De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Meditatie

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Meditatie

Adventsbelofte

7 minuten leestijd

En de heidenen zullen tot uw licht gaan, en koningen tot de glans, die u is opgegaan. Jesaja 60 : 3.

Jesaja had een rijke boodschap voor een arm en schuldig Sion. „Maak u op, word verlicht, want uw licht komt, en de heerlijkheid des Heeren gaat over u op. Want zie, de duisternis zal de aarde bedekken en donkerheid de volkeren; doch over u zal de Heere opgaan, en Zijn heerlijkheid zal over u gezien worden". (Jes. 60 : 1 en 2).

Sion wordt daar gezien als de Lichtstad van de toekomst, en de glans die deze Lichtstad verspreidt gaat die van alle andere lichtsteden verre te boven. Het is een glans, die nimmer verdooft, maar eeuwig zal duren. En de werfkracht van die Lichtstad is zo groot, dat mensen van heinde en ver op die Lichtstad zullen afkomen. „En de heidenen zullen tot uw licht gaan, en koningen tot de glans, die u is opgegaan".

In deze woorden van Jesaja wordt een rijk perspectief ontsloten. En wie staat daarbij in het midden? Niemand minder dan de Heere Jezus Christus, Die in de wereld is gekomen om te verdrijven de schaduwen der zonde en des doods. Hij zal van Zichzelve getuigen: „Ik ben het Licht der wereld; die Mij volgt zal in de duisternis niet wandelen, maar hij zal het licht des levens hebben". En overal waar Hij Zijn voetstap zet om zondaarsharten met Zijn hcht te beschijnen, daar is Sion, daar is de Lichtstad, de Kerk van het Nieuwe Verbond. En aan haar wordt nog altijd bewaarheid: „En de heidenen zullen tot uw licht gaan, en koningen tot de glans, die u is opgegaan".

Begon de Heere al niet aanstonds deze belofte te vervullen, zodra de Christus in deze donkere wereld verscheen? Wie komen al spoedig na Zijn geboorte tot Hem om Hem als htm Licht te begroeten? Niet alleen de herders, niet alleen een Simeon en Anna, niet alleen mensen, die Abrahams zaad zijn naar het vlees. Ook anderen zien wij komen, mensen, die vreemdelingen zijn van de verbon­den der belofte. Enige Wijzen uit het Oosten, heidense mensen, ook zij zijn gekomen, en ook zij mogen wandelen in het Licht, dat aan Sion is opgegaan. En deze Wijzen zijn nog maar eerstelingen. Achter hen aan zien wij vele anderen komen, de eeuwen door, een ontelbare menigte. Romeinen en Grieken, Europeanen en Aziaten, Javanen en Toradja's, Eskimo's en Bantoes, zij komen aan, door goddelijk licht geleid. „Heidenen zullen tot uw licht gaan".

En:

God zelf zal hen bevestigen en schragen. En op Zijn rol, waar Hij de volken schrijft, Hen tellen, als in Isrel ingelijfd. En doen de naam van Sions kind'ren dragen.

Ja, de Lichtstad Gods heeft nog altijd een wervende kracht. Het licht van Sion trekt aan. Het is groot in triomfen. Koningen zelfs komen tot het Licht, dat aan Sion is opgegaan. Koningen op de troon der volkeren, ook koningen in het rijk van kunsten en wetenschappen, aangetrokken door het Licht, dat aan Sion is opgegaan, zijn zij tot de Lichtstad gekomen, en hebben vol eerbied hun gaven en talenten neergelegd aan de voeten van het Lam. En dat zal doorgaan. God zal daar zelf voor zorgen. Door Zijn Woord en Geest maakt Hij naar het welbehagen van Zijn verkiezing de Lichtstad vol. Als het van ons mensen zou afhangen, dan was het een onmogelijke zaak. Wij kunnen immers niet één zondaar tot de Lichtstad toebrengen. Maar God, die Zijn Woord heeft gegeven. Die zal het ook zeker waarmaken: „En de heidenen zullen tot uw licht gaan, en koningen tot de glans, die u is opgegaan".

