De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Oproep aan de Gereformeerde Bond in de Nederlandse Hervormde Kerk

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Oproep aan de Gereformeerde Bond in de Nederlandse Hervormde Kerk

12 minuten leestijd

Ds. B. Wentsel, Gereformeerd predikant te Oudewater, schrijft aan onze Redactie, dat hij veel met leden van de Gereformeerde Bond in aanraking komt, en dat hij het betreurt, dat het contact zo gering is en velen uit de Gereformeerde Kerken het niet begeren. De zaak der reformatie gaat hem echter zo zeer ter harte, dat hij een poging wil wagen om het contact te leggen.

Ziedaar de motivering van zijn oproep, die wij hier in zijn geheel laten volgen:

Geachte medestrijders,

„In dit schrijven doe ik een dringend appèl op u allen. Wij als leden der gereformeerde kerken en u als leden van de gereformeerde bond hebben zeer nauwe banden. Ons beider ideaal is te komen tot de herleving van een reformatorische kerk in Nederland. Ons beider gemeenschappelijke uitgangspunt is de belijdenis van Gods Woord als enige norm van leer en leven. Welk een innige banden zijn dit. Natuurlijk er is een groot verschil tussen ons. Er is verschil over de methode van reformatie: binnen of buiten de N.H. Kerk. Er is verschil in zienswijze over de orde van het heil. Er is verschil over de waarde van de nadere reformatie van de 18e eeuw. Er is verschil in levensstijl. Wij ontkennen dit niet. Maar er zijn zovele sterke banden die ons verenigen in ideaal en uitgangspunt! Daarom doen wij een beroep op u. Om drie redenen.

Ten eerste doen wij een beroep op u omdat de kracht van de reformatorische kerken in Nederland vermindert. De voorlopige volkstellingscijfers van 1960 maken duidelijk dat de R.K. Kerk sedert 1930 met 4% gegroeid is en thans 40, 5% van het Ned. volk beslaat. Daarentegen daalden de Ref. kerken in ledental. En wel met 7%. Thans zijn 37, 5% van het Ned. volk nog reformatorische christenen. En als dit proces doorgaat is het over 30 jaar nog minder. Dan is 45% R.K. en 30% Reformatorisch. Onze toekomst is niet rooskleurig. Is dit niet een reden om sterkere banden te krijgen en de handen voor hetzelfde ideaal aan dezelfde ploeg te slaan?

Ten tweede doen wij een beroep op u omdat de vereniging van de Ned. Herv. Kerk en de gereformeerde kerken afstuit op de vrijzinnigheid. Nimmer zal de eenheid komen als dit grote obstakel niet uit de weg geruimd wordt. Daarom is het onze taak om hierin samen een weg te banen. Hier is nodig broederschap, wapenbroederschap in dezelfde strijd.

Ten derde doen wij dit beroep op u omdat de ontkerkelijking toeneemt. Het gaat minder snel dan voorheen. Maar naar de cijfers van de voorlopige volkstelling daalde de N.H. Kerk van 1930 tot 1960 met 7% van 35, 6 tot 28, 6. Dit zijn onrustbarende cijfers. Dit is voor ons een waarschuwing om te doen wat gedaan kan worden.

Om deze drie redenen appelleren wij op uw reformatorische gezindheid om te doen wat gedaan kan worden in de N.H. Kerk. Wij zien voor u vele mogelijkheden. We noemen er vijf.

