Meditatie
Verwachting en hoop
Ik verwacht de Heere, mijn ziel verwacht en ik hoop op Zijn Woord" Psalm 130 : 5.
Aan een wereld, verloren in schuld, wordt Gods belofte heerlijk vervuld. Dat is de grondslag van de verwachting van deze dichter. Hij roept uit de diepten. Ieder gelovige leert, uit hoe grote diepte hij roepen moet tot God (Pascal). Het lijden dat over de dichter gekomen is — is het ziekte, is het ramp? — snoert hem de mond niet. Hij verheft zijn stem en schreeuwt uit de benedenste delen der aarde tot God. Maar de afstand is zo groot. Tussen God en de ziel staat een menigte van zonden. De last van de schuld drukt zo diep terneer. En zou de Heere de zonde in gedachtenis houden, niemand, ook de dichter niet, zou kunnen bestaan.
Diepe plaatsen brengen tot diepe Godsvrucht. Verkeert een mens in de diepte dan leert hij, wat hij aan zijn God heeft. Want de profeet belijdt de goedheid des Heeren: maar bij U is vergeving. Vergeving is het grote woord van 's Heeren welbehagen. Het komt als een wonder, ongedacht en onbegrijpelijk. De Heere ontfermt zich. God slaat de zonden nimmer gade.
O ondergrondelijk mysterie, diep heilgeheim van de kinderen Gods.
Een ieder, die de nood van zijn leven ziet in de schuld door ongerechtigheid, mag het hier horen: daar is vergeving. Zo is de Heere, zo werkt Hij, zo openbaart Hij Zijn wondere goedheid. Wie uit de nood gebeden heeft, mag naar de belofte grijpen, daarop de hand leggen. De Heere gedenkt aan het ontfermen. Daar ligt alleen de grond van alle hoop: op de toezegging van de Heere.
Zo is er ook verwachting. Deze verwachting heeft een bijzonder begin; rust niet in het verlangen van de mens; komt niet uit de behoefte van-het hart; wortelt niet in de nood der ziel. Deze komt geheel en alleen van „de andere zijde"; rust in God, komt uit Zijn welbehagen, wortelt in Zijn goedheid. Daarom kan de dichter zeggen: ik verwacht de Heere.
Want hl] ziet m naar de ontmoeting met zijn God. Waarschijnlijk hangt het woord verwachten m het Hebreeuws samen met een woord, dat snoer of draad betekent. Verwachting geeft de innigste verbondenheid aan, het is uitzien en hopen, maar met de zekerheid in handen.
Velerlei verwachting koestert de mens. Meestal is het met anders dan verlangen, begeerte Straks zullen de leiders m verschillende landen hun verwachtingen onder woorden brengen goede of kwade; maar hier in de psalm spreekt de dichter van een gans andere een zekere, een stellige verwachting: ik verwacht de Heere.
Waar is deze verwachting levend?. Leeft die ook in uw hart? U zegt: wie kan voor Zijn aangezicht staan? Niemand zal rechtvaardig zijn voor Zijn gericht. Zeker! Is dit echter een uitspraak zonder meer, of is dit een roepen uit de diepte.'' Is het als nood m uw ziel en vraagt u naar redding? Daar is vergeving. Op die belofte zegt de dichter: ik verwacht de Heere. Want zonder die zou ook ik beven en vergaan.
De Heere verwachten wijst op de ontmoeting met de Heere zelf. En dan maakt de Heere zich bekend in al Zijn goedheid, barmhartigheid, genade, goedertierenheid en ontferming. Daarin gaat de ziel zich verblijden en zij gaat overlopen van dank. Het wordt een roemen en prijzen van 's Heeren gunst alleen. Mijn ziel verwacht; niet in het onzekere. Maar met die sterke draad in handen, die de Heere heeft toegeworpen. Want: ik hoop op Zijn Woord.
De zekerheid heeft de Heere God zelf gelegd. Hij heeft Zijn Woord gegeven. Nu kan een mens de Heere geen groter eer aandoen dan op dat woord — want het is het Woord van de levende God! — te vertrouwen. Houdt de Heere toch voor een waarachtig Man. Hij zegt het en Hij doet het. Hij vertoornd zich over de zonde. Hij straft de goddeloosheid.
Hij vernietigt de raadslag van de hoogmoedige. Maar de nederige schenkt Hij genade. De gebrokene van hart, de verslagene van geest bemerkt dat de Heere bij hem woont. Dus zegt de dichter: op grond van het Woord van de Getrouwe hoop ik.
Nu stond de dichter onder de oude bedeling. Hij kende de beloften door de dienst der profeten. Wat hebben wij, die de Grote Profeet horen spreken in het Evangelie, nog groter vastheid. Want nu kan niemand beweren, dat er nog iets twijfelachtigs gebleven is. God heeft de wereld lief, zodat Hij Zijn Zoon gezonden heeft, om uit verloren staat te redden ieder, die in Hme gelooft
Gods belofte wordt heerlijk vervuld. Op de toezegging moogt u staat maken.
Zo gaat ook u de Heere verwachten. In die dag van de wederkomst of op uw sterfdag ziet u uit naar de verschijning van Hem. Die Zijn leven gaf in de kruisdood om u van alle vervloeking te redden. Blijde boodschap voor ieder, die uit de diepten heeft gebeden en nu in de ruimte gezet beliidt: ik hoop op Zijn Woord.
Vaste grond onder de voeten hebben geeft vermindering van spanning. Waar het Woord van God de grond is, bloeit ons leven tot Gods eer. Waar het Woord de bron is, blijven verwachting en hoop sterk. Wachtend leven wij uit het Woord van God, want Zijn Woord is voor een wachtende ziel de vaste grond om op te rusten.
(Renswoude)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 december 1960
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 december 1960
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's