DE VRIJE ZATERDAG
Voor velen bestaat op het ogenblik reeds de vijfdaagse werkweek, voor anderen zal die binnenkort werkelijkheid worden. Voor welke vraagstukken in het persoonlijk-godsdienstige en kerkelijke leven stelt ons de huidige sociale en economische ontwikkeling? Enige facetten van de vragen, die hier liggen, willen wij thans in het licht van Gods Woord nader bezien.
I
Het is niet onze bedoeling in dit artikel een oordeel uit te spreken over de politieke, sociale en economische achtergronden van de vrije zaterdag. Men kan de arbeidsverkorting, die in de meeste bedrijven thans nog slechts gering is, afkeuren of toejuichen. Lof of kritiek betekenen echter een voornamelijk theoretische houding tegenover de zich voltrekkende veranderingen. Wij willen de praktische vraag aan de orde stellen: Wat gaan wij met de vrije dag doen? Natuurlijk moet aan ieder zijn persoonlijke vrijheid worden gelaten, mits men blijft binnen het raam van Gods geboden.
De besteding van de vrije zaterdag.
In het algemeen kunnen wij zeggen, dat de verworven vrije zaterdag als volgt kan worden gebruikt:
1. De dag wordt in heerlijk niets doen doorgebracht.
2. Men probeert door extra arbeid een bijverdienste te krijgen.
3. Enkelen gebruiken de vrijgekomen tijd voor arbeid op maatschappelijk of kerkelijk terrein.
4. Sommigen verlaten hun woonplaats van vrijdagavond tot maandagmorgen (eventueel zondagavond) voor een z.g. lang weekeind.
Over ieder van de genoemde punten willen wij iets opmerken.
1. Een dag zonder arbeid.
.Voor hen, die hun vrije zaterdag zonder enige bezigheid willen doorbrengen, wordt het vraagstuk van de vrijetijdsbesteding plotseling nog veel dringender dan te voren. De één heeft zijn hobbies, de ander ziet geen zinvolle taak voor zich. Nog altijd is ledigheid des duivels oorkussen. Voor de gehuwden nemen, zeker in het begin, de spanningen in het gezin toe, wanneer de man 's zaterdagsmorgens in huis rondhangt.
Voor de ongehuwden en voor jongeren zonder bepaalde aspiraties nemen de mogelijkheden tot verkeerde gedragingen toe.
't Lijkt mij onjuist van de kerk te eisen, dat zij ruimte schept om bedoelde arbeiders op te vangen. Wel behoort het tot haar taak pastorale leiding te geven in de gesignaleerde moeilijlkheden. In prediking en zielszorg moet aandacht worden besteed aan het persoonlijke leven en de gezinnen der gemeenteleden. Daaruit kan een niet ambtelijk instituut opbloeien, dat zich beweegt.op het terrein van christelijk-maatschappelijkwerk. Zij die onder teveel aan vrije tijd gebukt gaan, kunnen daardoor geholpen worden. Velen moeten nog leren hoe zij hun tijd moeten besteden tot Gods eer en het welzijn der mensen.
2. Zaterdagse bijverdiensten.
Het is te begrijpen, dat sommigen door aanvullende werkzaamheden de vrije dag willen gebruiken om hun inkomsten te vergroten. Op zichzelf beschouwd behoeft daar geen bezwaar tegen te bestaan. Wij moeten er wèl op letten, dat in vele gevallen, het extra-inkomen niet gebruikt behoeft te worden voor noodzakelijk levensonderhoud. Meestal zal men trachten bepaalde wensen vervuld te krijgen en zich een gematigde luxe te verschaffen. Ook hiertegen behoeft geen bezwaar te bestaan. Als het stoffelijke maar niet zoveel aandacht gaat opeisen, dat het Koninkrijk Gods wordt vergeten.
Ook aan deze gevallen zal de prediking en herderlijke zorg aandacht moeten schenken. Tegenover het materialisme in de levenshouding moet de verkondiging van het Evangelie staan: Werkt niet om de spijze, die vergaat, maar om de spijs, die blijft tot in het eeuwige leven. Wat baat het iemand, als hij de gehele wereld wint en hij lijdt schade aan zijn ziel?