Allereerst inzake de prediking. Het is duidelijk dat een zuivere prediking grote kracht oefent in een kerk. En juist daarom is het van belang dat het heil van Jezus Christus op een zuivere manier wordt uitgestald, verkondigd, en ontvouwd. En hier komt nu het probleem van de orde des heils. Wij wijzen u erop dat de H.S. kent een eenheid tussen de heilsweldaden (vergeving, vernieuwing, wedergeboorte) en de gemeenschap met Christus. Joh. 15 : 5: „Wie in Mij blijft, draagt veel vrucht". Zonder de gemeenschap met Jezus Christus is er geen berouw, geen liefde, geen vernieuwing. En onze vrees is dat door voorop te stellen dat er eerst moet komen berouw, vreze, angst, en daarna Christus pas gekend wordt een onbijbels element, dat men nomisme noemt en R.K. is indringt in de prediking. En dit is vrezen wij alleen maar bevorderlijk voor de afval, voor de vrijzinnigheid, voor ontkerkelijking. Mag ik u wijzen op een uitspraak van de godgeleerde H. Bavinck? „Het is dus niet zo dat wij eerst buiten Christus ons bekeren of ook door de H. Geest wedergeboren worden en het geloof ontvangen, om dan daarmee tot Christus te gaan. Zijn gerechtigheid aan te nemen en alzo door God gerechtvaardigd ie worden. En wijl deze weldaden alle verbondsweldaden zijn, in de weg des verbonds verworven zijn en ook in diezelfde weg worden uitgedeeld, daarom is er geen gemeenschap aan die weldaden dan door gemeenschap aan de persoon van Christus, die ze als middelaar des verbonds verwierf en toepast." (Ger. dogmatiek, deel III, pag. 685). Prof. dr. S. v. d. Linde schreef: „Verbond en kerk zijn in de „nadere reformatie" aanvankelijk te schraal bedacht, maar komen in een (niet ongestoord verlopende) ontwikkeling al meer tot hun recht." (Chr. enc, deel III, pag. 185) Mogen wij u hier op wijzen? Van een juiste heilsprediking gaat een onschatbare kracht uit ook voor de reformatie der kerk. De nadruk op boete, verootmoediging, bekering is terecht. Maar alleen in gemeenschap met Jezus Christus!

Ten tweede is er de mogelijkheid om vanuit de H.S. tot vernieuwingen te komen. Juist u, die met ons het gezag van de H.S. centraal stelt, juist van u verwachten anderen dat dit steeds geschiedt. En tot onze spijt lijkt het soms dat de traditie, de overlevering, de oudheid een grotere kracht schijnt te hebben dan het gezag der Schrift. Artikel VII der N.G.B, zegt: „Men mag noch de grote menigte, noch de oudheid, ge­lijk stellen met de goddelijke schrifturen". Is de kracht der traditie bij u soms niet groter dan die der Schrift? Ik denk aan de gezangenkwestie. De h. apostel Paulus zegt toch duidelijk: „spreekt onder elkander in psalmen, lofzangen en geestelijke liederen, en zingt en jubelt den Here van harte" (Efeze 5: 19). En de N.T. kerk mag toch het heil, de heilsfeiten. Kerstmis, Pasen, Pinksteren bezingen? Juist van u die de Schrift centraal stelt verwachten wij vernieuwing, genormeerd door die Schrift. Ook dit is van grote betekenis voor het herstel der kerk, voor onjuiste verwijten van andere groeperingen. Mag ik u op die zijde wijzen?

In de derde plaats doe ik een appèl op u in de breedte der kerk mee te werken. Wij zijn als ger. kerken buiten de N.H.K. Onze invloed komt van buiten af. Maar u staat er binnen. En van u verwachten wij dat u niet in een hoek kruipt, in het isolement gaat om daar te blijven, maar dat u uw invloed doet uitgaan in het brede veld van de ganse Ned. Herv. Kerk. Wij kunnen ons soms niet onttrekken aan de gedachte dat de invloed die van u uitgaat te gering is. Nee, lang niet allen zijn zo dat zij zich buiten het krachtenveld der N.H. Kerk begeven. Maar ligt die tendens er niet bij sommigen? Wij doen een beroep op u om loyaal in uw kerk mee te werken. U kunt zeer veel en nog veel meer betekenen in de N.H.K. dan thans. (Ik denk aan de tucht over vrijzinnige predikanten).

