De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De nieuwe regeling der eindexamens gymnasium en h.b.s.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De nieuwe regeling der eindexamens gymnasium en h.b.s.

7 minuten leestijd

De bladen hebben medegedeeld, dat er nieuwe koninklijke besluiten zijn afgekondigd waarin een en ander in de eindexamens der gymnasia en h.b.s. wordt veranderd.

Als motivering voor deze wijzigingen wordt gewezen op het groeiend aantal kandidaten, dat geëxamineerd moet worden en nu meent men bij de huidige regeling niet meer voldoende gecommitteerden of deskundigen te kunnen vinden om deze examens te kunnen afnemen.

Het is een opvallend verschijnsel, dat er geen overleg is gepleegd met de organisaties van leraren en van directeuren en rectoren. Deze maatregel is plotseling uit de lucht komen vallen. Bij nadere beschouwing blijkt echter, dat in deze nieuwe regeling meer is veranderd en geregeld dan voor het beoogde doel: voorziening in een noodtoestand, nodig is.

Een en ander heeft in de wereld der docenten veel deining veroorzaakt en niet geheel ten onrechte zoals ons nader zal blijken.

Hoe heeft men nu het probleem trachten op te lossen? Wel de tijdsduur der mondelinge examens wenste men te beperken en daarop heeft men nu het volgende gevonden:

Voor het gymnasium deelt de gecommitteerde voor de Griekse en de Latijnse taal de rector in de vijfde week voor de aanvang van het mondeling examen door aanwijzing van nummers mede, welke A-kandidaten mondeling zullen worden geëxamineerd in deze talen in proza en welke in poëzie.

Evenzo wordt voor de B-kandidaten bepaald, wie mondeling Grieks of Latijn moet doen, in dit geval wordt voor het niet geëxamineerde vak het gemiddeld rapportcijfer gerekend.

Voor de wiskunde voor de A-leerlingen wordt evenzo geloot, wie algebra moet doen en wie meetkunde; dit cijfer wordt op de lijst gezet.

Het examen in de geschiedenis wordt ingekrompen tot 20 minuten (vroeger 30 min.) voor de A-leerlingen.

Voor de B-leerlingen wordt natuurkunde en scheikunde nu ook schriftelijk geëxamineerd en mondeling ieder 20 min. (vroeger 30 min.); de nat. historie wordt helemaal niet meer geëxamineerd (vroeger 30 min.), er voor in de plaats komt het gemiddeld rapportcijfer.

Voor de h.b.s.-B wordt de biologie ook niet meer gevraagd (vroeger 20 min. mondeling).

Hier wordt geloot in welke van de drie moderne talen een leerling ondervraagd zal worden, voor de andere is het cijfer van het schriftelijk werk beslissend.

De mechanica wordt zowel bij het schriftelijk als het mondeling examen bij de natuurkunde gevoegd, dit bespaart 20 min. mondeling.

Voor de h.b.s.-A wordt geloot in welke twee moderne talen iemand ondervraagd zal worden, voor de derde taal geldt het cijfer van het schriftelijk werk.

Voorts wordt geloot of de kandidaat examen zal doen in aardrijkskunde of in geschiedenis. Voor het niet-geëxamineerde vak geldt het gemiddelde rapportcijfer.

We zien uit deze regelen, dat er heel wat geloot moet worden. In het bijzonder voor de moderne talen op de h.b.s. brengt dit nog al ernstige gevolgen met zich. De praktijk leert namelijk, dat vaak het mondeling examen het cijfer op het schriftelijk werk kon verhogen. Dit was trouwens in het verleden wel eens des te meer nodig, omdat de opgegeven vertaling soms zeer ongeschikt was. Ik moge er aan herinneren, dat in 1956, in 1957 en in 1960 de vertaling frans voor de h.b.s. ongeschikt was. Wat zal het resultaat zijn als dit cijfer maar moet gelden?

De conclusie ligt voor de hand, dat deze oplossing van het probleem een verzwaring betekent van het examen. Doch er is meer. Het is duidelijk, dat de leraren zich in deze situatie, vooral op de h.b.s.-B meer zullen toeleggen op het oefenen in het maken van de vertaling en dat dientengevolge het oefenen in het actieve taalgebruik minder zal worden. Deze regeling voor de moderne talen is wel een zeer aanvechtbaar punt in deze wijziging. Had dat niet anders gekund?