Het gevaar is niet denkbeeldig, dat sommigen thans op de vrije zaterdag ter wille van extra verdiensten langer en harder werken dan vroeger. Toen werd slechts een halve dag in de gewone beroepsarbeid doorgebracht. Nu is men 's zondags vermoeider dan gewoonlijk en verzuimt de morgendienst, omdat men wil uitslapen. Het spreekt vanzelf, dat tegen deze gevaren gewaarschuwd moet worden in de toepassing van de prediking.
3. Gelegenheid voor maatschappelijke en kerkelijke arbeid.
Wij vertrouwen, dat sommigen ook van de vrije zaterdag gebruik zullen maken om arbeid te verrichten in het algemeen belang. In onze drukke tijd met zijn voortjagend tempo vinden velen geen gelegenheid bezig te zijn in algemeen maatschappelijke en kerkelijke arbeid. Nu er een volle vrije dag is gekomen, bestaat de mogelijkheid werkzaamheden te aanvaarden, die vroeger moesten worden afgewezen wegens gebrek aan tijd. Wij mogen deze gelegenheid echter niet overschatten. Bezoeken zullen op zaterdag nauwelijks kunnen worden afgelegd. Slechts administratieve bezigheden zal men kunnen afwerken. Het is te hopen, dat wij voor ons kerkelijk werk de mogelijkheid zullen aangrijpen verschillende personen te werven om hun vrijgekomen uren dienstbaar te maken aan het Koninkrijk Gods. Wij hebben kans, als wij er vroeg genoeg bij zijn. Anders is de vrijgekomen tijd reeds op een andere manier gevuld. Laten wij er tijdig aan denken een beroep te doen op de werkkracht van hen, die wellicht bereid zijn het functioneren van het kerkelijk apparaat te bevorderen.
4. Het lange weekeinde.
De grootste problemen komen voor, wanneer er gezinnen zijn, die uit hun woonplaats wegtrekken voor twee dagen. Vooral in de grote en middelgrote steden zal zich dit verschijnsel voordoen. Wie steeds in het rumoer van de stad vertoeft, wil er graag eens uit en verlangt naar een stille omgeving. Sommigen zullen op familiebezoek gaan, anderen gaan in een hotel of pension logeren, weer anderen zullen een zomerhuisje of een dergelijk verblijf verkiezen. Volgens mij verstrekte inlichtingen zijn op sommige plaatsen al dergelijke uittochten gesignaleerd. Dit alles is zeer begrijpelijk. Het is niet gemakkelijk het tempo van de moderne tijd bij te houden en het lawaai, dat geproduceerd wordt, te verwerken. Als er een kans is uit het grauwe leven in de steenwoestijnen onzer steden weg te trekken, is het goed te verstaan, dat menigeen de weg naar de stilte opzoekt, wanneer de financiën dat. veroorloven.
Hoe zullen zij, die hun woonplaats in het weekeinde verlaten, de zondag doorbrengen? Men kan ter kerk gaan in het dorp, waarheen men zich begeeft. Heel stille plaatsen liggen echter soms ver buiten de bebouwde kom en op grote afstand van een kerkgebouw. Het is natuurlijk altijd mogelijk naar de kerk te gaan, wanneer men er zich enige moeite voor wil getroosten. De vraag is, of niet velen, die hun vertrouwde omgeving zijn ontvlucht, ook de kerkdienst er maar aan zullen geven; voorlopig maar één keer, straks hoe langer hoe veelvuldiger.
De uittocht uit de grote bevolkingscentra zal steeds groter omvang aannemen. De gasten moeten dan hetzij bij familie, hetzij in een pension verzorgd worden. Zij, die belast zijn met de bediening der logé's, worden daardoor gehinderd in hun zondagse gang naar de samenkomst der gemeente. Het getal van hen, die om deze reden de kerkdienst verzuimen, kan door de huidige ontwikkeling belangrijk toenemen.
Welke de taak van de plaatselijke gemeente in dit opzicht is, hopen wij in een volgend artikel te bespreken.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 juli 1961
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 juli 1961
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's