Is het dus de Heere Zelf, Die voor de vervulling van deze belofte instaat, dat neemt niet weg, dat Hij Zijn gemeente bij deze arbeid wil inschakelen. Die gemeente heeft een heerlijke roeping. Terwijl het in de wereld door de zonde al donkerder wordt, mag die gemeente getuigen van het Licht. Ja, zij heeft de roeping om echt „Licht-stad" te zijn. Als draagster van het Licht zal zij de mensen moeten lokken. En zo mag het Adventswoord van Jesaja ons dan wel nopen tot de onderzoekende vraag: zijn wij wel waarlijk Lichtstad, gaat er van ons christendom wat uit, weerkaatst ons leven het Licht, dat aan Sion is opgegaan. Zijn wij zelf tot dat Licht al gekomen, en is onze wandel ook in dat Licht, iedere dag weer opnieuw?

Weer wordt de roep van de Adventsklokken vernomen. En hun roep is een oproep om — voor het eerst of opnieuw — te komen tot het Licht, dat in Bethlehem verscheen. Aarzelt onze voet misschien om te gaan? Zien wij met verslagenheid op zo ontzettend grote schuld, op zoveel ontrouw bij ons gevonden, op zoveel traagheid om van het Licht te getuigen?

Nu, dat is dan des te meer reden om ons te spoeden naar Bethlehem. Het Licht, daar verschenen, is immers het Licht van de genade en van de trouw van God, en dat Licht is er ten volle op berekend om bij u alle schaduwen te verdrijven, en uw hart te vervullen met vrede en met grote blijdschap. En dat Licht zal dan niet nalaten uw leven ook te heiligen en te vernieuwen. „Want de zaligmakende genade Gods is verschenen alle mensen, en onderwijst ons, dat wij de goddeloosheid en de wereldse begeerlijkheden verzakende, matig en rechtvaardig en godzalig leven zouden in deze tegenwoordige wereld, verwachtende de zalige hoop der verschijning der heerlijkheid van de grote God en onze Zaligmaker Jezus Christus, Die Zichzelf voor ons gegeven heeft, opdat Hij ons zou verlossen van alle ongerechtigheid, en Zichzelf een eigen volk zou reinigen, ijverig in goede werken". (Titus 2 : 11-14). Zo wil God ons stellen in deze wereld als dragers van Zijn Licht. De liefde van Christus zal ons dringen, en de nood van die nog in het duister dwalen zal ons bewegen om verre en nabij van het grote Licht te getuigen. Tegenstand zal zeker niet uitblijven. Wanneer het Licht ergens gepredikt wordt, pleegt het rijk der duisternis zijn kracht te mobiliseren. Maar wij hebben een sterke Toevlucht, de God der beloften. En Hij zal niet achterblijven ook deze belofte gestand te doen. — „En de heidenen zullen tot uw licht gaan, en koningen tot de glans, die u is opgegaan". De Heere zal wakker zïjn over Zijn Woord, en daarom zal de Lichtstad, ten spijt van alle tegenstand, toch blijven trekken. Van alle kanten komen ze aan. Eertijds waren ze verre, maar zij kregen de Lichtstad in het oog en zij gaan de poorten van die Lichtstad binnen. En het zal daar worden een schare, die niemand tellen kan, vergaderd uit alle natie en geslachten en volken en talen. Jesaja heeft het reeds gezien en Johannes mocht er op de laatste bladzij van de Bijbel nog van schrijven: „En hij toonde mij de grote stad, het heilige Jeruzalem, nederdalende van God uit de hemel... en de stad behoeft de zon en de maan niet, dat zij in haar zouden schijnen; want de heerlijkheid Gods heeft ze verlicht, en het Lam is haar kaars. En de volkeren die zalig worden, zullen in haar licht wandelen; en de koningen der aarde brengen hun eer en hun heerlijkheid in dezelve. En haar poorten zullen niet gesloten worden des daags, want aldaar zal geen nacht zijn. En zij zullen de heerlijkheid en de eer der volkeren daarin brengen. En in haar zal niet inkomen iets dat ontreinigt en gruwelijkheid doet en leugen spreekt, maar die geschreven zijn in het boek des levens des Lams". (Openbaringen 21).

Sion, loof met dankb're stem God uw Heer, die eeuwig leeft. En het schoon Jeruzalem Door Zijn woning luister geeft; Loof Hem voor uw heilrijk lot; Loof al juichend uwen God!

(De Bilt)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 december 1960

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Meditatie

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 december 1960

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's