Er zijn m.i. verschillende mogelijkheden:

Wij hadden op de h.b.s. reeds het instituut van een leraar-bijzitter bij het mondeling examen van een der moderne talen. Dit is nu afgeschaft. Waarom heeft men dit niet gehandhaafd en uitgebreid tot twee moderne talen op de h.b.s.-B en een moderne taal op de h.b.s.-A?

Waarom heeft men niet de oplossing genomen voor de uitsluitend schriftelijk geëxamineerde vakken het gemiddelde te nemen van het schriftelijk cijfer en het gemiddelde rapportcijfer?

Er zijn nog meer mogelijkheden denkbaar en ik zal hier niet beslissen welke de beste oplossing is, maar ik ben er van overtuigd, dat de thans gegeven oplossing zeker niet de beste is. Nu hangt het van deze loterij af, of een kandidaat al of niet slaagt. Dit is geen fantasie, maar aan de hand van vroegere examenresultaten eenvoudig te bewijzen. Bij 54 B- kandidaten, die geslaagd zijn in het verleden zouden bij twee het al of niet slagen afhangen van gunstige of ongunstige loting. Bij 71 A-kandidaten, die in het verleden slaagden zou bij zes kandidaten het al of niet slagen afhangen van de loting. Ik acht dit een volkomen onjuist systeem.

Doch de Staatssecretaris is nog verder gegaan en heeft zulke regels gegeven voor het slagen, dat deze beslist strenger zijn dan in het verleden. Van de genoemde 54 B-kandidaten zouden er thans zeker nog vier zakken (naast de ongunstige loting) en van de 71 A-kandidaten zouden er zeker nog twee gezakt zijn.

Er laten zich zelfs gevallen construeren, dat een kandidaat voorheen reglementair geslaagd was en thans reglementair afgewezen.

Voor de h.b.s.-A geldt het volgende geval: Stel een kandidaat heeft voor de moderne talen resp. 5, 6, 6, voor de handelswetenschappen en economie 5, 6, 6, 6 en voor alle andere vakken 6. Deze kandidaat was vroeger reglementair geslaagd, thans is hij reglementair afgewezen.

Voor de h.b.s.-B is een dergelijk geval te construeren, alleen is dit wat moeilijker, omdat de vakken enige wijziging hebben ondergaan. Stel een kandidaat had voor wiskunde I 5 en voor wiskunde II 6, voor mechanica 6, voor natuurkunde 6, voor scheikunde 5 en verder allemaal 6, deze kandidaat was onder de oude regeling reglementair geslaagd. Bij de nieuwe regeling kan hij behalen: voor algebra 5, voor stereometrie 6, voor geniometrie en anal, meetkunde 5, eindcijfer wiskunde: 5 voor mechanica en natuurkunde 6, voor scheikunde 5, voor alle andere vakken 6. Thans is hij reglementair afgewezen.

Ook hier is dus een verzwaring van het examen te constateren.

Maar er zit hier nog meer achter: deze regelen voor het slagen zijn thans zo scherp gesteld, dat stemmingen in de praktijk weinig meer zullen voorkomen: indien men reglementair niet is afgewezen is men in de praktijk geslaagd. Hoe komt dit? Wel in feite betekent dit, dat de autoriteiten het klaarlijk niet meer aan de deskundigen toevertrouwen ook maar enige vrijheid van betekenis te hebben om te beslissen of een kandidaat het diploma zal verkrijgen. Het is een duidelijk en klaar bewijs van afkeuring over gedragingen van deskundigen in het verleden. Het wordt thans wel zo, dat zoals iemand schreef de bode van de Staatssecretaris met het K.B. in de hand wel kan registreren of iemand geslaagd dan wel gezakt is. Vindt men, dat er teveel mensen het diploma verwerven? Ik zou zo zeggen, wanneer er zoals tot nu toe zo ongeveer 15% der kandidaten zakken, landelijk gezien, dit aantal nog niet zo gering is.

Het staat echter wel vast, dat het belang van deze examens en het belang der kandidaten eist, dat hierin zo enigszins mogelijk verbeteringen worden aangebracht. Laat men tenminste de organisaties van leraren en directeuren in het overleg betrekken, opdat een betere regeling tot stand zal komen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 november 1960

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

De nieuwe regeling der eindexamens gymnasium en h.b.s.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 november 1960

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's