donkere dal van onderdrukking heen moest. Het begon op de tiende mei, toen de duitse legers onze grenzen overschreden. Uitvoerig vertelt schr. de giebeurtenissen; hij analiseert ze ook, tekent o.v. de aarzelende houding van ons volk in de zomer van '40, De mening van velen was toen: „de Duitser valt mee", lang zou het duren, eer de duitse maatregelen en gedragingen tegen bepaalde groepen zouden worden gezien als in wezen tegen het gehele volk, ja, tegen de mensheid gericht. Ik herinner me nog hoe weinige dagen na de capitulatie een Hauptman tot de officieren van ons regiment zei: voor ons hoeft u niet bang te zijn, maar wat na ons komt. Hiji heeft gelijk gekregen, to maart '41 werden 18 man gefuisileerd, daarna 72, een week daarna 24. Schr. tekent, wat hij noemt de stap-voor-stap-methodiek; de duimschroeven werden langzaam, maar zeker vaster gedraaid. Nederland moest in de eenheidsmolen. Hoevele malen zaten we .tussen hoop en vrees. Het grijpt ons aan te lezen van de felle antisemitische acties met de daarop aansluitende staking. Inderdaad het is een geschiedenis van terreur, triomf en .tragiek. Ik dacht aan Psalm. 124.

Het is goed; dat dit werk verschenen is. Het is geïllustreerd met 31 pagina's sprekende foto's.

Bt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 juli 1960

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

BOEKBESPREKING

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 juli 1960

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's