In de vierde plaats appelleren wij om waar u kunt met de Ger. kerken en ger. theologie samen te werken. Het is onmiskenbaar dat er een verwijdering is die niet nodig is. Er is gelukkig veel samenwerking tussen ons. Maar zij kon groter zijn dan zij thans is. Daar is helaas geen gemeenschappelijk tijdschrift. Daar is de mogelijkheid om met de V.U. samen te werken. Juist een gemeenschappelijk optrekken waar dit mogelijk is zal het herstel der kerk bevorderen.

In de vijfde plaats appelleren wij op, u om ook ten aanzien van het H.A. de bijbelse orde van het verbond te accentueren. Wij weten dat dit een moeilijk punt is, een teer en zeer gevoelsmatig punt. En wij weten dat u op de avondmaalsviering in de ger. kerken soms ernstig en terecht kritiek hebt. Maar is ook het sacrament van het avondmaal niet een troost, een verbondsweldaad? Is er ten diepste verschil tussen doop en avondmaal? Mag men de doop zover verwijderd houden van het H. Avondmaal? Begeren niet vele gelovigen het H.A. en is er niet de angst om toe te treden? Is hier ook niet het gevaar van nomisme, voorwaarden stellen en het heil te laten afhangen van de gradatie van heiligheid? Ook een zuivere avondmaalsviering is zeer belangrijk voor de reformatie der kerk!

Wij schrijven u dit alles niet omdat de Ger. kerken geen zonden hebben. Het rapport over het geestelijk leven is een aanklacht tegen ons. Wij hebben vele zonden. De toorn Gods dreigt bij ons niet op de juiste wijze tot zijn recht te komen in prediking. De beleving en de heiliging schieten tekort. Wij kunnen veel leren van de nadere reformatie. Wilhelmus Schortinghuis zingt in zijn bevindelijke gezangen: „Here Jezu, laat uw' armen, zo vol macht en majesteit, aan mijn herte zijn geleid: Wilt u goediglijk ontfermen over zulk een dode hond, eer ik plotsling ga te grond" (Nijkerk, 1865). Deze gezangen zijn actueel, ook nu. Maar hierover gaat het thans niet. Onze bedoeling is een geheel andere dan de fouten in elkander te ontdekken. Dit appèl is geen becritiseren. Nee, het heeft een doel.

En dit doel is dat zij die in achtergrond (Gods woord, de belijdenis) en ideaal (herstel der gedeformeerde kerk) een zijn, hiernaar samen streven. Geen tijd vraagt deze eenheid zozeer als de onze. De afval, de verroomsing van Nederland vraagt een ontwaking der gereformeerde gezindte om de handen ineen te slaan.

Ons gemeenschappelijk ideaal zij te komen tot een belijdende Reformatorische kerk in Nederland. Ons streven zij negatief de leugen, de dwaling, de vrijzinnigheid, de ondermijning der waarheid te weren. En positief op te komen voor de waarheid Gods, die tot zaligheid leidt, die bevrijdt, die het leven is voor de kerk en voor het Nederlandse volk. Broeders, strijders, moge in de geschiedenis van de reformatie het uur komen dat wij komen tot een gemeenschappelijk reformatorische kerk op de grondslag van de waarheid! De Koning der Kerk geve dit ons nog in de 20e eeuw! Hiervoor is gebed en strijd, samenwerking en meeleven met elkander noodzakelijk. Wij leven met u mee, leeft u met ons mee? "

Met broederlijke groeten,

w.g. B. Wentsel.

De verschillen: „methode van reformatie". De Gereformeerde Kerken „reformeren" door uittreding of afscheiding, de Gereformeerde Bond. door „verbreiding en verdediging van de waarheid" in de Hervormde Kerk, met een beroep op haar gereformeerde belijdenis.

