In memoriam ds. Klazinus Johannes v. d. Berg
GEBOREN 26 MAART 1882 — OVERLEDEN 24 MEI 1962
In brede kring, vooral (bij de ouderen, is het (heengaan van ds. Van den Berg met grote ontroering vernomen. De meesten wisten nog niet dat hij ziek was, en zo is het bericht van zijn dood hen komen overvallen. Ds. van den Berg is overleden in het ziekenhuis „De Lichtenberg" te Amersfoort. Een week tevoren was hij hier opgenomen wegens voortdurende en hevige pijnen in de rug. Het onderzoek heeft niet meer mogen baten. De tijd van zijn aflossing was gekomen. En hij was volkomen bereid. Ja, hij was zelfs verlangend om nu zijn Koning in heerlijkheid te mogen aanschouwen. Voor hemzelf betekent dit heengaan dus enkel gewin.
„Zalig zijn de doden, die m de Heere sterven, van nu aan; ja zegt de Geest, opdat zij rusten mogen van hunnen arbeid, en hunne werken volgen met hen." (Openbaring 14 : 13).
Zijn heengaan betekent echter voor hén die achterblijven, een heel groot verlies. Ik denk aan mevrouw Van den Berg, die haar man zo zal missen. Ik denk aan zijn kinderen en kleinkinderen, hij had ze zo lief! Ik denk ook aan de velen alom in den lande, die zich aan hem vertoonden wisten allermeest om des Woords wil en om des werks wil, maar toch ook om zijn persoon, om zijn hartelijk meeleven zowel in vreugd als in smart.
Wij mogen van hem zeggen, dat hij gewerkt heeft, zolang het dag was. In de veertig jaren van zijn actieve dienst heeft hij zes gemeenten gediend: Kamperveen (1909—1912), Hoogeveen (1913—1914), Putten (1914—1917), Ermelo (1917—1922), Amersfoort (1922—1943), en tenslotte Garderen van 1943 tot aan zijn emeritaat op 15 oktober 1949.
Scheen het aanvankelijk alsof hij met het afscheid van Garderen tegelijk ook zijn laatste preek had gehouden, door Gods goedheid mocht hij nog weer aansterken, en als emeritus is hij nog in vele gemeenten voorgegaan. Voor 't laatst heeft hij gepreekt in 1959, in een dienst in de kapel van „Zon en Schild", (waar dinsdag j.I. ook de rouwdienst heeft plaatsgehad);
Ook toen hij met het oog op zijn lichaamsgestel niet meer preken mocht, bleef het toch de lust van zijn hart om nog enig werk te doen in de wijngaard des Heeren. En vele bejaarden en zieken in De Bilt — waar hij de laatste jaren woonachtig was, — zouden kunnen getuigen hoe hij de goedertierenheden des Heeren met warmte bij hen wist aan te prijzen. Is dat ook niet geweest het geheim van zijn prediking? God de Heere heeft hem bijzondere genadegaven willen schenken om het Woord der Waarheid zo te mogen brengen dat het onderrichtend was maar tegelijk ook „stichtend" (in de zin van opbouwend in 't allerheiligst geloof). Dit getuigend spreken, dit met warmte roemen van de deugden des Heeren heeft onder de bediening des Geestes rijke vruchten mogen dragen, niet alleen in het leven van enkelingen maar ook voor het leven der gemeenten als zodanig! Daarbij denken wij vooral aan de gemeente van Amersfoort. Eén en twintig jaar heeft hij daar gestaan, en al die jaren bleef zijn prediking trekken, en de zegen van zijn arbeid is er merkbaar tot op deze dag.
Gearbeid heeft hij, zolang het dag was. Niet alleen voor de gemeenten die hij diende. Ook voor de kerk in breder verband. Wat heeft hij de Hervormde Kerk vurig liefgehad! Wars van alle separatisme zocht hij die kerk, — de vaderlandse kerk, zoals hij gaarne zeide — te dienen door op haar erf te pleiten en op te komen voor het goed recht aan de belijdenis der vaderen, op het Woord Gods gegrond. En hij heeft dit gedaan ook in de bredere vergaderingen van de kerk, tot in de Generale Synode toe.
Wist ds. Van den Berg zelf alles te danken te hebben alleen aan de vrije genade Gods, hij gunde het ook zo aan anderen. Vandaar dat hij zich van harte gaf aan het werk van de Gereformeerde Zendingsbond, waarvan hij jarenlang ook de voorzitter was.
En — last but not least — zijn arbeid als Bestuurslid van de Ned. Hervormde Stichtingen van Zenuw- en Geesteszieken! Tot het einde toe behield , Zon en Schild" de volle liefde en aandacht van zijn hart. Ook in dit werk der barmhartigheid heeft hij gearbeid zolang het dag was.
God heeft hem tot Zich genomen, opdat hij nu daarboven de barmhartigheden des Heeren eeuwiglijk groot zou maken. Wij die hem verloren, danken onze God voor alles wat hij ons In deze „verbi dlvini minister" heeft willen schenken.
De nagedachtenis van de ontslapene moge staan in het teken van het vermaan uit Hebreeën 13 : 7: „Gedenkt uwer voorgangeren, die u het Woord Gods gesproken hebben, en volgt hun geloof na, aanschouwende de uitkomst van hun wandel".
En, zij dat tot troost van mevrouw Van den Berg en van haar kinderen, en ook van ons allen: Jezus Christus is gisteren en heden Dezelfde en tot in der eeuwigheid Hebreën 13 : 8).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 mei 1962
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 mei 1962
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's