U IN PLAATS VAN GIJ IN GEBED EN EREDIENST
Kritiek van prof. Miskotte
Het valt mij op, dat tegenwoordig ettelijke predikanten van allerlei richtingen in het openbaar gebed God aanspreken met U. Plotseling is het opgekomen; wat bezielt ze? Kunnen ze daar rekenschap van geven? Dit schrijft prof. dr. K. H. Miskotte in In de Waagschaal, in een artikel, getiteld: Eerbied en beleefdheid (in het heiligdom). Hij schrijft kritisch over deze mode: „Het is wonderlijk! Op een (schijnbaar) onschuldig punt meent men een particuliere (of collectieve) afwijking zich te mogen veroorloven van de taal en de geest van alle Nederlandse bijbelvertalingen, en ook van alle psalmen en gezangen die in het kerkboek staan; en die zijzelf plegen te gebruiken.
Waarom gaat men voorbij aan het eenparig spraakgebruik van bijbel en liturgie, psalter en gezangboek? , zo vraagt prof. Miskotte (uit wiens artikel we hier maar een paar losse citaten kunnen geven). Hij zegt: „Maar dit is toch eigenlijk een loslaten van een ons meegegeven geestesgoed, een prijsgeven van de wijsheid en afgewogenheid van de taal! want „Gij" gaat boven „u" en „jij" uit, het is een chiffre voor de bijzonderheid der verhouding tot God geworden; en ik kan me niet voorstellen dat, zelfs in de gemeente, die de moeder is, die de taal mede bewaarde, zulk een besefloosheid tegenover het eigene daarvan zou overheersen, dat ze niet merken zou, hoe hier iets scheef gaat."
Na opgemerkt te hebben dat men eerbied niet met beleefdheid mag verwarren en de categorieën der geloofsleer en de mede-menselijkheid niet door elkaar mag halen, gaat prof. Miskotte verder: „Dat is ongeveer het ergste, wat men doen kan: in het heiligdom beleefdheid betrachten; ik verkies verre de hebbelijkheid van sommige conventikels en oefenaars, de Heer met „je" aan te spreken boven de trant van zulke beleefdheid. We voeden juist het on-besef en wan-begrip voor de majesteit (en ook voor de heiligheid) Gods, wanneer wij zulke taal voeren, zulk een opzettelijke wijziging aanbrengen."
In het slot van zijn artikel heeft prof. Miskotte het over de aangevochtenen („.... alleen de waarachtig-gelovige wordt aangevochten"): „Nu, geen aangevochten mens zal .... „U" zeggen: de kloof die zij ervaren is diametraal tegengesteld aan die afstand-scheppende, officieel-klinkende en (bij alle tegengestelde bedoelingen) niet-eerbiedige aanspraak .... ik geloof, dat vele mensen in hun ontsteltenis over de wereld, hun eenzaamheid en God — die zo nabij is, zo verschrikkelijk dichtbij juist in de aanvechting, te meer ontsteld zijn over de kale, koude toon die vaak in het heiligdom klinkt, vooral bij het openbaar gebed.
Bovenstaande nemen we over uit „Trouw", d.d. 14-2-'62.
We danken prof. Miskotte zeer voor deze kritiek. Hij heeft volkomen gelijk. Dit is een hoffelijkheid, die de eerbied wegneemt. Ook bij een „bondsdominé" heb ik dit verschijnsel waargenomen. Ik kreeg de indruk, dat hij zich herstelde in de loop van de dienst, maar dan zal hij zich aan dit euvel wellicht alleen in het gebed schuldig gemaakt hebben en kan ik alleen maar wensen, dat hij daarop terugkomt en ook dat nalaat. Eigenlijk moest zo'n dominé bij „U" ook de 3e persoon van het werkwoord gebruiken, want dit „U" is een afgesleten titel, oorspronkelijk Uw Edelheid, later U Edele, en nog later U. Vandaar dat men strikt genomen moet zeggen: U is en U heeft, hoewel U bent en U hebt ingeburgerd zijn.
Even bij deze titel bepaald te worden kan mogelijk bevorderen, dat men „het afstand-scheppende, officieel klinkende, niet-eerbiedige" van dat „U" gevoelt. Daar moeten we niet aan meedoen, want het is stellig misplaatst.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 februari 1962
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 februari 1962
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's