Verschil in zienswijze over de heilsorde. Dit wordt klaarblijkelijk toegelicht onder het eerste punt van de vijf mogelijkheden. Het heil van Christus moet op „een zuivere manier" worden „uitgestald, verkondigd en ontvouwd". Het is dus zaak om ter harte te nemen, wat ds. W. daaromtrent zegt, want deze aanwijzing zou overbodig zijn, indien hij van oordeel was, dat die „zuivere manier" bij de predikanten van de G.B. werd gevonden. Thans gaat hij van een onderstelling uit, die hem zelfs vrees inboezemt, dat de prediking van de genoemde predikanten bevorderlijk is voor afval, nomisme en vrijzinnigheid. Hij schijnt het heus ernstig te menen, dat de G.B. een orde des heils zou aanhangen en leren, die voor een belangrijk deel buiten Christus omgaat. Vanwaar anders de verwijzing naar de dogmatiek van Bavinck?

Ds. W. wil nadruk gelegd hebben op het verbond en terecht, maar hij bedenke toch ook, dat op enige wijze onder het verbond vallen, nog niet hetzelfde is als gemeenschap met Christus oefenen.

Verschil over de waarde van de nadere reformatie, verschil in levensstijl.

Deze zaak ontvangt wellicht onder de tweede mogelijkheid nadere verklaring: „Het lijkt soms, dat de traditie, de overlevering, de oudheid een grotere kracht schijnt te hebben dan het gezag der Schrift". Dan komt een verwijzing naar art. VII van de Ned. Geloofsbelijdenis. In dit verband denkt ds. W. aan de gezangenkwestie en verwijst naar Ef. 5 : 19, waar van „geestelijke liederen" wordt gesproken, alsof daarmede de zaak was afgedaan. We herinneren er aan, dat reeds in de oude christelijke kerk de gevaren van het vrije lied zozeer gebleken zijn, dat men er van heeft afgezien wegens de ketterijen, die daarmee gemakkelijk binnenslopen. Als een traditie goed en gegrond is, behoeft ze niet afgeschaft, omdat ze oud is. Onze gebruiken zijn niet goed, omdat ze nieuw zijn, en ze zijn niet afkeurenswaardig, omdat ze oud zijn.

Wat de derde mogelijkheid aangaat, nl. om niet het isolement te verkiezen, maar het oog te richten op de breedte der kerk, juist, omdat we er binnen staan. Deze zaak heeft inderdaad de aandacht van de Gereformeerde Bond, doch zonder de reformatorische belijdenis prijs te geven. „Loyaal meewerken" met onze kerk-(regering) kan wel, maar niet ten koste van de belijdenis. '

Vierde mogelijkheid. Er is veel samenwerking, maar deze moet nog verder gaan. Gewezen wordt op de gereformeerde theologie en de Vrije Universiteit. Er is geen gemeenschappelijk tijdschrift. Het vijfde punt appelleert op de avondmaalsviering.

Uit de aard der zaak hebben we naar herstel van de reformatorische kerk te streven en bijeen te brengen, wat bijeen behoort. Ds. W. bedoelt het ook ongetwijfeld goed, maar zijn bezwaren tegen ons verraden toch wel heel duidelijk, dat hij ons als een groepje sectariërs beschouwt, die nu eens moeten proberen zich wat meer aan te passen aan de Gereformeerde Kerken en aan de vernieuwingen, die daar — en wellicht ziet hij ook althans ten dele op wat er zo in de Hervormde Kerk geschiedt — plaatsvinden om vervolgens op die basis meer met elkander mee te leven. Hij wil niet bekritiseren. Wij ook niet. Maar zo, één, twee, drie zal het toch niet gaan, want deze oproep zegt eigenlijk: conformeert u met ons en dan trekken we samen op. En dat, terwijl we toch niets gevraagd hebben.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 oktober 1961

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Oproep aan de Gereformeerde Bond in de Nederlandse Hervormde Kerk

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 oktober 1961

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's