De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De prediking van Gods Woord en de bevinding des geloofs

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De prediking van Gods Woord en de bevinding des geloofs

4 minuten leestijd

Inhoud van de bevinding.

4

Een vraag die gesteld moet worden is, wat de inhoud is van de bevinding.

Kan er bevinding zijn buiten de Schrift om?

Werkt de Heilige Geest het heil in het hart door het Woord der Schrift of zonder de Schrift?

Het antwoord op deze vraag kan kort zijn. De inhoud der bevinding is niet anders dan het Woord Gods. De geloofsbevinding is Woordbevinding.

Voetius zegt: „Die mystiek legt op Gods souvereiniteit de nadruk en bindt zich aan de Heilige Schrift".

Het is de Heilige Geest die het Woord geschreven deed worden en nu is het de Heilige Geest die datzelfde Woord schrijft in het hart.

Dat houdt dus dit in: dat voor de bevinding de Schrift norm is. Bevinding die de toets der Schrift niet kaïi doorstaan, is zinsbegoocheling.

­ Calvijn en de mannen van de Nadere Reformatie hebben zich fel verzet tegen de geestdrijvers. Deze achtten immers het Woord overbodig en lieten zich drijven öp de geest. Hun geliefde maar onjuist gehanteerde tekst was dat de letter doodt, maar de Geest levend maakt. Aan het Woord heb je weinig, zeiden ze. Ja, zij die de Geest niet hebben, moeten het er nu eenmaal mee doen. Maar zij hadden het Woord achter zich gelaten en bezaten nu de Geest.

Het is duidelijk dat ook de predikdienst overbodig geacht werd. Het horen en het lezen van Gods Woord was niet meer nodig. Dat was niet meer dan slaafse dienstbaarheid.

De geschiedenis geeft ons voorbeelden te over dat deze godsdienstigheid, ontspoord in excessen, niet voortkwam uit de goddelijke Geest, maar uit de vleselijke eigengerechtige geest van de vrome mens zelf.

En ook hier geldt: wat niet is naar Gods Woord, dat zal geen dageraad hebben.

De ware geloofsbevinding is Woordbevinding gewerkt door Gods Geest. Dat betekent dat het Woord der Waarheid zoals het daar ligt, door Gods Geest levend gemaakt wordt in mijn hart.

De Heilige Geest werkt nl. niet aUeen het leven door het Woord, maar Hij onderhoudt het ook door het Woord. Daarom: wordt het Woord uit de hand van de Heilige Geest genomen omdat men het overbodig acht, dan ontneemt men de Heilige Geest het middel waardoor Hij het leven geeft en onderhoudt.

Daarom heeft Gods Kerk Gods Woord zo hartelijk lief en bidt ze: maak in dat Woord mijn gangen en treden vast.

Komt er dus in bevindelijke kringen wel geestdrijverij voor, dan moet men wel proberen dat exces te genezen maar moet men niet het bevindelijke leven als zodanig wegwerpen. In ware geloofsbevinding wordt het Woord bevonden Geest en Leven te zijn.

Dit nu is van grote betekenis voor de prediking. Want waar door Gods genade bevindelijk gepredikt mag worden vindt in de bediening des Woords in de harten der gelovigen de weerklank der bergen plaats. Met deze bijbelse uitdrukking wordt niet bedoeld de echo, want dat is de weerkaatsing van het geluid tegen een dode wand.

Bij de uitdrukking: de weerklank der bergen, moeten we denken aan de druivenoogst. Dan werd de weerklank der bergen gehoord. De Israëlieten hadden hun wijngaarden tegen de bergen. Bij het oogsten werd vrolijk gezongen, want de wijn maakt God en mensen vrolijk. In de ene wijngaard hoorde men het gezang van de andere. De mensen van de ene wijngaard stemden in met het lied dat uit de andere opklonk, de ene berg hoorde het gezang van de andere en samen zongen ze hetzelfde lied.

Dat was de weerklank der bergen. En nu was het een zegen van het verbond wanneer de weerklank der bergen gehoord werd.

En dit nu is beeld van het Nieuwtestamentisch Verbond.

Als op de Paasmorgen de discipelen de Heere Jezus hebben gezien en zij ontmoeten daarna Thomas, dan vindt hun geweldige prediking: „de Heere is opgestaan!" geen weerklank der bergen in het hart van Thomas. En als de Emmaüsgangers terugkomen in Jeruzalem en ze verkondigen aan de discipelen: „De Heere is waarlijk opgestaan" dan vindt dat weerklank. De discipelen stemmen mee in in het geweldige opstandingslied.

Zo nu is het nog waar bevindelijk gepredikt wordt. Dan vindt er in het hart van de gemeente die door Gods Geest bevindehjk geleid is, de weerklank der bergen plaats. Daar stemmen door Gods Geest gemeente en prediker samen. Daar vallen de harten samen; daar vallen de harten open; daar worden de harten verklaard. Daar stemmen ze in met het lied van Gods verkiezende liefde in Jezus Christus: „door U, door U alleen, om het eeuwig welbehagen".

Het is ons wel direkt duidelijk, dat waar nu de Schrift niet de inhoud der bevinding is, er geen weerklank der bergen kan zijn.

(Wordt vervolgd.)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 augustus 1960

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

De prediking van Gods Woord en de bevinding des geloofs

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 augustus 1960

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's